Inloggen
Blogs & columns
Blog

Bange buffers

6 reacties

Binnenkort begint het overstapcircus tussen de zorgverzekeraars. Elk jaar komt de vraag terug hoeveel zorgverzekeraars bereid zijn terug te geven uit hun buffers in de vorm van premiekortingen. Niet zelden wordt geroepen dat die buffers op diefstal neerkomen (dat geld is van ons!).

Het strenge vingertje wijst de verkeerde kant op. Zorgverzekeraars kunnen er niets aan doen dat ze onder het Europese ‘Solvency II’-regime vallen. De Nederlandsche Bank (DNB) heeft als toezichthouder weliswaar een korting in Europa bedongen maar zou veel meer assertiviteit aan de dag moeten leggen.

Richtlijnen zoals Solvency II zijn ontwikkeld om het financiële systeem stabiel te houden, niet onverstandig na de crisis. Niet alleen banken vallen onder Europese regels, maar ook verzekeraars. Maar de analogie met banken gaat totaal mank en het beleid schiet door.

Verzekeraars worden gedwongen zodanig stevige buffers aan te leggen dat de kans op faillissement gelijk is aan 0,5 procent per jaar, oftewel eens in de 200 jaar. Een absurde eis voor Nederlandse zorgverzekeraars.

Zorgverzekeraars opereren in een stabiele markt. Het switchgedrag van consumenten is beperkt, de totale zorgvraag is gegarandeerd tot in de lengte der dagen, voor risico’s wordt gecorrigeerd door het vereveningsfonds en toetreding door nichespelers vindt niet plaats.

Mocht een verzekeraar ondanks die stabiliteit in financiële problemen komen, bijvoorbeeld door mismanagement, dan is dat goed voorspelbaar. De marktaandelen verschuiven maar eens per jaar en de inkomensstromen door premies zorgen voor een stabiele balans. Gaat het ondanks alles toch mis, dan is wettelijk geregeld dat Zorginstituut Nederland de vorderingen van verzekerden op de failliete zorgverzekeraar overneemt.

Zelfs zonder enige Europese regel is de kans dat een Nederlandse zorgverzekeraar failliet gaat klein en zijn de gevolgen goed te dragen. Anders dan bij een bankfaillissement is er nauwelijks besmettingsgevaar voor andere financiële instellingen.

Het beschermen van bedrijven voor faillissement zonder deugdelijke economische onderbouwing is een slechte zaak. Faillissement is als streng straffen. Je hoopt dat het nooit nodig is en als het toch nodig is doet het pijn, maar je moet wel de mogelijkheid hebben. Het praktisch uitschakelen van die mogelijkheid leidt niet alleen tot buffers die beter uitbetaald kunnen worden aan premiebetalers, maar tot een ongezond veiligheidsgevoel bij verzekeraars.

Van DNB mag verwacht worden dat ze pal staat voor financiële stabiliteit, maar niet als het nodeloos ten koste gaat van concurrentie. Zelfs ziekenhuizen en andere zorginstellingen ondervinden heden ten dage stevige financiële onzekerheid. Ze moeten op het puntje van de stoel zitten om te overleven. Dat is niet altijd fijn voor bestuurders, maar wel voor het land. Nu zorgverzekeraars nog.

  • Marcel Canoy

    Marcel Canoy is onderzoeker bij de VU, distinguished lecturer Erasmus School of Accounting and Assurance, adviseur van ACM, en columnist bij www.socialevraagstukken.nl.  

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.