Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Bas Knoop
15 maart 2016 2 minuten leestijd
Nieuws

Praktijkhoudende huisartsen weer naar rechter

Plaats een reactie

De Vereniging Praktijkhoudende Huisartsen (VPH) stapt voor de tweede keer naar de rechter om de contractvereiste alsnog volledig geschrapt te krijgen uit de onlangs vernieuwde beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Na overleg met haar advocaat heeft de kleine huisartsenvereniging vandaag besloten deze zaak opnieuw aanhangig te maken bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb).

De VPH stelt dat de NZa met de begin maart aangepaste beleidsregel onvoldoende gehoor geeft aan een uitspraak van het CBb van december vorig jaar. In een beroepsprocedure, die eveneens was aangespannen door de VPH, oordeelde het college destijds dat de NZa in strijd met artikel 13 van de Zorgverzekeringswet (Zvw) handelde. Het opnemen van de contractvereiste in haar beleidsregel, waardoor huisartsen verrichtingen niet kunnen declareren waarvoor zij geen contract hebben gesloten met een zorgverzekeraar, belemmerde de vrije huisartsenkeuze volgens het CBb.

In de gewijzigde beleidsregel regelt de NZa dat huisartsen vanaf 1 april een dertigtal verrichtingen kunnen declareren waar voorheen de contractvereiste gold. ‘Na de uitspraak van het CBb leek het alsof wij een overwinning hadden behaald’, zegt VPH-bestuurslid Herman Suichies. ‘Maar als je de nieuwe beleidsregel bestudeert, is de onderhandelingspositie van de huisartsen juist verslechterd.’

Als voorbeelden noemt Suichies het nog altijd niet contractvrij kunnen declareren van ketenzorg, gz-ondersteuning (POH-ggz) en somatische praktijkondersteuning (POH-S). Bij zestien M&I-verrichtingen, waaronder audiometrie en longfunctiemeting, is de contractvereiste wel vervallen. ‘Maar er is hier absoluut geen sprake van een vrij tarief’, stelt Suichies. ‘De tarieven voor deze verrichtingen zijn voor contractvrije huisartsen gemaximeerd op het laagste tarief dat de verzekeraars hebben onderhandeld.’
De VPH is ronduit verbolgen over de bepaling dat voortaan inschrijftarieven voor dagzorg alleen gedeclareerd kunnen worden als de zorg door de huisarts ook tijdens de ANW-uren gewaarborgd is. Volgens de huisartsenvereniging komt dit erop neer dat een individuele praktijkhouder verantwoordelijk wordt gehouden voor de organisatie van de 24-uurszorg, terwijl deze zorg juist gecontracteerd en gefinancierd wordt bij de huisartsendiensten en huisartsenposten. De VPH stelt dat huisartsen hierdoor gedwongen worden zich aan te sluiten bij een huisartsendienst of -post.

‘Anders raak je als huisarts je inschrijftarief kwijt’, zegt Suichies. ‘Al met al kan een huisarts zonder contract, ook na wijziging van de NZa-beleidsregel, nog steeds ongeveer een kwart van zijn inkomen niet declareren.’

Een NZa-woordvoerder laat weten dat zij nog geen bericht heeft ontvangen dat de VPH opnieuw een procedure aanspant bij het CBb. ‘Op dit bericht kunnen wij dus nog niet reageren.’
Bas Knoop
Twitter: @bknoop

© Shutterstock
© Shutterstock

Lees ook:

print dit artikel
Nieuws huisartsen zorgverzekeraars
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.