Inloggen
Praktijkperikelen
2 minuten leestijd
Praktijkperikel

Bied actief steun

1 reactie

Ik liep mijn coschap interne geneeskunde in een perifeer ziekenhuis. De twaalfwekenstage was verdeeld over zes weken zaal gevolgd door zes weken SEH. Tijdens deze SEH-weken kon ik steeds zelf kiezen met welke patiënt ik mee wilde kijken. Ik was zodoende niet aan een vaste a(n)ios of supervisor gekoppeld. De dagelijkse toestroom van patiënten was niet heel groot, wat maakte dat elke patiënt voor mij interessant was.

Op een dag tijdens een van mijn SEH-weken werd er een externe reanimatie aangekondigd. De ambulance was al onderweg. Het ziekenhuisreanimatieteam kwam samen op de SEH-traumakamer. Ik wilde erbij zijn. Niet alleen omdat het ‘spannend’ was, maar ook om de theorie in de praktijk toe te passen. Mijn streven was om de persoon niet te laten overlijden. Dood was voor mij geen optie; de reanimatie zou slagen.

Een obese man van midden 40 werd binnengebracht. Terwijl de mondelinge overdracht plaatsvond, werd de reanimatie vloeiend overgenomen. Een perfecte samenwerking tussen de ambulancebroeders en het ziekenhuispersoneel. Met ‘staying alive’ in mijn hoofd hielp ik met de borstcompressies. Deze had ik tot dat moment alleen nog maar gedaan bij ‘Annie’.

Na enkele minuten had de patiënt een stabiel eigen ritme en kon hij naar de CCU worden overgebracht. Het reanimatieteam had zijn werk volbracht en iedereen ging weer verder met zijn eigen bezigheden.

Daar stond ik dan met een lijf vol adrenaline. Langzaam kwam bij mij het besef van wat er het afgelopen uur had plaatsgevonden. Beduusd liep ik terug naar de SEH-artsenpost en nam plaats achter een computerscherm om te zien of er inmiddels nieuwe patiënten waren binnengekomen; het leven ging immers door.

In de jaren erna zijn beelden van deze man, van deze reanimatie, regelmatig bij mij naar boven gekomen: herinneringen, herbelevingen en nachtmerries. Zet dit je al aan het denken? Gelukkig voor mij zijn deze beelden geleidelijk aan minder (frequent en intens) geworden en heb ik er nu nog slechts sporadisch last van.

Ik besef achteraf dat ik toen direct bij de betrokken a(n)ios of supervisor had moeten aangeven dat ik de behoefte had om de ingrijpende gebeurtenis na te bespreken. Maar, zo is gebleken, ik was op dat moment niet in staat om dat zelf aan te geven.

Ik kan mij voorstellen dat ik hier niet de enige in ben (geweest); dat er op dit moment coassistenten zijn die met een vergelijkbare situatie te maken hebben, hebben gehad of zullen hebben.

Ik wil je zodoende vragen om hier alert op te zijn. Ik wil je vragen of je actief de coassistent wil benaderen als er een (ingrijpende) gebeurtenis heeft plaatsgevonden. Om aan hem/haar te vragen hoe het met hem/haar gaat en wat hij/zij op dat moment (van jou) nodig heeft. Soms kun je zelf weinig ‘doen’. Maar bedenk dan dat alleen al jouw woorden heel steunend kunnen zijn. En dat is vaak meer dan je denkt.

Lees ook
Praktijkperikel
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • M. Roelofs

    AIOS ouderengeneeskunde

    03-06-2022 15:30

    Heb oog voor elkaar. En dit geldt niet alleen voor de coassistent, maar voor elke collega.
    Het zinnetje waar ik veel aan heb gehad in mijn laatste stage was: 'het ligt niet aan jou', toen op dat moment 'mijn' 4 patiënten of stierven, of naar de IC v...ertrokken. Het werd terloops in de gang aan me verteld, maar was precies wat ik op dat moment nodig had en ik denk er nog vaak aan terug. Met dank aan de nefroloog die toen oog voor mij had.

 

Perikel insturen

Heeft u iets meegemaakt wat u deed fronsen, foeteren of lachen? Deel het met uw collega's!

Stuur uw anekdote in

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.