Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Achter het nieuws

Hoofdlijnen­akkoorden ‘staan vol met deelbelangen’

RVS: de verschillende belangen dwarsbomen elkaar

2 reacties
Getty Images
Getty Images

Hoofdlijnenakkoorden voor de zorg hebben hun beste tijd gehad. Dat vindt de Raad voor Volksgezondheid en Samen­leving. Ook enkele artsenorganisaties willen er niet op deze voet mee door.

‘What is in name?’, verzucht psychiater en voorzitter Elnathan Prinsen van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) als hem wordt gevraagd naar nut en noodzaak van hoofdlijnenakkoorden. ‘Het eerste ggz-akkoord had nog focus. Op bezuiniging, met de opdracht om het aantal bedden te verminderen en de zorg te ambulantiseren. Maar dat is niet meer zo. Je ziet het al in de naamgeving. Het begon met een bestuurlijk akkoord, daarna heette het een onderhandelingsakkoord en daarna werd het een hoofdlijnenakkoord.’

Deelbelangen

Na de economische crisis werden hoofd­lijnenakkoorden – gesloten tussen zorgpartijen als ziekenhuis- en zorgverlenersorganisaties, zorgverzekeraars en VWS – een nieuw middel om vorm te geven aan de overheidswens dat zorguitgaven niet ongebreideld bleven stijgen. De eerste generatie akkoorden uit 2012 draaiden vooral om een financiële component: in percentages werd de groeiruimte beperkt.

Inmiddels zijn er akkoorden voor medisch-specialistische zorg, geestelijke gezondheidszorg, huisartsen- en multi­disciplinaire zorg en wijkverpleging, die gaandeweg werden ingevuld met allerlei wensen hoe de zorg moest worden georganiseerd of verbeterd. Prinsen: ‘Je ziet nu dat allerlei deelbelangen, die iedereen erin heeft gekregen, worden uitonderhandeld. Het gaat niet meer over hoe we de zorg op hoofdlijnen organiseren.’

Dat is ook een van de belangrijke kritiekpunten die de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) op dit fenomeen uit in een recent advies. Volgens de RVS leiden de akkoorden nauwelijks tot verandering van de zorg, omdat ze vol staan met deelbelangen die deels zijn gericht op het handhaven van de status quo. Als voorbeeld noemt de RVS frases in het medisch-specialistische akkoord over het behoud van de vrijevestigingsoptie, en over het niet toepassen van de Wet normering topinkomens. En die belangen dwarsbomen elkaar soms. Daarnaast zijn de inhoudelijke afspraken erg algemeen en weinig concreet geformuleerd, aldus de RVS. ‘In de hoofdlijnenakkoorden staat “dat” er wordt gewerkt aan het voorkómen, verplaatsen en vervangen van zorg, maar niet “hoe en wat”.’ De RVS mist ook het geluid van vernieuwende partijen.

Geen verbinding

Directeur Noortje Sax van de NVvP, die vanaf het eerste ggz-akkoord betrokken is, mist inmiddels overzicht in het ggz-stuk. ‘Alle lopende projecten waar partijen mee bezig waren, werden erin benoemd. Maar er werd niet gekeken naar wat de grotere doelstelling was. En de relatie tussen projecten werd niet bekeken, waardoor ze elkaar in de weg kunnen zitten.’ Als voorbeeld noemt ze het nieuwe kwaliteitsstatuut met eisen waar de ggz aan moet voldoen, dat in de zomer 2022 van kracht wordt, en de ontwikkeling van een nieuw bekostigingssysteem dat per januari in moet gaan. Het is niet mogelijk om aan de eisen van het statuut te voldoen met de betaaltitels die het nieuwe model nu kent, zegt Sax.

Sax en Prinsen missen ‘meer regie’ op de uitvoering van de akkoorden. Sax: ‘De akkoorden zijn met de overheid gesloten. Dan denk je dat die zou helpen om bruggen te bouwen tussen delen van en over grenzen van akkoorden heen. Zo komt er nu geen verbinding tot stand tussen jeugdzorg en de ggz, omdat er wordt gezegd dat het ggz-akkoord daar niet over gaat. Een kinder- of jeugdpsychiater valt er niet onder, terwijl je er wel iets mee moet, want mensen worden 18.’

Voor de LHV is ‘de schijnbare vrijblijvendheid’ een bron van ergernis

Te vrijblijvend

De Federatie Medisch Specialisten (FMS) wil zich nog niet uitlaten over het RVS-advies en de toekomst van het hoofd­lijnenakkoord voor medisch-specialistische zorg. De specialistenorganisatie vindt dat te vroeg nu het huidige akkoord nog loopt (van 2019 tot en met 2022). De LHV wil op dit moment alleen een schriftelijke eerste reactie geven. De vereniging blijkt zich in een deel van de RVS-kritiek te herkennen en wil ‘niet op dezelfde voet doorgaan’ met huisartsenakkoorden. ‘In de huidige vorm en werkwijze zijn de afspraken in het hoofdlijnenakkoord voor onze sector te vrijblijvend en te abstract gebleken’, aldus een woordvoerder. ‘Het werkt alleen als de afspraken nog concreter zijn en er betere garanties zijn ingebouwd dat deze ook nagekomen worden.’

Voor de LHV, die al eerder ageerde tegen het gebrek aan consequenties als inhoudelijke afspraken niet worden opgevolgd, blijft ‘de schijnbare vrijblijvendheid’ een bron van ergernis. ‘Handhaving op het nakomen van die afspraken ontbreekt. De afspraken leiden nauwelijks of onvoldoende tot merkbare verbetering in de huisartsenpraktijk op de punten die op de inhoudelijke agenda staan, zoals meer tijd voor de patiënt, en verbetering van de organisatie en infrastructuur.’

Politieke zeggenschap

Het financiële doel – lagere uitgavengroei – is in grote lijnen wél behaald. In de jaren 2012-2017 werd er zo’n 3 miljard euro bespaard op de uitgaven in de curatieve sector, meldde toenmalig minister voor Medische Zorg Bruno Bruins indertijd. Nieuwe financiële afspraken tussen zorgaanbieders, zoals omzetplafonds en aanneemsommen, droegen daaraan bij, schetst de RVS. Ook boden de akkoorden een grond voor afspraken over de omzetgroei per aanbieder. De impact van de coronacrisis op de financiële en inhoudelijke doelen van de nu lopende akkoorden (2019-2022) is nog ongewis, zo schetst VWS in het laatste jaarverslag.

Vanuit het ministerie lijkt er nog goede zin te zijn om verder te gaan op het akkoordenpad. Daarnaast is de optie van één gezamenlijk landelijk akkoord genoemd op het ministerie, en door zorgverzekeraars. VVD, D66 en ChristenUnie namen de hoofdlijnenakkoorden op in hun recente verkiezingsprogramma, en ook GroenLinks en PvdA lijken ermee verder te willen.

De RVS denkt eerder aan kleinere akkoorden op meer afgebakende onderwerpen. En pleit voor meer politieke zeggenschap: als er toch akkoorden komen, moet het parlement er ook wat over te zeggen hebben. Voor financiële grenzen zijn de akkoorden volgens de raad niet nodig: de RVS denkt dat zorgverzekeraars inmiddels geleerd hebben zelf de taak van kosten­beheersing beter op te pakken.

Sax en Prinsen staan open voor akkoorden over ‘meer afgebakende stukken’ van de zorg. Sax: ‘Maar dan moet er wel meer verbinding tussen de deelakkoorden komen, en ik vind het ingewikkeld hoe dat moet gebeuren.’ Prinsen: ‘Er moet toch iets van een overkoepelend orgaan zijn bij wie je de regie neerlegt om de uitvoering niet aan het toeval over te laten. Misschien moet je daar een groep wijzen voor vormen.’

Het duo is voorstander van het blijven stellen van financiële grenzen aan de zorg. Prinsen: ‘Er is een oneindige vraag naar zorg. Het is een taak, ook van zorgprofessionals, om de schaarste te verdelen. Maar dan moet je ook aan verwachtings­management doen, en respecteren dat door het maken van keuzes er sommige dingen niet gebeuren. Dan moet iedereen, ook het parlement, achter die keuzes blijven staan en niet aan incidenten­management gaan doen.’ 

Lees meer
Achter het nieuws LHV FMS huisartsen NVvP Psychiaters
  • Ilse Kleijne

    Ilse Kleijne-Thoonsen is journalist bij Medisch Contact, met een focus op politiek en financiën.  

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Erik-Jan Haanraadts

    Radioloog, OLVG, Amsterdam

    02-07-2021 00:21

    Wanneer je de zorg wil die past bij een beschaafd land als Nederland dan moet je accepteren dat de kosten zullen blijven stijgen. De vergrijzing, de almaar toenemende mogelijkheden en Dr. Google in combinatie met de steeds mondigere patiënt vallen n...iet te ontkennen. De vraag is overigens of het zo erg is dat die kosten stijgen. Zo slecht doen we het nl niet in Nederland. Is een stijging volgens Den Haag toch onacceptabel dan is de enige manier om de kosten in toom te houden: een bescheiden barrière aan de voorkant. Bijvoorbeeld een kleine (desnoods inkomens afhankelijke) eigen bijdrage voor een bezoek aan de huisarts. In andere eveneens beschaafde landen is dit volstrekt normaal. Nu bestaat de indruk dat de huisarts gratis is, niets is minder waar. Iedere patiënt begint als huisarts-patiënt. Wanneer even tot 10 geteld wordt voordat de gang naar de huisarts wordt gemaakt wordt vaak een cascade aan kosten in de 2e lijn voorkomen. Suggereren dat het mogelijk is om de zorgkosten niet te laten stijgen en tegelijkertijd weigeren om aan de instroom iets te doen, c.q. een Hoofdlijnenakkoord, is volksverlakkerij. Maar ja, een kleine drempel aan de voorkant is voor de politiek over het algemeen onbespreekbaar. Grote woorden als ‘tweedeling in de zorg’ etc. worden snel uitgesproken. Toch ligt de oplossing aan de voorkant. Het mag niet meer zo zijn dat, omdat de politiek het niet aandurft om pijnlijke keuzes te maken, het probleem op het bord van de zorgverleners en ziekenhuizen wordt gelegd. Worden die keuzes niet gemaakt dan blijven de kosten stijgen. Misschien moeten we dat maar accepteren.

    Wanneer je de zorg wil die past bij een beschaafd land als Nederland dan moet je accepteren dat de kosten zullen blijven stijgen. De vergrijzing, de almaar toenemende mogelijkheden en Dr. Google in combinatie met de steeds mondigere patiënt vallen niet te ontkennen. De vraag is overigens of het zo erg is dat die kosten stijgen. Zo slecht doen we het nl niet in Nederland. Is een stijging volgens Den Haag toch onacceptabel dan is de enige manier om de kosten in toom te houden: een bescheiden barrière aan de voorkant. Bijvoorbeeld een kleine (desnoods inkomens afhankelijke) eigen bijdrage voor een bezoek aan de huisarts. In andere eveneens beschaafde landen is dit volstrekt normaal. Nu bestaat de indruk dat de huisarts gratis is, niets is minder waar. Iedere patiënt begint als huisarts-patiënt. Wanneer even tot 10 geteld wordt voordat de gang naar de huisarts wordt gemaakt wordt vaak een cascade aan kosten in de 2e lijn voorkomen. Suggereren dat het mogelijk is om de zorgkosten niet te laten stijgen en tegelijkertijd weigeren om aan de instroom iets te doen, c.q. een Hoofdlijnenakkoord, is volksverlakkerij. Maar ja, een kleine drempel aan de voorkant is voor de politiek over het algemeen onbespreekbaar. Grote woorden als ‘tweedeling in de zorg’ etc. worden snel uitgesproken. Toch ligt de oplossing aan de voorkant. Het mag niet meer zo zijn dat, omdat de politiek het niet aandurft om pijnlijke keuzes te maken, het probleem op het bord van de zorgverleners en ziekenhuizen wordt gelegd. Worden die keuzes niet gemaakt dan blijven de kosten stijgen. Misschien moeten we dat maar accepteren.

  • Piet van Loon

    Orthopeed / houdingsdeskundige, Oosterbeek

    01-07-2021 21:39

    Was het niet zo, dat als je de kraan open laat staan, je almaar meer moeite krijgt met dweilen??
    Terugkijkend zijn al die afspraken en akkoorden soms zelfs bedoeld het aantal dweilen te verminderen of het met krantenpapier te proberen. Terwijl aan d...e andere kant er almaar meer en grotere zuigkracht van de bestande dweilen werd gevraagd en de marktwerking ( Hoogervorst kwam als bankier uit de USA met dit lumineuze idee) een onderling moorddadig en tot insufficiënt opnamevermogen van de dweilen zorgde. Hoera, riep toen iedereen in de top, nu wordt het beter. Nee dus. Sinds we in Nederland de preventieve kracht van de Gezondheidsleer ( tot diep in de common sense geïmplementeerd) als zeer effectieve kraan lieten wegroesten ging de gemiddelde (jeugd-)gezondheid achteruit. En door overnemen van de preventieloze oplossingsgerichte (slechts denkend vanuit de Ziekteleer) geneeskunde uit Amerika overnamen, waar ze alleen heel dure dweilen in de aanbieding hebben, zullen bij ons de vloeren nooit meer drogen. De kraan moet dicht en de enige kans op herstel duurzame volksgezondheid is het beginnen bij het aanpakken van de sedentaire leefstijl van de jeugd. Het RIVM waarschuwt al jaren voor de tsunami, die zich in de jeugd ontwikkelt. Zie ook VerweyJonkersinstituut rapport 2019 en de laffe reactie van het kabinet op Kamervragen hierover. Precies zoals Virchow het in de negentiende eeuw met zijn politieke partij ( Fortschrittpartei) het bij Bismarck door de strot kreeg. Het kind stond bij de hygiënisten op de eerste plaats. Daar zit de kraan.

    Was het niet zo, dat als je de kraan open laat staan, je almaar meer moeite krijgt met dweilen??
    Terugkijkend zijn al die afspraken en akkoorden soms zelfs bedoeld het aantal dweilen te verminderen of het met krantenpapier te proberen. Terwijl aan de andere kant er almaar meer en grotere zuigkracht van de bestande dweilen werd gevraagd en de marktwerking ( Hoogervorst kwam als bankier uit de USA met dit lumineuze idee) een onderling moorddadig en tot insufficiënt opnamevermogen van de dweilen zorgde. Hoera, riep toen iedereen in de top, nu wordt het beter. Nee dus. Sinds we in Nederland de preventieve kracht van de Gezondheidsleer ( tot diep in de common sense geïmplementeerd) als zeer effectieve kraan lieten wegroesten ging de gemiddelde (jeugd-)gezondheid achteruit. En door overnemen van de preventieloze oplossingsgerichte (slechts denkend vanuit de Ziekteleer) geneeskunde uit Amerika overnamen, waar ze alleen heel dure dweilen in de aanbieding hebben, zullen bij ons de vloeren nooit meer drogen. De kraan moet dicht en de enige kans op herstel duurzame volksgezondheid is het beginnen bij het aanpakken van de sedentaire leefstijl van de jeugd. Het RIVM waarschuwt al jaren voor de tsunami, die zich in de jeugd ontwikkelt. Zie ook VerweyJonkersinstituut rapport 2019 en de laffe reactie van het kabinet op Kamervragen hierover. Precies zoals Virchow het in de negentiende eeuw met zijn politieke partij ( Fortschrittpartei) het bij Bismarck door de strot kreeg. Het kind stond bij de hygiënisten op de eerste plaats. Daar zit de kraan.

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.