Blogs & columns
Blog

Ouderenzorg: drie handen op één buik

Plaats een reactie

Het is een tijd geleden dat ik je zag. Vandaag kom je vanwege langdurige buikpijnklachten. Daarnaast is je ontlasting veranderd en zie ik dat je behoorlijk bent afgevallen. Terwijl ik je nakijk vertel je de laatste tijd vergeetachtiger te worden. Ook heb je het nog dagelijks moeilijk na het verlies van je echtgenoot anderhalf jaar geleden, jullie waren zestig jaar getrouwd.

Ik voel een zwelling in je buik waar ik me zorgen om maak. Terwijl jij je aankleedt, merk ik dat ik twijfel waar ik goed aan doe. Wat zou een goede vervolgstap zijn? Invasieve diagnostiek en behandelingen? Hoe moet dat logistiek? Wat zou je zelf nog willen? En kun je het overzien met de vergeetachtigheid die je net noemt? Ik besef opnieuw hoe complex goede zorg voor ouderen eigenlijk is.

Deze casus beschrijf ik in samenwerking met mijn zus, die in opleiding is tot specialist ouderengeneeskunde (SO). Een specialisme waar we als huisarts vaker gebruik van zouden mogen maken. Alleen samen kunnen we namelijk aan de doelstellingen voor de ouderenzorg van de toekomst voldoen: langer thuis wonen en het voorkomen, uitstellen of verkorten van opnames in het ziekenhuis of instellingen voor langdurige zorg. Méér passende zorg, met de wensen van de patiënt en diens kwaliteit van leven centraal.

Want – net als zussen – kunnen deze specialisten niet zonder elkaar en begrijpen we elkaar. Beiden generalistisch, holistisch en multidisciplinair samenwerkend. Wij weten beiden dat niet elk probleem te genezen is, maar mogelijk wel te verlichten. Daarnaast, net als tussen ons zussen, zijn er ook verschillen: de huisarts is altijd al wat meer pragmatisch geweest. De specialist ouderengeneeskunde is meer een denker, die houdt van puzzelen en neemt meer tijd voordat een beslissing genomen wordt. Thuis zijn wij met drie zussen, dus eigenlijk drie handen op één buik. Hetzelfde geldt voor de ouderenzorg, want de samenwerking is eigenlijk ook pas compleet met een derde zorgverlener erbij: de thuiszorg.

Ik vraag de SO in consult, die bij je op huisbezoek komt. Uit neuropsychologisch onderzoek blijkt dat je geen dementie hebt, maar wel milde cognitieve stoornissen. Bloedonderzoek toont een ijzergebreksanemie. We starten met ijzertabletten, laxantia en paracetamol. Verwijzing naar de mdl-arts om darmkanker uit te sluiten hoeft van jou niet meer, je familie staat hier achter. Een ijzerinfuus of bloedtransfusie zie je eventueel nog als optie, mocht dat nodig zijn. Je geniet van het leven, van je (klein)kinderen en zingen bij het koor. Sinds kort heb je een rollator en samen met de fysiotherapeut oefen je, zodat je naar het dorpshuis kunt blijven lopen. Je dochter helpt bij de boodschappen en de was, we schakelen een maaltijdservice in en je medicatie komt op een baxterrol. Ook introduceren wij de ‘derde zus’: de thuiszorg komt je helpen met douchen. Je hoopt uiteindelijk, net als je man, thuis te kunnen overlijden.

Na twee maanden evalueer ik met jou, je dochter, de SO en de thuiszorg. De situatie is stabiel, iedereen is tevreden. Het inschakelen van de drie-eenheid is voor jou goed geweest. Grinnikend bespreek ik bovenstaande casus met mijn zus. Waarom we ons eigen zusje (nog) niet bij deze casus betrokken hebben? Zij werkt inmiddels niet meer bij de thuiszorg, maar is uitvaartverzorgster geworden. Haar hopen we nog even niet nodig te hebben.

Geschreven samen met Ankie Suntjens, aios ouderengeneeskunde

Lees ook
  • Eefje Suntjens

    Eefje Suntjens is werkzaam als waarnemend huisarts in de regio Utrecht. Zij rondde in 2020 haar opleiding af tot huisarts aan het Amsterdam UMC, locatie VUmc.  

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.