Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Wouter Moojen Sabrina van den Tillaart
24 april 2012 4 minuten leestijd

Vul uren slim in, nu arbeidstijd vastligt

1 reactie

Dit artikel is online geplaatst op 24 april.

Minder diensten voor aiossen zou al veel schelen

Nu de werktijden van aiossen aan banden zijn gelegd in het arbeidstijdenbesluit, moet de beschikbare tijd zo efficiënt mogelijk besteed worden. Minder diensten draaien levert bijvoorbeeld meer opleidingstijd overdag op en bovendien meer continuïteit op de afdelingen.

Zowel voor aiossen als specialisten is het nog wennen aan de wettelijke gemiddelde werkweek van 48 uur voor aiossen, die in 2010 is vastgesteld. Tijdens de eerste twee inventarisatierondes van de Arbeidsinspectie bleken nog steeds veel overtredingen gemaakt te worden. Tijdens de derde ronde waren er minder overtredingen, maar nog steeds te veel.

Betere secretariële  ondersteuning
kan aiossen werk uit handen nemen

Terpstra e.a. stellen in hun artikel ‘Werktijdenbesluit moet geen keurslijf zijn’ (MC 3/2012: 137) terecht dat het rigide toepassen van diensten en compensatieregelingen conform het arbeidstijdenbesluit, zijn weerslag heeft op de ‘vlieguren’ in de opleiding. De auteurs benadrukken dat een goede specialist niet alleen moet leren opereren of werken op de polikliniek, maar ook complexe patiëntenproblematiek snel en adequaat moet kunnen herkennen en oplossen. Ook wij als aiossen geven graag onze visie hierop.

Wakkere artsen

De maatschappij vraagt om continue aanwezigheid van wakkere en goed opgeleide artsen. Patiënten accepteren geen behandeling meer van een aios of specialist die net de hele nacht op de Spoedeisende Hulp heeft gewerkt. En daar is in te komen. Daarom zijn niet alleen voor aiossen de werktijden veranderd; 4 à 4,5 dag werken (plus dienst) per week geldt in een aantal centra voor een specialist als fulltime werken.
In het recentelijk verschenen rapport van de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ) over het ziekenhuislandschap in 2025, wordt aan VWS geadviseerd om de zorg op bepaalde punten anders in te richten. Een voorbeeld hiervan is het laten overnachten van de achterwacht in het ziekenhuis. Als we de minister mogen geloven, is dit nog maar het begin. Een dergelijke ontwikkeling zal ongetwijfeld ook gevolgen hebben voor de werktijden van medisch specialisten.

Efficiënter inzetten

Veel eerder dan het verruimen van de regels van het arbeidstijdenbesluit, adviseren wij het efficiënter inzetten van aiossen. Dit kan op een aantal manieren.
Betere secretariële en administratieve ondersteuning van aiossen kan werk waarvoor de aios is overgeclassificeerd uit handen nemen. Daarmee ontstaat meer tijd voor opleiding en patiëntenzorg.
Daarnaast verdient de invulling van de opleiding aandacht. Waar Terpstra e.a. constateren dat van een stage van drie maanden door verschillende soorten van afwezigheid nog maar zestien dagen over kunnen blijven is wellicht veel te halen. Als een aios de leerdoelen van de opleiding in zestien dagen kan halen, zijn er ‘normaal gesproken’ waarschijnlijk veel werkzaamheden aan de aios toebedeeld die niet bijdragen aan de opleiding. De werkzaamheden van aiossen zouden dan ook tegen het licht gehouden moeten worden.

Minder diensten

De opleiding tot specialist is het meest effectief tijdens de uren dat het ziekenhuis op volle toeren draait en de opleiders aanwezig zijn, overdag dus. Met de toename van het aantal specialismen en de hoeveelheid profielartsen draaien echter steeds meer aiossen en aniossen diensten. Waar liggen de mogelijkheden om het aantal diensten te verminderen?

  • Met de huidige zorgpaden waarin meerdere specialismen samenwerken, kunnen veel patiënten ook per dienst worden ‘bewaakt’ door één dienstdoende in een voorwachtsysteem. Zo leert de aios eveneens de zorg multidisciplinair te organiseren.
  • De medische zorg wordt steeds complexer, met als gevolg dat steeds meer specialisten zich subspecialiseren. De specialist die nog het volledige pallet bestrijkt wordt zeldzamer. Aan het einde van de opleiding worden daarom ook voor aiossen algemene diensten steeds minder relevant. In plaats daarvan zouden we ook kunnen kiezen voor een aantal voorwachten in het ziekenhuis die veel algemene opvang doen, met daarnaast specialistische achterwachten. Deze achterwachtdiensten zouden dan door een ervaren aios in zijn differentiatiejaar, onder supervisie van een opleider, gedaan kunnen worden.
  • Het aantal centra waar aiossen werken is toegenomen. Zoals de rapporten van de RVZ en andere instanties laten zien, zal zorg steeds meer geconcentreerd worden. Ook door diensten te verdelen over centra en voor een aantal specialismen één dienstdoende in te stellen, kan men de hoeveelheid diensten per aios verminderen.
  • (Extra) aniossen kunnen worden ingezet voor een deel van de diensten.
    Als de aios minder diensten heeft, hoeft hij ook minder te compenseren, en is dus meer overdag aanwezig. Dit zorgt voor meer continuïteit op de afdelingen en poliklinieken. Het aanstellen van ‘casemanagers’ van complexe patiënten wordt beter mogelijk en momenten van overdracht worden minder en efficiënter.

Creatieve toepassing

Binnen de regels van het arbeidstijdenbesluit is meer ruimte voor flexibiliteit dan doorgaans wordt toegepast. Er is een tendens om steeds vaker aanwezigheidsdiensten in te zetten, waardoor de aios sneller het arbeidstijdenbesluit overtreedt. Een dienstrooster met bereikbaarheidsdiensten kan voor een behoorlijk aantal specialismen uitkomst bieden. Bij veel specialismen kan een efficiëntieslag gemaakt worden door de oudste aios deze oproepbare dienst te laten doen. Een aios mag gemiddeld 48 uur per week werken. De aios mag echter tot 60 uur per week werken, zolang dit over een periode van 16 weken maar niet boven het gemiddelde van 48 uur uitkomt. De gigantische verschillen tussen specialismen en centra in roostering van de aios laten zien dat er veel mogelijk is. Bij creatieve maar correcte toepassing van de regels van het arbeidstijdenbesluit, blijkt het in de praktijk veel minder rigide dan op het eerste gezicht lijkt.
Door bovenstaande mogelijkheden te benutten, is het mogelijk om weliswaar minder uren te werken dan in vroeger tijden, maar toch binnen het maximum aan arbeidstijd het aantal ‘vlieguren’ uit te breiden.

Wouter Moojen, voorzitter van De Jonge Orde en aios neurochirurgie, regio Leiden-Den Haag

Sabrina van den Tillaart, penningmeester van De Jonge Orde, aios gynaecologie & obstetrie, Leids Universitair Medisch Centrum

Correspondentieadres: info@dejongeorde.nl; c.c.: redactie@medischcontact.nl.

Geen belangenverstrengeling gemeld.

Samenvatting

  • De wettelijke gemiddelde werkweek van 48 uur voor aiossen geeft bezorgdheid over onvoldoende ‘vlieguren’ in de opleiding.
  • Door aiossen efficiënter in te zetten, loopt het aantal vlieguren echter geen gevaar. 
  • Concreet betekent dit: aiossen betere secretariële ondersteuning geven, werkzaamheden laten verrichten die daadwerkelijk bijdragen aan de opleiding en verminderen van het aantal diensten.

De maatschappij vraagt om continue aanwezigheid van wakkere en goed opgeleide artsen. Beeld: Corbis
De maatschappij vraagt om continue aanwezigheid van wakkere en goed opgeleide artsen. Beeld: Corbis



Eerdere MC-artikelen over dit onderwerp: <strong>Klik hier voor een PDF van dit artikel</strong>
werk aiossen
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Leo Bonefaas, Senior Inspecteur 25-04-2012 02:00

    "In 5.20:2 lid 1 van het Atb is de aio onder meer vrijgesteld van de 60 uur per week als dat bij collectieve regeling is toegestaan. Het lijkt mij dat in de CAO de maxima van Atw en Atb zijn toegestaan. Foutje in bovenstaand artikel?"

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.