Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
interview

‘Geneeskunde neemt sterfelijkheid niet serieus genoeg’

Awee Prins wil broosheid van het bestaan recht doen

8 reacties
Filosoof Awee Prins: ‘De arts wordt onsterfelijk als hij een witte jas aantrekt.’ Foto: Hanna van de Wetering
Filosoof Awee Prins: ‘De arts wordt onsterfelijk als hij een witte jas aantrekt.’ Foto: Hanna van de Wetering

Volgens filosoof Awee Prins mag de geneeskunde wel wat filosofischer worden. ‘De crux van de medische praktijk is twee sterfelijken in één kamer, waarvan de een iets sterfelijker is dan de ander.’

We zitten aan de eettafel. Met Heidegger, Kafka, heel veel paperassen met aantekeningen. En gebakjes: zijn filosofische kinderboek De dag dat de zee weg was is zojuist verschenen.

Een kleine 2 procent van de studenten geneeskunde aan de Erasmus Universiteit verbreedt het curriculum met filosofie van de geneeskunde. Prins is coördinator. Hij legt een anekdote voor over studenten die geen onderwerp kunnen vinden voor hun scriptie. ‘Die vertel ik: schrijf maar over gezondheid, want daar gaat het in essentie toch over?’ Ze komen allemaal na drie weken terug. ‘Meneer Prins, ik kon er niets over vinden.’ De definitie van gezondheid van de World Health Organisation is a state of complete physical, mental and social well-being. ‘Dat is toch vreemd? Dat heeft niemand, het bestaat niet.’ Prins is fel, uitgesproken, praat met grote handgebaren.

‘Het grappige van filosofen en artsen is dat ze allebei ijdel zijn. Artsen vinden zichzelf over het algemeen de belangrijkste beroepsgroep die er is. Kinderen van artsen gaan ook opvallend vaak geneeskunde studeren.’ Lachend: ‘Vergis je niet, al míjn kinderen studeren filosofie. Maar die arrogantie, die interesseert me. Hoe kan het dat zowel artsen als wijsgeren zichzelf zo belangrijk vinden? Ik denk dat het komt omdat ze allebei vergankelijkheidsberoepen uitoefenen. Wijsbegeerte is nadenken over de eindigheid. Over zijn en tijd. Over zijn en niet-zijn. Geneeskunde staat, heel praktisch, ook precies in dat spanningsveld tussen zijn en niet-zijn. Daar zeg ik dus al mee dat de geneeskunde geen techniek is om het sterven uit te stellen, maar de vergankelijkheid van de mens ernstig moet nemen. De ijdelheid wil ik daarom goedpraten. Het is geen misplaatste ijdelheid. Het is het besef dat jouw vakgebied het meest cruciale is waar een mens mee bezig kan zijn.’

Filosofen zijn erop uit mensen door elkaar te schudden

Filosofie en geneeskunde lijken in eerste instantie op gespannen voet met elkaar te staan. Plato stelde dat de filosofie een oefening in sterven is…

‘En de geneeskunde is met man en macht bezig de dood uit te stellen. Dat is inderdaad een enorm verschil. De geneeskunde probeert het lijden te verzachten. Filosofen zijn erop uit mensen beroerd te maken, door elkaar te schudden.’

Maar u bent nu bezig met het boek Bij broos leven, hoort broos denken. Dat klinkt eerder verzachtend dan pijnlijk.

‘Dat is het ook, en ik wil dat ook op de geneeskunde toepassen. Dat bij broos leven niet alleen broos denken hoort, maar ook broos handelen en zelfs broos behandelen. De geneeskunde doet er alles aan om broosheid weer tot stevigheid te brengen. ‘We gaan u helpen, we gaan voor genezing. U wordt weer beter.’ Op die manier reduceer je het menselijk bestaan tot een reeks problemen en oplossingen. Ziektes met een mens eraan. Maar je wordt niet beter. Niemand wordt beter dan hij was. Je wordt hoogstens iets minder ziek.’

Wat betekent dat concreet voor de geneeskundige praktijk?

‘De crux van de medische praktijk is twee sterfelijken in één kamer, waarvan de een iets sterfelijker is dan de ander. Dat is essentieel voor zowel de patiënt als voor de arts. De arts wordt op het moment dat hij een witte jas aantrekt onsterfelijk: zijn eigen dood is geen thema meer. Maar ook de patiënt wil zijn eindigheid niet onder ogen zien. Het is de vraag of we daarmee niet in een verstand van de dag zitten waarin we de broosheid van het bestaan onrecht doen. Juist de geneeskunde zou zich daar niet in moeten schikken.’

De geneeskunde moet filosofischer worden?

‘We zijn geen auto’s die je kunt repareren. Als jij een ziekte hebt gehad, een depressie of een psychose kom je er altijd anders uit. Beschadigd. Gehandicapt. Het woord therapie betekent oorspronkelijk ondersteunen, maar het is steeds meer repareren geworden. We zijn in een systeem beland van zo snel mogelijk oplossingen zoeken. Maar aandacht, rustige toegewijde aandacht, moet in de geneeskunde weer een veel centralere rol krijgen. Er moet tijd komen voor de ontmoeting tussen artsen en patiënten. En er moet begrepen worden dat het om een ontmoeting gaat tussen ménsen. De arts moet veel meer naast zijn patiënten gaan staan, in plaats van tegenover de ziekte. Wanneer een arts niet begrijpt dat de mens een broos, kwetsbaar wezen is, maar hem alleen maar ziet als een gezond organisme met een defect, dan klopt er iets niet. Mensen klampen zich aan strohalmen vast, hebben angsten die niet reëel zijn. Dát begrijpen is werkelijke empathische geneeskunde. Wanneer je als arts je eigen sterfelijkheid radicaal beseft, en meeneemt in de erkenning van het verdriet en de angst van de patiënt als medemens, ontstaat er wat ik existentiële professionaliteit zou willen noemen. Daarmee zeg ik niet dat we iets verkeerd aan het doen zijn, maar we zijn wel iets vergeten. De broosheid van het bestaan. De geneeskunde lijdt aan het feit dat ze de sterfelijkheid niet serieus genoeg neemt.’

Voltooid leven? Ik geloof dat er zoiets bestaat als uitgeput leven

Artsen zijn toch juist degenen die de dood niet wegdenken?

‘Artsen zijn zich terdege bewust van de broosheid en sterfelijkheid van de mens. Maar de huidige geneeskunde is een systeem van de hoop, van doorbehandelen. We moeten de duisternis, de verborgenheid, het afgrondelijke van de dood niet ontkennen. In een correctie op Dylan Thomas: Rage against the denying of the night. In de geneeskunde heerst de retoriek van de hoop. Bestralingsapparaten heten ‘Zeus’, ‘Apollo’ of ‘Titaan’.

Dat is niet altijd zo geweest. Tot voor kort hoorde lijden nog bij het leven, geheel in de christelijke traditie.

‘In de jaren tachtig introduceerde Heleen Dupuis begrippen als waardig sterven, een goede dood, een zachte dood. Ze kreeg iedereen over zich heen. Toen was het verstand van de dag dat lijden zin heeft. Natuurlijk verheerlijk ik het lijden niet. Maar het is wel opvallend dat nu zelfs het kleinste pijntje onmiddellijk moet worden verholpen. En in ultieme zin: dat mensen zelf moeten kunnen bepalen wanneer ze hun lijden te groot en hun leven voltooid vinden. Alleen de SGP staat nu – met haar rug tegen de muur – nog heel zachtjes te mompelen dat het leven toch een geschenk van God is.’

U zet zich af tegen de term voltooid leven.

‘Ik vind voltooid leven een raar en ongemakkelijk idioom. Het leven is nooit voltooid. Wat ik wel geloof is dat er zoiets bestaat als een uitgeput leven. Zo intens vermoeid zijn, geestelijk, lichamelijk. Dat je als een dier door je bed kruipt, alle menselijkheid vervlogen. Maar dat is geen voltooid leven. Dat leven is niet voltooid, het is verwoest, het is uitgeput. Het voltooid-levenidioom is een semantische truc waarmee wij verlichtingsdenkers alles in het kader van het licht, de macht en de maakbaarheid willen zien.’

In de politiek lijkt voltooid leven toch vooral over zelfbeschikking te gaan.

‘Helemaal eens. De term voltooid leven moet mensen de indruk geven dat er iets moois plaatsvindt. Ook het woord zelfbeschikking behoeft wijsgerige reflectie. We beschikken in ons leven nooit over onszelf. We nemen beslissingen in dat leven, we doen dingen, maar het is allemaal tastend en dwalend. We hebben geen grip op het leven, en al helemaal niet op het sterven. Sterker nog, naar Goethe, zodra een mens geboren wordt, is hij oud genoeg om te sterven. Je sterft niet je hele leven lang, maar je bent wel heel je leven lang sterfelijk. Je kunt het sterven niet reserveren voor een heel beperkt deel van het bestaan.’

Wat zegt het over een samenleving dat er zoveel mensen over voltooid leven en euthanasie praten?

‘Heel cynisch: de pensioenfondsen zitten erachter, we worden allemaal te oud. Maar ook leven we in een forever young-cultuur, een goedweersamenleving, een samenleving waarin je nuttig moet zijn. Wanneer jij daar niet meer bij hoort, wordt die nutteloosheid op je geprojecteerd. Bedenk ook: wij zijn het animal rationale. We hangen onze existentie op aan het verstandelijk vermogen. Wanneer dat uit onze vingers glipt omdat je bijvoorbeeld gaat dementeren, vinden we dat het ergste wat er is. Maar het is de kringloop van het leven. Dit is wat er gebeurt. We vinden het ook niet erg dat een baby maar wat brabbelt en naar plastic dingetjes grijpt.’

Omdat we weten dat het kind zal opstaan uit die hulpeloosheid.

‘Dan maken we de fout dat we enkel alles wat groeit en bloeit belangrijk en mooi vinden. En dat we wat zachtjes wegglijdt, als waardeloos bestempelen. Het is niet waardeloos, het is een levensfase. Weliswaar niet slim, niet krachtdadig. Maar met zijn eigen charmes, zijn eigen waardigheid.’

Dus je zou kunnen zeggen dat de samenleving het de geneeskunde moeilijk maakt, en dat ze zich juist daarom meer filosofie zou moeten gunnen?

‘Precies. Het ligt niet aan de geneeskunde, het ligt aan ons verstand van de dag. Wij vonden ooit de verzorgingsstaat een heel mooi idee, dat je zwakke mensen in hun kwetsbaarheid helpt. Maar vervolgens zijn we dat gaan vereconomiseren. We gingen niet naast mensen staan, maar gaven uitkeringen. Daarmee hebben we een kans gemist. Het was juist zo mooi dat we elkaar op een gegeven moment aankeken en zeiden “als mensen pech hebben in het leven, het moeilijk hebben, dan moet je ze bijstaan”. En precies dát, naast mensen gaan staan, moet je ook doen aan het einde van de rit.’

Awee Prins (1957) is filosoof en auteur van onder meer Uit verveling en het begin deze maand verschenen De dag dat de zee weg was. Hij is werkzaam op de Erasmus Universiteit als universitair hoofddocent fenomenologie & hermeneutiek en is tevens dean van de Erasmus Honours Academy. Hij staat op het podium tijdens het evenement De dokter en de dood 2017.

De dokter en de dood 2017, 31 oktober, Arminius Rotterdam, 3 Accreditatiepunten ABAN

aanmelden

download dit artikel

print dit artikel
interview levenseinde filosofie voltooid leven
  • Hanna van de Wetering

    Hanna is webredacteur en journalist en richt zich in het speciaal op de artsen van de toekomst met Arts in Spe.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Joris van Driel, moderne dorpsdokter, Benthuizen 13-10-2017 16:40

    "Goed artikel.
    Filosofische reflectie helpt mij in de praktijk.
    Verplichte kost voor alle "therapeuten" mijns inziens."

  • Hanneke Romeijn, jeugdarts, Apeldoorn 10-10-2017 21:13

    "@emilekeuter de spijker op de kop en geweldige gedachten van Awee Prins!"

  • emile keuter, neuroloog, meppel 09-10-2017 09:28

    "@ ossekoppele Ik weet wel zeker dat het niet een kwestie van durven is als de heer Prins niet specifiek getuigt van reformatorische wijsbegeerte en de geschenken ons door God gegeven. Ik betwijfel of hij met de voorgestelde getuigenis net zoveel harten zou hebben geraakt als nu. Desalniettemin dank voor uw stelling."

  • jim dibbets, arts Levenseindekliniek, Haarlem 08-10-2017 18:09

    "Wij zien veel ouderen met stapeling van klachten, die om euthanasie vragen.
    Toen ik las, dat Awee Prins, zich verzette tegen de term voltooid leven en het eerder zag als '' uitgeput leven'' , kreeg ik een Aha Erlebnis: Dát is het natuurlijk ! De mensen zijn inderdaad zo intens vermoeid en , zowel geestelijk als lichamelijk, uitgeput! Dat is ook altijd de grondslag van hun verzoek om beëindiging van het leven. Telkens weer! Het is echt óp! Het is altijd zo evident en zichtbaar.
    Maar...wij dokters moeten het toch bewijzen, de medische grondslag hiervoor aantonen. Dat is soms best moeilijk, zeker als het bloedonderzoek ''niets afwijkends'' laat zien.
    Afijn, ik zal vaak aan de term ''uitgeput leven'' denken ! Dat is m.i. de juiste terminologie . "

  • R. Ossekoppele, internist-allergoloog, Hengelo 06-10-2017 12:49

    "Uitdagende woorden!
    Ik hoop dat veel medici dit bovenstaande artikel lezen. En dat filosofie en ook methodologie een verplicht onderdeel wordt van het curriculum. Zie artikel NIV Olaf Dekkers LUMC. Jammer dat nog zo weinig medici niet de uitdaging zijn aangegaan tijdens hun studie (en erna), om zich te verdiepen in wat de filosofie ons kan leren.
    Iedereen denkt en handelt vanuit een , vaak onbewuste, eigen, ook cultuur gebonden, filosofie. Deze, inclusief vooroordelen, aan de orde stellen, toetsen, relativeren, bijstellen/corrigeren is confronterend en haalt je uit de ‘comfort zone’.
    De werkelijkheid en het leven ontdoen van reden, zin en doel noemen we ‘Verlichting’. We hoeven in die werkelijkheid geen rekening meer hoeven te houden met een boven de beperktheid van de mens bestaande moraliteit. Moraliteit wordt nu afhankelijk van de waan van de dag en van de tijd. Zo is nu het moreel heel verantwoord om mensen te reduceren tot economische eenheden; tevens, om ook (!) economisch en sociaal uitgerangeerden van onze maatschappij het gevoel te geven van ‘voltooid leven’.
    Een aanpassing op wat Awee Prins stelt: We gaan niet naast mensen staan, maar geven een pil/injectie. Een snelle en efficiënte oplossing. Daarmee missen we het belangrijkste. Het is juist als we mensen die pech hebben in het leven, het moeilijk hebben, bijstaan nog voor ze aan het einde van de rit zijn en ook aan het einde van de rit zijn’.
    Een opmerking bij de zin “ Alleen de SGP staat nu – met haar rug tegen de muur – nog heel zachtjes te mompelen dat het leven toch een geschenk van God is.” Dit is een mening als feit presenteren. Mijn stelling: de SGP geeft heel duidelijk, onverbloemd, luid aan dat het leven een geschenk van God is. Maar als ik dit niet wil horen en mijn oren dichtstop, komt het als zacht gemompel over.
    Welgemeend advies aan dhr Prins : durft u zich te verdiepen ook in de reformatorische wijsbegeerte? Durft u de uitdaging aan? Durft verder te denken?
    "

 
Akkoord Cookievoorkeuren aanpassen

Medisch Contact gebruikt cookies en scripts om uw gebruik van onze website geanonimiseerd te analyseren, zodat we functionaliteit en effectiviteit kunnen aanpassen en op uw profiel afgestemde advertenties kunnen tonen. Ook gebruiken we cookies en scripts om integratie met social media (Twitter, Facebook, LinkedIn, etc.) mogelijk te maken. Meer informatie vindt u in onze cookieverklaring en in onze Privacyverklaring