Blogs & columns
Jan Keppel Hesselink
Jan Keppel Hesselink
3 minuten leestijd
Blog

Partijdige wetenschapsjournalistiek tast fundament wetenschap aan

5 reacties

‘Colchicine vermindert aantal knie- en heupvervangingen met 30 procent’, roept een persbericht van het Radboudumc. ‘Eeuwenoud medicijn veelbelovend voor toekomst artrosepatiënten’, aldus de Sint Maartenskliniek. In het NTvG worden beide instellingen op de vingers getikt omdat colchicine helemaal niet zo veelbelovend lijkt tegen artrose. De bevinding is afkomstig van een post-hocvisexperiment. Met overal kansen op bias. Een les voor wetenschapsjournalisten. Maar kunnen die het leren?

Wetenschapsjournalistiek zou neutraal en onpartijdig behoren te zijn. Maar wetenschapsjournalisten lijken vooral geïnteresseerd in het bedenken van schreeuwende koppen om daarmee aandacht te trekken. Het lijkt erop dat de doelstelling is om de consument te laten geloven dat de wetenschappers weer briljant zijn en de instelling zich enorm inspant.

De wetenschapsjournalistiek vanuit afdelingen Communicatie van medische instellingen bevindt zich duidelijk in een gevarenzone. De eigen onderzoekers hebben weer iets fantastisch ontdekt. Hoe geniaal. En wat zijn we toch goed bezig. Altijd onderweg voor de patiënt. Om de wereld een betere plaats te maken. Nah, denk eens wat verder na en stop met dat effect bejag.

Elk(e) zichzelf respecterende ziekenhuis, gezondheidsinstelling en universiteit heeft inmiddels een eigen afdeling Marketing en Communicatie. Waarbij medewerkers met creativiteit en een vlotte pen aansprekende teksten maken. Aansprekend, ja, maar schieten we daar wat mee op? Het lijkt dat we onszelf in de voet schieten met deze benadering.

Op de pagina ‘Als onderzoeker in de pers en media’ van een onzer universiteiten staat een uitnodiging voor onderzoekers: ‘We helpen je graag verder om te kijken naar de mogelijkheden voor media-aandacht voor je onderzoek. Stuur ons informatie over: wat is het nieuws/wat heb je gevonden/wat ga je doen/ hoe heb je dit gevonden/wat heb je gedaan/waarom is dit belangrijk/bijzonder/relevant voor een algemeen publiek?’

Allemaal vragen waarop alleen jubelantwoorden mogelijk lijken. Het persbericht van een vooraanstaande universiteit verwordt zo tot een reclame boodschap: ‘En de behandeling is makkelijk: eenmaal daags een tablet, door de huisarts voorgeschreven.’ Dit statement heeft alle kenmerken van een slogan uit de farmaceutische industrie voor een nieuw pilletje!

Ik moet nu ook meteen bekennen hoe dit persbericht bij mij binnenkwam. Vooral deze laatste zin hielp me onbewust over mijn kritische vermogen heen, meteen in de actie. Ik dacht van colchicine, whoa! Ik ken wel een aantal mensen die ik dit moet gaan vertellen. Die moeten zich meteen bij de huisarts melden en beginnen met dat goedkope en doeltreffende spul. Laag doseren ook nog eens, dus vrij weinig kans op bijwerkingen.

Ik val zelf dus meteen in die valkuil. Totdat ik het NTvG opsloeg daarna. Het Radboud lijkt alles te vergeten over primaire eindpunten en post-hocanalyses in subgroepen. Deze communicatie-uiting kan helemaal niet zo. Maar er lijkt geen rectificatie van het stuk te komen. Wel geeft het Radboud op het eind van haar persbericht aan dat patiënten met artrose nog niet behandeld kunnen worden met colchicine, omdat meer onderzoek nodig is. Dat lijkt me een disclaimer van een soort dat we bij de magnetron vinden, waar gesteld wordt dat je de hond na een regenbui niet moet drogen in de magnetron. Het Radboud had beter de jubelende zinnen weg kunnen laten en de beperkingen van het resultaat kunnen beklemtonen, zoals we dat kunnen lezen in het NTvG.

Wetenschapsinstellingen en wetenschappers hebben beiden een belang. De Vereniging voor Wetenschapsjournalistiek en -communicatie Nederland roept op haar homepage op om de beperkingen en onzekerheden van het onderzoek helder te communiceren, om zo te voorkomen dat de geloofwaardigheid van en het vertrouwen in wetenschap wordt ondermijnd. Nou dat is in dit geval dus niet gelukt. Om met de NTvG-conclusie af te sluiten: dit soort persberichten biedt alleen valse hoop.

Als we daarvan overtuigd zijn, waarom gaan we dan door op de ingeslagen weg? Zijn wetenschapsjournalisten gevangen in de vicieuze cirkel: u vraagt, wij draaien? Is de enige weg een stuk te schrijven met een schreeuwende en onjuiste kop, om zo aandacht op te eisen? De popularisatie van de wetenschap is naar mijn mening geheel mislukt. Ze gaat ten onder door eenzijdigheid en partijdigheid. Het medium waarin het persbericht verschijnt, wil meer aandacht, de wetenschapper wil opvallen en de instelling wil goede sier maken met de nieuwe gegevens. Het lijkt een win-winsituatie, maar uiteindelijk ondermijnt deze pathologische triade een van de laatste pijlers van onze samenleving: de wetenschap.

  • Jan Keppel Hesselink

    Jan Keppel Hesselink is arts niet-praktiserend, farmacoloog en medisch bioloog. Hij adviseert op het gebied van research en ontwikkeling van geneesmiddelen.  

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • M.H. Blanker

    hoogleraar huisartsgeneeskunde

    De discussie op LinkedIn werd feller doordat u zo vast blijft houden aan uw gelijk en met een semantisch trucje probeert te onderbouwen. Dit terwijl u er vrij simpel naast zit. Bij de afdeling communicatie van medische instellingen werken geen journa...listen (althans niet in die functie, een journalistieke achtergrond is niet uitgesloten), ook geen wetenschapsjournalisten. Dat maakt dat uw blog zo bevreemdend is en blijft, ook met het postscriptum.
    De instellingen maken persberichten. Die instellingen zijn inderdaad partijdig en hebben een belang zoals u terecht schrijft. Het is vervolgens aan kranten/tijdschriften om daar iets mee te doen, of niet. Te vaak worden persberichten vrij klakkeloos overgenomen. Maar daar zullen dan geen echte journalisten bij betrokken zijn, hooguit redactiemedewerkers die een pagina willen vullen.
    Wetenschapsjournalisten kennen een kritische houding naar dit soort berichten en zoeken de bron van de informatie om daar dan over te berichten.
    Uw blog gaat dus eigenlijk helemaal niet over wetenschapsjournalistiek.

    • C. Zuketto

      Psychiater, Nieuwegein

      Dank collega Blanker voor de respectvolle en glasheldere reactie op de blog van Keppel Hesselink. Ik ben het helemaal met u eens.

      Jammer dat het verkeerde woordgebruik (wetenschapsjournalistiek is echt iets anders dan berichten van communicatie-a...fdelingen over onderzoek) de hele strekking van de blog ondersneeuwde.

    • J.M. Keppel Hesselink

      arts-farmacoloog, Bosch en Duin

      Amice, dank, ik weet niet precies op welk semantisch trucje ik gehanteerd heb. Ik ben altijd bereid mijn ongelijk te erkennen, omdat ik niet getrouwd ben met mijn opvattingen.

      Maar de argumenten op linked-in waren allen enorm emotioneel (ik zou te ...diep in het glaasje gekeken hebben, niets begrepen hebben van wetenschapsjournalistiek, een betonnen muur om me hen hebben, etc, etc).

      Mijn lezing van dit alles is dat als inhoudelijke argumenten niet zwaar genoeg zijn om iemand (mij) te overtuigen, men grijpt naar veroordelingen van de persoon en verdachtmakingen van die persoon. Terwijl ik keer op keer vraag naar argumenten, en zelf wel argumenten aandraag.

      De communicatie die ook door het NTvG onder de loupe genomen is behoort tot het domein van de wetenschapsjournalistiek. (Zo veelbelovend is colchicine niet tegen artrose - Ned Tijdschr Geneeskd. 2023;167:C5496) Vandaag legde ik de casus nog eens voor aan een oud directeur wetenschapscommunicatie van het UMCU die jaren en nog steeds in dit vak werkt. Ze gaf me grotendeels gelijk.

      Dus ik hoor heel graag argumenten. Journalisten of 'echte journalisten';, niemand weet wat dat precies zijn. Wel is duidelijk wat journalistiek is. En dat is per definitie niet voorbehouden aan de groep van 'journalisten', Misschien dat u dat een semantisch argument vindt? Dan nog denk ik dat ik een punt heb, dat journalistiek in dit veld van medische wetenschap veelvuldig onjuiste resultaten uit vergroot en gebruikt om effect te scoren. Zoals het NTvG terecht stelt en ik citeer: "Het persbericht van het Radboudumc biedt daarmee vooral valse hoop."

      Mijn Blog gaat mijns inziens juist wel over wetenschapsjournalistiek, en waar ik over struikel valt volgens mij geheel onder die noemer. Tenzij wetenschapsjournalistiek voorbehouden is aan op de academie van journalistiek afgestudeerden die daarnaast een academische graad bezitten.

      Tenslotte roept de 'The European Federation for Science Journalism' op tot: We stimulate the debate about the role of science journalism and science communication. In dat kader moet mijn bijdrage gezien worden.

      Als we een 'splitter' benadering voorstaan, dan kan ik daar ook in meegaan en dient gelezen te worden daar waar 'wetenschapsjournalist' staat, dat we lezen 'wetenschapscommunicator'....

      Uiteindelijk sluit ik af met een citaat dat aangeeft dat zowel wetenschapscommunicatie als 'journalistiek' in een vereniging ondergebracht is -

      De VWN is voortgekomen uit de Sectie Wetenschapsjournalistiek van de NVJ, de Nederlandse Vereniging van Journalisten. In 1985 heeft de sectie zich losgemaakt van de NVJ en is verder gegaan als zelfstandige Vereniging van Wetenschapsjournalisten in Nederland. Veel leden, vooral freelancers, hielden zich niet alleen bezig met onafhankelijke wetenschapsjournalistiek, maar ook met bedrijfsjournalistiek, voorlichting en andere vormen van publiekscommunicatie. Daarom zijn in 2013 naam en doelstellingen aangepast en is de VWN nu de Vereniging voor wetenschapsjournalistiek en –communicatie, maar wel met bijzondere aandacht voor onafhankelijke wetenschapsjournalistiek.

      ...Met bijzondere aandacht van onafhankelijke wetenschapsjournalistiek....dat is het enige dat ik nu nog wil beklemtonen.

      [Reactie gewijzigd door Keppel Hesselink, Jan op 02-08-2023 13:44]

      • M.H. Blanker

        hoogleraar huisartsgeneeskunde

        Met de wijziging wetenschapsjournalistiek naar wetenschapscommunicator snijdt deze blog ineens wel weer hout en is de angel volgens mij uit het ontstane debat.

  • J.M. Keppel Hesselink

    arts-farmacoloog, Bosch en Duin

    Post Scriptum:

    Op Linked in heeft zich in korte tijd een ferme, pittige en emotioneel gedachtenwisseling voorgedaan naar aanleiding van mijn Blog. Ik wil hier alvast even duidelijk maken, dat ik geen beroepsgroep aanval (of ter verantwoording roe...p), maar een functionaliteit ter discussie stel, de wetenschapsjournalistiek.

    Een Blog maak je sappig door heel duidelijk te communiceren, maar lees svp daar waar ik schrijf 'wetenschapsjournalist' wetenschapsjournalistiek.

    Omdat er veel discussie ontstaat over wat wetenschapsjournalistiek precies is, hier een poging om dat te omschrijven op basis van een aantal gezaghebbende bronnen:

    "Wetenschapsjournalistiek is de nauwkeurige, tijdige verslaglegging van algemene, alledaagse verhalen over wetenschap en de impact ervan op de samenleving. Het doel is om lezers, luisteraars en kijkers te informeren, te onderwijzen, te inspireren, te betrekken en soms zelfs te entertainen over nieuwe bevindingen in de wetenschap."

    Mijn Blog is een aanklacht tegen de excessen binnen die functionaliteit van die wetenschapsjournalistiek en is NIET bedoeld als veroordeling van individuen die journalist zijn of communicatie deskundigen...

    Dit ter verduidelijking omdat mijn BLOG door een enkele toonaangevende wetenschapsjournalist nogal persoonlijk werd opgenomen. De discussie op Linked is daarvan een illustratie en dat laat zien hoe emotioneel dit topic blijkbaar kan liggen. En dat soort emoties oproepen, dat was mijn bedoeling helemaal niet. Inmiddels heeft de desbetreffende wetenschapsjournalist de hele discussie op LInked-in gedelete, Dat is denk ik wijs.

    [Reactie gewijzigd door Keppel Hesselink, Jan op 01-08-2023 23:48]

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.