Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Wetenschap

Gepeste puber later vaker depressief

1 reactie

Jongvolwassenen die als puber gepest werden door leeftijdgenoten, hebben een verhoogde kans op depressie. Dit stellen Lucy Bowes e.a. vast op basis van een longitudinale observationele studie. Zij schrijven erover in The BMJ.

Zij analyseerden gegevens van deelnemers die op hun dertiende een vragenlijst over pesten hadden ingevuld, en op hun achttiende over depressie. Het kon om allerlei vormen van pesten gaan, zoals buitensluiten of fysiek geweld. Van de kinderen die zeiden vaak gepest te worden op hun 13de, was 15 procent op hun 18de depressief. Bij af en toe pesten was dat 7 procent, bij nooit pesten 6 procent. Na correctie voor verstorende actoren (zoals de aanwezigheid van emotionele en gedragsproblemen bij aanvang van de studie) bleef de kans op depressie tussen de vaak en nooit gepeste kinderen ruim twee keer verhoogd.

De onderzoekers wijzen er terecht op dat een associatie nog geen causaal verband is. Wel sluiten hun bevindingen aan bij de hypothese dat gepest worden de kans op depressie verhoogt. Het voorkómen en tegengaan van pesten verdient dus net zoveel aandacht op middelbare als op basisscholen.

Sophie Broersen

BMJ 2015. Doi: 10.1136/bmj.h2469

Lees ook:

Meer nieuws

© iStock
© iStock
Wetenschap depressie
  • Sophie Broersen

    Journalist en arts Sophie Broersen schrijft over geneeskunde en zorg in de volle breedte: van wetenschap tot werkvloer, van arts-patiëntrelatie tot zorg over de grens. Samen met de juristen van de KNMG becommentarieert zij tuchtzaken. Sinds eind 2020 werkt zij daarnaast als arts bij het team seksuele gezondheid van de GGD Hollands Midden.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • P.J.M. van Loon, orthopeed, Care to Move Deventer , OOSTERBEEK Nederland 06-06-2015 02:00

    "Het epidemiologisch onderzoek waar slechts het samengaan van twee factoren wordt onderzocht schept almaar meer verwarring, omdat oorzakelijkheid in de beide factoren niet wordt meegenomen.Maar de epidemiologie zelf houdt ons weg bij causaliteit, omdat anatomie en fysiologie niet gekend worden door cijferaars. Pesten is een interactie tussen twee (jonge) mensen. Welke lichamelijke , goed te onderzoeken factoren spelen mee?
    Zijn pesters groter dan gepesten? Sterker? Hebben ze betere lichaamshoudingen en zijn de gepesten misschien stijver en meer gebogen door achterblijvende (rek)groei van het zenuwstelsel ( zitgedrag) ? En zien we ook bij de depressieven niet een grote correlatie met rugproblemen? Deze worden door slechte houdingen en onvoldoende optimalisatie bewegingssystematiek nu toenemend verklaard (zitgedrag)
    We weten dat bewegingsprogramma's bij depressie goed helpen. Moet de jeugd , die het straks somatisch al moet afleggen tegen de "pester" niet beter vanaf het begin somatisch weerbaarder gemaakt worden? Nu blijft zo'n onderzoek hangen in niet te snappen mist.Wat zijn de somatische verschillen tussen pester en gepeste en wat zijn de somatisch overeenkomsten tussen gepeste en depressieveling zou een betere wetenschap opleveren, zodat preventie en behandeling meer in de biomechanische sfeer gaat liggen en minder in de relationele of biochemische sfeer.Je moet een correlatie kunnen snappen, anders moet je ze misschien niet eens publiceren Een beetje veerkracht aankweken , zodat het weer plagen genoemd kan worden.Awareness over de vergaande gevolgen van te vroeg en teveel verkeerd zitten in de groei kan zeer veel gunstige ontwikkelingen en preventie opleveren. "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.