Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Joost Visser
13 mei 2016 2 minuten leestijd
Nieuws

Code of Practice bij euthanasie onbekend

1 reactie

Bijna 80 procent van de artsen die een geval van euthanasie hebben gemeld,  kent de Code of  Practice van de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie (RTE’s) niet. Een iets groter deel van de SCEN-artsen (89%) kent de code juist wél. Dat blijkt uit een onderzoek van de RTE’s dat werd gepresenteerd tijdens het congres Euthanasia 2016 in RAI Amsterdam.

De Code of Practice verscheen in april 2015, en is bedoeld om op een toegankelijke manier te laten zien hoe de toetsingscommissies de zorgvuldigheidseisen interpreteren en toepassen. Dus toegankelijker dan dat men moet gaan zoeken in jaarverslagen of in op de website gepubliceerde uitspraken.

Begin dit jaar stuurden de RTE’s 1118 korte vragenlijsten aan artsen die een geval van euthanasie hadden gemeld en ook aan ‘hun’ consulent, om te weten te komen hoe de code in de praktijk wordt gebruikt. ‘Dat maar 21 procent van de uitvoerend artsen de code kent, stelt ons teleur’, zei Anne Ruth Mackor, hoogleraar professie-ethiek en lid van de begeleidingscommissie van de code, tijdens haar presentatie. ‘Maar dat zoveel consulenten hem wél kennen stemt tevreden, want zij gebruiken de code in hun contacten met de arts.’ Mooi is ook, stelt zij vast, dat 89 procent van de respondenten die de code kennen, er ‘tevreden’ over is en dat maar liefst 99 procent de code aan anderen adviseert.

De code, zo blijkt uit het onderzoek, wordt vooral geraadpleegd bij vragen over het lijden, maar ook over dementie, voltooid leven en psychiatrie; telkens een iets lager percentage respondenten zegt in de code een antwoord op de vraag te hebben gevonden.

Met uitzondering van een bezoeker uit België konden de weinige buitenlandse aanwezigen in de zaal zich niet zo druk maken over de code. Van meer belang vonden zij Mackors uitspraak dat naar schatting 10 tot 20 procent van de gevallen van euthanasie niet wordt gemeld. Mackor kon het hun niet uitleggen: ‘Met zaken die niet gemeld worden, hebben wij als RTE’s niets te maken. 100 procent meldingen krijg je nooit, 90 procent is al heel veel.’

Het door de NVVE georganiseerde internationale congres kende meer Nederlandse ‘onderonsjes’. In veruit de meeste gevallen (80%) krijgen patiënten euthanatica intraveneus toegediend, zo meldde bijvoorbeeld apotheker Annemiek Horikx, werkzaam bij de KNMP. Zij zegt dat op basis van gegevens van huisartsen en apothekers, die sinds 1998 op basis van vrijwilligheid worden verzameld. Analyse van de enorme database, met inmiddels zo’n 5000 records, laat ook  zien dat het gebruik van een barbituraatdrank (nu in zo’n 4 procent van de gevallen) afneemt; nu al wordt ongeveer even vaak gebruikgemaakt van een elastomerische pomp. Horikx: ‘Die geeft rust, want de patiënt kan zelf het kraantje van de pomp openzetten, op het moment dat hij of zij dat wil.’ Ook opvallend: méér patiënten dan vroeger blijken te sterven binnen een halfuur na toediening van het euthanaticum.

Joost Visser 

© Shutterstock
© Shutterstock

Lees ook:

print dit artikel
Nieuws euthanasie
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • van Coevorden, huisarts, hospice-arts, consulent palliatiev, AMSTERDAM Nederland 14-05-2016 00:00

    "Ik was helaas niet aanwezig bij het congres, maar ik ben blij dat het aantal euthanasien dmv het drankje substantieel verlaagd is ten gunste van het gebruik van de elastomeerpomp. Het drankje gaf in mijn ervaring toch nog altijd letterlijk een bittere nasmaak aan de uitvoering. De autonomie en het zelfbeschikkingsrecht (zelf de euthanatica laten inlopen en niet een actieve handeling van de arts) komen hiermee volledig tot zijn recht en is m.i. voor zowel de arts die helpt bij euthanasie als de patient emotioneel veel beter. Trouwens om het ondraaglijk lijden weg te nemen, te doen stoppen, zou te allen tijde een middel gekozen moeten worden wat niet op zichzelf een gevoel van ongemak c.q. lijden met zich mee brengt."

 
Akkoord Cookievoorkeuren aanpassen

Medisch Contact gebruikt cookies en scripts om uw gebruik van onze website geanonimiseerd te analyseren, zodat we functionaliteit en effectiviteit kunnen aanpassen en op uw profiel afgestemde advertenties kunnen tonen. Ook gebruiken we cookies en scripts om integratie met social media (Twitter, Facebook, LinkedIn, etc.) mogelijk te maken. Meer informatie vindt u in onze cookieverklaring en in onze Privacyverklaring