Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Frits Weijschedé, gemeentelijk lijkschouwer
20 juli 2004 1 minuut leestijd

Wet op de lijk-bezorging (2)

Plaats een reactie

Advocaat Wervelman maakt er wel een potje van (MC 24/2004: 976). Het verschil tussen een waarnemend en een dienstdoend huisarts is mij onbekend. Door de inrichting van huisartsenposten neemt de dienstdoend huisarts waar voor meer collega’s dan in het verleden, maar verder zie ik geen verschil met de vroegere situatie waarin de waarnemend huisarts binnen een Hagro evenzo werd geconfronteerd met overlijdens van hem onbekende patiënten. De patiënten van alle huisartsen die deelnemen aan een huisartsenpost, vallen onder de medische zorg van de dienstdoend huisarts, die in voorkomende gevallen een verklaring van natuurlijk overlijden mag afgeven.


Het onderscheid tussen ‘overtuigd van een natuurlijk overlijden’ en ‘redelijkerwijs er van overtuigd kunnen zijn’ is voor juridische fijnproevers. Als Wervelman hiermee bedoelt dat er honderd procent zekerheid moet zijn over de natuurlijkheid van een overlijden, kunnen we ons gaan opmaken voor 200.000 gerechtelijke secties per jaar. Ook de gemeentelijk lijkschouwer heeft namelijk zelden honderd procent zekerheid. Geneeskunde gaat per definitie gepaard met onzekerheden en het is daarom een goed gebruik het stellen van diagnosen onderbouwd en toetsbaar te doen. Het stellen van de diagnose ‘natuurlijk overlijden’ is niet anders. Men verricht een uitwendige schouw, waarbij de aard en omstandigheden van het overlijden in aanmerking worden genomen, en komt tot de conclusie dat er geen overtuigende argumenten aanwezig zijn die de dia-gnose natuurlijk overlijden ter discussie stellen. Of huisartsen dit altijd goed kunnen (onderbouwd en toetsbaar), is een ander verhaal, maar dan dienen zij zich hierin bij te scholen. Als het advies van Wervelman ertoe zou leiden dat, vaker en ten onrechte, de gemeentelijk lijkschouwer wordt ingeschakeld, is dat goed voor mijn boterham, maar naar en vervelend voor nabestaanden. Het opvolgen van Wervelmans advies zou hierdoor voor de betreffende huisarts zelfs tuchtrechtelijke consequenties kunnen hebben.


Zwijndrecht, juni 2004


Frits Weijschedé, gemeentelijk lijkschouwer


print dit artikel
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Er zijn nog geen reacties