Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Wetenschap

Persoonsgerichte zorg en richtlijnen gaan samen

1 reactie

Richtlijnen en persoonsgerichte zorg sluiten elkaar niet uit, zoals nog wel eens wordt aangenomen, maar versterken elkaar juist. Dat betoogde Jako Burgers in zijn oratie als hoogleraar Personalised care in clinical practice guidelines aan de Universiteit Maastricht.

Sinds 1989 ontwikkelt het NHG richtlijnen. Aanvankelijk was er weerstand tegen het gebruik van richtlijnen als basis voor het werk, maar die werd snel overwonnen. Nu zijn er echter heel veel richtlijnen en dat wekt nieuwe weerstand. Burgers zei weer terug te willen naar het oorspronkelijke doel van de richtlijnen: een hulpmiddel zijn voor de besluitvorming en het beleid van de huisarts.

Burgers vindt dat de vraag wat goede zorg is vooral in de spreekkamer moet worden beantwoord, in het gesprek tussen de huisarts en de patiënt, met als basis de kennis die de huisarts vanuit de richtlijnen heeft. Daarbij kan de arts gebruikmaken van een mix van kwantitatieve en kwalitatieve methoden. Zo leren patiëntverhalen, zei Burgers in zijn rede, veel over het zorgproces en over wat patiënten belangrijk vinden. De meerwaarde van dit patiëntperspectief komt vooral aan het licht als het gaat om de betekenis van klachten en ervaringen in de zorg. Die zijn soms aanzienlijk anders dan wat artsen verwachten. Burgers: ‘Reumapatiënten willen zich vooral minder vermoeid voelen en zijn niet zozeer uit op extra pijnstilling, diabetespatiënten willen vooral geen hypo krijgen en zijn minder bang voor een wat hoger HbA1c, en chronische longpatiënten hechten meer waarde aan het vermogen om nog zelfstandig boodschappen te kunnen doen dan aan de longfunctiewaarden.’

Door richtlijnen meer toe te rusten met keuzehulpen waarbij uit gelijkwaardige opties kan worden gekozen, krijgt de inbreng van de patiënt meer gewicht en wordt persoonsgerichte zorg bevorderd, aldus Burgers. Welke hulpmiddelen dat zijn en hoe effectief ze zijn, is één van de openstaande onderzoeksvragen.

Lees ook:

print dit artikel
Wetenschap NHG-standaarden
  • Henk Maassen

    Henk Maassen (1958) is journalist bij Medisch Contact, met speciale belangstelling voor psychiatrie en neurowetenschappen, sociale geneeskunde en economie van de gezondheidszorg.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Dr. Joop Lefrandt, Internist, Groningen 20-06-2017 10:25

    "Ben blij dat het richtlijnfetisjisme over zijn hoogtepunt heen is. Voor lang niet alle patiënten zijn de richtlijnen de best mogelijke zorg. Niet alleen omdat de wensen van de patiënt soms anders zijn dan het laagste HbA1c, de 'optimale' bloeddruk of longfunctiewaarden - zoals terecht betoogd door Jako Burgers - maar ook omdat richtlijnen kunnen overgeneraliseren en oversimplificeren. De richtlijnen voor cardiovasculair risicomanagement in primaire preventie setting bijvoorbeeld verwijzen deels naar artikelen waarvan de patiënten voor 2/3 al een cardiovasculaire event hebben gehad. Evenzo rammelt de bewijsvoering die wordt aangevoerd om oudere patiënten veel te veel pillen te geven - puur omdat ze oud zijn en daarom hoger risico hebben - en jongere patiënten te onderbehandelen, terwijl daar tijdige behandeling juist morbiditeit kan voorkomen en meer gewonnen levensjaren geven als naar het life-time risk wordt gekeken.
    Hieruit voortvloeiend zet ik vraagtekens over de zin van publicaties over zogeheten 'guideline adherence'. Alsof dat een doel op zich is. "Ja, maar de richtlijnen zijn er niet voor niets..." Zeker niet voor niets, maar gegarandeerd niet voor alles en iedereen. Bij 100% 'guidelines adherence' wordt er no-way altijd de beste zorg geleverd. Blijven nadenken. Is deze richtlijnen de beste zorg voor deze individuele patiënt? Zoniet, exit richtlijn voor deze patiënt. Pech voor degenen (sommige beleidsmakers, verzekeraars, onderzoekers) die het liefst zoveel mogelijk turven hoevaak een richtlijn wordt gehaald."