Blogs & columns
Marcel Canoy
Marcel Canoy
3 minuten leestijd
Blog

Recht op alledaagse zaken verlaagt de zelfredzaamheid én de samenredzaamheid

1 reactie

Een welvarend stel uit het Gooi mocht op kosten van de samenleving periodiek met de Wmo-taxi naar het Concertgebouw omdat meneer slecht ter been was. Bij hun buren stopte een enthousiaste kokkin van 80 jaar acuut met koken toen haar man een Volledig Pakket Thuis kreeg waarbij een maaltijd was inbegrepen. Bij een buurtgenoot met dementie pakte dat heel anders uit. Die ging pontificaal smijten met het eten dat haar werd gebracht, juist omdat ze wél wilde koken en al tien keer had gezegd dat ze die maaltijd niet wilde. De mevrouw werd daardoor bijna gedwongen opgenomen.

De curatieve zorg is verankerd in rechten. Als je je been breekt of een hartaanval krijgt, heb je recht op goede zorg. En dat is een groot goed. Je kunt je op dat recht beroepen en als zorgaanbieders om welke reden dan ook niet in staat zijn om goede zorg te leveren, kunnen zorgverzekeraars aangesproken worden op hun zorgplicht. In de curatieve zorg is ook redelijk duidelijk wat goede zorg is. Je krijgt een hartaanval, belandt in een ziekenhuis en de cardioloog weet doorgaans wat hem of haar te doen staat.

Het probleem is dat we deze curatieve logica van recht op goede zorg ook toepassen op terreinen waar dat heel vreemde gevolgen kan hebben, zoals de voorbeelden hierboven laten zien. In de langdurige zorg kampen mensen met beperkingen waardoor allerlei alledaagse dingen zoals maaltijden bereiden, vervoer of deelnemen aan culturele activiteiten niet meer vanzelfsprekend zijn. Het is humaan als een samenleving in staat is deze mensen te helpen. Het stelt mensen met beperkingen bovendien in staat langer thuis te wonen.

Maar een recht? Dat is van de zotte. Het leidt tot een groteske verspilling van schaarse publieke middelen. Met de voorbeelden in het achterhoofd is het niet zo gek dat wij ruimschoots meer betalen aan langdurige zorg dan elk ander land in de wereld. Dit is niet alleen een kwestie van geld. Door mensen recht op alledaagse zaken te geven, verlaag je de zelfredzaamheid én de samenredzaamheid. Bovendien gaan mensen zich opstellen als calculerende consumenten – ook als er totaal geen noodzaak is voor het opeisen van dat recht zoals bij de kokkin en de Concertgebouwbezoekers uit het voorbeeld.

Het recht op alledaagse dingen is een pervers uitvloeisel van een verkeerde afslag die we ooit hebben genomen, waarbij we allerlei zaken zijn gaan institutionaliseren die in praktisch elk ander land gewoon opgelost worden door de gemeenschap. Het leidt tot een ongezonde afhankelijkheid van de overheid die ook niet alles moet of kan oplossen.

Het oplossen door de gemeenschap heeft als voordeel dat het automatisch uitgaat van behoefte en niet van recht. Wat kunnen mensen zelf? Wat kunnen ze nog leren? Hoe kan technologie ondersteunen? Wat kunnen de buurt of de mantelzorgers betekenen? Pas als er nog hulpvragen overblijven, kan een professional worden ingeschakeld. De rol van de overheid is het faciliteren van samenredzaamheid, niet het ontmantelen ervan.

Het inschakelen van professionals als er daadwerkelijk zorg nodig is, blijft ook in de langdurige zorg een recht. Mensen of organisaties die krampachtig vasthouden aan rechten komen steevast aanzetten met het voorbeeld dat je niet de billen van je buurman gaat wassen. Dat klopt, als het daadwerkelijk gaat om zaken die je redelijkerwijs niet aan goed ondersteunde gemeenschappen kunt overlaten, komt de professional in beeld. Het voorbeeld mag evenwel niet misbruikt worden om vast te houden aan rechten waar niemand op vooruitgaat. Meten als doel is l’art pour l’art en leidt tot onnodige bureaucratie.

Het goede nieuws is dat in het onlangs verschenen Kompas voor de langdurige zorg het verschuiven van recht naar behoefte breed omarmd wordt door de sector. Het zal het komende jaar nog op tal van plekken hobbelig worden om dit ook daadwerkelijk te realiseren, maar dat zien we dan wel weer. En als (wie weet?) het kabinet-Schoof zorgzame buurten gaat faciliteren, is de toekomst voor de langdurige zorg zonniger dan de media ons willen doen geloven.

Meer van Marcel Canoy

ouderengeneeskunde
  • Marcel Canoy

    Marcel Canoy is hoogleraar gezondheidseconomie en dementie aan de VU in Amsterdam, adviseur van de Autoriteit Consument en Markt, lid van de Adviescommissie Pakket van het Zorginstituut.  

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • P.J.M. van Loon

    Orthopeed/ houdingsdeskundige, Oosterbeek

    De voorbeelden zijn inderdaad bizar. Maar het zal de gezondheidseconomen toch ook niet ontgaan zijn, dat de toename van chronische aandoeningen, die vroeg of laat enige vorm van hulp behoeven, exponentieel aan het stijgen zijn en zo de stijgingslijn,... die de "vergrijzing" aangeeft, verre overstijgt. Het RIVM laat in haar VTV 2040 dit zien voor artrose en rugklachten. Aandoeningen die bekend staan om het verlies van goed kunnen bewegen en dus volledig voor jezelf kunnen zorgen. Over de steeds vroegere en vaker voorkomende neurodegeneratieve aandoeningen als dementie, heb ik het als "bottendokter" niet graag. De steeds vroegere degeneratie die belangrijke orgaansystemen als het bewegingsapparaat en het centraal zenuwstelsel (o.a. de hersenen) door onze al meer dan 60 jaar sterk geïntensiveerde zittende leestijl oplopen zorgen voor zeer veel druk op de zorg. Het is bv. al duidelijk , dat de prognose aan rugklachten voor 2040 in 2022 al gehaald is (RIVM). De nieuwe VTV zal vast en zeker nog meer doemscenario's als al aanwezig blootleggen. Maar omdat die intensieve sedentaire leefstijl nu ook de jongste jeugd fors blootstelt aan steeds vroeger optredende lichamelijke en neuropsychologische problemen, die hun inzetbaarheid verlagen, gaat de mismatch tussen hen die zorg nodig hebben en hen die het kunnen leveren, nog verder uit de hand lopen. Het leger is zelfs als de kanarie in de kolenmijn over de jeugdgezondheid te benoemen, met onwaarschijnlijk hoge uitval (70%) bij keuringen en eveneens zeer hoog (60%) in de opleidingen. De meest basale preventiekennis ( uit de Gezondheidsleer) om kinderen gezond in vorm en functie, sterk en weerbaar in de volwassenheid te brengen, is uit onze maatschappij gaan verdwijnen. Daar gaat met name de digitale techniek geen oplossing voor bieden. Er zal fors op verbeteren van de inzetbaarheid van de jeugd moeten worden ingezet om het tij te keren. Het "hoofdlijnenakkoord" geeft hieromtrent weinig hoop., of er moet een "Tom Poes" in de club zitten, die de list kan verzinnen.

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.