Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Aart Hendriks
18 mei 2011 3 minuten leestijd
Federatienieuws

IGZ hoeft gegevens over calamiteiten niet af te staan

Plaats een reactie

De rechter heeft zorginstellingen die calamiteiten melden aan de inspectie een grote dienst bewezen. De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) hoeft die gegevens niet altijd openbaar te maken door een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur. Dit volgt uit een uitspraak van de Raad van State.

De inspectie mag een zogenaamd WOB-verzoek volgens de uitspraak afwijzen als zij kan aantonen dat het inspectiewerk of de privacy daardoor ernstig worden geschaad. Het medisch beroepsgeheim wordt zo beter beschermd. Maar helemaal gerust kunnen zorginstellingen en patiënten nog niet zijn.

‘Gewobt’ …
Zorginstellingen zijn op grond van de Kwaliteitswet zorginstellingen verplicht melding te maken van calamiteiten bij de inspectie. In de praktijk voorzien zij de inspectie daarbij genereus van relevante patiëntgegevens. Zo kan de IGZ haar werk optimaal doen en de kwaliteit en veiligheid van zorg maximaal bevorderen.

Zorginstellingen gingen er daarbij vanuit dat de inspectie deze gegevens vertrouwelijk zou behandelen. Sinds enkele jaren is duidelijk dat de inspectie aan deze verwachting niet kan voldoen. Zodra burgers of de pers een beroep doen op de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) is de inspectie verplicht de gegevens waarover zij beschikt te verstrekken. Zij kan zo’n verzoek alleen afwijzen als er sprake is van een wettelijke uitzonderingsgrond. De rechter legde die gronden tot nu toe heel beperkt uit. Het gevolg was dat de inspectie steeds vaker werd ‘gewobt’ en zorginstellingen met lede ogen moesten toezien hoe het medisch beroepsgeheim werd uitgehold.

…en gefopt
Bij zorginstellingen ontstond, begrijpelijkerwijs, steeds meer huiver om de inspectie bij een calamiteit van gegevens te voorzien. Zij voelden zich door de inspectie gefopt; de onder het medisch beroepsgeheim vallende gegevens kwamen eenvoudig op straat te liggen. De brancheorganisatie voor de geestelijke gezondheids- en verslavingszorg riep haar leden zelfs op de inspectie alleen nog de hoogstnodige informatie te verstrekken. De inspectie zag haar toezichthoudende taak daardoor in gevaar komen.

Omslag in rechtspraak
Door een uitspraak van de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State kunnen zorginstellingen weer wat meer vertrouwen hebben in de vertrouwelijke omgang van medische gegevens door de inspectie. De zaak betrof een suïciderapport dat een zorginstelling naar de inspectie had gestuurd. De ouders van de overleden patiënte verzochten de inspectie om openbaarmaking van dit rapport. De zorginstelling verzette zich daartegen met een beroep op het medisch beroepsgeheim.

Nadat de rechtbank het WOB-verzoek van de ouders had toegewezen, besloot de afdeling Bestuursrechtspraak deze uitspraak terug te draaien. In haar uitspraak van 27 april 2011 erkent de afdeling dat het inspectiebelang en het privacybelang van de overledene zich kunnen verzetten tegen openbaarmaking.

Gevolgen
Betekent dit dat zorginstellingen vanaf nu zonder vrees voor openbaarmaking patiëntgegevens kunnen doorgeven aan de inspectie? Nee, deze conclusie kunnen we niet trekken uit de uitspraak van de afdeling. Het is immers aan de inspectie om bij ieder WOB-verzoek hard te maken dat haar werk of de privacy van de patiënt de openbaarmaking in de weg staat. Bij gegevens over patiënten die door een calamiteit, suïcide of anderszins zijn overleden kan de inspectie zich niet beroepen op de privacywet (WBP), aldus ook de afdeling. De inspectie moet dan anderszins aantonen dat de privacy van de betrokkene wordt geschonden door openbaarmaking.

Het is te hopen dat de inspectie duidelijke beleidsregels opstelt, aansluitend bij de KNMG-richtlijnen omgaan met medische gegevens (2010), waarin staat waarom zij vertrouwelijk met patiëntgegevens omgaat en hoe zij die vertrouwelijkheid waarborgt. Dit is van groot belang voor patiënten, zorginstellingen en, niet in de laatste plaats, de inspectie zelf voor de goede uitoefening van haar functie.

prof. mr. Aart Hendriks, juridisch adviseur en beleidscoördinator gezondheidsrecht KNMG,

Correspondentieadres: a.hendriks@fed.knmg.nl.



Zie voor meer informatie de KNMG-dossiers Omgaan met medische gegevens en Beroepsgeheim (www.knmg.nl/beroepsgeheim en www.knmg.nl/medische-gegevens).

De uitspraak van de Raad van State van 27 april 2011 vindt u op www.raadvanstate.nl/uitspraken.


Beeld: iStockphoto
Beeld: iStockphoto
Federatienieuws KNMG beroepsgeheim
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.