Inloggen
Blogs & columns
Blog

Patiënt mishandelt dokter

Plaats een reactie

Vorige maand werd in Loosdrecht een huisarts neergestoken door een verwarde patiënt. De man stak hem drie keer in zijn nek. Collega-huisartsen reageerden geschokt: ‘Dit zijn dingen waarvan je hoopt dat ze nooit gebeuren. We proberen als hulpverleners ons beste beentje voor te zetten en iedereen te helpen.’ Hoe vaak zijn wij hulpverleners het slachtoffer van geweld? Hoe reageren wij dan? En wat doen anderen om ons heen?

Ook in mijn eigen stad, Rotterdam, vond laatst een geweldsincident plaats tegen een hulpverlener. Hij was slachtoffer van een woede-uitbarsting van een verslaafde psychiatrische patiënt. Plots kreeg hij hete koffie in zijn gezicht. Hij liep brandwonden op. Zijn leidinggevenden vingen hem op en namen het initiatief om met hem aangifte te doen bij de politie. Maar helaas, de politie had geen capaciteit: de wachttijd was drie weken. Slachtoffer en dader konden pas weken later gehoord worden. Dat maakte het herstel van de hulpverlener er niet beter op. Hij belandde voor langere tijd in de ziektewet.

‘Geen geweld tegen hulpverleners’, is een tijdlang de slogan geweest. De strafeis kan bij geweld tegen hulpverleners verdubbeld worden. Helaas hebben wij binnen sommige zorgorganisaties de boel niet op orde. En het justitieel apparaat schiet ook ernstig tekort.

Zelf was ik betrokken bij een geweldsincident waarbij mijn bril van mijn hoofd werd geslagen. Ik wilde aangifte doen. Ook toen was er de eerste drie weken geen tijd bij de politie. Doordat ik vanaf de vierde week een vakantie gepland had, kon ik pas zes weken later terecht. Alleen omdat ik heftig protesteerde mocht ik eerder. ’s Nachts om vier uur was er tijd op het bureau. Ik was er die nacht; jammer dat de politiecomputers toen haperden. Na veel gesoebat kon het toch twee dagen later.

Dokters en hulpverleners doen niet makkelijk aangifte. Zijn we zelf niet tekortgeschoten in het contact met de hulpvrager waardoor de agressie ontstond?, is vaak de gedachte. Dat wordt niet makkelijker door de enorme wachttijden bij de politie.

Ook mensen met een verstandelijke beperking hebben geen baat bij een justitieel apparaat dat er weken over doet om een aangifte op te nemen. Een 4-jarige vraag je ook niet vijf maanden later wat er toen en toen gebeurde, toen hij een klasgenootje sloeg.

Om die redenen pleit ik voor lokale afspraken voor zorginstellingen met de officier van justitie, zodat er snel aangifte kan worden gedaan. Ook moeten zorginstellingen of beroepsverenigingen het slachtoffer ondersteunen bij het pijnlijke proces van aangifte doen. Daarbij is het belangrijk dat het adres van de instelling in de aangifte komt, zodat de dader nooit het privéadres van zijn slachtoffer kan achterhalen, mocht hij op wraak uit zijn.

Natuurlijk houden we als samenleving het geweld tegen hulpverleners in stand. Wie daklozen eindeloos laat uitloten zonder zicht op reguliere opvang, ziet hen wanhopig worden. Machteloosheid vergroot helaas de kans op scheldpartijen en fysiek geweld tegen de hulpverleners die – als de boodschappers van het slechte nieuws – hun moeten vertellen dat ze weer uitgeloot zijn en buiten moeten slapen. Soms kunnen mensen die verward zijn, zich machteloos voelen of beseffen dat ze niet tegen de regels op kunnen, hun onvermogen uiten in fysiek geweld.

Laten we er daarom voor zorgen dat we niemand uitloten, in Nederland regeltjesland. Laten we tegelijkertijd zorgen dat als we als professionals slachtoffer van geweld worden, er wel regels en afspraken zijn die ons ondersteunen.

Politie en Wetenschap: Geweld tegen hulpverleners in de psychiatrie

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.