Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Wetenschap

Schuddebuiken en zielenroerselen

4 vragen en antwoorden over het hoe en waarom van lachen

Plaats een reactie
getty images
getty images

Een goeie grap kan ons bevrijden van opgekropte stress: we schieten in de lach. Maar of het ook gezond is? ‘Je moet echt lang, veel en hard lachen wil het calorisch iets voorstellen.’

Wat is de functie van lachen?

De lach is een cathartische, genotgevende ontlading. Zo luidde – ongeveer – de opvatting van Sigmund Freud (1856-1939). In 1905 wijdde de grote psychoanalyticus een monografie aan de grap: Der Witz und seine Beziehung zum Unbewussten, in Nederlandse vertaling: De grap en haar relatie met het onbewuste. Die verscheen niet toevallig kort na zijn beroemde boek Die Traumdeutung over de betekenis van dromen. Freud was er namelijk van overtuigd dat zowel de droom als de grap een inkijkje bieden in het onbewuste. Hij stelt dat de energie die tot uiting komt in de lach genot verschaft, omdat ze dan niet meer kan worden aangewend voor emoties als angst, haat, verdriet of spijt. Humor is dus ook defensief. Psycholoog en humorkenner dr. Sibe Doosje (Universiteit Utrecht) zegt het zo: ‘Je ervaart de tragedie van het leven en geeft er een humoristische betekenis aan. Humor kan daarmee ook een vorm van sublimatie zijn. En dus kan het kunst zijn.’ Wie tegenover de penibelste en meest uitzichtloze omstandigheden een humoristische blik weet te handhaven – denk aan galgenhumor of zwarte humor – plaatst zich als het ware boven die omstandigheden en werpt een barrière op tegen de onlust die er normaal gesproken uit zou voortvloeien.

Freud heeft diepgaand nagedacht over de rol van humor in het menselijk bestaan, maar hij was niet de eerste en ook niet de laatste die meende dat lachen fungeert als een bevrijding van opgekropte stress. Charles Darwin ging hem daarin voor, maar ook later borduurden onderzoekers voort op zijn grondgedachte. De belangrijkste hedendaagse humorwetenschapper is de Amerikaanse psycholoog Rod Martin. Hij stelt dat mensen vier verschillende ‘humorstijlen’ kennen: twee positieve en twee negatieve. In de zelfbevestigende humorstijl gebruik je humor om jezelf prettig te voelen. Met de sociale pendant daarvan, de affiliatieve humorstijl, gebruik je grappen om in een groep de sfeer goed te maken. Wie de zelfdestructieve stijl gebruikt, maakt grappen ten koste van zichzelf. Ook die kent een sociale pendant: de agressieve humorstijl, bedoeld om een ander of anderen doelbewust te kwetsen.

Subvraagje: had de ‘echte’ Sigmund zelf gevoel voor humor? Ja, het lijkt erop: want toen zowel Die Traumdeutung als Der Witz und seine Beziehung zum Unbewussten door de nazi’s in het vuur waren geworpen, merkte hij op: ‘We gaan werkelijk vooruit; in de middeleeuwen hadden ze mijzelf op de brandstapel gebracht.’

Wat gebeurt er in het brein als we lachen?

Het antwoord hangt af van de vraag of we te maken hebben met een sociale of een emotionele lach. De sociale lach activeert alleen spieren rond de mond en wordt ruwweg aangestuurd door het motorische deel van de cerebrale cortex dat via de corticospinale verbindingen van het piramidale systeem de aangezichtsspieren bereikt.

De emotionele lach is de ‘echte lach’. Deze lach is spontaan, hij overkomt je, en zit ‘dieper’ in de hersenen. Hij werd voor het eerst beschreven door de negentiende-eeuwse neuroloog Guillaume Duchenne, vandaar ook wel: ‘Duchenne-lach’.

Belangrijk bij de regulering ervan is – zo weten we nu – de rol van de amygdalakernen ter hoogte van de beide temporale hersenkwabben. Beide amygdalae vormen een centraal knooppunt in neurale netwerken die betrokken zijn bij angst, hechting, het vroege geheugen en de emotionele ervaring. Ze communiceren met de gyrus cinguli anterior, die een rol speelt bij het uitdrukken van emoties en deels onder frontocorticale controle staat. Verder is bekend dat het ventrale pontomedullaire centrum het uitademen, de gezichtsuitdrukking en de emotioneel bepaalde vocalisatie coördineert. Het cerebellum ten slotte ontvangt input van de limbische cortex (waartoe ook de amygdala behoort) en stuurt efferente connecties naar de premotorische en motorische cortex, de hypothalamus, de kernen van de nervus facialis en de nervus vagus. Het resultaat van deze symfonie aan neuronale interacties is: spontaan lachen!

Dat de aansturing van de emotionele lach zo diep ligt (in de pons) wijst erop dat die evolutionair ouder is dan de sociale lach. Het idee is dat hij bij de voorlopers van homo sapiens zo’n twee tot misschien vier miljoen jaar geleden ontstond en ouder is dan taal. De sociale lach zou van veel later datum zijn.

Dat het om twee verschillende ‘lachsystemen’ gaat, wordt ook duidelijk uit de beschreven lotgevallen van patiënten met hersenbeschadigingen (bijvoorbeeld door een beroerte). Sommige van deze patiënten kunnen wel ‘emotioneel lachen’ als ze iets grappigs zien of horen, maar kunnen niet op commando een sociale lach produceren vanwege een centrale facialisparese; anderen daarentegen hebben laesies in subcorticale hersenkernen en zijn daardoor niet in staat tot een spontane lach met bijbehorende gezichtsuitdrukking. Ze kunnen desgevraagd echter wel een sociale lach produceren.

Lachen lijkt op het eerste gezicht helemaal niet zo’n gezonde activiteit

Kunnen lachen en grappen maken ook pathologisch zijn?

Ja, vaak gaat het dan om een symptoom van een ziekte of een stoornis. Zo kan traumatisch hersenletsel of een tumor leiden tot onvrijwillige of oncontroleerbare episodes van huilen, lachen, gapen of andere emotionele uitingen (pseudobulbair effect). De huil- en lachbuien zijn vaak te heftig en ook niet passend bij de emotie die wordt gevoeld. De patiënt voelt zich door deze emotionele uitbarstingen meestal gegeneerd of beschaamd. Fou rire prodromique bijvoorbeeld is de benaming van een onbeheersbaar lachen dat wel een halfuur kan aanhouden en soms voorafgaat aan een beroerte in de hersenstam.

Pathologisch lachen of dwanglachen wordt verder gezien bij multiple sclerose en bij enkele zeldzame syndromen, zoals encefalotrigeminale angiomatose en het angelmansyndroom. Bij de ziekte van Alzheimer is de onaangepaste lach een gevolg van de subcorticale atrofie. Ook bij de ziekten van Parkinson, Pick, Wilson en Creutzfeldt-Jakob wordt pathologische lach beschreven. Er bestaat ook een betrekkelijk zeldzame vorm van epilepsie waarbij de aanvallen onder meer gepaard gaan met lachstuipen (gelastische aanvallen).

Dan is er ook nog ontremming, bijvoorbeeld als gevolg van middelengebruik – wie kent niet de toename van lach- of misschien eerder giechellust tijdens en na het roken van cannabis? En soms kan overmatig lachen passen in een verhoogde stemmingstoestand, bijvoorbeeld tijdens een manische of hypomane fase.

Pathologisch lachen moet je onderscheiden van een stoornis als witzelsucht. Iemand die aan dit syndroom lijdt, heeft de onbedwingbare neiging om (woord)grappen te maken. De patiënt heeft niettemin geen ‘echt’ gevoel voor humor. Ook heeft hij niet door wanneer een grap sociaal ongepast is. Om zijn eigen niet grappige en ongepaste grappen lacht hij hard, maar de grappen van anderen ontgaan hem. Witzelsucht kan worden veroorzaakt door een beschadiging aan de rechter frontale kwab van de hersenen.

De hamvraag: is lachen gezond?

‘Een vrolijk hart bevordert de genezing, maar een verslagen geest doet het gebeente verdorren.’ Zo staat het in de Bijbel (Spreuken 17:22). We denken dus al heel lang dat lachen en een vrolijk gemoed gezond zijn. Maar lachen lijkt op het eerste gezicht helemaal niet zo’n gezonde activiteit. Sibe Doosje: ‘Je ademt in, zet je borstkas vast en je maakt een stotend geluid. Het hart wordt dus samengedrukt en de bloeddruk stijgt. Maar ben je uitgelachen dan ontspant zich dat weer, gaat de bloeddruk omlaag en ontspannen de spieren.’ Er is, voegt hij daaraan toe, ook wel enige casuïstiek over mensen die zich letterlijk hebben doodgelachen, waarbij meestal een hartaanval of een aneurysma de directe oorzaak was.’ De bewering van sommige ‘lachtherapeuten’ dat lachen net zo gezond is als sporten, verwijst hij naar het rijk der fabelen: ‘Je moet echt heel lang, heel veel en heel hard lachen wil het calorisch iets voorstellen, en dat is best lastig.’

Er zijn mensen geweest die zich letterlijk hebben doodgelachen

In kleinschalige experimenten hebben onderzoekers gepoogd gezondheidseffecten aan te tonen van lachen. Ze hebben proefpersonen aan het lachen gemaakt en vervolgens geconcludeerd dat hun cortisol en adrenaline daalden (minder stress dus), dat de productie van groeihormonen en van endorfinen steeg en dat het immuunsysteem een boost kreeg. Je zou zeggen: mooie resultaten. Doosje kent de onderzoeken; hij heeft er methodologisch geen hoge pet van op, en vindt dat deze conclusies veel te stellig zijn. Hij deed ook zelf onderzoek, maar pakte het grootscheepser aan. Hij legt uit: ‘We weten dat langdurige stress een hogere kans geeft op virale of bacteriële infecties, vanwege een dipje in het immuunsysteem. Voor mijn proefschrift ben ik met behulp van een vragenlijst nagegaan in hoeverre mensen humor gebruiken om stress te reduceren en of ze, als ze dat doen, minder vaak verkouden worden. Op een groep van drieduizend mensen vond ik een klein effect. Zo klein dat je moet zeggen dat het kwam door dat grote aantal deelnemers.’ Niettemin wemelt het op het internet van de verhalen over het gezonde effect van humor. Maar volgens Doosje zijn het mythes: ‘Lachen is gezond noch ongezond, het heeft eerder psychologische en sociale effecten en is simpelweg ontspannend.’

Wetenschap humor
  • Henk Maassen

    Henk Maassen (1958) is journalist bij Medisch Contact, met speciale belangstelling voor psychiatrie en neurowetenschappen, sociale geneeskunde en economie van de gezondheidszorg.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.