Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Blogs & columns
Blog

Daar zaten zeven kikkertjes

1 reactie

Daar zaten zeven kikkertjes al in een boerensloot
De sloot was toegevroren, ze waren hallef dood
Ze kwekten niet, ze kwaakten niet
Van honger en verdriet
Daar zaten zeven kikkertjes al in een boerensloot

Bladerend in een oud boek, Kinderliederen, kom ik dit droevige liedje tegen. Wat gek, ik moet meteen denken aan de KNMG. Die zeven zielige kikkertjes zijn natuurlijk de federatiepartners. Zo te horen beleven die niet veel vreugde aan hun samenzijn.

Die associatie van de kikkertjes met de KNMG ligt voor de hand. Want de schrijver van dit kinderlied is niemand minder dan Jan Pieter Heije. Ja, de man naar wie die lange straat in Amsterdam Oud-West is genoemd, die de Kinkerstraat met de Overtoom verbindt. Heije is een echte Amsterdammer. Hij is er geboren in 1809. Hij vestigt zich er als dokter in 1832, het jaar van de cholera-epidemie. Daar staat hij in de frontlinie. Heije is een actief en veelzijdig mens. Een drammer en een doordrijver. Een geestverwant van Coronel en Sarphati over wie ik eerder heb geschreven. Jammer dat er geen biografie van Heije is. Gelukkig bespreekt de musicoloog Asselbergs het werk van Heije uitgebreid in zijn proefschrift.

Wat is er het eerst, Heijes liefde voor de geneeskunst of zijn liefde voor de liedkunst? Feit is dat Heije vanaf 1842 tot zijn dood in 1876 lid is van het hoofdbestuur van de Maatschappij tot Bevordering der Toonkunst. Door Heijes toedoen publiceert deze de Collectio operum musicorum Batavorum saeculorum, een verzameling oude vocale muziek. De eerste druk van Heijes boek Kinderliederen is van 1843.

De geneeskunst volgt enkele jaren later. Bij de oprichting van de Nederlandsche Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst (NMG) in 1849 is Heije prominent aanwezig. Aanvankelijk is hij ‘amanuensis’, later hoofdbestuurslid. Binnen de NMG is hij de pleitbezorger voor een eigen Maatschappijbibliotheek die de hele vaderlandse geneeskunde moet omvatten. Deze boekenverzameling is uitgegroeid tot een unieke collectie, de Bibliotheca Medica Neerlandica. Zij krijgt een plaats in de Amsterdamse Universiteitsbibliotheek. De boeken uit de twintigste eeuw staan tegenwoordig in het Trefpunt Medische Geschiedenis op Urk.

De grootste impact van het NMG-werk van Heije betreffen de wettelijke regelingen op het gebied van de volksgezondheid. Die dateren van 1818 en zijn hopeloos verouderd. Via de NMG oefenen Heije en zijn collega-bestuurders pressie uit op de regering. Een ander speerpunt is de vernieuwing van de medische opleiding en een goede regeling van de medische bevoegdheid. Rond 1850 zijn er vele soorten geneesheren, heel- en vroedmeesters. Er zijn maar liefst twaalf soorten doktersdiploma’s met uiteenlopende bevoegdheden. Heftige discussies binnen de NMG, want niemand wil inleveren als het om bevoegdheden gaat. Jan Pieter moet de dokters regelmatig tot de orde roepen. Bekend is zijn uitspraak: ‘Makkers, staakt uw wild geraas!’

Vijftien jaar lang heeft Heije in woord en geschrift geijverd voor een geneeskundige staatsregeling die één opleiding aan de academie zou kennen, met één bevoegdheid, verbonden aan het ene artsdiploma. Het duurt nog tot 1865 als onder Thorbecke eindelijk de wettelijke basis voor dat ene artsdiploma wordt gelegd.

Heije heeft de NMG intussen verlaten en zijn doktersjas aan de kapstok gehangen. In 1861 gaat hij op zijn landgoed in de Haarlemmermeer wonen. Hier wijdt hij zich helemaal aan de muziek en de dichtkunst. Al met al heeft Heije zo’n 350 kinderliedjes op zijn naam staan. Ze zijn idealistisch, vaderlandslievend en soms heel moraliserend. Heije wilde daarmee ‘het volk verheffen’. Sommige liedjes zijn heel bekend, zoals In ’t groene dal, in ’t stille dal, Klein vogelijn op groenen tak, Zie de maan schijnt door de bomen, Een karretje op den zandweg reed, en niet te vergeten De Zilvervloot, waarvan de slotregels nog altijd klinken in de voetbalstadions. Het mooiste vind ik toch het lied van de zeven kikkertjes. Het lied van onze Maatschappij. Heeft die nog toekomst? Misschien: als het lukt met die Agenda voor de Zorg. Die vraagt een Zilvervloot aan investeringen. Met de kikkertjes loopt het trouwens niet slecht af, zo blijkt uit het laatste couplet:

De milde, lieve lente kwam, zij kwaakten d’oude wijs
Als zij dat zingen noemen, wens ik ze weer in ’t ijs
Ik geef die kikkers allemaal
Voor ene nachtegaal!
Daar zaten zeven kikkertjes al in een boerensloot

Meer van And'ré Weel
  • André Weel

    André Weel is bedrijfsarts-niet-praktiserend en epidemioloog; werkzaam als curator bij het Trefpunt Medische Geschiedenis Nederland op Urk.'  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • A. Brunet , Arts BCO COVID-19 , Amsterdam 16-06-2021 12:47

    "Dank André, voor deze mooie inkijk in de geschiedenis van deze arts die toen al het belang zag voor de Nederlandse volksgezondheid om als artsen gezamenlijk op te trekken om de zorg op de agenda te hebben en te houden! "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.