Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht

Help hormoonverstorende stoffen de wereld uit

5 reacties

Veiligheid

Gevaarlijke stoffen in bijvoorbeeld infuusmateriaal bedreigen de gezondheid

Er is toenemend bewijs dat bisfenol A, weekmakers en andere hormoonverstorende stoffen de gezondheid bedreigen. Deze stoffen worden onder meer gebruikt in medische hulpmiddelen zoals infusen. Een goede reden voor artsen om te helpen deze stoffen uit te bannen.

Hormoonverstorende stoffen bedreigen de volksgezondheid en brengen torenhoge kosten met zich mee. Er gebeurt in Nederland nog te weinig om blootstelling aan deze schadelijke stoffen tegen te gaan. Daarom zijn maatregelen van de overheid en de medische beroepsgroep nodig.

Tot voor kort bleef actie van de Nederlandse overheid echter uit, maar hierin lijkt nu verandering te komen. Een rapport van het RIVM concludeert op basis van recente studies dat blootstelling aan bisfenol A (BPA) een risico vormt voor het hormoonsysteem en het zich ontwikkelende immuunsysteem. Minister Schippers heeft daarop maatregelen aangekondigd om blootstelling aan BPA terug te dringen met name voor (ongeboren) baby’s, jonge kinderen en adolescenten.(1) Wij juichen dit toe, maar er is meer nodig. De overheid moet ook maatregelen nemen om blootstelling aan andere hormoonverstorende stoffen tegen te gaan, door toepassing van deze stoffen in medische hulpmiddelen, kinderspeelgoed en verpakkingsmaterialen te ver-bieden en meer te investeren in wetenschappelijk onderzoek naar veilige alternatieven. Daarnaast is ook de betrokkenheid van de (para)medische beroepsgroep vereist.

Ook in Nederland zien we een toename van hormoongerelateerde kankers

Noodklok

De WHO publiceerde al in 2012 een rapport waarin, op basis van het tot dan toe beschikbare wetenschappelijke bewijs, werd geconcludeerd dat hormoonverstorende stoffen een mondiale dreiging zijn.(2) In 2013 luidden 89 internationale wetenschappers de noodklok. In de zogenoemde Berlaymont-verklaring stelden zij dat er nog niet eerder zoveel hormoongerelateerde aandoeningen waren. Zij wezen op de enorme toename van borst-, prostaat- en zaadbalkanker en andere hormoongerelateerde aandoeningen in Europa en stellen dat blootstelling aan hormoonverstorende stoffen hierbij een rol speelt.

Ook in Nederland zien we een toename van hormoongerelateerde kankers. De incidentie van borstkanker is sinds 1989 ruim 30 procent toegenomen.(3) Als we de database Cijfers over Kanker raadplegen, valt op dat bij jonge vrouwen het aantal nieuwe borstkankergevallen sinds 1990 fors toeneemt.(4) Ook is er een opmerkelijke toename van de incidentie van zaadbalkanker. Onderzoekers van de Radboud Universiteit toonden aan dat de incidentie van zaadbalkanker bij jonge mannen tussen 15 en 29 jaar tussen 1989 en 2009 is verdubbeld.(5) Deze toename van hormoonafhankelijke tumoren is slechts ten dele te verklaren door genetische en leefstijlfactoren. Steeds meer onderzoek wijst erop dat ook blootstelling aan hormoonverstorende stoffen, met name in de baarmoeder en in de eerste levensjaren, kan bijdragen tot gezondheidsproblemen later in het leven. Proefdierstudies laten bijvoorbeeld zien dat blootstelling in de baarmoeder aan bisfenol A (BPA) leidt tot een hogere dichtheid van het borstweefsel, waardoor de kans op borstkanker toeneemt.(6) Daarnaast wordt blootstelling aan hormoonverstorende stoffen op latere leeftijd geassocieerd met verstoringen van de hormoonhuishouding en groeistimulatie van hormoonafhankelijke weefsels.

Een recente evaluatie door de Universiteit Utrecht laat zien dat er zo’n 80 ziektes in verband worden gebracht met blootstelling aan hormoonverstorende stoffen.(7) Dit zijn hormoonafhankelijke tumoren, maar ook bijvoorbeeld obesitas, cryptorchisme, endometriose, astma en ADHD. Toch is er nog heel wat discussie over een causaal verband tussen blootstelling aan hormoonverstorende stoffen en ziekte bij mensen. Dit komt doordat mensen gedurende hun leven aan veel verschillende stoffen blootstaan en daarnaast ook genetische diversiteit en levensstijl een rol spelen bij het ontstaan van ziekte. We moeten ons echter realiseren dat er nooit harde bewijslast zal komen bij mensen, zoals in case-control medicijnenstudies. Toch laten proefdierstudies duidelijk zien dat blootstelling aan deze stoffen, met name in utero, het risico op deze aandoeningen in het latere leven aanzienlijk verhoogt. Meerdere gezaghebbende instituten hebben de kosten van hormoonverstoorders in kaart gebracht. Zo berekende een aantal gerenommeerde wetenschappers voor de Endocrine Society de kosten van gezondheidsproblemen in de EU die samenhangen met deze stoffen. De regeringen van Denemarken, Zweden, Finland, IJsland en Noorwegen werkten verschillende scenario’s uit om grip te krijgen op de kosten van mannelijke reproductieve problemen als gevolg van hormoonverstoorders. De Health and Environment Alliance (HEAL) deed vergelijkbare berekeningen voor borst- en prostaatkanker. De studie van de Universiteit Utrecht heeft al deze berekeningen kritisch geëvalueerd en vergeleken. Voor 16 van de ruim 80 ziektebeelden kon een kostenschatting worden gemaakt. Dit leverde een totale schatting op van 46 tot 288 miljard euro per jaar in Europa aan de ziektekosten door hormoonverstorende stoffen. In deze kostenschatting worden naast directe zorgkosten (bijvoorbeeld behandelingen en medicijnen) ook indirecte kosten meegenomen (zoals productiviteitsverlies) en voor sommige ziektebeelden immateriële schade (bijvoorbeeld verloren levensjaren).



Hormoonverstorende stoffen

Een hormoonverstorende stof is een lichaamsvreemde stof die het hormoon­systeem verstoort en daardoor nadelig is voor iemands gezondheid, voor diens nageslacht of voor een (sub)populatie. Voorbeelden zijn bisfenol A (BPA), dat wordt gebruikt bij de productie van plastics en bij het coaten van conservenblikken, en ftalaten zoals di-2-ethylhexylftalaat (DEHP) die worden gebruikt als weekmakers in plastic. Beide stoffen zijn onder meer terug te vinden in medische hulpmiddelen zoals infuusslangetjes. Daarnaast zitten er hormoonverstorende stoffen in sommige cosmetica, luchtverfrissers, speelgoed, (voedings)verpakkingsmaterialen, kleding en meubels. Mensen worden voornamelijk blootgesteld via het eten, maar ook via lucht, drinkwater en huisstof.



Oproep van medici

In Frankrijk en Denemarken hebben artsen het voortouw genomen in de discussie over hormoonverstorende stoffen. De internationale federatie voor gynaecologie en obstetrie (FIGO) deed vorig jaar een oproep aan medische beroepsgroepen om hun overheden aan te sporen maatregelen te nemen tegen schadelijke stoffen.(8) Een oproep van Nederlandse medici zal helpen om de Nederlandse overheid te doordringen van de ernst van de zaak en aan te sporen sneller maatregelen te nemen.

Er zijn veilige alternatieven op de markt


Ook op de werkvloer kunnen medici een belangrijke rol spelen. Blootstelling aan hormoonverstorende stoffen vindt namelijk ook plaats in de gezondheidszorg. De laatste jaren is er steeds meer aandacht in de medische literatuur voor de gevaren van blootstelling aan bijvoorbeeld di-2-ethylhexylftalaat (DEHP), een weekmaker in plastics. Het is al vier decennia bekend dat DEHP weglekt uit plastics, waaraan patiënten blootgesteld worden via onder meer infusen, beademings- en dialyseapparatuur. Onlangs heeft de Europese Commissie een rapport uitgebracht met een aantal stevige conclusies. Het rapport stelt dat DEHP toxisch is voor de reproductiviteit.(9) Daarnaast lopen prematuren, maar ook ernstig zieke kinderen en volwassenen die bijvoorbeeld afhankelijk zijn van dialyse, een hoog risico door het lekken van schadelijke stoffen uit medische hulpmiddelen. Toch zijn in de meeste Nederlandse ziekenhuizen nog volop medische hulpmiddelen te vinden die DEHP of BPA bevatten. Dit terwijl uit het rapport Non Toxic Healthcare van Healthcare without Harm blijkt dat er veilige alternatieven op de markt zijn. De American Medical Association (AMA) heeft haar leden opgeroepen om medische hulpmiddelen zonder schadelijke stoffen te gebruiken. De Deense overheid heeft een lijst opgesteld van medische hulpmiddelen die vrij zijn van schadelijke ftalaten, zodat inkopers een afgewogen beslissing kunnen nemen. Dit voorbeeld verdient navolging in Nederland. In haar aanbiedingsbrief bij het RIVM-rapport aan de Tweede Kamer zegt minister Schippers toe met ziekenhuizen en relevante beroepsverenigingen afspraken te gaan maken over het verantwoord terugdringen van de blootstelling aan BPA op kinderafdelingen en intensive­care-units voor pasgeborenen. Ook wil zij dat deze organisaties een actievere rol gaan spelen in het terugdringen van de blootstelling aan BPA. Een goede stap. Wij pleiten er echter voor dat elke arts medische hulpmiddelen gaat gebruiken die niet alleen vrij zijn van BPA maar ook van DEHP. Daarnaast zou de medische beroepsgroep een rol kunnen spelen bij het voorkomen van blootstelling aan hormoonverstorende stoffen door voorlichting te geven. Ook kan deze beroepsgroep de Nederlandse overheid aansporen om maatregelen te nemen tegen alle hormoonverstorende stoffen en niet alleen tegen BPA. Hiermee kunnen hoge gezondheidskosten en menselijk leed worden voorkomen.

Annelies den Boer, pleitbezorger mondiale gezondheid, Wemos, Amsterdam

dr. Majorie van Duursen, toxicoloog; Universiteit Utrecht, Institute for Risk Assessment Sciences, Utrecht

dr. Gavin ten Tusscher, kinderarts, Westfriesgasthuis, Hoorn

dr. Paul de Jong, oncoloog; Antonius Ziekenhuis, Nieuwegein


contact

Annelies.den.boer@wemos.nl

cc: redactie@medischcontact.nl

Geen belangenverstrengeling gemeld

Lees ook:

Voetnoten
1. https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-volksgezondheid-welzijn-en-sport/documenten/kamerstukken/2016/03/03/aanbiedingsbrief-bij-het-rivm-rapport-bisphenol-a-part-2-recommendations-for-risk-management
2. WHO (2012) The State of the Science of Endocrine Disrupting Chemicals.
3. https://www.iknl.nl laatst geraadpleegd 5.2.2016
4. http://www.cijfersoverkanker.nl laatst geraadpleegd 5.2.2016
5. Aben et al. (2012) Acta Oncologica 51: 922-33.
6. Tharp (2012) PNAS 109 (21): 8190
7. Rijk et al. (2016) Health effects related to Endocrine Disrupting Chemicals and their socio-economic impact in the EU: an inventory, evaluation and way forward to assess costs of EDC-related health effects. ISBN 978-90-393-6538-0. Beschikbaar via www.uu.nl/iras
8. Di Renzo GC, et al. (2015), Int J Gynecol Obstet http://dx.doi.org/10.1016/j.ijgo.2015.09.002
9. Scientific Committee on Emerging and Newly-Identified Health Risks (SCENIHR). Opinion on The safety of medical devices containing DEHP plasticized PVC or other plasticizers on neonates and other groups possibly at risk (2015 update)
http://ec.europa.eu/health/scientific_committees/emerging/docs/scenihr_o_047.pdf

 

Blootstelling aan hormoonverstorende stoffen, met name in de baarmoeder en in de eerste levensjaren, kan bijdragen tot gezondheidsproblemen later in het leven. Beeld: Getty Images
Blootstelling aan hormoonverstorende stoffen, met name in de baarmoeder en in de eerste levensjaren, kan bijdragen tot gezondheidsproblemen later in het leven. Beeld: Getty Images
Pdf van dit artikel
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • P.H.Th.J. Slee, internist n.p., ALMELO Nederland 14-06-2016 00:00

    "Recent is in Medisch Contact een oproep gedaan om het gebruik van endocrine disrupting chemicals (EDC’s) te staken of terug te dringen. Deze oproep ondersteunen wij van harte. Een dergelijke oproep werd eerder gedaan door het Geneesmiddelenbulletin. In twee bijdragen concentreerden wij ons op bisphenol A (Gebu 2015; 49: 82-84) en ftalaten (Gebu 2015; 49:105-107). De nadruk lag daarbij op de medische hulpmiddelen en terloops werden andere toepassingen die een belangrijker aandeel hebben in de blootstelling, vermeld. Sinds 2013 rapporteert het Geneesmiddelenbulletin naast de bekende rapportages over geneesmiddelen over medische hulpmiddelen. De belangrijke verschillen tussen geneesmiddelen en medische hulpmiddelen bij introductie, maar ook na de introductie worden hierbij belicht (Gebu 2013; 47: 63-69). Er bestaat scepsis ten aanzien van de risico’s van de zogenoemde EDC’s bij wetenschappers en deze scepsis komt ook duidelijk aan de orde bij sommige commentaren. Door het zeer lange interval tussen blootstelling aan deze middelen en het mogelijke optreden van sommige effecten, zoals mammacarcinoom en prostaatcarcinoom, lijkt scepsis niet onredelijk, maar de bewijzen voor de individuele chemicaliën in vitro en in proefdieronderzoeken staan daar haaks op.


    dr P.H.Th.J.Slee, internist/vaste medewerker Geneesmiddelenbulletin
    dr D.Bijl, arts-epidemioloog/hoofdredacteur
    "

  • U. Proost, bedrijfsarts in ruste, ALMELO Nederland 31-05-2016 00:00

    "Ik ben erg blij dat uit medische hoek deze waarschuwing komt. Weekmakers worden ook veel gebruikt in cosmetica en andere consumentenproducten. Ze zijn al langer verdacht. Gezien de duidelijke toename van de incidentie van bijv. mammacarcinoom is voorzichtigheid op zijn plaats."

  • FAP Willemsen, Huisarts in ruste, Stadtkyll Deutschland 23-05-2016 00:00

    "Ondanks het feit dat er GEEN harde Evidence-based cijfers bij mensen bekend zijn, pleit ik toch voor het bekijken van andere alternatieven.
    Tegen de Relativisten onder ons zeg ik: Niets doen en wachten totdat er cijfers bekend zijn, is ook geen optie."

  • FAP Willemsen, Huisarts in ruste, Stadtkyll Deutschland 23-05-2016 00:00

    "Ondanks het feit dat er GEEN harde Evidence-based cijfers bij mensen bekend zijn, pleit ik toch voor het bekijken van andere alternatieven.
    Tegen de Relativisten onder ons zeg ik: Niets doen en wachten totdat er cijfers bekend zijn, is ook geen optie."

  • W. van der Pol, ziekenhuisapotheker en counselor, Delft 18-05-2016 00:00

    "Telkens wanneer ik dergelijke toxicologische literatuur lees, krijg ik altijd de neiging te relativeren. De weekmakers in plastics en rubbers zijn een noodzakelijk kwaad en veilige weekmakers lijken me een contradictie. Weekmakers komen via alle kanten ons lichaam binnen. Daarom zou ik niet beginnen bij medische hulpmiddelen, die een zegen zijn in de medische behandeling.. En wie garandeert of nieuwe alternatieven zonder risico's zullen zijn?"

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.