Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Henk Timmerman
14 december 2017 5 minuten leestijd
farmacie

Curcumine kan geen geneesmiddel zijn

De geneeskrachtige werking van kurkuma is non-existent

5 reacties
Curcumine laat zich eenvouding uit kurkuma (geelwortel) isoleren. Beeld: Getty images
Curcumine laat zich eenvouding uit kurkuma (geelwortel) isoleren. Beeld: Getty images

Zelfs gerenommeerde wetenschappers geven nu hoog op van de genezende kracht van kurkuma – en de daaruit geïsoleerde stof curcumine. Tijd voor een tegengeluid: farmacologisch onderzoek toont aan dat de stof onbruikbaar is in de geneeskunde.

Er bestaat internationaal een wijdverbreide hype rond het kruidenproduct kurkuma en de daaruit geïsoleerde stof curcumine. Kurkuma, of koenjit, bereid uit de wortelstok van Curcuma longa, geelwortel, wordt gebruikt in de Aziatische keuken; kerrie dankt er z’n gele kleur aan. Het wordt traditioneel aanbevolen voor gebruik bij diverse aandoeningen.

De aandacht die wereldwijd is ontstaan voor curcumine, is van een andere orde. Voor curcumine wordt toepassing aanbevolen voor ernstige, levensbedreigende aandoeningen, steeds zonder enig bewijs van effectiviteit. Het wordt ernstig als zulke aanbevelingen steun vinden in serieuze instellingen met uitspraken van wetenschappelijk gevormde onderzoekers. In ons land zegt de 
Rotterdamse hoogleraar Casper van Eijck in een interview in De Volkskrant (9 maart 2016) dat curcumine net zo goed tegen alvliesklierkanker werkt als reguliere chemotherapeutica. In het Utrechtse Wilhelmina Kinderziekenhuis wordt gewerkt aan curcumine als middel bij cystische fibrose. In het Amsterdamse AMC werkt onderzoeker Michal Heger aan curcumine als geneesmiddel bij de behandeling van tumoren.

Omdat uit gedegen onderzoek onomstotelijk duidelijk is geworden dat deze onderzoekers valse hoop creëren is er aanleiding uit te leggen wat curcumine is, welke eigenschappen het heeft 
en waarom het niet kan worden toegepast als therapeuticum.

Toepassing

Mijn interesse in curcumine dateert van medio jaren tachtig. In een samenwerkingsprogramma met de Gadjah Mada universiteit in Jogjakarta, Indonesië, zocht ik naar een geschikt onderwerp voor interdisciplinair farmaceutisch onderzoek. De keuze viel op curcumine; kurkuma, een complex mengsel, was om duidelijke redenen niet interessant. Curcumine is een niet erg ingewikkeld molecuul. Het laat zich eenvoudig uit kurkuma isoleren, is ook synthetisch gemakkelijk te maken en biedt de mogelijkheid de structuur breed te variëren; een prima mogelijkheid om wetenschappers te laten samenwerken.

Toen we bij in vitro farmacologisch onderzoek interessante resultaten verkregen, werden we enthousiast en gingen denken aan toepassingen. Bovendien bleken diverse door ons gesynthetiseerde derivaten meer actief te zijn dan curcumine.

Curcumine heeft een profiel dat aan aspirine deed denken. We breiden het onderzoek uit naar in-vivomodellen. Maar toen merkten we dat er een probleem was. Het farmacokinetisch gedrag toonde aan dat toepassing vrijwel onmogelijk is: curcumine wordt zeer slecht uit de darm opgenomen en buitengewoon snel en intensief gemetaboliseerd; bloedspiegels waren navenant laag en namen snel af. We slaagden er nooit in analoga te identificeren met een beter ‘profiel’ dan curcumine. Onze conclusie was: curcumine is interessant, maar haar eigenschappen laten toepassing als therapeuticum niet toe. Er was dus geen aanleiding verder onderzoek te entameren.

Hype

Sinds een aantal jaren is curcumine een hype in de westerse wereld. De intensieve promotie van de geneeskracht van Aziatische kruiden verklaart waarschijnlijk de populariteit, 
want de serieuze wetenschappelijke literatuur over curcumine kan maar tot één conclusie leiden: ongeschikt als geneesmiddel.

De hype is werkelijk enorm. Curcumine als additivum, als cosmeticum. Het wordt zelfs aanbevolen voor toepassing bij ernstige ziekten als alvleesklierkanker en er zijn suggesties voor werkzaamheid bij cystische fibrose. Alles zonder bewijs van effectiviteit.

Recentelijk leidde deze hype tot aandacht van het Avrotros-programma ‘Zorg.nu’, maar de programmamakers kwamen slechts tot de conclusie dat wetenschappers het oneens waren over het nut van curcumine als therapeuticum. Genoeg reden om uit te leggen waarover het gaat.

Tegen beter weten in

Onlangs verscheen in het toonaangevende Journal of Medicinal Chemistry (JMC) een imposant overzichtsartikel waaraan het nog bekendere Nature vervolgens uitgebreid aandacht besteedde: 
The Essential Medicinal Chemistry of Curcumin (JMC 60, 620-1637, 2017; Nature 541, 144-5, 2017). De auteurs citeren uit 164 wetenschappelijke publicaties; de in 2015 ingerichte Curcumin Resource Database noemt meer dan duizend curcumineanaloga, afkomstig uit meer dan negenduizend publicaties en vijfhonderd octrooien.

De conclusies zijn duidelijk: er zijn meer dan 120 klinische onderzoeken gepubliceerd, maar ‘No double blinded, placebo controled clinical trial of curcumin has been succesfull’. Over preklinisch onderzoek: ‘… curcumin is an unstable, reactive, nonbioavailable compound and, therefore, a highly improbable lead’. Onze eigen bevindingen worden bevestigd.

Uit de veelheid van gegevens die de auteurs van het JMC-artikel tot hun vernietigende conclusies leiden, selecteer ik de volgende:

  • Curcumine wordt aangeprezen bij ‘Alzheimer, hangover, erectile dysfunction, baldness, hirsutism, fertility-boosting and contraceptive’. Een opvallende ‘werkzaamheid’ bij zowel kaalheid als overmatige haargroei, een veronderstelde toepassing om de fertiliteit te bevorderen maar ook geschikt als contraceptivum, in alternatieve kringen lijkt bewijsvoering niet relevant.
  • Curcumine is beschreven als anti-inflammatory, -HIV, -bacterial, -fungal , - parasitic, -mutagenic, -fibrinogenic, -diabetic, radioprotective, nematicidal, wound healing, lipid lowering, antispasmodic, antioxidant, immunomodulating, anticarcigonic, Alzheimer, among others’. De toevoeging ‘among others’ is terecht en komisch; de malligheid curcumine te gebruiken als cosmeticum ontbreekt.
  • Omdat curcumine werkt op veel targets en de intensieve metabolisering veel metabolieten oplevert, elk met een eigen profiel, is selectiviteit afwezig is en kunnen zogenaamde 
    off-targeteffecten verwacht worden. De JMC-auteurs zeggen: ‘No form of curcumin, or its closely related analogues, appears to possess the properties required for a good drug candidate (chemical stability, high water solubility, potent and selective target activity, high bioavailability, broad tissue distribution, stable metabolism and low toxicity)’ en vervolgens ‘The in vitro interference properties of curcumin do, however, offer many traps that can trick unprepared researchers into misinterpreting the results of their investigations’.
  • ‘There are more than 15.000 manuscripts related to biological interactions of curcumin, with 50 more manuscripts published each week’. 
    De belangen zijn kennelijk groot: ‘federal funds exceeding 150 million have been awarded biomedical exploration of curcumin’. Het onderzoek van Michal Heger wordt, voor zover wij weten, vooral gefinancierd door subsidies van het Nationaal Fonds tegen Kanker (NFtK) een zogeheten ‘lookalike’-fonds van het KWF, dat vooral alternatieve behandelwijzen een warm hart toedraagt.
  • Omdat curcumine zeer slecht oplosbaar is in water, verpakken sommigen (waaronder Heger) curcumine in nanodeeltjes om de problemen van slechte opname te ondervangen. Het probleem van de snelle afbraak – bij fysiologische pH een halfwaardetijd van minder dan vijf minuten – blijft evenwel onveranderd. De auteurs van het JMC-artikel: ‘… curcumin will ultimately degrade upon release into physiologic media’. Deze benadering kan dus ook niets opleveren. De uitspraak van Heger dat hij ‘erin blijft geloven’, is dus geloven tegen beter weten in.

Genoeg is genoeg

Er zijn moderne geneesmiddelen die ontwikkeld werden op basis van een ‘lead’ uit kruiden. Maar er zijn maar weinig recente voorbeelden. Artemisine, taxol; maar wat nog meer?

Aan serieus onderzoek komt een eind als vaststaat dat er geen resultaat (meer) verwacht mag worden. Bij niet serieus onderzoek eindigen publicaties veelal met: ‘Nader onderzoek zal moeten aantonen ….’ Ik kwam destijds inderdaad binnen een programma waar curcumine centraal stond, tot de conclusie dat het onmogelijk is een potentieel geneesmiddel te ontwikkelen op basis van curcumine en stopte. Zo hoort dat.

Curcumine bleek weliswaar een interessante verbinding te zijn maar onbruikbaar als therapeuticum. Het adagium ‘genoeg is genoeg’ zou ook door de aanhangers van alternatieve middelen geaccepteerd moeten worden. Altijd geldt immers dat patiënten niet willens en wetens aan ineffectieve behandelingen onderworpen mogen worden. Goede redenen om de hype te stoppen.

auteur

Henk Timmerman, emeritus hoogleraar farmacochemie, Vrije Universiteit Amsterdam

Geen belangenverstrengeling gemeld door de auteur.

contact

henktim@planet.nl

cc: redactie@medischcontact.nl

lees ook

download

print dit artikel
geneesmiddelen farmacie
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Henk Timmerman, em. hoogleraar farmacochemie, Oegstgeest 19-02-2018 14:16

    "Uit het commentaar van Heger op mijn MC publicatie blijkt dat hij geen weerwoord heeft tegen de vernietigende conclusies in de geciteerde JMC en Nature publicaties. In JMC staat o.m. dat curcumine niet de vereiste eigenschappen voor een geneesmiddel bezit, zoals chemische stabiliteit, goede biobeschikbaarheid, relatieve stabiliteit tegen metabolisme etc. En verder “has never been shown to be conclusively effective in a placebo controlled RCT for any indication”. Nature wijdde een commentaar publicatie aan de JMC publicatie. Daarom bedenkt Heger wat anders. Het JMC verhaal had niet gepubliceerd mogen worden vindt hij. Het kon verschijnen, aldus Heger omdat de hoofdredacteur bij het peer review een oogje dicht zou hebben gedaan; en wel dat omdat enkele van de auteurs van het JMC artikel werkzaam zijn in hetzelfde instituut als die hoofdredacteur. Een regelrechte, ernstige verdachtmakerij die kant noch wal raakt. Het instituut van de hoofdredacteur is gerenommeerd, JMC en Nature zijn hoogwaardige tijdschriften. Het is opvallend dat Heger in een brief in Nature - zie verder - niet durft uit te halen naar de JMC- hoofdredacteur.Heger komt op de proppen met een ‘consortium van toponderzoekers’, waaronder natuurlijk ‘toponderzoeker Heger’. In een kolommetje - Nature correspondentierubriek -
    zegt dat consortium dat er wel enkele trials met curcumine zouden zijn gepubliceerd waarin effectiviteit zou zijn aangetoond. Het consortium van Heger cs lijkt niet aan een bevestigend onderzoek toegekomen. Heeft men in het Nature artikel - niet die brief - gelezen dat verdere verspilling van onderzoeksgelden, moet worden voorkomen? En die publicaties over effectiviteit van curcumine? Wel, het onbruikbare curcumine wordt zeer intensief gemetaboliseerd en metabolieten kunnen activiteit hebben. Toponderzoeker Heger zou kunnen proberen de metabolieten te isoleren en karakteriseren. Dit hem aanraden? Nee! Het dure geld - waar het ook vandaan komt - kan beter besteed."

  • Michal Heger, hoofdredacteur Journal of Clinical and Translational Research, Amsterdam 07-02-2018 10:53

    "Curcumine kan geen geneesmiddel zijn
    Henk Timmerman reciteert het betoog over de ongeschiktheid van curcumine als geneesmiddel (MC 50/2017: 28). Hij gebruikt artikelen in Journal of Medicinal Chemistry (JCM, 2017;60:620-37) en in Nature (2017;541:144-5) als pilaren voor zijn standpunt. Timmerman staat achter de auteurs van het JMC-artikel en concludeert: ‘genoeg is genoeg’. Onderzoek naar curcumine zou moeten stoppen omdat het nooit een geneesmiddel zal worden. Bovendien creëert het onderzoek valse hoop voor patiënten. Timmerman is er zelf niet in geslaagd curcumine en haar derivaten te stabiliseren in biologische media, en dus zal het nooit iemand lukken.
    Ik sta volledig achter de stelling ‘genoeg is genoeg’, maar dan moet er duidelijk aanleiding voor zijn. Deze ontbreekt. Een consortium van toponderzoekers uit de VS (Harvard, MGH, UCLA, Salk Institute, Cedars Sinai) heeft dat samen met mij duidelijk proberen te maken in Nature (2017;543:40). Niet alleen is de hoofdredacteur van JMC (Gunda Georg, U. Minnesota) de baas van de eerste alswel de senior componist van de ‘vernietigende conclusies’ (resp. Nelson en Waters), maar het stuk is bedropen met Kellyann Conway ‘feiten’ die door peer review zijn geslopen. ‘No double blinded, placebo controlled clinical trial of curcumin has been successful’, luidt het oordeel. Dit is te checken: ‘a PubMed search under “curcumin double-blind placebo-controlled clinical trial” yields 49 entries, of which 17 recent trials show efficacy’ (Nature 2017;543:40). Waarom is het zo moeilijk te bevatten dat, als een stof werkzaam wordt gevonden in de hoogste vorm van een wetenschappelijke studie (placebo controlled double blind randomized clinical trial), alle premissen op een lager niveau (die van de JMC-auteurs) komen te vervallen?
    Timmerman leeft in de tijd van Copernicus en blijft geloven dat de aarde plat is.

    "

  • Henk Timmerman, em. hoogleraar farmacochemie, Oegstgeest 29-01-2018 10:20

    "Kees Braam reageert op nogal brutale manier op mijn publicatie over curcumine. Uit die reactie blijkt dat hij niet in staat is wetenschappelijke argumenten en vooral niet op die van farmacologische aard op waarde te schatten.
    Anders dan Braam wil doen geloven schreef ik niet over kurkuma maar uitsluitend over curcumine; hij suggereert zelfs dat ik dit mengsel met curcumine zou verwarren. Ik schreef inleidend dat kurkuma als kruidenmengsel sowieso ongeschikt is als geneesmiddel en dat curcumine - een interessante component van het kruidenmengsel - om farmacokinetische redenen niet als geneesmiddel kon en kan worden ontwikkeld. Dit staat toch erg duidelijk in mijn publicatie.
    Tenslotte nog dit, Braam komt weer met de oncoloog Van Eijck en het interview met hem in De Volkskrant op de proppen. Het is veelzeggend zo niet alleszeggend dat geen enkele andere oncoloog bijval voor Van Eyck toonde.
    Henk Timmerman
    "

  • Kees Braam, webmaster en patiënt advocaat, Terneuzen 26-01-2018 17:15

    "Met dit artikel pleit Timmerman ervoor om een wereldwijd veel gebruikt plantenextract als kurkuma uit het wetenschappelijk onderzoek te halen, omdat hij er zelf geen heil meer inziet. Het is maar goed dat Timmerman zelf geen wetenschappelijk onderzoek meer doet, want zijn artikel bewijst dat hij niet meer goed kan onderscheiden waaraan een wetenschappelijke studie moet voldoen.
    In het artikel gebruikt Timmerman het kruid kurkuma en het stofje curcumine een aantal keren bewust door elkaar heen, zoals onder de titel: “Curcumine kan geen geneesmiddel zijn” schrijft hij “DE GENEESKRACHTIGE WERKING VAN KURKUMA IS NON EXISTENT” alsof curcumine en kurkuma hetzelfde zouden zijn.
    Weet een emeritus hoogleraar farmachemie niet dat curcumine een geïsoleerde stof is uit kurkuma? En dat onderzoek naar het geïsoleerd stofje curcumine niets zegt over de effectiviteit van het hele kruid kurkuma ?
    Ja het lijkt lastig om het stofje curcumine te onderzoeken (ref. 1.) maar het is niet onmogelijk. Dat oncoloog van Eyck in de Volkskrant wel positief was over kurkuma komt wellicht omdat deze op de hoogte is van de fase II studie (ref. 2. ) bij zwaar voorbehandelde patiënten met uitgezaaide alvleesklierkanker, waarin curcumine tegenover placebo veelbelovende resultaten liet zien. Zonder de gebruikelijke bijwerkingen van chemo.
    Wie zoekt in pubmed komt al snel op een aantal interessante studies met curcumine en kurkuma / turmeric. Die Timmerman niet kon vinden? Naast de genoemde studie bij alvleesklierkanker patiënten vond ik ook een gerandomiseerde placebo gecontroleerde studie bij patiënten met ernstige depressie (ref 7 en 8), bij atritis (ref 9), bij kanker in het algemeen (ref 3 en 4) en bij prostaatkanker (ref 5) en longkanker (ref 6) in het bijzonder.
    Wereldwijd wordt veel onderzoek gedaan naar het stofje curcumine en naar kurkuma / turmeric. Soms met succes, soms niet, maar is dat niet altijd de kern van wetenschappelijk onderzoek?"

  • Vervolg - Kees Braam, webmaster en patiënt advocaat, Terneuzen 26-01-2018 17:10

    "Referenties:
    1. The Essential Medicinal Chemistry of Curcumin: zie https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC5346970/
    2. Phase II trial of curcumin in patients with advanced pancreatic cancer Zie http://clincancerres.aacrjournals.org/content/14/14/4491
    3. Dietary turmeric potentially reduces the risk of cancer. zie: http://journal.waocp.org/article_26033_1b27ce1966fc5c5d034c7ea0d22f2363.pdf
    4. The Multifaceted Role of Curcumin in Cancer Prevention and Treatment. Zie: http://www.mdpi.com/1420-3049/20/2/2728/htm
    5. A Placebo-Controlled Double Blinded Randomized Pilot Study of Combination Phytotherapy in Biochemically Recurrent Prostate Cancer. : Zie: https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/28181675
    6. Delivery of curcumin by directed self-assembled micelles enhances therapeutic treatment of non-small-cell lung cancer. Zie: https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC5388225
    7. Efficacy and safety of curcumin in major depressive disorder: a randomized controlled trial. Zie: https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/23832433 .
    8. Efficacy of curcumin, and a saffron/curcumin combination for the treatment of major depression: A randomised, double-blind, placebo-controlled study. Zie: https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/27723543
    9. Efficacy of Turmeric Extracts and Curcumin for Alleviating the Symptoms of Joint Arthritis: A Systematic Review and Meta-Analysis of Randomized Clinical Trials zie https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC5003001/"