Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Wetenschap

Huisarts weet te weinig van het werk van patiënten

10 reacties
Robin Utrecht | HH
Robin Utrecht | HH

Huisarts Kees de Kock vindt dat zijn vakgenoten meer aandacht moeten besteden aan het werk van hun patiënten. Maar een training om hen beter beslagen ten ijs te laten komen, had niet het gewenste effect, bleek uit zijn onderzoek.

‘Bij bijna één op de drie volwassenen die meer dan twaalf uur per week betaald werk doen, heeft de vraag waarmee ze op het spreekuur van hun huisarts komen, te maken met werk.’ Het is een van de bevindingen die Kees de Kock deed tijdens zijn promotieonderzoek naar de rol van huisartsgeneeskunde bij arbeid. ‘Huisartsen weten vaak niet eens wat hun patiënt voor werk doet. Of ze denken het te weten, maar dat klopt lang niet altijd.’ Huisarts De Kock, die zich al zeker twintig jaar bezighoudt met het onderwerp arbeid, vraagt er daarom zelf wel altijd naar: ‘Dat confronteert je soms met je eigen vooroordelen. Een vrouw van wie ik dacht dat ze secretaresse was, bleek rechercheur te zijn. Dat is van belang om te weten, omdat je de problemen van mensen beter kunt analyseren als je weet onder welke omstandigheden ze werken.’ De Kock promoveerde afgelopen week op het onderzoek dat hij deed naar de rol van huisartsen bij werkgerelateerde problemen. Hij vroeg aan focusgroepen van huisartsen waar ze bij dit thema tegenaan lopen en waar ze behoefte aan zouden hebben. Daaruit bleek het bij hen te schorten aan kennis over wet- en regelgeving en over de werkomgeving van hun patiënten. Op basis daarvan ontwierp hij een vijf uur durende training, waar deze en andere onderwerpen, zoals activerende interventie bij overspanning en de rol van en samenwerking met bedrijfsartsen, aan bod kwamen.

Het effect van deze training onderzocht De Kock in een gerandomiseerde trial. ‘Het had nogal wat voeten in aarde om subsidie te krijgen, praktijken te vinden die wilden meedoen, patiënten bereid te vinden mee te doen en om die te behouden voor het onderzoek.’ En dat allemaal als buitenpromovendus, oftewel niet in dienst van de universiteit, die onderwijl een duopraktijk draaiende moest houden. Maar het lukte. Het resultaat was echter teleurstellend: de training had geen effect op de verwachtingen van patiënten over hun vermogen om te werken, op hoe zij het handelen van de huisarts beoordeelden en ook niet in hoe vaak huisartsen het beroep van hun patiënt noteerden of een ICPC-code noteerden die hoorde bij werkgerelateerde problematiek.

Dat wil niet zeggen dat het niets opleverde: ‘Wat zeker duidelijk is geworden, is dat patiënten wel een rol zien voor de huisarts als het gaat om arbeidsongeschiktheid. Ze willen van hem of haar advies over of ze wel of niet moeten werken. Veel huisartsen vinden dat lastig, en weten niet wat ze wel en niet mogen op dat gebied. Dat wordt steeds relevanter nu er meer mensen zijn die geen toegang hebben tot een bedrijfsarts: de zzp’ers. Maar ook voor mensen in loondienst blijkt het soms lastig om contact te leggen met de bedrijfsarts, ze kennen hun rechten niet en werkgevers staan soms in de weg. Het helpt als huisartsen weten dat een werknemer recht heeft op contact met de bedrijfsarts en weet dat er op thuisarts.nl ook het een en ander over dit onderwerp te vinden is. Ik denk dat dat onze taak is: problemen signaleren en mensen tools in handen geven om er zelf mee aan de slag te gaan.’ Daar zijn overigens niet alle huisartsen het mee eens, zegt De Kock: ‘Sommige vinden dat werkgerelateerde problemen niet tot het domein van de huisartsen moeten behoren. Hun inzichten zouden we kunnen gebruiken bij verder onderzoek naar wat huisartsen weerhoudt om werk met patiënten te bespreken.’

Kees de Kock, GPs@Work (Huisartsenwerk) The role of GPs in work-related problems. Promotie 25 mei aan de Radboud Universiteit Nijmegen

lees ook

werk Wetenschap bedrijfsgeneeskunde huisartsgeneeskunde
  • Sophie Broersen

    Journalist en arts niet-praktiserend Sophie Broersen schrijft over geneeskunde en zorg in de volle breedte: van wetenschap tot werkvloer, van arts-patiëntrelatie tot zorg over de grens. Samen met de juristen van de KNMG becommentarieert zij tuchtzaken.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Heleen ten Bruggencate, bedrijfsarts i.o., Leiden 23-06-2020 14:04

    "Ik ben het roerend met de huisartsen dat adviseren over de arbeidsgeschiktheid niet ook nog tot taak van de huisarts gemaakt moet worden. Ik zie n.a.v. de uitkomst van het onderzoek vooral een rol weggelegd voor de bedrijfsartsen, die werkgever en werknemers (nog) beter moeten informeren over de rechten en plichten van werkenden en de rol die de bedrijfsarts kan spelen.

    Mijns inziens is het een groot goed dat de huisarts primair behandelaar is en de bedrijfsarts begeleidt bij werkgerelateerde aandoeningen en verzuim. Wel is het van belang dat bedrijfsartsen en huisartsen elkaar waar nodig weten te vinden. Zelf ervaar ik de samenwerking met de huisarts, bijvoorbeeld bij verzuim vanwege schulden-/relatieproblematiek etc. of juist bij behandeling in de curatieve sector vanwege een werkgerelateerde aandoening (huidkanker/rugklachten) altijd als zeer waardevol. Waar de huisarts alles weet over de sociale en medische situatie van de patiënt en de bedrijfsarts over (de risico's in) het werk. Laten we vooral ons bij onze eigen leest houden en tegelijkertijd met elkaar samenwerken! "

  • Rinus Mulders , huisarts tot 1/6 2020 te Lage Zwaluwe , Steenbergen 09-06-2020 12:44

    "opmerkelijk dat in MIRA (HIS) in de personalia het vermelden van het beroep niet mogelijk is. Het kan worden ingevuld ,maar ergens in de spelonken van het systeem. "

  • Els van Veen, huisarts sinds 2003, Dalfsen 09-06-2020 12:42

    "Roerend eens met collega Göbel. Was eerst van plan niet te reageren omdat ik helemaal klaar ben met alle berichten wat de huisarts niet goed doet. Maar collega Göbel verwoordt het geweldig (geeft me positieve energie). Dank!"

  • Arjen Göbel, Huisarts, AMSTELVEEN 09-06-2020 12:26

    "Zelfs Huisarts en Wetenschap doet aan de gewoonte mee om al te makkelijk te veronderstellen dat we iets 'te weinig doen'. Wat denk je van de kop in een recent artikel: "Huisarts onderkent te weinig het belang van de aandoening intermitterende torsio testis". Een onzin-mededeling. We onderkennen het belang van die diagnose helemaal niet te weinig. Elk van de 11.000 Nederlandse huisartsen erkent het belang van die diagnose ten zeerste. Het is juist één van de diagnoses die geen enkele arts ooit wil missen.
    Maar als een patiënt in de pauze tussen twee pijnaanvallen bij je komt is die diagnose niet (goed) te stellen, wat je ook verzint. En de uroloog zegt ook niet meteen bij deze niet te bewijzen diagnose: ik ga opereren.
    Met andere woorden: het is zo makkelijk om iets te beweren, maar de consequentie voor de spreekkamersituatie is zó anders dan het lijkt."

  • Arjen Göbel, Huisarts, AMSTELVEEN 09-06-2020 12:13

    "Ah! Weer een artikel waarin ik lees wat ik allemaal niet goed doe. "Huisarts weet te weinig van het werk van patiënten". En ook: "Bij bijna één op de drie volwassenen die meer dan twaalf uur per week werken, heeft de vraag waarmee ze op het spreekuur van hun huisarts komen, te maken met werk."
    Ook al is het door een promovendus onderzocht: het is niet zo dat 1 op de drie klachten waarmee werkende mensen komen te maken hebben met hun werk, bij lange na niet en ook niet indirect. Ik doe dit werk 23 jaar, en het is gewoon niet zo. Ik denk dat zich hier de bekende multicausaliteitswet wreekt: iets heeft altijd wel 'ergens' mee te maken.
    Luchtwegklachten, huidproblemen, bewegingsapparaat (deels inderdaad door werk), psychische problemen (deels door werk) en talloze andere klachten die niks met werk te maken hebben. Dus 1 op 3? Nee. 1 op 7 wellicht.
    Heeft iemand zich wel eens afgevraagd hoe opmerkelijk véél wij juist van patiënten weten, ondanks dat ik maar een paar minuten heb om met ze te praten. In een consult van 10 minuten iemand begroeten, spreken, de klacht analyseren, onderzoek doen, een plan maken én dat ook nog allemaal rechtbankproof in de computer zetten, is een regelrecht mirakel.
    Ik vraag altijd wat iemand doet en ik weet dat collega's dat ook doen. We weten zelfs hoe ze zich voelen, hoe de scheiding is gegaan, hoe het met de kinderen gaat, hoe ernstig de geldzorgen zijn, waar de jeuk zit (terwijl ze daar niet voor kwamen), waar de zeilboot ligt en met wie ze ruzie hebben.
    Bijzonder frustrerend om te lezen dat een onderzoeker meent dat we te weinig van het werk van patiënten weten, alsof daar onder alle omstandigheden de tijd voor is. En bovendien - zoals gezegd - we weten het wél.
    Ik vind het overigens een goede zaak dat wij als huisartsen niet over arbeids(on)geschiktheid gaan. Dat zou de arts-patiëntrelatie danig in de weg staan. Als de uitkomst van het onderzoek alleen is dat patiënten daarin een rol zien voor de huisarts, is dat teleurstellend.
    "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.