Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Blog

Ooit 'n bedrijfsarts ontmoet?

2 reacties

'Zie ik je donderdag nog op onze intervisiebijeenkomst?’ vraag ik aan Albertine. ‘Nee, het gaat me niet lukken. Ik lig achter met m'n administratie. Ik moet hoognodig re-integratieverslagen afschrijven, facturen maken, aangifte omzetbelasting doen. En nog honderd dingen. Volgende keer beter!’

Albertine is een zelfstandige bedrijfsarts met plichtsgevoel. Een perfectioniste. Ze werkt keihard voor haar klanten. Ze neemt amper tijd voor ontspanning. Hoe anders is dat bij Peter. Die zit al dertig jaar in het vak. Eigenlijk is-ie op dat vak uitgekeken, maar hij moet nog even door. Op mijn vraag of hij komt zegt hij: ‘Nee, ik ga iets heel anders doen. Vogels spotten in Zuid-Afrika. November is daar dé tijd voor!’

Twee verschillende excuses. Dit is geen toeval, dit is een trend. De bedrijfsarts drijft af van de kern van zijn professie. Hij wordt onzichtbaar. Hij verdrinkt in praktijkvoeringsbesognes, zoals Albertine. Of hij volgt zijn hart, zoals Peter, en zet koers naar een andere wereld.

Wat is er aan de hand? Bedrijfsarts is toch een leuk vak? Na jarenlange malaise is de instroom in de beroepsopleiding weer aan het stijgen. De nieuwe aiossen zijn enthousiast. Toch treedt er na een aantal jaren praktijk een kentering op. Ik herken wat Van Engelen en Van der Wilt beschrijven in hun boek Wat is er met de dokter gebeurd?. Ik zie perfectionisme en verzakelijking. Ik zie cynisme en demotivatie. Zijn de eisen die dit beroep stelt misschien te hoog?

Wat zijn die eisen eigenlijk? Een beetje opleider werkt tegenwoordig volgens het CanMEDS-model. Laten we dat er eens op naslaan. Het competentieprofiel van de bedrijfsarts telt maar liefst 28 kerncompetenties: vier voor elk van de zeven competentiegebieden. Het lijkt wel een biologisch ordeningsprincipe. De bloem van CanMEDS met zijn zeven bloembladen. Elk specialisme heeft zijn eigen bloem. Als je wilt weten waar je professioneel moet staan kun je een kijkje nemen in deze bloementuin. Ik pluk een paar bloemen. Kijk, dit is mijn boeketje, uit het bedrijfsartsenperkje:  

(6.1) De bedrijfsarts organiseert het werk zo dat er een balans is van arbeids- en bedrijfsgeneeskundige zorg en persoonlijke ontwikkeling. 

(7.1) De bedrijfsarts levert hoogstaande arbeids- en bedrijfsgeneeskundige zorg op integere, oprechte en betrokken wijze. 

(7.2) De bedrijfsarts vertoont persoonlijk en interpersoonlijk professioneel gedrag.

Grote woorden. Maar niet bepaald smarti geformuleerd. Erg vaag. Wat kan ik hiermee? Zijn we al in het paradijs? Moeten we met hemelse woorden verdoezelen waar we in de aardse praktijk tekortschieten? Zoals in preventie, ethisch handelen en overleg met behandelaren? Zijn competenties op deze manier niet veel meer dan windowdressing? 

Het wringt tussen meetbare en merkbare zorg, schrijven Van Engelen en Van der Wiltz. Van bedrijfsartsen is de geleverde zorg met deze competenties niet meetbaar. Dat is jammer. Want het beroep van bedrijfsarts heeft alle reden van bestaan. Bedrijven zitten te springen om goede en betrokken bedrijfsartsen. Die hoeven niet perfect te zijn. Als ze er maar zijn. Ik moet ineens denken aan een oud-collega. Wijs geworden in een jarenlange praktijk. Een bescheiden man. Hij gaf mij een typering van de goede bedrijfsarts die behoorlijk smart is. Eenvoudig en uitvoerbaar. Specifiek en realistisch. En meetbaar! ‘Een goede bedrijfsarts is een dokter die af en toe in de bedrijven komt.’ Veel bedrijfsartsen, ook de jonge klaren, komen zelfs hier niet meer aan toe. Zij kennen de werkvloer niet, en de werkvloer kent hen niet. Hebt ú ooit een bedrijfsarts ontmoet?  

Bedrijfsartsen zijn druk. Rapporten schrijven, formulieren invullen. Maar waar ze hun targets (preventie, signalering, bedrijfsadvisering) moeten realiseren, op de werkvloer, zijn ze verschrikkelijk afwezig. Laten we ons ontdoen van die opgekrikte competenties die niemand kan waarmaken. Te hoge eisen doen het professionele enthousiasme snel verdampen en leiden tot demotivatie en burn-out. Doe gewoon. Twee benen op de grond. Op de werkvloer. The place to be voor interpersoonlijk professioneel gedrag!

print dit artikel
  • André Weel

    André Weel is bedrijfsarts bij Yellow Factory in Hilversum, en docent bij de beroepsopleiding en nascholing van bedrijfs- en verzekeringsartsen.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Lianne Schouten, AIOS bedrijfsgeneeskunde 29-11-2018 19:30

    "Competentiegericht opleiden beschermt geen enkele dokter tegen burn-out. Het ligt dus niet aan het vak van de bedrijfsarts, maar aan een algemene trend om alles meetbaar te maken en hierdooor wordt autonomie van de professional verkleint. Herkenbaar voor elk specialisme denk ik.
    Gelukkig neemt de instroom toe zoals je zegt, en ik zie ook dat de nieuwe generatie enthousiast is en hoge ambities heeft. De eisen liggen echt niet te hoog, ze zijn uitdagend, precies wat we willen.
    Voor de jonge artsen is belangrijk om een positieve rolmodel naast zicht te hebben, als opleider of naaste collega, om die uitdagingen aan te gaan. En die zijn er! Ik hoor ook altijd terug dat het erg leuk is om op te leiden, en zoals mijn opleider zei: Samen sta je sterk! Dus laat je verleiden om bedrijfsarts te worden én te blijven. Leuke verhalen staan op www.bedrijfsartsworden.nl"

  • Dolf Algra, commentator, opiniemaker zorg en sociale zekerheid, Rotterdam 29-11-2018 14:12

    "De bedrijfsarts is vaak onzichtbaar. Correcte observatie van collega Weel. Een bevestiging hiervan maakte ik twee week geleden mee bij training/workshop die ik gaf aan scale up bedrijven. De creme de la creme en toekomst van BV Nederland zal ik maar zeggen,waaronder aantal FD gazellen.

    Bijna elke deelnemer- dus baas/eigenaar - vroeg me: waar kan ik een echt goeie bedrijfsarts vinden ? Met wie ik over moeilijke gevallen en ingewikkelde arbo vraagstukken kan sparren ? Wij komen ze niet tegen namelijk. Ze lijken wel onvindbaar.

    Geen van allen hadden een 'vaste 'bedrijfsarts. Dat is problematisch, want dan kan arbo-verzuimbeleid in zo'n bedrijf nooit boven adhoc-brandjes-blussen-aanpak uit komen.

    Een wereld te winnen dus.Maar het rare is: veel bedrijfsartsen hebben zichzelf opgesloten in spreekkamer- vaak op arbodienst - in niets zeggend zakenpand, en worden te vaak aangestuurd en afgeschermd door casemanagementbureau én komen niet/nauwelijks in het bedrijf cq op de werkvloer zelf.

    Dat heb ik altijd onbegrijpelijk gevonden. Want hoe kan bedrijfsarts oplossingsgericht adviseren als hij/zij bedrijf- de werksituatie niet kent én werk -organisatie context niet doorgrond ? Dat is als tennissen met blinddoek op.

    Maar het kan anders. Niet moeilijk. Simpel eigenlijk. Jaren zo gewerkt. Volgens 5 basisregels

    1. Werk altijd op locatie. Op het bedrijf. Op plaats delict dus. Met open inloop spreekuur
    2. Bij start: maak scan van organisatie/bedrijf - arbo,verzuim, gezondheidsmanagement en check/scoor in welke fase het bedrijf zit. Stel top 3 knelpunten vast. Maar biedt tegelijkertijd ook bijpassende oplossing aan
    3. Bespreek dit met bovenste baas, die is namelijk probleemhouder én moet richting geven aan oplossing
    4. Zorg voor goede adviespositie. Dat is essentieel. Bij problemen altijd opschalen naar bovenste baas. Zie 3
    5. Hanteer opzegtermijn van 20 minuten. Dat is de tijd om koffie op te drinken. Want: waar geen wil is, is geen weg. Simpel.Stel grens.





    "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.