Inloggen
Laatste nieuws
Heleen Croonen
3 minuten leestijd

Schippers: goed werk commissie Tuitjenhorn

17 reacties

Een goed en gedegen rapport, zo omschrijft minister Schippers van Volksgezondheid het werk van de evaluatiecommissie naar de zaak Tuitjenhorn tijdens de persconferentie afgelopen dinsdag. ‘Als lezer word je echt bij de hand genomen, en zie je welke dilemma’s de betrokken instanties hadden.’

De minister begint haar reactie met de opmerking dat de zaak een enorme impact heeft gehad, in eerste instantie voor de nabestaanden van huisarts Tromp en van de betrokken patiënt. Ze gaat de nabestaanden een gesprek aanbieden, ‘maar alleen als zij daar behoefte aan hebben’.

Naar aanleiding van de zaak waren veel huisartsen bang dat zij strafrechtelijk vervolgd kunnen worden, als zij de richtlijnen niet op de letter volgen. Volgens de minister is die angst onterecht, want dit was een complexe en unieke zaak. ‘De huisarts handelde niet op het randje van de richtlijn; het was van een heel andere orde.’

Toch is er onrust ontstaan over de richtlijnen die de zorg rond het levenseinde beschrijven. Eind 2013 bleek nog uit een enquête van Medisch Contact en NCRV Altijd Wat dat huisartsen twijfelen over de ruimte die ze hebben bij palliatieve zorg. 10 procent gaf aan wel eens hogere doses morfine te hebben gegeven dan de richtlijn voorschrijft. Het is belangrijk dat er een betere relatie komt tussen de inspectie en de huisartsen zodat hierover helderheid komt, vindt de minister, een conclusie van de commissie-Bleichrodt onderschrijvend. ‘Dat vergt investeringen van de inspectie, maar ook van de beroepsgroep.’

Ook had de IGZ eerder en vollediger inzicht moeten geven in de zaak; dat had onrust voorkomen, vond de commissie. Maar ook zou een volgende keer de bescherming van de privacy van de betrokkene dat tegen kunnen houden. ‘Het dilemma tussen privacy en openheid zal blijven’, aldus Schippers.

Privacy was ook een reden dat niet alle bronnen konden worden aangeboord voor dit rapport. De huisarts was onder behandeling van een ggz-instelling op het moment dat hij zelfmoord pleegde. Commissievoorzitter Bleichrodt geeft echter aan dat hij de psychische gesteldheid van de huisarts niet heeft kunnen meenemen in zijn rapport. ‘Dat valt onder het beroepsgeheim van de psychiater.’

Ook de advocaat die de huisarts bijstond, kon vanwege het beroepsgeheim geen bijdrage leveren aan het rapport. Wel blijkt uit het rapport dat het Openbaar Ministerie advies heeft gevraagd bij de instelling of de huisarts wel ondervraagd kon worden, en dat kon volgens de behandelaars.

De minister stond nog uitdrukkelijk stil bij de rol van de coassistent die de melding heeft gedaan bij de opleiders van het AMC. ‘Zij heeft gedaan wat ze moest doen. Daar was moed voor nodig. Mensen in de zorg moeten niet wegkijken bij fouten. Als collegiaal overleg niet mogelijk is, moet er een externe bij komen.’

In dit geval was de ‘externe’ terecht de IGZ geweest, die wettelijk gezien geen andere optie had dan naar het Openbaar Ministerie te gaan, vulde commissievoorzitter Bleichrodt aan op de persconferentie. Het AMC heeft veel kritiek gekregen dat het niet eerst heeft overlegd met de huisarts, in een ‘collegiaal overleg’. Dat was niet mogelijk, benadrukt Bleichrodt, gezien de kern van de zaak. De huisarts was verdacht van moord, en overleg vooraf had ertoe kunnen leiden dat bewijsmateriaal zou verdwijnen. Het was ook in het belang van de huisarts dat het onderzoek gedegen plaatsvond, want hetzelfde bewijsmateriaal had ertoe kunnen dienen dat hij zou worden vrijgepleit.

Heleen Croonen | @HeleenCroonen

 
Lees ook

Video > Nieuwsuur: huisarts en hoofdredacteur Hans van Santen over rapport Tuitjenhorn


Dossier Tuitjenhorn



© iStock
© iStock
Tuitjenhorn IGZ minister Schippers
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.