Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Wetenschap

Uitkomst verschilt per type bariatrische ingreep

1 reactie

In de bariatrische chirurgie lijkt de gastric bypass met meer postoperatieve problemen gepaard te gaan dan de gastric sleeve. Dat blijkt uit een groot cohortonderzoek in de Verenigde Staten door Anita Courcoulas e.a., gepubliceerd in JAMA Surgery.

Bij een gastric bypass wordt de de dunne darm aangesloten op de pouch. De voedselstroom slaat dan een gedeelte van het spijsverteringsstelsel over waardoor er minder calorieën en voedingsstoffen worden opgenomen. Bij een gastric sleeve wordt een groot gedeelte van de maag weggehaald, waardoor je minder kunt eten en de eetlust wordt geremd.

Courcoulas e.a. analyseerden de data van 33.560 patiënten uit tien klinieken, die tussen 1 januari 2005 tot 30 september 2015 een Roux-en-Y gastric bypass (RYGB) of sleeve gastrectomy (SG) ondergingen. 18.056 (54%) patiënten kregen een RYGB en 15.504 (46%) een SG. De follow-up van deze groepen was gemiddeld 3,4 jaar voor de RYGB en 2,2 jaar voor de SG. Uit de data bleek dat 8,9 procent na de operatie een interventie of revisie kreeg na een SG, terwijl dit na de RYBG 12,3 procent was – een significant verschil. Heropname in het ziekenhuis kwam ook significant minder voor bij SG dan bij RYBG, respectievelijk 32,8 en 38,3 procent. Er was geen significant verschil in mortaliteit tussen de twee operaties. Overigens hadden de patiënten uit de SG-groep wel een lager BMI, minder comorbiditeit ten tijde van de operatie en een kortere follow-up. Andere beperkingen zijn dat het een niet-gerandomiseerd cohortonderzoek betreft waarbij confounding een grote rol kan spelen. Ook is de ervaring van de chirurg niet meegenomen in het onderzoek en was vaak ook niet duidelijk of de reden van interventie, heroperatie of hospitalisatie werd veroorzaakt door de bariatrische ingreep.

Commentatoren Anne Ehlers en Amir Ghaferi hopen niettemin dat er met de uitkomst van dit onderzoek een beter inzicht is gekomen in de postoperatieve problemen na bariatrische chirurgie, zodat de arts samen met de patiënt kan besluiten welke operatie het meest geschikt zal zijn. Zij merken ook op dat de uitkomsten beter zijn voor patiënten met een lager BMI en minder comorbiditeit, waardoor de keuze voor een operatie wellicht eerder gemaakt moet worden.

DOI: 10.1001/jamasurg.2019.5470

DOI:  10.1001/jamasurg.2019.5471

lees ook

Wetenschap obesitas
  • Pauline Appelboom

    Pauline Appelboom is arts en gezondheidswetenschapper. Momenteel loopt zij stage bij Medisch Contact.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Atta van Westreenen, Arts, Tilburg 17-01-2020 20:26

    "Ik begrijp niet helemaal de nieuwswaarde van meer complicaties bij een ingewikkeldere ingreep t.o.v. een minder ingewikkelde. "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.