Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
interview

‘Koester het kind in jezelf en blijf de waarom-vraag stellen’

Nieuwe Veldwerk-columnist Martijn Möllers kijkt altijd met een open blik

1 reactie
Martijn Möllers: ‘Ik vind het mooi om op een afdeling een soort gastheer te zijn en de mens achter de patiënt te leren kennen.’ Fotografie: Kees van de Veen
Martijn Möllers: ‘Ik vind het mooi om op een afdeling een soort gastheer te zijn en de mens achter de patiënt te leren kennen.’ Fotografie: Kees van de Veen

Martijn Möllers (40) schrijft sinds kort columns voor Medisch Contact over de praktijk van algemeen chirurg in het Friese streekziekenhuis Nij Smellinghe. ‘Ik ben een ontzettende optimist.’

Onlangs kwam Martijn Möllers een spookrijder tegemoet op de provinciale weg tussen Nij Smellinghe en thuis. Hij had net twee operaties verricht in het ziekenhuis, zijn nachtdienst zat er bijna op. Ternauwernood kon Möllers de spookrijdende tegenligger ontwijken, en belandde met zijn auto over de kop in de berm. Schrik, maar – op de totallossauto na – geen schrammetje. Daags erna kreeg hij van de collega’s van Heelkunde Friesland, zijn provinciebrede maatschap, een boeket bezorgd aan huis: ‘Blij met jou, en blij met je reflexen.’

Dat, zegt Möllers nu in de dokterskamer van Nij Smellinghe, vond hij zo fijn. Niets aan de hand, en dan toch die attentie: het is volgens hem tekenend voor de prettige sfeer in de kleinschalige provincieziekenhuizen waar hij werkt. ‘Ik zei vroeger altijd al dat ik in het kleinste ziekenhuis wilde werken. Dat kwam uit, toen ik zeven jaar geleden in Dokkum terechtkwam, bij De Sionsberg. En sinds 2015 zit ik hier.’

Hij haalde zijn artsexamen in Leiden, specialiseerde zich in Den Haag, werkte korte tijd als chirurg in Medisch Centrum Haaglanden en koos toen met zijn gezin met jonge kinderen voor Friesland, waar zijn vrouw vandaan komt. De kleinschaligheid hier past hem goed. Korte lijnen, waar je iedereen kent en waar je veel verschillende taken op je kunt nemen. ‘De kwaliteit daarvan is zo waardevol, dat is niet te vatten in een indicatorenlijstje.’

Door negatief nieuws vergeet je soms bijna hoe bijzonder de zorg is

Sinds kort is Möllers toegetreden tot de groep zogenoemde Veldwerkers die in Medisch Contact bij toerbeurt columns schrijven over hun dagelijkse praktijk (zie blz. 16). Möllers had eerder drie jaar lang een tweewekelijkse column in het Friesch Dagblad, waarin hij vooral wilde belichten hoe mooi het doktersvak is. ‘Je hoort veel negatiefs over de zorg, in de media worden fouten vaak uitvergroot en missers breed uitgemeten. Wantoestanden moet je niet negeren, uiteraard, maar daardoor vergeet je soms bijna hoe bijzonder de zorg is. Ik vind het leuk om de positieve kanten te belichten. Ik ben een ontzettende optimist.’

Tweets

Negatieve berichtgeving over de zorg heeft Möllers zelf ook ervaren, ten tijde van het faillissement van De Sionsberg. ‘Het was mijn eerste vaste aanstelling. Binnen een halfjaar nadat ik in Dokkum kwam, werd de afdeling Cardiologie onder verscherpt toezicht gesteld. Dan zie je van heel dichtbij wat zoiets met een ziekenhuis doet. De berichtgeving in de media, de teruglopende patiëntenaantallen – daar kan ik me echt druk over maken. Een bestuurder had steken laten vallen, dat was zo. Maar die misstappen hadden een weerslag op de medewerkers en de sfeer op de afdelingen. Ik trok me dat aan, en wilde wat doen. Na anderhalf jaar ben ik stafvoorzitter geworden, met 34 jaar was ik toen de jongste Dokkumer specialist. We hebben actiegevoerd, met vijfduizend mensen een protestmars gelopen, petities aangeboden voor behoud van het ziekenhuis en ook intern ging ik aan de slag. Ik zorgde ervoor dat de discipline werd aangehaald; geen slordigheden meer zoals het dragen van een polshorloge op de afdeling. We stelden regels vast om de werksfeer te verbeteren. Bijvoorbeeld: we praten niet negatief waar anderen bij zijn. Maar ook: iedere patiënt krijgt gegarandeerd binnen drie dagen een poliafspraak. Dit alles gaf een goede dynamiek en zorgde ervoor dat we echt een gróép werden.’

Als je wilt dat iets verandert, moet je zelf het goede voorbeeld geven, vindt hij. ‘Ik zag bij de liften afbladderende verf, maar er was geen budget. Met de hele medische staf hebben we ineen weekend het trappenhuis geverfd. Erg leuk en inspirerend om te doen.’

Om De Sionsberg te redden, kwam Nij Smellinghe in beeld als fusiepartner. Vele vergaderingen volgden. ‘Ik was geen avond meer thuis, maar ik geloofde in de fusie en het belang ervan. De fusie ging helaas niet door, het bleek financieel niet haalbaar. Toch was het een bijzondere tijd, waarin ik ook de invloed van media leerde kennen. Zowel negatief als positief. Lokale kranten als de Leeuwarder Courant en het Friesch Dagblad volgden de ontwikkelingen nauwlettend. Aan de andere kant ontdekte ik dat ik politieke woordvoerders via tweets van informatie kon voorzien toen zij in de Tweede Kamer onze Sionsberg bespraken.’

Gastheer

Het clichébeeld van de chirurg is dat alles snel en daadkrachtig moet, het is iemand die minder van het praten is. Dat geldt niet voor Möllers, die praten ‘juist leuk’ vindt. ‘Ik vond in de opleiding de poli al het leukst en nu nog vind ik het mooi om op een afdeling een soort gastheer te zijn en de mens achter de patiënt te leren kennen.’ Gastvrijheid, hij zegt het met nadruk, ‘want daar lopen we in de zorg toch echt achter. Laatst was ik bij een inspirerende lezing van supermarktketen Jumbo over gastvrijheid. Zij willen hun klanten als gast benaderen. Dat klinkt misschien raar, maar zo wil ik ook met mijn patiënten omgaan. Zij zijn te gast in ons ziekenhuis, ik denk dat het hun ervaring verbetert als wij het ziekenhuisbezoek gaan zien als een soort beleving. Je kunt zo’n beleving een andere lading geven, positief.’

Het zit hem in kleine dingen, denkt Möllers, om te beginnen bij de receptie. ‘Als een patiënt gehaast bij de balie komt, hij kon geen parkeerplekje vinden, dan kan de receptionist zeggen: “U bent te laat.” Dat geeft een negatieve lading. Je kunt ook zeggen: “Fijn dat u het toch heeft gehaald.” Dat zijn de ontmoetingen in een ziekenhuis die mensen zich herinneren, ze zullen meestal niet onthouden wie hen heeft geopereerd.’

Wattenstaafje

Möllers is als chirurg algemeen opgeleid en breed inzetbaar. Hij ziet mensen met een verstuikte enkel tot patiënten met endeldarmkanker. Een van zijn aandachtspunten is buikwandproblematiek. ‘Betrekkelijk nieuw is mijn belangstelling voor ACNES, ofwel buikwandpijnsyndroom, dat bij ongeveer één op de tweeduizend mensen voorkomt. Dat is best veel. Het zijn mensen in de werkzame leeftijd, vaak met een gezin – zo’n aandoening is ontzettend beperkend. Het is een onbekende diagnose, hoewel het niet nieuw is. Het is in de vergetelheid geraakt, doordat we als artsen tegenwoordig veel radiologisch diagnosticeren. We maken vaak eerst een echo of een andere scan en daarmee grijpen we mis. ACNES zien we namelijk alleen met gedegen lichamelijk onderzoek, en wij nemen de psychische aspecten ook mee. Je hebt er vrijwel niets voor nodig, behalve een wattenstaafje en een injectienaald.’

Ik ontmoet graag collega’s met andere inzichten en vaardigheden

Je komt als patiënt met ACNES al snel in de SOLK-hoek terecht, stelt Möllers vast. Ik denk dan: waarom is het onverklaarbaar? Is er echt geen verklaring of is het omdat de dokter geen verklaring heeft? De patiënt loopt vast, dat is duidelijk. De mensen met ACNES zijn soms niet de makkelijkste patiënten, en dat snap ik best. Ze hebben vaak te horen gekregen dat hun aandoening psychisch is. En dan nog, ook als er een psychische component is, behoeven ze onze aandacht. Er is een behandeling voor en gelukkig groeit het netwerk van collega’s dat zich erop richt. Ik heb wat dat betreft een heel brede blik. Ik ontmoet graag collega’s met andere inzichten en vaardigheden. Regelmatig rijd ik naar andere ziekenhuizen om daar van chirurgen nieuwe operatietechnieken te leren, heel interessant. Als ik naar een nascholing ga, niet alleen over buikwandproblematiek, dan ga ik eigenlijk vooral om kennis op te doen van andere aanwezige collega’s en mijn netwerk uit te bouwen.

Inspiratie opdoen uit de ‘zeven zekerheden van Jumbo’, of uit de horeca – ‘mijn broer is chef-kok’ – of op Twitter, Möllers kijkt met een open en nieuwsgierige blik en dat zal terug te lezen zijn in zijn Veldwerk-bijdragen. ‘De belangrijkste vraag is: waarom? Waarom is iets zoals het is, waarom? Koester het kind in jezelf, blijf de waarom-vraag zonder gêne stellen. Ik zeg het tegen de coassistenten, maar het geldt voor ons allemaal. Voor mij ook.’

Lees de columns van Martijn Möllers:

Ook van zijn hand:

download dit artikel (pdf)

print dit artikel
interview chirurgie solk Friesland de sionsberg Nij Smellinghe
  • Marieke van Twillert

    Marieke van Twillert werkt als journalist voor Medisch Contact. Arbeidsmarkt, levenseinde en e-health hebben haar speciale aandacht.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Wim van der Pol, Apotheker niet praktiserend, Delft 15-04-2018 15:04

    "je kunt overal de waarom vraag stellen, maar ook op elk antwoord. Het is aangetoond dat 5 x de waarom vraag stellen achter elkaar, leidt tot het basis-antwoord. Ik heb dat geleerd van de risico-analyse, waarbij na 5 x de waarom vraag, de basisoorzaak gevonden wordt. Het tegenovergestelde gaat ook op. De vraag is dan: wat als? De vaardigheid tot het stellen van die vragen zou ingebouwd moeten worden in de CANMED methodiek, denk ik."

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.