Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
26 februari 2015 2 minuten leestijd
Nieuws

Twee protonencentra in aanbouw

3 reacties

Kankerpatiënten hoeven over een paar jaar niet meer naar de Verenigde Staten voor protonenbehandeling. Nederland krijgt definitief de eerste twee protonencentra, in Groningen en Delft. Dat hebben het Universitair Medisch Centrum Groningen en de TU Delft donderdag bekendgemaakt.

Groningen en Delft hadden in 2013 al een vergunning gekregen van het Rijk, maar ze moesten nog wel de financiering en de contracten rond krijgen. Het Holland Particle Therapy Centre in Delft en het gebouw in Groningen moeten in 2017 hun deuren openen. Ze kunnen elk ongeveer zeshonderd mensen per jaar behandelen. Het is niet bekend hoeveel de bouw kost. De bouw begint over twee maanden.

Protonentherapie is een vorm van bestraling waarbij van een ander soort straling gebruik wordt gemaakt dan bij conventionele (fotonen)radiotherapie. De behandeling heeft als voordeel dat de energie veel gerichter op één plaats kan worden vrijgegeven. Daardoor kan hoger worden gedoseerd op een tumor, zonder dat omliggend (gezond) weefsel extra beschadigd raakt. Vooral bij kinderen en bij bepaalde gebieden in het lichaam – waarbij nevenschade aan gezond weefsel grote gevolgen heeft – kan protonentherapie voordelen hebben.

In het zuiden willen MUMC+ en Maastro het PCT Maastricht openen, de combinatie AMC, VUmc en AVL willen een vierde centrum in Amsterdam openen. Minister Schippers van Volksgezondheid heeft alle vier de centra een vergunning gegeven, maar  Zorgverzekeraars Nederland (ZN) vond vier vergunningen voor protonentherapie te veel en gaf aan dat zorgverzekeraars maar bij één centrum zullen inkopen.

Ben Crul, senior medisch adviseur bij Achmea, zegt vandaag in De Volkskrant: 'Wij zetten vraagtekens bij het aantal patiënten dat ervoor in aanmerking zou komen. In Engeland vinden ze twee klinieken voldoende. Bovendien zijn er medische ontwikkelingen aan de gang waardoor deze therapie in veel gevallen niet meer nodig zal zijn. In de VS en Duitsland zijn al centra voor protonentherapie failliet gegaan.’

Het is de vraag of de zorgverzekeraars gezamenlijk maar één van de vier centra mogen contracteren. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) buigt zich hier nu over, en heeft nog geen uitspraak gedaan.

Novum/Heleen Croonen

Lees meer over de strijd om de protonencentra:

Protonentherapie laat op zich wachten

Miljoenen voor protonentherapie

‘Vier centra protonentherapie te veel’

Nog twee centra voor protonentherapie

UMCG is klaar voor bouw protonencentrum

© HollandPTC
© HollandPTC
Nieuws zorgverzekeraars Schippers Groningen Amsterdam Maastricht
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • M. Verheij, Radiotherapeut-oncoloog, Amsterdam Nederland 27-02-2015 00:00

    "Ook het AmsterdamPTC vindt dat het besluit van ZN en ACM omtrent zorgcontractering te lang duurt en dat deze trage gang van zaken niet in het belang is van de kankerpatiënt in Nederland. In die context begrijpen wij de aankondiging van de bouwplannen van HollandPTC en GroningenPTC. Het APTC kiest echter nadrukkelijk voor een andere weg en wacht het besluit van de ACM, dat binnenkort wordt verwacht, af. Immers, wij willen geen risico nemen met publiek geld en zijn voor kostenbeheersing in de zorg.
    Wij gaan ervan uit dat APTC de beste prijs-kwaliteitsverhouding biedt en zijn ervan overtuigd dat wij als APTC optimaal gepositioneerd zijn om door zorgverzekeraars gecontracteerd te worden. Dit mede dankzij de verbinding tussen de academische medische centra AMC en VUmc en het Antoni van Leeuwenhoek, alsook de samenwerking met het Prinses Maxima Centrum voor Kinderoncologie.
    Nu protonentherapie voor patiënten met kanker naar Nederland komt, ligt het voor de hand om de zorginkoop juist bij het APTC te doen.
    Wij hopen dat deze ontwikkeling de besluitvorming een extra duw kan geven, zodat alle partijen snel weten waar ze aan toen zijn.

    Marcel Verheij, Coen Rasch en Ben Slotman, Radiotherapeuten betrokken bij het APTC, en Peter de Kubber, algemeen directeur a.i. APTC
    "

  • D Hairwassers, Patient advocate, 26-02-2015 00:00

    "Schatting is dat deze 2 protonencentra 175 miljoen euro gaan kosten. Dat is veel geld, dat ook op een andere manier besteed kan worden in de oncologische zorg.

    We moeten het met beperkte middelen doen in Nederland, dus is het zaak goed af te wegen wat de voor- en nadelen zijn. 2 protonencentra bouwen, terwijl er slechts voor een kleine groep bewijs van noodzaak is, dat kunnen we niet zorgvuldig noemen. Minister Schippers speelt het handig, want zij heeft vergunningen afgegeven. Dat kon zij gemakkelijk doen, het maakt haar wellicht populair en het kost haar niks want voor de financiële consequenties verwijst zij naar de zorgverzekeraars, die niet anders kunnen dan streng optreden, omdat ze de ondankbare taak hebben de budgetten te beheren. Het is een gebrek aan visie en verantwoordelijkheidsgevoel bij Schippers. De protonencentra worden nu alvast gebouwd en als één van de twee straks geen contract van de zorgverzekeraars krijgt, wordt er en masse gemord over de macht van de zorgverzekeraars.

    De belanghebbenden bij deze protonencentra spelen roekeloos blufpoker met belastinggeld. Iets dergelijks zien we als het gaat om radiotherapeutische centra en centra voor Hyperbare zuurstoftherapie, die nu in alle regio's gebouwd worden. Voor Hyperbare zuurstoftherapie is onvoldoende bewijs voor veiligheid en werkzaamheid. Wat er is, is niet gebaseerd op placebo-gecontroleerd onderzoek (terwijl we weten dat mensen geneigd zijn tevreden te zijn aangezien ze een enorme inspanning hebben moeten leveren door wekenlang in die tanks te gaan zitten). Voor wat betreft radiotherapie zitten de bestaande centra qua capaciteit niet volledig vol; 's avonds en in het weekend wordt er niet bestraald, dus er is nog duidelijk ruimte. Onderzoeken bij wie bestraling overbehandeling is en beter achterwege gelaten kan worden, omdat bestraling ook schade geeft, verdient de hoogste prioriteit.

    Als er een protonencentrum in Nederland moet komen, is het volstrekt logisch om met één centrum te beginnen en bij bewezen effectiviteit verder uit te bouwen. Voordat dat ene centrum in de avonden en weekenden vol zit, moet er nog heel wat gebeuren. Diegenen voor wie protonentherapie echt een uitkomst biedt, kunnen op dit moment immers in België of Duitsland behandeld worden. Dat is wellicht niet op en top comfortabel, maar de bestralingsperiode bestrijkt slechts een periode van enkele weken. Tegenover dat ongemak staat dat er miljoenen over blijven voor andere behandelingen en andere patiënten.

    Het lastige is dat er weinig partijen zijn met een onafhankelijke visie op oncologische zorg. Er zijn vooral veel belanghebbenden, die hun eigen beroepsgroep, hun eigen centrum, hun eigen ziekte of hun eigen therapie promoten.

    Het is gemakkelijk om patiëntenorganisaties voor het karretje te spannen, te doen alsof je je inzet voor de kankerpatiënt. Het is veel moeilijker om keuzes te maken hoe geld zo doelmatig mogelijk besteed kan worden zodat zoveel mogelijk kankerpatiënten er optimaal baat bij hebben. Alle euro's die besteed worden aan deze 2 protonencentra kunnen immers niet besteed worden aan andere zaken die binnen de oncologie belangrijk zijn, zoals goede palliatieve zorg, innovatieve oncologische geneesmiddelen, betere pijnbestrijding, goede revalidatie, psychologische zorg etc.

    Daarvoor is visie, verantwoordelijkheidsgevoel en creativiteit nodig. Dáár zijn kankerpatiënten bij gebaat. Wie gaat er echt staan voor de belangen van deze grote groep kankerpatiënten? "

  • W.J. Duits, Bedrijfsarts, HOUTEN Nederland 26-02-2015 00:00

    "Geachte mevrouw Hairwasser, wat een helder en duidelijk pleidooi. Als blijkt uit onderzoek dat niet veel mensen gebruik zullen hoeven te maken van deze faciliteiten, kunnen we dan niet beter aansluiten juist bij centra die er al in Europa zijn? Zorgen we voor comfortabel vervoer en dat patiënten begeleidt kunnen worden door familie. De academische centra krijgen geld om in elk geval mee te kunnen blijven doen met deze nieuwe techniek, zodat wel artsen zich kunnen bekwamen in deze behandeling. Maar dan komt de vraag waarom Delft? Ik kan in Delft geen medische faculteit ontdekken, is het niet veel logischer om dit type behandelingen te verbinden aan al bestaande oncologische centra, Daniël den Hoedt of het Antoni van Leeuwenhoek of andere? M.i. heeft de minister zich volkomen onttrokken van haar verantwoordelijkheid om er namelijk op toe te zien dat middelen op een rechtvaardige en economisch verantwoorde manier worden verdeeld. Ze had deze vergunningen helemaal niet zo mogen afgeven, zonder daarbij de maatschappelijke gevolgen te overzien. Gemiste kans, maar erger nog, verspilling mogelijk van miljoenen die voor patiënten gebruikt hadden kunnen worden. "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.