Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
12 juni 2003 2 minuten leestijd
Nieuws

'Openbare gezondheidszorg moet anders'

Plaats een reactie


De structuur van openbare gezondheidszorg in Nederland moet ingrijpend veranderen. Zoals ze nu functioneert, kan de zorg de toename van kennis op het gebied van infectieziekten niet bijhouden, kan ze onvoldoende zorg van topniveau bieden en beschikt ze over te weinig deskundige krachten. Dat was in het kort wat Roel Coutinho, directeur van de Amsterdamse GG&GD en hoogleraar epidemiologie en preventie infectieziekten van de UvA, zijn gehoor voorhield tijdens een bijeenkomst van GGD Nederland, vorige week in het Koninklijk Instituut voor de Tropen (KIT) te Amsterdam.


Volgens Coutinho kunnen we trots zijn op het goede netwerk dat de veertig GGD’s inmiddels vormen. Maar het is naïef om te denken dat per GGD twee of drie in public health gespecialiseerde artsen voldoende zijn. ‘De groei van de kennis op het gebied van infectieziekten gaat zo snel dat je een team van deskundigen nodig hebt om dat bij te houden.’


Coutinho bepleit de vorming van vier of vijf ‘top public health services’,  naar het voorbeeld van ziekenhuizen die topklinische zorg bieden, en bij voorkeur gevestigd in de grote steden, ‘want daar doen zich de ingewikkelde problemen voor’. Aan deze topcentra, stelt Coutinho,  zouden idealiter microbiologische laboratoria moeten zijn verbonden.


Nederland heeft sinds lang geen grote epidemieën gekend: de urgentie in de openbare gezondheidszorg is weg en de financiële middelen zijn schaars - zeker vergeleken met het geld dat politie en brandweer krijgen om de bevolking te beschermen. Gevolg is onder andere overschatting van het eigen kunnen, stelt Coutinho. Zo weten lang niet alle ziekenhuizen in Nederland wat ze moeten doen als ze een SARS-patiënt binnen krijgen. ‘Er is maar een beperkt aantal klinieken dat zulke patiënten aankan.’ Ziekenhuizen hebben te weinig expertise op het gebied van infectieziekten en te weinig microbiologische kennis.


Coutinho wees ook op het groeiende belang van de Landelijke Coördinatiestructuur Infectieziekten (LCI), waarvan het bureau echter veel te klein is. ‘Er werken maar twee dokters. Vogelgriep, SARS - dat is bijna niet meer te behappen voor zo’n klein centrum.’ Het RIVM is volgens hem geen alternatief. ‘Daar werkt een goede groep epidemiologen, maar die opereren op veel te grote afstand van de alledaagse praktijk.’


Een bedreiging voor verdere ontwikkeling van de publieke gezondheidszorg ziet Coutinho in de komst van meer marktwerking in de zorg. ‘Meer macht aan de verzekeringsmaatschappijen zal betekenen minder aandacht voor preventie en public health. Ik ben er niet helemaal zeker van dat in zo’n systeem public health zal overleven.’


Coutinho noemde het ironisch dat hij zijn kritiek verwoordde in het KIT. ‘De meeste mensen realiseren zich niet dat we hier ooit een zeer fraai instituut voor tropische geneeskunde hadden met zeer goede experts. De Belgen, Britten, Duitsers en Fransen hebben nog altijd dergelijke instituten. Bij ons is het vrijwel helemaal verdwenen.’ << HM


Brieven:

1. dr. Marina Conyn-van Spaendonck, hoofd Centrum voor Infectieziekten Epidemiologie RIVM

Nieuws
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.