Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Nieuws

Meer of minder intensieve krachttraining bij gonartrose: net zo goed 

2 reacties

Intensieve krachttraining leidt niet tot betere, maar ook niet tot slechtere uitkomsten dan minder intensieve training bij gonartrose. Tot deze conclusie komen Stephen Messier e.a. op basis van een gerandomiseerde trial waarover zij in JAMA schrijven.

Er deden 377 volwassenen (≥50) met kniepijn en radiografisch aanwijzingen voor gonartrose mee. Ze werden in drie groepen ingedeeld: training met hoge intensiteit, met lage intensiteit, of controlegroep. De trainingsgroepen deden gedurende anderhalf jaar drie keer per week mee aan een uurlangetraining, waarin het onderlichaam werd getraind met verschillende oefeningen. De hoge-intensiteitgroep moest zwaardere oefeningen doen (relatief aan hun uitgangssituatie). De controlegroep woonde elke twee tot vier weken een workshop bij over allerlei onderwerpen zoals medicatie, voeding en slaapgewoontes.  

De primaire uitkomsten waren verschil in kniepijn (Womac-schaal van 0-20, waarvoor geldt, hoe hoger, hoe erger de pijn) en maximale compressiedruk in het kniegewricht tijdens lopen na achttien maanden. Die laatste wordt berekend op basis van camerabeelden en gegevens van een drukplaat. Het idee is dat krachttraining de beenspieren sterker maakt, waardoor er minder druk op het gewricht komt te staan, met minder pijn als gevolg. 

Er waren geen statistisch significante verschillen tussen intensief en controle, en tussen intensief en minder intensief wat betreft pijn of compressiedruk. In de intensievetrainingsgroep traden meer – vooral niet ernstige – adverse events op. Opvallend was wel dat in alle drie de groepen – dus ook in de controlegroep – de pijn was afgenomen (van 7,0-7,4 tot 4,5-4,9).  

Dit bericht is aangepast. In een eerdere versie stond dat de hoge-intensiteitgroep oefeningen vaker moest doen, maar deze moest (relatief) zwaardere oefeningen doen.  

lees ook
Nieuws Wetenschap orthopedie
  • Sophie Broersen

    Journalist en arts Sophie Broersen schrijft over geneeskunde en zorg in de volle breedte: van wetenschap tot werkvloer, van arts-patiëntrelatie tot zorg over de grens. Samen met de juristen van de KNMG becommentarieert zij tuchtzaken. Sinds eind 2020 werkt zij daarnaast als arts bij het team seksuele gezondheid van de GGD Hollands Midden.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Sophie Broersen, arts/journalist, Leiden 04-03-2021 15:26

    "Beste Arie, je hebt gelijk. Ik heb over de 1 gelezen. Het ging niet om het percentage van het RM (repetition maximum), maar om het percentage van 1RM (hoeveel iemand kan 'liften' bij 1 beweging). Dank voor je oplettendheid, ik ga de tekst aanpassen. "

  • Arie, Student, Rotterdam 19-02-2021 20:28

    "U schrijft: "De hoge intensiteit-groep moest oefeningen vaker doen (relatief aan hun uitgangssituatie)." Dat lees ik niet terug in de omschrijving van het onderzoek. Intensiteit slaat op het percentage van 1RM (het maximale gewicht dat men 1 keer kan tillen).De hoge intensiteit groep werkte met een percentage van 75-90% van het 1RM en de groep die met lagere intensiteit trainde 30-40% van 1RM (en dan wel meer herhalingen)."

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.