Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Achter het nieuws

Specialisten samen in federatie

1 reactie

Als de ledenraden en -vergaderingen ermee instemmen, gaan alle wetenschappelijke verenigingen van medisch specialisten samen een federatie vormen. De Orde van Medisch Specialisten zal opgaan in deze club, en het federatiebureau vormen. Dat kan tot een goede vertegenwoordiging van specialisten leiden, maar eenvoudig is het niet.

‘Het is een revolutie binnen specialistenland, als het allemaal doorgaat’ zegt voorzitter Frank de Grave van de Orde van Medisch Specialisten (OMS), over de vergevorderde plannen van de 29 wetenschappelijke verenigingen van medisch specialisten en de OMS om intensief te gaan samenwerken. Als alles volgens plan verloopt, gaan de verenigingen gezamenlijk een federatie vormen, de Federatie voor Medisch Specialisten Nederland (FMSN). De OMS zal geen directe leden meer hebben, maar het bureau van de federatie vormen. Vanaf 1 januari 2015 moet het helemaal van start gaan, 2014 is het overgangsjaar.

Imago
De wetenschappelijke verenigingen blijven zelfstandig, met eigen leden. Het ‘hoogste orgaan’ van de FMSN zal een ledenraad zijn, die bestaat uit 29 vertegenwoordigers van de verenigingen. Voor elke duizend verenigingsleden is er een stem, minimaal één, maximaal drie. Geen directe leden dus, een groot verschil met de huidige OMS.

De Grave: ‘Het initiatief kwam vanuit de wetenschappelijke verenigingen, die de samenwerking met de Orde wilden verbeteren. Dat is ook nodig. Natuurlijk zijn er veel verschillen tussen specialisten, het maakt uit welk vak je uitoefent, of je in dienstverband werkt of vrijgevestigd bent, of je al dan niet in de academie werkt. Maar naar de buitenwereld toe kan je niet met 87 verschillende meningen komen. De huisartsen hebben één mening, net als de patiënten, de zorgverzekeraars, de zorgaanbieders en de minister. Als je niet met één standpunt komt, word je weggespeeld.’ De nieuwe federatie zal voor vrijwel alle specialisten kunnen spreken, omdat zij bijna zonder uitzondering lid zijn van de eigen vakverenigingen. Van de huidige OMS is net iets minder dan de helft lid.

Dat heeft wellicht te maken met het imago van de Orde, zegt Edwin Knots, van de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde: ‘Het idee leefde dat het de Orde in het verleden vooral om honorering ging, en dan met name van de vrijgevestigden die heel veel verdienen. Daar herkennen veel artsen zich helemaal niet in, terwijl dat wel het imago van specialisten bij publiek en politiek bepaalde. Binnen de huidige Orde wordt al goed samengewerkt door de wetenschappelijke verenigingen op de gebieden van kwaliteit en opleiding, en de bedoeling is dat dat op het gebied van belangenbehartiging en communicatie ook gaat gebeuren.’

Dienstverbanders
Niet iedereen ziet de samenwerking zitten. Neem de Vereniging van Vrijgevestigde Medisch Specialisten (VVMS), ooit opgericht uit onvrede over de belangenbehartiging door de OMS. De 1200 leden van de VVMS zijn volgens voorzitter Milco Linssen niet blij zijn met deze ‘gedwongen winkelnering. Zij worden automatisch onderdeel van de federatie. Terwijl ze in veel gevallen juist weggegaan zijn bij de Orde, omdat ze het gevoel hebben dat dat een club voor dienstverbanders is geworden. Het is onzin om te denken dat één club de belangen van specialisten in loondienst en die van vrije ondernemers kan behartigen.’

Helemaal alleen zal de nieuwe federatie dat ook niet hoeven doen. Er zal nauw samengewerkt worden met de LAD – de vereniging voor artsen in dienstverband. ‘Voor veel kinderartsen – van wie er veel in loondienst zijn – is dit een belangrijke voorwaarde om in te stemmen met de nieuwe plannen’, zegt Knots. De LAD blijft bestaan als zelfstandige organisatie, maar specialisten zullen via de federatie door de LAD worden vertegenwoordigd. De LAD blijft cao-onderhandelingen voor hen voeren.

Opheffen
Waarom zouden tegenstellingen in de nieuwe federatie niet tot problemen leiden? De Grave: ‘Alleen maar bij elkaar zetten, is inderdaad niet voldoende. Een zekere cultuurverandering is nodig waarbij niet datgene wat specialisten onderscheidt centraal komt te staan, maar wat ze gezamenlijk hebben.’ Victor Umans, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Cardiologen: ‘De belangen van specialisten worden door zoveel meer bepaald dan de portemonnee. Uiteindelijk hebben we veel meer gemeen dan dat we verschillen: elke specialist wil in een veilige, goed geoutilleerde omgeving werken en patiënten volgens richtlijnen behandelen.’

Nieuw is het idee van samenwerking niet, zegt Umans: ‘Maar nu is de tijd er blijkbaar rijp voor. Binnen ziekenhuizen werken specialisten al steeds intensiever met elkaar samen. Wat ook van belang is, is dat de Orde bereid is om zichzelf op te heffen.’ De Grave noemt twee andere factoren: ‘In het visiedocument ‘De medisch specialist 2015’ staat al beschreven dat specialisten meer willen zijn dan alleen een goede dokter. Ze willen ook verantwoordelijkheid nemen voor de inrichting, houdbaarheid en betrouwbaarheid van het zorgstelsel. Daarnaast hebben we al bewezen te kunnen samenwerken als het erop aankomt, zoals bij het sluiten van het laatste zorgakkoord. Dat is ook door de wetenschappelijke verenigingen ondertekend.’

Klein en groot
Iet van Albada-Kuipers, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Reumatologie, is niet bang dat haar relatief kleine vereniging wordt ondergesneeuwd in de federatie: ‘Het is nu ook al lastig om je stem te laten horen. Ik zie juist voordelen van aansluiten bij een grote club. Wij moeten met een klein bureau allerlei dossiers voeren, zoals de introductie van nieuwe, biologische geneesmiddelen. Dat is omgeven met veel regelgeving, die vaak wijzigt. Het is prettig als er centraal iemand is die daarvan op de hoogte blijft, en van wiens expertise wij gebruik kunnen maken.’

De psychiaters zijn ook positief over de nieuwe federatie, zegt Aartjan Beekman, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie. ‘Wij willen af van die status aparte van ons vak. We hebben veel meer gemeen met andere specialismes dan dat er verschillen zijn. Op gebied van kwaliteit en opleiding wordt al goed samengewerkt. Maar er zijn ook verschillen, als het gaat om welke positie we binnen de zorg innemen, hoe de bekostiging loopt.’ Worden die andere belangen dan wel goed behartigd binnen zo’n federatie? ‘Wij vormen de grootste vereniging, dus het moet mogelijk zijn om onze belangen tot hun recht te laten komen.’ Maar de grootste zijn, wil niet zeggen dat je meer stemmen hebt binnen de ledenraad: drie stemmen is het maximum. Beekman: ‘Nee, maar in dit soort gremia geldt: als je over iets moet stemmen, heb je een probleem.’ Dat zegt De Grave ook: ‘De macht van het getal moet niet belangrijker zijn dan de macht van het argument.’

Dat is op zijn zachtst gezegd een uitdaging, erkent De Grave: ‘Als kleine partijen zich niet gehoord voelen, als een lid van het federatiebestuur alleen maar het belang van de eigen wetenschappelijke vereniging behartigt en niet bereid is te luisteren naar anderen, te zoeken naar gemeenschappelijkheid, om tot een gezamenlijk standpunt te komen, kan dat een machtsstrijd opleveren. Je ziet bij de FNV waar dat toe kan leiden. Aan de andere kant: in tijden waarin de bonden goed samenwerkten, discussies onderling uitvochten, maar uiteindelijk één lijn trokken, was de FNV een zeer machtige organisatie.’


Sophie Broersen, journalist Medisch Contact

s.broersen@medischcontact.nl


Lees meer:



<b>Download dit artikel (PDF)</b>
Achter het nieuws
  • Sophie Broersen

    Journalist en arts niet-praktiserend Sophie Broersen schrijft over geneeskunde en zorg in de volle breedte: van wetenschap tot werkvloer, van arts-patiëntrelatie tot zorg over de grens. Samen met de juristen van de KNMG becommentarieert zij tuchtzaken.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • A.L. Cense, psychiater, STOUTENBURG 22-11-2013 01:00

    "De werkelijke wensen van ons professionals lijken me een stuk ambitieuzer, fundamenteler, en dringender dan 'een veilige omgeving en richtlijngebonden werken'. Via een omweg de verduidelijking:

    Dertig jaar geleden werden auto's geproduceerd aan een lopende band waaraan eenieder zijn vaste plek had en zijn eigen onderdeeltje monteerde. Dat leverde twee dingen op: barrels van auto's en afgebrande medewerkers!
    Inmiddels is de productie dan ook vrijwel overal anders georganiseerd, met complexere taken die iets opleveren waarmee je je kunt identificeren. Het is "eigen werk" geworden in plaats van "andermans schroefje". En dat heeft kwaliteit en werkplezier goed gedaan.

    Hoe bizar en getuigend van incompetentie van de verantwoordelijken dat de trend in (o.a.) de gezondheidszorg radicaal tegenovergesteld is. Met deprofessionalisering, kwaliteitsverlies en destructieve trivialisering van de inhoud tot gevolg.

    Verlos ons dus van een tot karikaturale religie verheven 'bedrijfsmatig werken' dat niet meer dienstbaar is aan de werkelijkheid maar tracht de werkelijkheid naar haar eigen ego te kneden.
    Verban vervreemdende rituelen en taalgebruik ('zorgverlener', 'transparantie' i.p.v. 'inzichtelijk maken'; stop ont-individualisering waar het tegendeel gewenst is ('kookboekgeneeskunde'); redt wetenschap waar fundamentele kennis en intrinsieke noodzakelijke dynamiek verloren gaan door ze door het filter van planbaarheid en simpele kengetallen te persen.
    Aan het eind van de maakbare zorgstraat staat immers de maakbare patiënt / mens; en ik mag hopen dat die ons bespaard blijft.

    En neem meteen mee dat de geschetste trend ons ook opzadelt met een mensbeeld dat niet deugt: de mens als mondig en slechts op zijn eigen voordeel uit zijnd wezen.
    Een behandeling is ook geen koopwaar, en als je het niettemin tot koopwaar maakt, vernietig je een stuk van ons mens-zijn en ons vermogen tot solidariteit en samenwerking....

    Herover U zelf, en laat zien waar U staat, beroepsverenigingen."

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.