Inloggen
Laatste nieuws
1 minuut leestijd
Wetenschap

Narcolepsie-onderzoek gaat traag

Plaats een reactie

 

In 1999 werd een doorbraak bereikt in het onderzoek naar de slaapstoornis narcolepsie. Een internationaal onderzoeksteam met daarin onder meer de Leidse onderzoekers Sebastiaan Overeem en Gert Jan Lammers stelde vast dat de neurotransmitter hypocretine een cruciale rol speelt bij het ontstaan van de ziekte. Vier jaar later staat vast dat narcolepsiepatiënten een hypocretinedeficiëntie hebben. Niet duidelijk is hoe dat tekort ontstaat, zo blijkt uit het proefschrift waarop Overeem woensdag promoveerde aan de Rijksuniversiteit Leiden.


Afwezigheid van hypocretine kan volgens Overeem een rol spelen bij het diagnosticeren van de slaapstoornis. Het meten van de neurotransmitter levert betere resultaten dan de huidige diagnostische standaard, de multiple sleep latency test (MSLT). Bij 15 procent van de patiënten met een hypocretinedeficiëntie was de MSLT niet afwijkend. Een probleem is nog dat het hypocretinetekort wel eenvoudig is te meten in de liquor, maar nog niet in het plasma.


In het onderzoek van Overeem c.s. zijn geen genetische defecten in het hypocretinesysteem bij narcolepsiepatiënten gevonden. Het zoeken is daarom naar andere verklaringen. Volgens sommige onderzoekers is er sprake van degeneratie van hypocretineproducerende neuronen. Hersenonderzoek bij 15 narcolepsiepatiënten toonde echter geen enkel verschil aan in de volumes van witte en grijze stof in vergelijking met gezonde proefpersonen. Overeem concludeert dat de schade aan de neuronen ofwel te klein is om te worden waargenomen, ofwel afwezig is.


Een andere gangbare verklaring voor het hypocretinetekort is dat dit een gevolg is van een auto-immuunreactie. In dat geval zouden er in het serum van narcolepsiepatiënten auto-antilichamen moeten worden gevonden. Overeem zocht naar antilichamen die voorkomen bij twee aandoeningen waarbij soms ook een hypocretinetekort wordt gezien: paraneoplastische limbische encefalitis en het Guillain Barré-syndroom. De gezochte antilichamen werden echter niet gevonden. Volgens Overeem moet nieuw postmortaal hersenonderzoek uitwijzen of de auto-immuuntheorie overeind kan blijven. Met de opmerking dat ook andere mechanismen het verdienen om onderzocht te worden, zoals genetische polymorfismen die hypocretinetranscriptie beïnvloeden, geeft de promovendus aan er zelf eigenlijk niet in te geloven. Narcolepsiepatiënten moeten ondertussen ook geduld hebben. Het wachten is op de ontwikkeling van hypocretinereceptoragonisten, waarvan Overeem hoopt dat ze binnenkort beschikbaar komen. << RC

 

Wetenschap
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.