Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Wetenschap

Andere mindset, minder lab

1 reactie
Getty Images
Getty Images

Maatregelen als onderwijs, intensieve supervisie en aangepaste ordersystemen kunnen ervoor zorgen dat artsen minder laboratoriumonderzoek aanvragen. Dit schrijven Renuka Bindraban e.a. in een Nederlandse studie, gepubliceerd in de JAMA.

Het project van de onderzoekers, onderdeel van het programma ‘Doen of laten’ van de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU), is getest op de afdelingen Interne Geneeskunde van het Zaans Medisch Centrum, Noordwest Ziekenhuisgroep, Spaarne Gasthuis en het Meander Medisch Centrum. Doel was de hoeveelheid onnodige laboratoriumaanvragen te verminderen. Om bij artsen bewustwording te creëren over diagnostiek gebruikten de onderzoekers een combinatie van strategieën, zoals onderwijs en feedback over overbodige diagnostiek in presentaties en nieuwsbrieven, kritische supervisie door specialisten en aanpassingen in het aanvraagsysteem, zoals tijdslimieten op herhaalde laboratoriumaanvragen. In elk ziekenhuis koos een projectteam, bestaande uit internisten, aiossen interne geneeskunde, klinisch chemici en business intelligence medewerkers, de meest passende strategieën en op welke specifieke laboratoriumaanvragen deze gericht moesten worden. De onderzoekers bestudeerden naast het aantal diagnostiekaanvragen, ook de klinische uitkomsten, aan de hand van de gemiddelde opnameduur en polikliniekbezoeken. Ze vergeleken de uiteindelijke resultaten met data uit 19 perifere ziekenhuizen waar geen interventies plaatsvonden.

Het aantal laboratoriumaanvragen per patiëntcontact was gemiddeld 11,4 procent lager dan het jaar ervoor, terwijl in de controleziekenhuizen een toename van 2,4 procent aan laboratoriumaanvragen te zien was. Niet alleen laboratoriumaanvragen, maar ook andere diagnostiek, zoals radiologische, microbiologische en nucleaire onderzoeken, werd minder aangevraagd. Prabath Nanayakkara, een van de onderzoekers en werkzaam in het Amsterdam UMC, verklaart dit succes doordat de aanpak de mindset van artsen in het algemeen veranderde: ‘De kracht van de interventie is uiteindelijk: blijven praten, blijven terugkoppelen en mensen zelf laten nadenken. We zagen dat artsen in bredere zin anders gingen nadenken over diagnostiek en behandeling.’ Dat er minder diagnostiek werd aangevraagd, leek bovendien geen negatieve invloed op klinische uitkomsten te hebben: de opnameduur werd niet langer en het aantal heropnames nam niet toe. Hoewel de patiënttevredenheid niet als factor in het onderzoek is meegenomen, waren de algemene reacties positief. Nanayakkara: ‘De meeste patiënten waren enthousiast, maar die spreken mogelijk niet voor de hele groep. Uiteindelijk blijft het aanvragen van diagnostiek natuurlijk altijd in samenspraak gaan met de patiënt.’

Daarnaast leidde het project tot een kostenvermindering van ongeveer 1,2 miljoen euro ten opzichte van de totale diagnostiekkosten van de ziekenhuizen in 2017. De onderzoekers waarschuwen dat het daadwerkelijke bedrag mogelijk lager ligt, doordat bepaalde ‘vaste lasten’ niet veranderen. Nanayakkara: ‘We hebben ons niet geconcentreerd op kosten, maar op het verbeteren van patiëntenzorg door onnodige diagnostiek te voorkomen. De kostprijs is namelijk erg moeilijk te berekenen, omdat deze, naast het daadwerkelijke buisje bloed, uit meerdere factoren bestaat. Zo kunnen we bijvoorbeeld weinig veranderen aan personeelskosten. Maar linksom of rechtsom geldt: als de hoeveelheid testen afneemt, dan zullen de kosten uiteindelijk ook verminderen.’

De onderzoekers willen het project nu gaan uitbreiden. Nanayakkara: ‘We benaderen medisch specialisten in andere ziekenhuizen, maar het initiatief moet van beide kanten komen. De raden van bestuur zullen uiteindelijk opdracht moeten geven voor het project.’ Hij voorziet al wel enkele obstakels: ‘Het verkrijgen van betrouwbare data over diagnostiekaanvragen is moeilijk, omdat ziekenhuissytemen niet zijn ingericht om afdelingsspecifieke data aan te leveren. Daarnaast kunnen de continue wisselingen van arts-assistenten op verpleegafdelingen het succes van het project belemmeren.’ Volgens hem is een afdelingsspecifieke aanpak belangrijk. ‘Tijdens een eerder project in VUmc bleken artsen op de afdeling Heelkunde bijvoorbeeld met name radiologische en microbiologische onderzoeken aan te vragen. Strategieën moeten dan daarop gericht worden.’


bron

DOI: 10.1001/jamanetworkopen.2019.7577 https://jamanetwork.com/journals/jamanetworkopen/fullarticle/2738624

Lees ook

Wetenschap
  • Judith Polak

    Judith Polak studeert geneeskunde en is stagiaire bij Medisch Contact.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • W.J.Duits, Bedrijfsarts, Houten 27-08-2019 11:35

    "Het is een goed streven, maar hoort dit niet gewoon tot het standaardprocedure van het werk als arts? Ik zal mijn patiënt niet onnodig belasten staat in onze Eed. Regelmatig hoor ik dat bepalingen worden gedaan, want dat is protocol. Is dat ook meegenomen? Veel bepalingen doen is vaak een uiting van onzekerheid op basis van gebrek aan kennis, dat werd ons voorgehouden tijdens de opleiding. Ook werd ons verteld, waarom wil je het weten? Zal je beleid er door veranderen? Kun je op een andere manier er achter komen, zonder invasief of belastend onderzoek? "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.