Inloggen
Laatste nieuws
Heleen Croonen
2 minuten leestijd
Nieuws

OMS: ‘Cijfers specialisteninkomens achterhaald’

2 reacties

‘Een achterhaald beeld’, zo typeert de Orde van Medisch Specialisten de cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek 20 september publiceerde over de hoge winsten van zelfstandig werkende medisch specialisten.

De winstcijfers over de periode 2001-2009 lieten een flinke groei zien van ruim 8 procent per jaar, maar net op dat moment sloot de minister een convenant met de medisch specialisten met een korting van 20 tot 30 procent. In het rapport erkent het CBS het gemis van de invloed van de tariefkorting van 2010. Anderzijds pleit voor hun aanpak dat de gebruikte fiscale cijfers een completer beeld geven van de specialisteninkomens dan de steekproeven die tot nu toe zijn gedaan. Nadeel is inderdaad dat de fiscale cijfers laat beschikbaar komen, aldus het CBS.

De cijfers geven een extra blik op de verschillen in winsten tussen de specialisten die vanaf 2007 ontstonden: de winsten van anesthesiologen en radiologen staken met kop en schouders uit boven die van urologen, psychiaters, oogartsen en dermatologen. Cardiologen zagen zelfs een daling.

Deze fiscale cijfers laten verder zien dat 60 procent van de specialisten zelfstandige is, tegenover 90 procent van de huisartsen. Opmerkelijk gezien het pleidooi van politieke partijen als de PvdA, SP en de ChristenUnie om geld te besparen door specialisten in loondienst te laten werken. Voor huisartsen worden deze voorstellen niet gedaan, terwijl die dus veel vaker als zelfstandige werken. De winst van huisartsen is minder hard gegroeid in die periode 2001-2009: de groei was 5,7 procent per jaar volgens deze CBS-cijfers. De lonen van medisch specialisten en huisartsen in loondienst stegen minder hard dan de winsten van de zelfstandig werkende collega’s.

Ook in andere landen is het verschil in beloning tussen specialisten en huisartsen groter geworden, zo laten OESO-cijfers zien. Op dit moment vergelijkt de commissie-Meurs de inkomens van medisch specialisten met die van buitenlandse vakbroeders. Het CBS wijst erop dat internationale vergelijkbaarheid van de OESO-cijfers beperkt is. Niet alle landen nemen zaken als praktijkkosten, of parttime werken mee.

Heleen Croonen


Lees ook:


Beeld: Thinkstock
Beeld: Thinkstock
Beeld: CBS
Beeld: CBS
Nieuws inkomen specialisteninkomens
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.