Inloggen
Laatste nieuws
Jurriën Wind
5 minuten leestijd
opinie

Huisartsen moeten elkaars expertise beter benutten

4 reacties

OPINIE

‘Vijfkwartszorg’ verdiept samenwerking in de zorggroep

Steeds meer huisartsen hebben een subspecialisatie of volgden een kaderopleiding. Door deze expertise structureel in te zetten, kan substitutie van zorg uit de tweede lijn grootscheeps plaatsvinden, zegt Jurriën Wind. Dat spaart kosten en is een mooie aanvulling op het huisartsenwerk.

Historisch gezien zijn huisartsen solistisch werkende mensen. Hielp vroeger de partner van de huisdokter – nogal eens ongeschoold – mee in de praktijk, tegenwoordig is dat ondenkbaar en zijn er naast praktijkassistentes andere disciplines (POH, management) die de huisarts ondersteunen. Die steun is onmisbaar. Huisartsen werken steeds meer met elkaar samen: in de dagelijkse organisatie (groepspraktijken), de diensten (grootschalige huisartsenpost) en in zorggroepen.

De zorggroep fungeert als intermediair tussen individuele huisarts en zorgverzekeraar. Geanonimiseerd worden patiëntengegevens van huisartsen via de zorggroep aan de zorgverzekeraar verstrekt. Namens alle aangesloten huisartsen pleegt de zorggroep contractonderhandelingen met de zorgverzekeraar en spreekt financiering af voor te leveren zorg van een aantal ziektebeelden. Op dit moment zijn dat vooral chronische aandoeningen als diabetes mellitus, hart- en vaatziekten, COPD en depressie.

Een beetje specialist
Bij mijn zorggroep, Chronos in Den Bosch, zijn ongeveer negentig huisartsen aangesloten. Een aantal van deze huisartsen is door het NHG opgeleid als kaderhuisarts en wordt door Chronos onder andere voor onderwijs aan huisartsen en POH’s ingezet. Ongetwijfeld hebben deze huisartsen een vervolgopleiding over diabetes mellitus, cardiovasculair risicomanagement (CVRM) of COPD gedaan, omdat dit deelgebied hen interesseerde.

Naast de kaderhuisartsen zijn er nog andere huisartsen bij de zorggroep aangesloten met ieder hun eigen voorliefde en interessegebied. Zo kan – in mijn eigen groepspraktijk – een van de collega’s echografieën uitvoeren en is een ander getraind in cyriax-injecties (inclusief carpaletunnelsyndroom). Zelf verricht ik sterilisaties bij mannen. Alle drie zijn wij generalist, maar voelen we ons – op genoemde gebieden – een beetje specialist. Erkende opleidingen en nascholingen hebben ons ‘dat beetje specialist’ gemaakt. Binnen ons samenwerkingsverband verwijzen wij onderling naar elkaar: ‘horizontaal’. Een man met sterilisatiewens komt zo naar mij, een vrouw met verdenking op galstenen verwijs ik naar mijn echografisch geschoolde collega. Als huisarts worden wij ‘in ons specialisme geconsulteerd’. Geen enkel probleem! Van mezelf weet ik, wanneer dat gebeurt, dat ik dan nét even enthousiaster ben dan anders en nét even dat stapje extra voor de patiënt wil doen. Ik denk dat het zo bij meer artsen zal werken.

Horizontaal verwijzen
Ik stel mezelf een aantal vragen over de zorggroep. Kan de zorggroep niet veel meer? Kan het model van mijn groepspraktijk niet ‘in schaal vergroot worden’ tot de zorggroep? Waarom verwijs ik een patiënt met COPD-problematiek, wanneer deze longproblemen mijn pet te boven gaan, naar de longarts? Waarom consulteer ik hiervoor niet die enthousiaste kaderhuisarts COPD uit mijn eigen zorggroep? En waarom gaan patiënten een dorp verderop – en een huisarts verderop, maar ook zittend in mijn zorggroep – voor hun echografie ‘verdenking galstenen’ naar het ziekenhuis terwijl mijn echograferende collega deze vraag toch ook zou kunnen beantwoorden? Huisartsen stoppen met ‘horizontaal verwijzen’ als de grenzen van hun groepspraktijk worden overschreden. Maar kan dat niet anders? Kan dat niet patiëntvriendelijker én goedkoper worden georganiseerd? Kunnen huisartsen onderling niet veel meer gebruikmaken van elkaars expertise, kennis en ervaring?

Ontschotting
Bestaat de ‘generalistische huisarts’ nog wel? Googel eens een willekeurige groepspraktijk van huisartsen en wees, net als ik, verbaasd over hoeveel huisartsen een kaderopleiding hebben gevolgd. Naast de genoemde opleidingen voor diabetes mellitus, CVRM en COPD zijn ze er ook voor: het bewegingsapparaat, geestelijke gezondheidszorg, oogheelkunde, ouderengeneeskunde, palliatieve zorg/SCEN, spoedzorg en urogynaecologie. Vele huisartsen met kennis en kunde waarbij echografie, injectietechnieken en vasectomie nog niet eens genoemd zijn.

In de Nederlandse gezondheidszorg werken we met het systeem van eerste en tweede lijn. Is dit systeem nog wel van deze tijd? Tussen de lijnen wordt er dan wel een begin met ontschotting gemaakt – er zijn ‘anderhalvelijnsprojecten’ – maar gaat dat niet schoorvoetend? En als er dan toch ontschot gaat worden, moet dat dan ook niet binnen de eerste lijn zelf? Want al die kennis en kunde van al die gespecialiseerde huisartsen, daar kan toch veel meer mee.

Inventariseren
Naar mijn idee biedt samenwerking de oplossing van veel problemen binnen de gezondheidszorg. Huisartsen zouden nog veel meer en veel beter met elkaar kunnen samenwerken. De zorggroep kan hierin het voortouw nemen en hoeft zich niet enkel te beperken tot chronische zorg. Maak de zorggroep ook ‘(sub)acuut’ of ‘electief’. Laat de zorggroep onder haar leden inventariseren welke kaderopleidingen genoten zijn, welke (sub)specialisaties bestaan en of de wens bestaat in die (sub)specialisatie geraadpleegd te worden. Inventariseer voor welke problemen, ziektebeelden of aandoeningen consultatie naar de tweede lijn plaatsvindt en of deze consultatie niet binnen de eerste lijn kan plaatsvinden. Laat kaderhuisartsen en de zorggroep de te substitueren consultaties protocolleren en hiervoor kwaliteitscriteria opstellen. Voor sommige onderwerpen, bijvoorbeeld vasectomie, hoeft dat helemaal niet moeilijk of tijdrovend te zijn.

Financiering
De veranderende bekostigingsstructuur voor huisartsenzorg maakt het per 2015 mogelijk innovatieve ideeën te financieren. Vijfkwartszorg zou als verdergaande vorm van samenwerking tussen huisartsen, met als doel substitutie – en dus besparing – te bewerkstelligen, voor financiering via segment III in aanmerking kunnen komen. Per onderwerp zou vijfkwartszorg via de zorggroep geïntroduceerd kunnen worden. Uiteraard moet vooraf wel aan een aantal essentiële voorwaarden worden voldaan. Zo is vertrouwen in elkaar erg belangrijk. Als een patiënt door de huisarts ‘horizontaal’ wordt doorverwezen naar een gespecialiseerd collega-huisarts, moet duidelijk zijn dat het in principe een eenmalige diagnostische of therapeutische consultatie dan wel ingreep betreft. Hierna wordt de patiënt weer naar zijn eigen huisarts terugverwezen.

Ook zijn goede communicatie en heldere correspondentie over en weer tussen verwijzend en gespecialiseerd huisarts van groot belang. Kwaliteitscontrole moet plaatsvinden. Aan de zorggroep de taak om adequate financiering met de zorgverzekeraar af te spreken over deze manier van consultatie. Vermoedelijk zal de zorgverzekeraar een model willen ontwikkelen om de geleverde kwaliteit van zorg af te zetten tegen de gemaakte (bespaarde) kosten. Voor sommige onderwerpen zijn patiëntvriendelijkheid en kostenbesparing bij vijfkwartszorg overduidelijk. Hopelijk hoeven niet allerlei langlopende onderzoeken geïnitieerd te gaan worden waardoor de invoering van deze vorm van samenwerking en substitutie onnodig lang op zich laat wachten.


Jurriën Wind
huisarts, Wijk en Aalburg

contact: jurrienwind@hetnet.nl; cc: redactie@medischcontact.nl

Geen belangenverstrengeling gemeld


Zie ook de website waar huisarts Jurriën Wind zijn expertise in steriliseren deelt, onder meer in de vorm van de cursus: devasman.nl

samenwerking opinie huisartsen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.