Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Elnathan Prinsen
02 februari 2017 4 minuten leestijd
psychiatrie

Wetsvoorstel verplichte ggz dreigt veiligheidswet te worden

NVvP pleit voor oorspronkelijke doel van Wet verplichte ggz: behandelen

1 reactie
getty images
getty images

De Tweede Kamer buigt zich binnenkort over een vervanging van de Wet Bopz. In het wetsvoorstel ligt de nadruk op veiligheid en openbare orde, terwijl volgens de NVvP het accent moet liggen op de behandeling van deze kwetsbare patiënten.

De Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz) regelt de gedwongen opname en behandeling in een psychiatrische instelling. In 2007 pleitte de commissie die de Wet Bopz evalueerde, voor een nieuwe regeling die beter aansluit bij de ambulantisering en vermaatschappelijking van de psychiatrie. Uitgangspunt was het recht op passende zorg en het terugdringen van dwang. Herstel van de gezondheid, zo nodig herstel van wilsbekwaamheid en herstel van de mogelijkheden tot maatschappelijke participatie moesten kernbegrippen in de nieuwe wet worden. Het idee voor de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg was geboren.

De Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) onderschrijft de uitgangspunten van deze behandelwet. Vanaf het begin hebben we constructief bijgedragen, meegelezen en opmerkingen gemaakt om het wetsvoorstel nog beter te maken. Ons commentaar is op veel punten ook verwerkt.

De gewijzigde focus lijkt verband te houden met de moord op Els Borst

Gewijzigde focus

Medio 2016 kwam de derde nota van wijziging uit. Tot onze ontsteltenis krijgt beveiliging hierin opeens veel prioriteit. Het ‘oplossen’ van overlast door ‘verwarde’ personen en van openbare-ordeproblemen lijken een doel van de wet te zijn geworden, door mensen van straat te halen en middels opname ook te houden. Deze gewijzigde focus van het wetsvoorstel staat lijnrecht tegenover de eerdere uitgangspunten en lijkt lineair verband te houden met de moord op Els Borst door Bart van U. en het rapport daarover van de commissie-Hoekstra.

Wij vinden de wijziging van ‘behandelwet’ naar ‘beveiligingswet’ zeer ongewenst. Het is een stap terug in de tijd. Door de wijziging staat de gedwongen opname weer centraal terwijl het doel juist was: persoonsvolgend behandelen.

Observatie

Typerend voorbeeld van dit beveiligingsdenken is de observatiemaatregel die in 2016 in het wetsvoorstel is opgenomen. Deze maatregel houdt in dat iemand maximaal drie dagen kan worden opgenomen om te observeren of er inderdaad een psychische stoornis is en of deze stoornis ernstig nadeel voor de betrokkene of anderen veroorzaakt. De NVvP is zeer kritisch over toevoeging van deze maatregel in het wetsvoorstel.

Voor de behandeling van de meeste psychiatrische problematiek is een opname niet nodig. Voor personen bij wie de psychiater een ernstige psychiatrische stoornis vermoedt en die een gevaar vormen voor zichzelf of hun omgeving, biedt de nieuwe wet al voldoende mogelijkheden voor opname en behandeling via de zogenoemde ‘crisismaatregel’. De observatiemaatregel voegt daar niets aan toe. Deze leidt juist tot inzet van meer dwang omdat hiervoor een ander en minder strikt criterium is opgenomen; slechts het vermoeden van een psychische stoornis is al genoeg om iemand drie dagen te kunnen opnemen. We vinden dat een ernstige en onrechtmatige inbreuk op iemands vrijheid en zelfbeschikking. Hoe zal het gaan met personen die ‘zomaar’ ter observatie worden opgenomen tussen ernstig zieke patiënten? De verwachting is dat zij na drie ingrijpende dagen ‘verward’ gedrag laten zien, omdat de situatie zeer verwarrend is. Bovendien is er geen enkele grond om te veronderstellen dat zij tijdens deze time-out willen meewerken aan een onderzoek.

Het is dus zeer twijfelachtig of de observatiemaatregel nuttige informatie kan opleveren, maar de wetgever denkt dat een psychiater dit gedrag kan interpreteren en zo nodig kan toeschrijven aan een stoornis. Om vervolgens alsnog via een crisismaatregel een behandeling te starten, want in observatietijd wordt niet behandeld. En wat als deze persoon toch niet aan de criteria voor een crisismaatregel voldoet, zoals bij zorgwekkende zorgmijders? Hoe verwacht de wetgever dat zij na een onterechte opname alsnog tot hulp verleid kunnen worden?

Informatieplichten

Een ander voorbeeld uit het wetsvoorstel waarbij volledig wordt voorbijgegaan aan de rechtspositie van de patiënt, zijn de diverse informatieplichten als wordt overgegaan tot gedwongen zorg.

Mogelijkheden voor de behandelaar om af te wegen of het zinnig en nodig is om informatie over de patiënt te delen, zijn in deze nieuwe wet uitgesloten. Vindt u het  logisch dat uw wettelijke echtgenoot verplicht wordt ingelicht terwijl u juist in een scheiding verwikkeld bent? Of dat in alle gevallen de burgemeester van uw woonplaats wordt geïnformeerd dat een crisismaatregel wordt beëindigd, ook als de openbare orde volstrekt niet meer in het geding is? De wetgever vindt van wel. Zo bevat het wetsvoorstel diverse informatieplichten die in veel gevallen niet doelmatig zijn en de rechten van de patiënt ernstig schaden. Het zou toch eenvoudig moeten zijn om te regelen dat iemand – wat ons betreft: de behandelaar – nog kan wegen of het zinnig is om informatie uit te wisselen?

Straf en zorg lopen door elkaar

Strafrechter

Het onderscheid tussen de justitiële systemen en die van de ggz is in het huidige wetsvoorstel niet helder. Het wetsvoorstel creëert de mogelijkheid dat de strafrechter verplichte ggz oplegt. Ook als iemand volledig ontoerekeningsvatbaar is verklaard en verplicht zorg moet krijgen, blijft er bemoeienis vanuit het ministerie van Justitie over het verlenen van verlof of ontslag. Daardoor lopen straf en zorg door elkaar, in plaats van naast of na elkaar. Dit staat op gespannen voet met het oorspronkelijke doel van de wet, namelijk het verbeteren van de rechtspositie van de patiënt. Ook ontstaat er rechtsongelijkheid tussen patiënten die via de strafrechter verplichte zorg ontvangen en patiënten bij wie de strafrechter geen bemoeienis heeft gehad. Wij pleiten ervoor dat de wetgever een keus maakt: zorg is zorg en geen straf, en als de strafrechter bepaalt dat iemand zorg behoeft, dan moet ook alle verantwoordelijkheid daarvoor worden overgedragen aan het betreffende bestuursorgaan, te weten de geneesheer-directeur.

Zijn doel voorbij

Wij juichen goed afgewogen zorg op maat toe. Bij verplichte zorg geeft dit wetsvoorstel meer mogelijkheden om een individueel afgestemd plan te maken. Helaas is bij de versie die nu voorligt in de Tweede Kamer de focus komen te liggen op beveiliging en openbare orde. Het oorspronkelijke karakter van de wet is daardoor uit het zicht geraakt en daarmee schiet het aan zijn doel voorbij. In het belang van onze patiënten hopen wij dat de Kamerleden onze argumenten en adviezen voor wijziging ter harte zullen nemen.

auteur

Elnathan Prinsen

psychiater en voorzitter van de commissie wet- en regelgevingvan de NVvP

contact

h.verdijk@nvvp.net of j.vangog@nvvp.net

cc: redactie@medischcontact.nl

Geen belangenverstrengeling gemeld door de auteur.


lees ook

download dit artikel (pdf)

ggz psychiatrie opinie wet bopz
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Anton Loonen, Hoogleraar farmacotherapie bij psychiatrische patiënten, Roosendaal 05-02-2017 12:26

    "In het artikel over het Wetsvoorstel Verplichte ggz vraagt Elnathan Prinsen aandacht voor belangrijke negatieve aspecten van de op handen zijnde regelgeving voor de rechtspositie van personen waarbij het vermoeden bestaat dat zij gevaarlijk zijn vanuit het hebben van een psychische stoornis (MC 2 februari 2017). Inmiddels heeft de Tweede Kamer zich uitgesproken tegen de invoering van de observatiemaatregel, die in 2016 in het wetsvoorstel is opgenomen en waartegen ook Prinsen zich verzet. Echter, de rechtspositie van de psychiatrische patiënt is nog op een andere wijze in het geding en helaas lijkt psychiatrisch Nederland zich daar helemaal niet al te druk over te maken. Soms zijn psychiatrische patiënten echt gevaarlijk voor anderen en gewone ggz instellingen zijn slecht uitgerust om hun medepatiënten, medewerkers en de maatschappij tegen dergelijke personen te beschermen. Voor deze mensen zou mogelijk een tbs-regime veel betere zorg vormen. Binnen de huidige wetgeving kan echter aan een persoon alleen een tbs-maatregel worden opgelegd, wanneer zij kunnen worden veroordeeld voor bepaalde delicten. Bovendien, is het regelmatig min of meer toevallig of een psychiatrische patiënt daadwerkelijk een strafbaar feit begaat of niet. Vaak moet als onderdeel van het herstelproces door behandelaren in deze context een belangrijk risico worden genomen. Volgens de huidige regelgeving krijgt zo’n patiënt als het misgaat gewoon straf (en evt. tbs) tenzij “bij de verdachte ten tijde van zijn handelen ieder inzicht in de draagwijdte van zijn gedragingen en de mogelijke gevolgen zou hebben ontbroken. Daarvan zal overigens slechts bij hoge uitzondering sprake zijn” zoals dat in een arrest van de Hoge Raad is vastgelegd. Ik wil daarom bepleiten om te komen tot extra beveiligde GGZ instellingen voor de uitvoering van een bijzondere maatregel op last van de strafrechter en voor overheveling van tbs vanuit het strafrecht naar de Wet verplichte ggz. "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.