Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Yvonne Drewes
01 juli 2013 6 minuten leestijd
video

Kindermishandeling: Wet meldcode van kracht

Plaats een reactie

Nieuw in de regelgeving over de verplichte meldcode kindermishandeling is de standaard ‘kindcheck’. Verder verandert er weinig voor artsen, aangezien zij al beschikken over de KNMG-meldcode. Omgang met het beroepsgeheim blijft volgens de KNMG een belangrijk aandachtspunt.

Yvonne Drewes, arts en jurist bij de KNMG over de nieuwe Wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling


De Wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling is per 1 juli van kracht. Elke zorginstelling moet nu beschikken over een meldcode waarin stapsgewijs wordt aangegeven hoe met signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling wordt omgegaan en wanneer het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK) of het Steunpunt Huiselijk Geweld (SHG) wordt ingeschakeld.1 Ook zelfstandig werkende artsen moeten voldoen aan deze verplichting.2

Het voorgeschreven stappenplan is vrijwel identiek aan het stappenplan van de KNMG-meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld, waaraan artsen reeds gebonden zijn (zie tabel). Deze KNMG-code volstaat dus als verplichte meldcode.

Een belangrijk element in de nieuwe regelgeving is de zogenaamde ‘kindcheck’. Die houdt in dat behandelaars van bijvoorbeeld psychiatrische patiënten of verslaafden standaard moeten nagaan of hun patiënten verantwoordelijk zijn voor minderjarigen. Zo ja, dan moet worden onderzocht of deze kinderen veilig zijn. Bij twijfel moet de arts contact opnemen met het AMK voor consultatie. Hierbij wordt van artsen een gestandaardiseerde benadering verwacht. Dit is een formalisering van de in de KNMG-meldcode reeds verwoorde professionele verantwoordelijkheid van alle artsen om kinderen te beschermen en kindermishandeling te signaleren en te melden, ook als het niet hun patiënten zijn.

Beroepsgeheim
De KNMG-meldcode besteedt uitgebreid aandacht aan de omgang met het beroepsgeheim. Dit is voor artsen een belangrijk aspect bij het melden van kindermishandeling en huiselijk geweld. Artsen zijn verplicht te zwijgen over hun patiënten, behalve tegenover wettelijk vertegenwoordigers en de rechtstreeks bij de behandeling betrokken hulpverleners.3 In het verlengde hiervan hebben zij verschoningsrecht, dat wil zeggen het recht om te zwijgen tegenover politie, de officier van justitie en de rechter.4

De arts mag het beroepsgeheim doorbreken op basis van een zogeheten conflict van plichten, als dat de enige manier is om schade aan anderen te voorkomen. Daarnaast is in de Wet op de jeugdzorg sinds enige jaren een meldrecht opgenomen voor geheimhouders.5 Dit houdt in dat artsen zonder toestemming van betrokkenen gegevens mogen verstrekken aan het AMK, als dat noodzakelijk is om kindermishandeling aan te pakken. Dit meldrecht is als het ware een steun in de rug bij de afweging van het conflict van plichten. In de Wet verplichte meldcode is bepaald dat voor het melden van huiselijk geweld eenzelfde meldrecht in werking treedt.6

Dit meldrecht neemt niet weg dat de hulpverlener verplicht is om zich in te spannen om toestemming van de betrokken patiënt te verkrijgen voor het verstrekken van gegevens. Bij een vermoeden van kindermishandeling kan zonder toestemming worden gemeld als er sprake is van een conflict van plichten met ‘reële kans op schade’ (zie tabel). Bij huiselijk geweld geldt de toestemmingseis nog sterker: het meldrecht van de arts staat op gespannen voet met het zelfbeschikkingsrecht van de – meerderjarige – patiënt. Een meerderjarige beslist in principe zelf of het SHG wordt ingeschakeld. In de KNMG-meldcode is hieraan invulling gegeven door het zonder toestemming melden van huiselijk geweld te beperken tot die situaties waarin sprake is van een ‘risico op zwaar letsel of de dood’.

Vertrouwensarts
Voor AMK’s en SHG’s is een wettelijke geheimhoudingsplicht geregeld in respectievelijk de Wet op de jeugdzorg en de Wet maatschappelijke ondersteuning.7 Deze plicht houdt in dat geen informatie aan anderen mag worden verstrekt, tenzij dit noodzakelijk en in overeenstemming is met de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van het instituut. Een dergelijke geheimhoudingsplicht heeft niet dezelfde juridische status als het medisch beroepsgeheim. Dat geldt immers ten opzichte van iedereen die niet direct bij de behandeling betrokken is, en is beschermd door het verschoningsrecht.

Voor artsen is het daarom van belang onderscheid te maken tussen informatieverstrekking aan vertrouwensartsen en aan andere medewerkers van het AMK of SHG. In weerwil van het arrest uit 1999, waarin de Hoge Raad concludeert dat een vertrouwensarts kindermishandeling geen individuele gezondheidszorg biedt en derhalve geen verschoningsrecht heeft, gaat de KNMG ervan uit dat het beroepsgeheim en het verschoningsrecht voor alle artsen gelden.8 9 Werken bij een AMK brengt echter wel een beperking van het beroepsgeheim mee, omdat het informeren van de Raad voor de Kinderbescherming, politie of justitie tot de taak van de vertrouwensarts kan behoren. Hierbij dient de vertrouwensarts steeds de afweging te maken welke informatieverstrekking noodzakelijk en relevant is.

Vertrouwensartsen zijn als het ware een filter tussen de artsen die melden en de niet door het medisch beroepsgeheim en verschoningsrecht beveiligde andere partijen. Behandelend artsen kunnen met een vertrouwensarts overleggen welke informatie relevant is voor het AMK en welke niet. Dit filter voorkomt dat meldende artsen ofwel uit de beste bedoelingen overmatig medische informatie verstrekken, ofwel uit vrees voor schending van het beroepsgeheim te terughoudend zijn.

Explicitering van het beroepsgeheim en verschoningsrecht van vertrouwensartsen zou de zorgvuldigheid van de meldingsprocedure voor behandelend artsen versterken en daarmee het belang van alle betrokkenen dienen.

Samenwerking en scholing
Vorige maand zijn voor het eerst gezamenlijk afspraken gemaakt over het uitwisselen van informatie tussen instanties in het ‘Model Samenwerkingsafspraken informatie-uitwisseling tussen (G)GZ en AMK, Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming’.10 Op basis van dit model kunnen regionale partijen afspraken maken die de zorgvuldigheid van de procedures ten goede komen.

Openheid ten opzichte van de patiënten is in het Model Samenwerkingsafspraken de hoofdregel. Voor iedereen moet duidelijk zijn of er toestemming is gevraagd en verkregen. Gegevens mogen alleen worden gebruikt voor het doel waarvoor ze zijn verstrekt, er dient goede dossier-vorming plaats te vinden en er moet duidelijk onderscheid worden gemaakt tussen feiten en meningen. Professionals worden bovendien alleen aangesproken op de eigen deskundigheid; een behandelend arts moet bijvoorbeeld niet oordelen over de geschiktheid van een patiënt om een kind op te voeden.

Zowel in de opleiding als in de nascholing wordt al gewerkt aan de implementatie van de meldcode. Een KNMG-werkgroep beschrijft momenteel welke competenties artsen moeten hebben om huiselijk geweld en kindermishandeling adequaat te signaleren en aan te pakken, zodat umc’s dit onderwerp kunnen integreren in de opleiding. Medisch Contact heeft een digitale nascholing Meldcode kindermishandeling en The Next Page een vervolgcursus Huiselijk geweld tegen volwassenen, waarin de kindcheck uitgebreid aan de orde komt.


Yvonne Drewes, jurist en arts maatschappij en gezondheid, adviseur gezondheidsrecht KNMG

contact: y.drewes@fed.knmg.nl; cc: redactie@medischcontact.nl

Geen belangenverstrengeling gemeld



Zie ook

Lees ook

En meer in het dossier Kindermishandeling


Voetnoten

1 Art. 3a lid 1 Kwaliteitswet zorginstellingen
2 Art. 40a lid 1 Wet BIG
3 Art. 7:457 BW, art. 88 Wet BIG, art. 272 Sr
4 Art. 218 Sv en art. 165 Rv
5 Art. 53 lid 3 WJZ
6 Art. 21d lid 3 Wmo
7 Art. 51 lid 1 WJZ en art. 21 h lid 1 Wmo
8 Doppegieter R, de Kanter-Loven B. Ook Hoge Raad verwerpt beroep vertrouwensarts. Medisch Contact 2000; 3: 104-7.
9 Duist W. Nog één keer het beroepsgeheim van de vertrouwensarts kindermishandeling, Tijdschrift voor Familie en Jeugdrecht 2005; 11: 273-6.
10 knmg.artsennet.nl/Dossiers-9/Kindermishandeling.htm


In MCtv Uitgelicht bespreekt Maartje Haasnoot, aios kindergeneeskunde, de nieuwe vragenlijst en de ernstige gevolgen van verwaarlozing.

istock photo
istock photo
<b>Download dit artikel (PDF)</b>
video KNMG kindermishandeling beroepsgeheim
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.