Inloggen
Blogs & columns
Blog

Hoog IQ, laag EQ

6 reacties

Bent u ook jaloers op uw slimme collega? Hij of zij weet het altijd beter. Heeft steeds de laatste informatie paraat. Heeft net dat artikel gelezen dat u kennelijk is ontgaan. Kent alle uithoeken van PubMed en SUMSearch. Is thuis in Medline, Psychinfo, de Cochrane Library, Trip Database en National Guideline Clearinghouse.

Kent alle foefjes. Onthoudt alles wat hij tegenkomt en troeft u daarmee af bij het afdelingsoverleg of de patiëntenbespreking. Waar u worstelt om een full text paper op uw scherm te krijgen heeft hij het al naar u gemaild. Hij (of zij) loopt er niet mee te koop, maar hij weet het zelf, en u weet het maar al te goed: dit is een typisch geval van hoogbegaafdheid. Een snelle denker met een fabelachtig geheugen, ziet snel verbanden, en braakt zijn kennis te pas en te onpas uit. Hij (of zij) is pas 35 jaar. U zit in een andere levensfase en bent niet 24/7 met uw vak bezig. Maar door deze collega voelt u zich elke week vakinhoudelijk verder achterlopen.

Dan is er een incidentje. Op de avond vóór zijn wetenschappelijke presentatie mist de briljante collega een levensbedreigende complicatie bij een van zijn patiënten. Hij was niet bereikbaar tijdens zijn dienst. Hij was verdiept in de zoveelste literatuursearch. Doordat u werd opgepiept kon een fatale afloop worden voorkomen. U bespreekt het voorval met hem. Hij lijkt niet echt van zijn stuk. Toont zich niet empathisch naar zijn patiënt. Toont geen dankbaarheid in uw richting. Zijn prioriteit ligt kennelijk bij de wetenschap. Niet bij de zorg. Niet bij de collega's.

Elke ziekenhuisdokter kent soortgelijke situaties. Ze bevestigen een oud vooroordeel: hoog IQ, laag EQ. Wie heel veel van het één heeft, heeft niet veel plek meer over voor het ander. Hoge begaafdheid, lage empathie. Aan de borreltafel ontstond zo het begrip 'emotioneel quotiënt'. IQ en EQ, twee complementaire grootheden. Dat dacht ik tot voor kort ook. De meeste bedrijfsartsen kennen hoogbegaafde werknemers die ondanks hun kennis en bevlogenheid niet goed functioneren. Vaak verzeilen ze in conflicten met collega's of bazen. Ze graven zich in. Om zich ten slotte ziek te melden met klachten van overspannenheid en depressie. Wat is hier aan de hand? Is EQ eigenlijk een bestaand begrip? En klopt het vooroordeel: hoog IQ, laag EQ?

Als een dokter iets niet weet, duikt hij in de literatuur. De Amerikaanse psycholoog Daniel Goleman schreef in 1995 het boek Emotional intelligence. Het werd een hype. Goleman spreekt over het zelfvoelende brein. Het komt neer op zelfkennis, zelfbeheersing en het vermogen de eigen emoties te herkennen en zich in sociale situaties aan te passen. Heel herkenbaar allemaal. Zijn dit niet juist de eigenschappen die mensen met een autismespectrumstoornis nogal eens missen?

En als het EQ bestaat, dan is het dus een veel complexer begrip dan het IQ en dus ook lastiger te meten. Toch is dat gebeurd. Er is onderzoek gedaan. Een onderzoek van Derksen et al. uit 2002 laat zien dat er in het algemeen geen verband bestaat tussen IQ en EQ. Bij een hoger IQ komen alle scores van EQ voor, zonder dat er een verband is. Dit onderzoek is echter niet onder 'echte' hoogbegaafden verricht. Een onderzoek van Dijkstra et al. uit 2012 onder leden van de vereniging voor hoogbegaafden Mensa laat zien dat Mensaleden (met een IQ op of boven het 98ste percentiel) een significant lager EQ hebben dan een controlegroep. Dus toch een verband? Het laatste woord is er nog niet over gezegd. We moeten er wel ernstig rekening mee houden dat dat verband er is.

Hoogbegaafd zijn kan leuk zijn maar ook vervelend. Zolang je zelf niet weet dat je hoogbegaafd bent, heb je meer kans op sociaal minder goed functioneren, en dus ook op problemen op het werk, Dat is de boodschap van Mensa. Laat je testen!

Meer weten over hoogbegaafdheid en de vooroordelen daarover? Kijk eens op: https://ihbv.nl/cms/wp-content/uploads/2014/04/140119_Achtergrondinfo_Vooroordelenspel_APS_en_IHBV.pdf

  • André Weel

    André Weel is bedrijfsarts-niet-praktiserend en epidemioloog; werkzaam als curator bij het Trefpunt Medische Geschiedenis Nederland op Urk.'  

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Rianne Eussen

    Kinder- en jeugdpsychiater, Gent

    Het is schadelijk dat dit artikel niet is geredacteerd en ik raad iedere lezer aan om het commentaar te lezen.

  • Noks Nauta

    arts en psycholoog, bestuurslid Instituut Hoogbegaafdheid Volwassenen, Delft

    Deel 2
    Daarvoor is een grote begingroep nodig, omdat het statistisch gaat om zo’n 2,3% van de bevolking (IQ score van twee standaarddeviaties boven het gemiddelde).
    Ook denken we dat er weinig onderzoek is gedaan omdat er tot voor kort werd gedacht... dat hoogbegaafde volwassenen zichzelf wel redden. Men zag geen noodzaak en had er geen geld voor over.

    Er is dus nog niet zoveel betrouwbaar onderzoek gedaan onder de doelgroep. Wij menen dat dat wel nodig is. Omdat wij zien dat deze doelgroep bijvoorbeeld in de zorg en op het werk andere behoeften heeft dan gemiddeld. Omdat er nu hoogbegaafde mensen uitvallen, die wel veel zouden kunnen betekenen voor de maatschappij (Emans et al., 2017). En omdat er nu hoogbegaafden zoeken naar bij hen passende zorg in de ggz en die niet vinden (Emans, 2017, ter perse).

    Het Instituut Hoogbegaafdheid Volwassenen (IHBV) verzamelt sinds 2010 kennis over hoogbegaafde volwassenen en bewerkt en verspreidt die op diverse manieren, via artikelen, presentaties en ook in de vorm van leaflets. Een recent leaflet over hoogbegaafdheid is speciaal geschreven voor artsen.

    Hoogbegaafd zijn zien wij niet als een categoriaal gegeven, dus we zien het niet als iets dat je of wel of niet bent. Er is geen harde grens. We zien het als het hebben van een set van eigenschappen die in principe zeer positief zijn, maar ook uitzonderlijk. Je moet er zo jong mogelijk mee leren omgaan om ze op een veilige, maar vooral ook op een positieve manier te kunnen inzetten. Van jezelf weten wat hoogbegaafd zijn betekent, blijkt dan samen te gaan met een positiever zelfbeeld (Van Horssen – Sollie, 2016). Dat onderzoek naar het zelfbeeld van hoogbegaafden levert beslist ook een bijdrage aan meer kennis over een doelgroep die veel te bieden kan hebben o.a. voor het werk en voor de maatschappij.

  • Noks Nauta

    arts en psycholoog, bestuurslid Instituut Hoogbegaafdheid Volwassenen, Delft

    EQ en hoogbegaafden: een complex verhaal (deel 1)

    De meeste artsen hebben geen kennis over hoogbegaafdheid. En dat terwijl ze er op meerdere manieren mee te maken krijgen: ze kunnen het zelf zijn, hun patiënten kunnen het zijn, hun collega's kunnen ...het zijn. Dat heeft volgens ons implicaties voor de communicatie en ook voor de kwaliteit van werken (o.a. diagnostiek). Kennis over hoogbegaafdheid is dus voor artsen heel belangrijk. Fijn dat collega Weel het thema hier dus adresseert.

    Eerst een korte reactie op de informatie die Weel geeft over het EQ van hoogbegaafden. Aan het onderzoek van Dijkstra et al. heb ik meegewerkt, het is verricht onder Mensaleden in Nederland. Dat is een groep met een bekend hoog IQ (bovenste 2%). We hebben aanwijzingen om te veronderstellen dat een deel van de Mensaleden (we weten alleen niet welk deel) juist lid van Mensa is geworden omdat ze problemen ondervonden met hun hoge IQ. Met resultaten uit deze geselecteerde populatie kunnen we dus geen uitspraken doen over de totale groep hoogbegaafden.
    Onderzoek doen naar hoogbegaafden is lastig. Daar zijn verschillende redenen voor. Als eerste zijn er methodologische redenen. Het begint met de definiëring: wie noem je hoogbegaafd? Gaat het alleen om mensen met een hoog IQ? Of om een combinatie van een aantal kenmerken die we hoogbegaafd noemen (Delphi-model Hoogbegaafdheid, Kooijman – van Thiel, 2008)? Kies je voor de ‘hardere’ maat, mensen met een hoog IQ, dan is het heel lastig om een representatieve steekproef samen te stellen van hoog intelligenten. Mensaleden zijn wel allemaal getest en hebben een IQ in de bovenste 2%, maar vormen, zoals gezegd, mogelijk een geselecteerde populatie. Het vinden van een wel representatieve groep mensen met zo’n hoog IQ zou alleen kunnen door een grote groep uit de gemiddelde bevolking te testen en dan diegenen die heel hoog scoren op een IQ-test als representatieve steekgroep te zien. (WORDT VERVOLGD)

  • A

    Student geneeskunde, Rotterdam

    Beste meneer Weel,
    Ik denk dat u op meerdere fronten de plank misslaat. In uw anekdote stelt u hoogbegaafdheid synoniem aan boekenwijsheid en sociale incompetentie. Uw idee over de oorzaak van het disfunctioneren van een aanzienlijk deel van de hoogb...egaafden lijkt me ook achterhaald en slecht gefundeerd.
    Met uw blog versterkt u de vooroordelen die bestaan over hoogbegaafdheid en werkt u misverstanden in de hand. Onderstaand artikel van de NOS en het rapport waarnaar het verwijst zijn mijns inziens zeer verhelderend en ik wil u en een ieder die dit leest dan ook aanraden dit artikel te lezen.
    Dank dat u zich bekommert om de hoogbegaafde medemens. Ik hoop dat u dit blijft doen maar ik hoop ook dat volgende pogingen om hoogbegaafden te helpen, blijk geven van een beter begrip van de situatie. Onbegrip is namelijk de oorzaak van de meeste problemen die hoogbegaafden ervaren. Een veel belangrijkere oorzaak dan een "laag EQ".

    'Slimmer zijn dan je baas is niet altijd makkelijk' - http://nos.nl/l/2151365

  • Tjerk de Ruiter

    revalidatiearts, Hengelo

    u benoemt wat misverstanden.
    De eerste is dat hoogbegaafdheid samenhangt met het lezen van artikelen. Ik geloof niet dat daar enige wetenschappelijke evidentie voor is. intelligentie en boekenwijsheid zijn 2 wezenlijk verschillende zaken.
    dat hoogbe...gaafdheid automatisch betekent dat er hiaten zijn op ander gebied kan ik ook niet delen. Het is een heel grappige gedachte dat hoogbegaafdheid volume inneemt in het brein, ten koste van andere eigenschappen die ook volume innemen. gelukkig is dat anno 2017 ook onzin.
    het laatste misverstand is om de Mensa te zien als een vereniging met alleen hoogbegaafdheid als bindende factor. de Mensa is geen goede steekproef voor hoogbegaafdheisonderzoek. de hoogbegaafdheid is het inclusiecriterium, maar als men de levensloopbeschrijvingen van veel leden leest, dan is het vooral het vastlopen in de maatschappij die maakt dat men lid wordt van een vereniging.
    met andere woorden: hoogbegaafdheid is geen ziekelijke afwijking. er zijn legio collega's die niet als zodanig herkent worden omdat ze weliswaar veel sneller het EPD doorgronden, mooiere brieven maken, veel meer productie draaien in minder tijd, maar daarnaast ook altijd de beste zijn in sport en motortechniek en bovendien een hele vriendelijke dokters zijn en goede collega's. heel irritant eigenlijk. er moet wel ergens een duister geheim zijn.

  • Jobje Haaijman

    SO

    Zo'n onderzoek bij Mensa leden zegt mijns inziens niet zoveel. Het is natuurlijk ook mogelijk dat daar een relatieve oververtegenwoordiging van hoogbegaafden rondloopt die erg veel behoefte heeft aan contacten met andere hoogbegaafden. Dat kan zijn o...mdat zij geen gelijken in je omgeving tegenkomen en wel die behoefte hebben, maar mogelijk kan het ook zijn dat daar mensen op af komen die tussen de andere mensen niet zo goed kunnen aarden en dat leidt tot selectie. Ik heb veel hoogbegaafden in mijn omgeving die goed sociaal zijn ingebed en heel empathisch kunnen zijn. Overigens zijn zij allen geen lid van Mensa.
    Voor veel hoogbegaafden is het bijna zoiets als 'uit de kast komen' als ze dat vertellen aan anderen. Veel mensen houden dat liever voor zich, omdat ze oplopen tegen een heleboel vooroordelen en er direct gedacht wordt dat ze dan sociaal wel niet vaardig zullen zijn.

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.