Laatste nieuws
actueel

Drie co’s naar tuchtcollege vanwege ongewenst gedrag internist

Coassistenten trekken zelden aan de bel als opleider over de schreef gaat

5 reacties
Getty Images
Getty Images

Nooit eerder stapten coassistenten naar het tuchtcollege met een klacht over (seksueel) grensoverschrijdend gedrag door een arts. Drie Erasmus-­studenten deden dit wél en stonden onlangs tegenover een internist van het Maasstad Ziekenhuis tijdens een zitting van het Regionaal Tuchtcollege Amsterdam.

Update 22 december 2023:

Tuchtrechter: internist die coassistenten betastte krijgt lichtere maatregel

Wat is er gebeurd?

In de laatste week van hun eerste coschap, in november 2021, in het Maasstad Ziekenhuis in Rotterdam krijgen vijf coassistenten buiten het standaardprogramma extra echo-onderwijs aan­geboden door de internist – hij biedt dit vaker aan tijdens een coschap. De coassistenten zijn leergierig en gaan op het aanbod in, zo vertellen ze tijdens de zitting van het regionaal tuchtcollege.

Vervolgens splitst de internist de groep op; de twee mannelijke coassistenten krijgen het extra onderwijs op woensdag en de drie vrouwelijke coassistenten op vrijdag. Tijdens de zitting vertelt de internist dat dit met de beperkte ruimte in de onderzoekskamer te maken heeft en dat de groepjes coassistenten meestal gemengd zijn.

Bij aanvang van het onderwijs zijn de drie vrouwelijke coassistenten verrast als de internist hun vertelt dat ze zich helemaal uit moeten kleden, op hun slipje na. Van de twee andere co’s hadden ze gehoord dat die hun lange broeken aan mochten houden. De coassistenten vertellen dat ze daar niet op voorbereid waren en strings droegen in plaats van de grote onderbroeken die ze normaal aantrekken voor onderwijs. Daardoor voelden ze zich gelijk al wat ongemakkelijk, zo vertellen ze tijdens de zitting. Vervolgens oefenen de coassistenten op elkaar, waarbij de internist de echokop af en toe overneemt om verdere instructie te geven. De onderzoeken die ze oefenen zijn gericht op de lies, de cervix en de appendix. Volgens de coassistenten raakt de internist hen daarbij onnodig aan bij of aan de vagina en schaamstreek. Een van hen getuigt dat haar slipje helemaal nat was van de echogel. De internist ontkent met zijn handen of de echokop bij de vagina te zijn geweest.

Volgens de coassistenten verschuift de internist ook – zonder verzoek en aankondiging – onnodig hun slipjes. Een van de coassistenten vertelt dat hij onder de rand haar slip doorgaat om een echo van de appendix te maken. De internist zegt het zich niet meer goed te herinneren, maar stelt dat hij ongetwijfeld een keer tegen een onderbroek is aangekomen of die een beetje heeft verplaatst.

Een van de coassistenten zegt dat ze in een freezereactie terechtkomt. Ze zegt tijdens de zitting: ‘Ik lag daar en dacht: laat het maar snel voorbijgaan. Het voelde aan alle kanten niet goed, maar in mijn hoofd dacht ik nog: dit is een arts, die moet het toch goed doen.’

Vervolgens valt het een van de coassistenten op dat de internist zijn mobiele telefoon vasthoudt – gericht op de coassistent op de behandeltafel – en er foto’s mee lijkt te maken. Als de coassistenten hem daarmee confronteren, lopen de emoties hoog op. Tijdens de zitting erkent de internist dat hij is weggelopen, zich op de wc heeft opgesloten en daar filmpjes heeft gewist. Hij stelt dat hij het zich allemaal niet zo goed herinnert en dat hij handelde in een waas, in paniek. Maar de reden dat hij opnames maakte met zijn telefoon was, volgens hem, alleen maar dat hij de videofunctie gebruikte als timer – om te kijken of de coassistenten de onderzoeken binnen drie minuten konden uitvoeren. Tijdens het onderwijs aan de manne­lijke coassistenten gebruikte hij daarvoor een huishoudklokje.

Als enkele maanden later de politie onderzoek doet naar de aanwezigheid van beelden op zijn mobiele telefoon, levert hij daarvoor een nieuwe telefoon in, zo komt ter sprake tijdens de zitting. De oude had hij naar eigen zeggen vervangen, omdat deze kapot was gegaan.

Tijdens de zitting vertellen de coassistenten dat de impact van de gebeurtenissen tot op de dag van vandaag groot is. Alle drie hebben ze psychologische hulp moeten zoeken en twee van de drie coassistenten hebben hun coschappen voor langere tijd onderbroken en deze nog niet voortgezet.

Het is uniek dat coassistenten de stap naar het tuchtrecht zetten om hun beklag te doen over (seksueel) grensoverschrijdend gedrag van een arts. Keer op keer blijkt uit onderzoeken van belangenbehartiger De Geneeskundestudent en Medisch Contact dat coassistenten weliswaar relatief vaak te maken hebben met ongewenst gedrag op de werkvloer, zoals seksuele intimidatie, maar nog geen 10 procent van de coassistenten meldt dit bij bijvoorbeeld de vertrouwenspersoon van ziekenhuis of faculteit. Ze weten de weg niet of durven niet. De meerderheid van de coassistenten die ermee te maken krijgen, vertelt er zelfs niets over aan medestudenten of naasten.

Juist daarom is het enorm dapper dat deze coassistenten de weg naar het tuchtcollege bewandelen, vinden de twee coassistenten die op verzoek van Medisch Contact de zitting van het regionaal tuchtcollege hebben bijgewoond. Nynke Nubé, student in Leiden, commissaris intern en lid van de projectgroep Ongewenst Gedrag van belangen­behartiger De Geneeskundestudent: ‘Ik vind het heel goed dat ze er werk van hebben gemaakt. Wij zien in onze onderzoeken dat er heel veel níét wordt gemeld. Het is goed dat coassistenten zien dat áls er iets voorvalt en je dóét er melding van er ook iets mee gebeurt. Dat dit soort gedrag consequenties kan hebben. Ik wil niet vooruitlopen op de uitspraak, maar dát het tot een zitting van het tuchtcollege komt, is al een goede eerste stap.’

Hanneke ten Hag, geneeskundestudent in Utrecht en afgestudeerd als jurist gezondheidsrecht, is het daarmee eens. ‘Temeer omdat de situatie zich tijdens het eerste coschap afspeelde, vind ik het ontzettend dapper. Als jongste coassistent ben je je erg bewust van je positie binnen de hiërarchische ladder binnen het ziekenhuis en kan het extra moeilijk zijn om voor jezelf op te komen. Juist omdat het ongebruikelijk is binnen de ziekenhuiscultuur kan ik me voorstellen hoe moeilijk het is geweest om deze stap te zetten.’

Ontvankelijkheid

Het eerste wat tijdens de zitting van het tuchtcollege aan de orde komt, is de vraag óf de coassistenten eigenlijk wel met hun klacht bij het tuchtcollege terechtkunnen. Het tuchtcollege behandelt een klacht alleen inhoudelijk als de klagers klachtgerechtigd zijn. De internist wil dat de coassistenten niet-ontvankelijk worden verklaard in hun klacht. Over ontvankelijkheid of niet-ontvankelijkheid doet het tuchtcollege pas op 24 maart uitspraak. Desalniettemin heeft het tuchtcollege ervoor gekozen de klacht tijdens deze zitting ook al inhoudelijk te behandelen. Of deze inhoudelijke behandeling ook zal leiden tot een uitspraak op 24 maart, hangt dan af van de vraag of de klacht ontvankelijk wordt verklaard.

De advocaat van de coassistenten stelt dat het seksueel grensoverschrijdend gedrag van de internist aan zowel de eerste als aan de tweede tuchtnorm kan worden getoetst en dat de coassistenten daarmee ontvankelijk zijn in hun klacht. Binnen de eerste tuchtnorm kunnen rechtstreeks belanghebbenden – meestal de patiënt of een direct familielid daarvan – een klacht indienen. De advocaat van de coassistenten wijst erop dat de internist in zijn rol als opleider een arts-patiënt­relatie heeft gesimuleerd. De advocaat van de internist houdt het erop dat er géén sprake is van een arts-patiëntrelatie.

Coassistent Ten Hag was verrast door het argument van de advocaat van de coassistenten, vertelt ze. ‘Het ligt niet voor de hand om de situatie gelijk te trekken met een situatie binnen de arts-patiëntrelatie. Ik denk dat het de leden van het tuchtcollege verbaasd zal hebben, vooral omdat aan het begin van de zitting door de voorzitter werd benoemd dat het inhoudelijk om de tweede tuchtnorm zou gaan. De kans lijkt me groot dat het tuchtcollege niet meegaat in dit argument.’

Het is enorm dapper dat deze coassistenten de weg naar het tuchtcollege bewandelen

Tweede tuchtnorm

Binnen de tweede tuchtnorm in de Wet BIG kunnen BIG-geregistreerde zorgverleners worden aangesproken als ze iets doen of laten wat in strijd is met hetgeen een behoorlijk beroepsbeoefenaar betaamt. Daarbij kan ook iemand met wie geen sprake is van een patiëntrelatie een tuchtklacht indienen, maar er moet dan wel sprake zijn van een concreet eigenbelang dat een relatie heeft met de individuele gezondheidszorg.

De advocaat van de internist stelt dat de coassistenten op geen enkele manier een concreet eigenbelang in relatie tot de individuele gezondheidszorg hebben. Dit komt volgens haar doordat coassistenten geen patiëntgerichte taken uitvoeren of daar althans niet primair verantwoordelijk voor zijn.

Daarnaast vindt de advocaat dat er door de internist geen onveilige werksituatie is gecreëerd, omdat het onderwijs op de laatste dag van het coschap plaatsvond en ze daarna het pand hebben verlaten.

De advocaat van de coassistenten en de coassistenten zelf bestrijden dat coassistenten geen patiëntcontacten zouden hebben. De advocaat stelt bovendien dat áls het zo zou zijn dat coassistenten per definitie buiten de kring van belanghebbenden zouden staan, coassistenten daarmee eigenlijk vogelvrij worden verklaard.

Een van de coassistenten voegt daar nog aan toe dat de situatie naar haar mening wel degelijk invloed kan hebben op de individuele gezondheids­zorg – omdat hij hun een verkeerde wijze van onderzoeken heeft aan­geleerd tijdens het onderwijs. Door tijdens het onderwijs onnodig de integriteit van hun lichamen te schenden, vindt zij dat een heel verkeerd voorbeeld wordt gegeven aan toekomstige dokters.

Dat vindt Ten Hag een heel belangrijk argument: ‘Het opleiden van coassistenten is een belangrijk onderdeel van het werk van artsen, waaraan eisen mogen worden gesteld. Het staat ook in de gedragsregels van de KNMG dat artsen zich dienen te onthouden van ongewenst, grensoverschrijdend of ontwrichtend gedrag jegens collega’s. Mijn verwachting is dat deze kernregel doorslaggevend kan zijn om de klagers ontvankelijk te verklaren.’

Jurisprudentie

Er bestaat weinig of geen jurisprudentie over de positie van coassistenten als het gaat om de ontvankelijkheidsvraag, omdat coassistenten zelden of nooit de stap hebben gezet naar het tuchtcollege. Het komt óók maar weinig voor dat collega’s een klacht indienen tegen een arts vanwege (seksueel) grensoverschrijdend gedrag. Maar recentelijk was er wél een tuchtzaak over grensoverschrijdend gedrag tegenover een collega – met verstrekkende gevolgen. Afgelopen jaar behandelden het Regionaal Tuchtcollege Eindhoven en het Centraal Tuchtcollege een klacht tegen een internist-oncoloog van ziekenhuis Amphia in Breda. Deze klacht werd ingediend door onder meer de raad van bestuur van het ziekenhuis en een verpleegkundig specialist in opleiding die de internist-oncoloog (seksuele) intimidatie en grensoverschrijdend gedrag verweten. Ook hier was sprake van een opleidingssituatie: de internist-oncoloog was de opleider van de verpleegkundig specialist in opleiding. Ook in deze tuchtzaak probeerde de internist-­oncoloog de klagers niet-ontvankelijk te laten verklaren binnen zowel de eerste als de tweede tuchtnorm. Hij stelt onder meer dat het gaat om privégedragingen die geen weerslag hebben gehad op de individuele gezondheidszorg. Hierover oordelen het regionaal en het Centraal Tuchtcollege echter resoluut dat de gedragingen van de internist-oncoloog de verpleegkundige hebben gehinderd in het uitoefenen van haar patiëntgerichte taken. Daarom kan de verpleegkundige worden aangemerkt als rechtstreeks belanghebbende. Uiteindelijk beslist het regionaal tuchtcollege dat de registratie van de internist-oncoloog moet worden doorgehaald in het BIG-register en ook het Centraal Tuchtcollege oordeelt op 19 december 2022 dat de maatregel van doorhaling blijft staan (zie Grensoverschrijdend gedrag tegenover collega’s kost internist BIG-registratie).

Deze uitspraak is de reden dat de advocaat van de internist van het Maasstad Ziekenhuis aanvoert dat coassistenten geen patiëntgerichte taken zouden uitvoeren of daar althans niet primair verantwoordelijk voor zouden zijn. Daardoor zou de situatie in ziekenhuis Amphia volgens haar niet vergelijkbaar zijn met de situatie in het Maasstad Zieken­huis.

Ook de advocaat van de coassistenten verwijst naar deze tuchtuit­spraken, maar ziet het juist als een ondersteuning voor de ontvankelijkheid van de coassistenten in hun klacht én van het verzoek van klagers om de internist van het Maasstad Ziekenhuis te schrappen uit het BIG-register.

‘Het is jammer dat er nog geen duidelijke regels bestaan over wat de positie is van coassistenten als zij een tuchtrechtelijke klacht indienen tegen een arts of opleider’, zegt coassistent Nubé. ‘Daardoor kan – los van de inhoud van de klacht – een tuchtklacht helemaal spaak lopen. Het is van belang, omdat coassistenten anders – in ieder geval tuchtrechtelijk – weerloos zijn.’

‘Het is jammer dat er nog geen duidelijke regels bestaan over de positie van coassistenten als zij een tuchtklacht indienen’

Strafrechtelijke vervolging

Een woordvoerder van het Maasstad Ziekenhuis laat weten dat de internist na de eerste interne meldingen in november 2021 niet meer werkzaam is in het ziekenhuis en dat ook niet meer mag betreden. Het ziekenhuis heeft ook melding gedaan bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd; dat onderzoek loopt nog.

Daarnaast loopt er een strafrechtelijk onderzoek naar de internist. Een woordvoerder van het Openbaar Ministerie bevestigt dat de internist wordt vervolgd. Tegen hem zijn zes aangiftes gedaan; deze betreffen drie keer feitelijke aanranding, twee keer ontucht met patiënt/cliënt en één keer het opzettelijk plus wederrechtelijk beeldmateriaal maken van een persoon. Het is volgens de woordvoerder nog onbekend wanneer deze strafzaak voor de rechter komt. Hangende het onderzoek is hij heengezonden op voorwaarden, vertelt de woordvoerder. Deze voorwaarden betreffen een beroepsverbod als arts en niet werkzaam zijn binnen de individuele gezondheidszorg. Hier wordt op toegezien door de reclassering. 

Lees ook:

actueel
  • Simone Paauw

    Simone Paauw (1978) deed de deeltijdopleiding journalistiek in Tilburg en werkt sinds 2008 als journalist bij Medisch Contact. Ze interviewt het liefst de ‘gewone arts’ met een bijzonder verhaal, bijvoorbeeld voor de rubriek Het Portret.  

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • van Niel

    Arts , Utrecht

    Heel moedig om dit te melden , zeker gezien de afhankelijke positie die een co heeft met betrekking tot de beoordeling van een opleider.
    Hopelijk komen deze dames goed door dit traumatiserende gebeuren heen . En sterkt het ze om JUIST door te gaan ...met hun opleiding .
    Voor de internist heb ik geen goed woord over.

  • J.W.K. van den Berg

    Arts, Zwolle

    Wat een vreselijk verhaal. Toch vraag ik me af wat de rol van het ziekenhuis en van de vakgroep hierin is. Ik kan me haast niet voorstellen dat dit zomaar gebeurt, dat er geen soft signals zijn geweest.
    Heel goed dat deze dames voor zich zelf opkom...en, terwijl anderen hun lijken te laten zitten.

  • B. Felix-Schollaart

    Huisarts, Vught

    Aan de drie toekomstige collega’s. Wat een ongelooflijke kracht hebben jullie om zo sterk te zijn om dit te volbrengen. Heel veel sterkte en herstel van deze nachtmerrie situatie! Ik hoop oprecht dat jullie behouden blijven voor dit mooie vak en dat ...jullie veel steun krijgen!!
    En over die andere collega: geen woord. Het is abject en verderfelijk wat hier gebeurd is. Walgelijk.

  • H.T. Brandsma

    chirurg, Sneek

    Zou deze (vrouwelijke) advocaat nou 's avonds trots naar huis rijden nadat ze deze man met allerlei juridische trucjes probeert vrij gesproken te krijgen nadat hij de carrièrestart van deze drie jonge dokters zo om zeep heeft geholpen? Je moet het ma...ar kunnen hoor, chapeau..

  • J.I. de Mik

    MKA-chirurgie

    Gelukkig was deze onderwijzend internist zo naief (of brutaal) om dit abjecte gedrag zo openlijk en in groepsverband te tonen.
    Helaas zijn er ook nog veel villeinere “opleiders” die individueel en in afzondering nog grens-overschrijdender gedrag ve...rtonen.
    Hopelijk opent deze klacht een deur om meer misstanden aan het licht te brengen.
    Deze studenten en jonge collegae hebben mijn hoge bewondering en volledige sympathie.

    RJJ van Es, opleidersgroep MKA-chirugie UMCUtrecht

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.