Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Sjaak Wijma
5 minuten leestijd
kwaliteit

Evaluatieonderzoek Consortium vereist structurele steun

Verzekeraars, ziekenhuizen en specialisten moeten investeren in kwaliteit

Plaats een reactie
© iStock
© iStock

Doelmatigheidsonderzoek is cruciaal voor de kwaliteit van het medisch handelen, weten gynaecoloog Sjaak Wijma en andere deskundigen. Maar de subsidies van ZonMw zijn ontoereikend. Bredere financiering is dus nodig en, gezien het profijt voor ziekenhuizen en verzekeraars, op zijn plaats.

Het begon in 2003. Onder de naam Verloskundig Consortium startten zes perinatologen met gezamenlijk doelmatigheidsonderzoek in multicentrisch verband. Dit, veelal door ZonMw gefinancierde, onderzoek evalueerde de effectiviteit van medische zorg, met als doel kwaliteitsverbetering en kostenbeheersing.

Nu, ruim tien jaar later, nemen meer dan zeventig ziekenhuizen aan deze organisatie, inmiddels kortweg Consortium geheten, deel. Het aandachtsgebied obstetrie is uitgebreid met voortplantingsgeneeskunde, oncologie en gynaecologie. Er zijn al veel doelmatigheidsstudies afgerond die kennis-hiaten hebben gedicht en de zorg voor de patiënt direct hebben verbeterd.

Dat moet zo blijven, maar daarvoor is wel structurele financiering nodig.

Praktijkvariatie

De gangbare, dagelijks uitgevoerde medische zorg is deels gebaseerd op wetenschappelijk bewijs en deels op pathofysiologisch redeneren en klinische ervaring. Van een groot aantal behandelingen is de winst voor de gezondheid niet of nauwelijks wetenschappelijk onderzocht, laat staan aangetoond. Dat wil overigens niet zeggen dat zo’n behandeling per se slecht is. Alleen het bewijs dat de behandeling ertoe doet, ontbreekt. En dit leidt tot verschillende interpretaties en behandelingen bij hetzelfde ziektebeeld: praktijkvariatie. Permanente zorgevaluatie is daarom een onmisbaar onderdeel van de kwaliteitscirkel.

Dit wordt in feite bevestigd door de Nederlandse Zorgautoriteit, die stelt dat professionals in de zorg en wetenschappelijke verenigingen zorgvuldig moeten gaan bepalen of elke zorg in alle gevallen geboden moet worden; dit onder meer omdat voor de helft van de therapieën de effectiviteit niet bewezen is.

Ook diverse adviserende organisaties zoals Booz en KPMG betogen dat ‘kwaliteit als medicijn’ leidt tot vermindering van overbehandeling en praktijkvariatie en zo een belangrijke kwaliteitsverbetering zal opleveren.

Minister Edith Schippers verwoordt het belang van doelmatigheidsprogramma’s van ZonMw als volgt in haar brief aan de Tweede Kamer (18 juli 2014): ‛Een systematische en gezamenlijke ­aanpak van zorgverleners, ziekenhuizen, ­verzekeraars en patiënten is nodig om de kwaliteit daadwerkelijk te verbeteren en om te werken aan het reduceren van de kosten voor de zorg.

De Federatie Medisch Specialisten (FMS) ten slotte, zette in 2014, binnen Choosing Wisely – een internationaal samenwerkingsprogramma voor doelmatigheid en diagnostiek – een project zorgevaluatie in gang. Daarmee is alle beschikbare kennis en ervaring binnen de verschillende wetenschappelijke verenigingen gebundeld en geborgd.

Subsidies niet toereikend

Het onderzoek van het Consortium wordt niet structureel maar op projectbasis door ZonMw gefinancierd. Of er onderzoeken uitgevoerd gaan worden is dus puur afhankelijk van de honorering van de projecten door ZonMw. Zodoende vindt er geen prioritering van de doelmatigheidsstudies plaats anders dan door de honorering van ZonMw. Hiermee is het dus niet zeker dat de (vanuit het perspectief van de wetenschappelijke vereniging) meest belangrijke kennishiaten­­ gedicht ­zullen ­worden. De ZonMw projectsubsidies zijn dan ook vaak niet langer ­toereikend om zorgevaluatie op een gedegen manier uit te voeren.

Ook toenemende wet­ en regelgeving en administratieve druk leiden tot energieverlies en kostenstijging. Ziekenhuizen kijken steeds kritischer of de vergoeding toereikend is om de ­researchmedewerkers te financieren.

Daarbij komt dat de partij die de studies financiert, ZonMw dus, niet de partij is die profiteert van de resultaten van de studies. Dat zijn namelijk de zorgverzekeraars en de ziekenhuizen. Immers, de implementatie van de uitkomsten van de studies leidt aantoonbaar tot een reductie van de kosten die deze partijen maken om de benodigde zorg aan te bieden. Het lijkt dan ook niet meer dan logisch dat (een deel van) die opbrengst opnieuw ingezet zou worden voor het uitvoeren van nieuwe studies: ook wel het ‘shared savings’-model genoemd.

Kleur bekennen

De FMS heeft – met financiering van de Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten en ZonMw – in 2014 de stuurgroep zorgevaluatie ingericht, als onderdeel van Choosing Wisely. Doel is een verdere verankering van zorg-evaluatie in het medisch-specialistisch kwaliteitsbeleid, door:

• Ervaringen ten aanzien van zorgevaluatie-onderzoek (agendavorming, uitvoering in de instellingen en ­financiering) te bundelen en breed beschikbaar te stellen;

• Scenario’s uit te werken voor organisatie en infrastructuur van kennisnetwerken;

• Modellen uit te werken voor structurele financiering van zorgevaluatie en handvatten te bieden voor het ontwikkelen van een revolving fund c.q. shared savings.

Om de zorg te blijven verbeteren en overbehandeling en daarmee samenhangende kosten te reduceren vinden medisch specialisten het dus van groot belang om samen met de belangrijke stakeholders brede inzet van ­zorgevaluatie te ­realiseren. Echter, de kwaliteit en continuïteit van de permanente evaluatie van medisch handelen kunnen slechts worden ­gegarandeerd bij een professionalisering die alleen met structurele financiering haalbaar is.

Het veld is in beweging, partijen moeten kleur bekennen. De waarde van het proces wordt breed onderkend, maar de financiering is nog niet van de grond. De business case is voor de patiënt zowel ­inhoudelijk als financieel zeer positief, nu de ­vertegenwoordigende partijen nog op één lijn. Work in progress dus.

Een voorbeeld: Hypitat

Een voorbeeld van een doelmatigheidsstudie van het Consortium is de Hypitat-studie uit 2009. Het doel ervan was om – met het oog op klinische effectiviteit, maternale kwaliteit van leven en kosten – na te gaan wat beter is voor vrouwen met milde zwangerschapsgerelateerde hypertensie à terme: inleiden van de baring of een afwachtend beleid. De conclusie van de studie was: inleiden van de baring is wenselijk vanwege een betere maternale conditie en lagere kosten, zonder grotere kans op een sectio caesarea en bij vergelijkbare neonatale uitkomst.

Het aantal gevallen van eclampsie – zwangerschapsstuipen – daalde van 0,85 procent vóór de start van de studie via 0,3 procent tijdens de studie naar 0,19 procent in de anderhalf jaar ná bekendmaking van de studieresultaten. Hierbij was een sterkere afname te zien bij de ziekenhuizen die participeerden in de studie en daardoor waarschijnlijk sneller de resultaten implementeerden (86 versus 61% afname). De gezondheidswinst is evident. De eenmalige kosten van de studie bedroegen 292.000 euro en de potentiële besparing op jaarbasis 3.400.000 euro.

auteur

dr. Sjaak Wijma, gynaecoloog Martini Ziekenhuis Groningen en voorzitter NVOG Consortium, namens de NVOG-leden

contact

jac.wijma@gmail.com

c.c.: redactie@medischcontact.nl

1. Hooft, Janneke van ’t, Brent C. Opmeer, Margreet J. Teune, Luuk Versluis en Ben Willem J. Mol
Kosten en effecten van doelmatigheidsonderzoek in de obstetrie. Een budget-impactanalyse van acht obstetrische doelmatigheidsstudies. Ned Tijdschr Geneeskd. 2013;157:a6287

2. Studies in Obstetrics, Fertility & Gynaecology: www.studies¬obsgyn.nl

3. Nederlandse Zorgautoriteit. Van fabels naar feiten. Stand van de zorgmarkten 2012. Nederlandse Zorgautoriteit, Utrecht 2012.

4. Visser, S., K. Cools, J. Kremer en A. Klink. Kwaliteit als medicijn. Aanpak voor betere zorg en lagere kosten. Booz & Company b.v., Amsterdam, 2012

5. Kamerbrief over Doelmatigheidsprogramma’s binnen ZonMw, 18 juli 2014, documenten en publicaties VWS
6.           Koopmans CM, Bijlenga D, Groen H, Vijgen SMC, et al. 
Induction of labour versus expectant monitoring for gestational hypertension or mild pre-eclampsia after 36 weeks’ gestation (HYPITAT): a multicentre, open-label randomized controlled trial.
Lancet. 2009 Sep 19;374(9694):979-88. doi: 10.1016/S0140-6736(09)60736-4. Epub 2009 Aug 3

PDF van dit artikel
kwaliteit gynaecologie
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.