Inloggen
Laatste nieuws
Nieuws

College: ‘Afwijzing behandeling vanwege psychosegevoeligheid geen discriminatie’

Plaats een reactie

Dat een patiënt vanwege psychosegevoeligheid werd afgewezen voor een groepsbehandeling tegen verslaving is geen discriminatie op grond van handicap of chronische ziekte. Dat is het oordeel het College voor de Rechten van de Mens in een zaak die door de patiënt werd aangespannen tegen Stichting GGZ Momentum.

De patiënt, die in 2018 voor het eerst een psychose doormaakte en sindsdien onder behandeling is, meldde zich in januari 2021 aan bij Momentum voor een groepsbehandeling vanwege verslavingsproblematiek. Op dat moment vermeldde Momentum al op haar website geen mensen met een psychotische stoornis in behandeling te nemen. Na telefonisch contact met de patiënt en het intern bespreken van diens casus werd de patiënt afgewezen.

Discriminatie

De patiënt diende vervolgens een klacht in bij het College voor de Rechten van de Mens en stelde onder meer dat Momentum hem discrimineert op basis van handicap of chronische ziekte. Hij vindt dat er niet of onvoldoende is gekeken naar zijn persoonlijke situatie of omstandigheden en dat is uitgegaan van stereotype ideeën over mensen met psychosegevoeligheid. Momentum stelt echter dat de patiënt niet valt binnen de doelgroep waarvoor expertise is opgebouwd en dat psychosegevoeligheid een contra-indicatie is voor de behandeling.

Het College voor de Rechten van de Mens zegt geen uitspraken te kunnen doen over de vraag of psychosegevoeligheid een contra-indicatie is. Dit valt namelijk binnen de expertise en ervaring van de behandelaars en buiten de reikwijdte van het college. In tegenstelling tot de patiënt vindt het college dat Momentum de aanvraag van de patiënt wél op haar individuele merites heeft onderzocht. Het maakt daarbij niet uit dat er geen intakegesprek is geweest. Het college vindt dat Momentum de patiënt niet anders heeft behandeld dan personen met een andere mogelijke contra-indicatie.

Teleurstellend

Een teleurstellende uitspraak vindt klinisch psycholoog Tonnie Staring, die de patiënt begeleidde bij de gang naar het College voor de Rechten van de Mens. Staring: ‘Het college oordeelt dat er geen verboden onderscheid is gemaakt op basis van de psychosegevoeligheid van de patiënt. Die uitspraak valt me tegen, omdat ik vind dat de contra-indicatie die is gehanteerd, sterk in contrast is met de richtlijnen en wetenschap. Blijkbaar mogen instellingen contra-indicaties hanteren, hoewel die, in mijn ogen, totaal ongefundeerd zijn. Het komt in de ggz/verslavingszorg vaak voor dat instellingen dergelijke barrières opwerpen. Dat komt de toegankelijkheid van de zorg voor een deel van de patiënten niet ten goede. Met die contra-indicaties worden hele groepen mensen onterecht buitengesloten van nodige zorg. De meest kwetsbare patiënten in de Nederlandse ggz-systeem krijgen het minst de beste zorg. Dat is waarom ik me hard heb gemaakt voor deze zaak.’

Bekijk ook een item van Nieuwsuur over deze zaak:
https://nos.nl/nieuwsuur/video/2418606-mag-een-ggz-instelling-patienten-weigeren-vanwege-psychose

Lees ook
Nieuws ggz psychose verslavingszorg discriminatie
  • Simone Paauw

    Simone Paauw (1978) werkt sinds april 2008 als journalist bij Medisch Contact. Ze interviewt het liefst de ‘gewone’ arts met een bijzonder verhaal en neemt graag een kijkje in de praktijk.  

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.