Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
H. Tiemersma en S.F. Steenhuisen
15 april 2008 10 minuten leestijd

Een vluchteling met littekens

Plaats een reactie

Asielzoekers moeten bij aankomst een gezondheidscheck ondergaan



Asielzoekers dragen soms sporen van marteling en mishandeling. Velen hebben zulke ernstige psychische problemen dat zij niet direct na aankomst kunnen vertellen waarom zij zijn gevlucht. Maar een medisch onderzoek is bij arriverende asielzoekers niet vanzelfsprekend.



Nederland besteedt weinig aandacht aan de medische en psychische problematiek van arriverende asielzoekers. Maar daar lijkt verandering in te komen. Staatssecretaris Albayrak beraadt zich op het advies van de Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken (ACVZ) om alle asielzoekers bij binnenkomst een gezondheidscheck aan te bieden.1 Het niet (tijdig) onderkennen van medische of psychische problematiek bij asielzoekers leidt namelijk in veel gevallen tot nieuwe asielaanvragen of aanvragen van een verblijfsvergunning om medische redenen. Bovendien wil de Europese Commissie dat EU-lidstaten meer aandacht besteden aan kwetsbare asielzoekers.2 Het Antifoltercomité van de VN vindt dat Nederland medische rapportages moet meewegen bij het beoordelen van asielverzoeken. Daarbij is volgens het comité het Istanbul Protocol (zie hierna) van belang.3



Oorlog


Veel asielzoekers die in Nederland arriveren, hebben ernstige somatische en geestelijke problemen als gevolg van oorlog, marteling of mishandeling in het land van herkomst.4 Ze leiden vaak aan slaap- en concentratiestoornissen, herbelevingen, angsten en depressiviteit, maar ook dissociatieve stoornissen en psychosen komen voor. In de aanmeldprocedure, die niet meer dan 48 procesuren beslaat, worden deze klachten lang niet altijd opgemerkt. Vaak belemmeren ze de asielzoeker om zijn motieven helder uiteen te zetten, met als gevolg een afwijzing binnen 48 uur. Deze mensen worden soms terug­gestuurd naar hun land van herkomst terwijl zij daar het risico lopen op nieuwe geweldservaringen (zie casus). Anderen worden vastgezet in een detentiecentrum of zonder enige vorm van behandeling op straat gezet.



Medisch en psychologisch onderzoek direct na binnenkomst is dus van belang. In de eerste plaats om te kijken of een asielzoeker ziek is en behandeling nodig heeft.5 Maar ook om te beoordelen of hij consistent en zo volledig mogelijk over zijn asielmotieven kan verklaren.6 Als dit niet is te verwachten, mag het asielverzoek niet binnen de 48-uursprocedure op het aanmeldcentrum worden beoordeeld, maar moet de asielzoeker worden doorgestuurd naar een behandelkantoor. Hij heeft dan meer tijd om op adem te komen voordat de IND het ‘nader gehoor’ afneemt.7



Er is wel enige vorm van medisch onderzoek mogelijk op de aanmeldcentra. De IND kan op eigen initiatief of op dat van de rechtshulpverlening een arts van de GGD inschakelen om te beoordelen of een asielzoeker in de 48-uursprocedure op het aanmeldcentrum kan worden gehoord. Er is veel kritiek op deze onderzoeken. Ze zijn zeer summier en worden niet volgens een protocol uitgevoerd. De arts is bovendien gebonden aan standaardonderzoeksvragen die de IND voorlegt en die met ‘ja’ of ‘nee’ moeten worden beantwoord. In de meeste gevallen concludeert de arts dat de asielzoeker kan worden gehoord.



Sporen van marteling


Er is nog een andere reden om asielzoekers medisch te onderzoeken. Ze dragen soms sporen van marteling of mishandeling, zoals wonden, littekens, fysieke of psychische klachten. Medisch onderzoek kan aannemelijk maken of deze sporen consistent zijn met het relaas over marteling of mishandeling. Als de resultaten van dat onderzoek het verhaal van de asielzoeker ondersteunen, zouden ze moeten kunnen dienen als steunbewijs in de asielprocedure.



Het Istanbul Protocol, een document dat door zo’n veertig organisaties is opgesteld, ondersteunt deze zienswijze.8 Het protocol geeft uitgebreide richtlijnen over onderzoek naar en documentatie van sporen van marteling. De Verenigde Naties hebben het document in 1999 geadopteerd. Volgens het protocol beoordeelt de arts-onderzoeker de mate van consistentie tussen de medische bevindingen en het relaas over marteling.9 Het protocol richt zich primair op onderzoek en rapportage voor strafrechtelijke procedures, maar is ook expliciet van toepassing op asielprocedures.10



Maar de Nederlandse overheid doet tot nu toe niets met het Istanbul Protocol in asielprocedures. In ons land spelen medische aspecten in beginsel geen rol bij de beoordeling van asielverzoeken aangezien er, zo luidt het beleid, ‘medisch gezien (meestal) geen zekere uitspraken zijn te doen over de oorzaak van klachten en/of littekens’.11 Echter, van asielzoekers wordt slechts verwacht dat ze hun asielrelaas ‘aannemelijk’ kunnen maken.12 Een medische rapportage kan daaraan bijdragen, maar vaak wordt zo’n rapportage in de asielprocedure niet meegewogen.



Dat medische informatie moet kunnen dienen als (steun)bewijs in de asielprocedure is overigens ook al in 2004 door de commissie-Smeets geconcludeerd.13 Toenmalig minister Verdonk voor Vreemdelingenzaken en Integratie nam deze aanbeveling echter niet over. Het is de vraag wat staatssecretaris Albayrak gaat doen met de eerder genoemde aanbeveling van het Antifoltercomité.



Aangekomen


Hoe kan het beter? Het is zinvol te kijken naar initiatieven van twee NGO’s, die inspelen op de behoefte van asielzoekers aan medisch onderzoek en rapportage.


ASKV/Steunpunt Vluchtelingen is in 2006 gestart met het verrichten van psychologisch onderzoek bij pas aangekomen asielzoekers. Het onderzoek richt zich op de vraag of een asielzoeker consistent kan verklaren over zijn asielmotieven. Dit pilotproject, ‘Meldpunt Asielzoekers met Psychische Problemen’ (MAPP), heeft als doel dat in de beoordeling van het asielverzoek structureel rekening wordt gehouden met de psychische toestand van pas aangekomen asielzoekers.14 MAPP-diagnostici zien slechts een klein percentage van de binnengekomen asielzoekers. Signalering vindt plaats door rechtshulpverleners en medewerkers van Vluchtelingenwerk. Zij gebruiken daarvoor een door het MAPP ontwikkelde vragenlijst. Bij een vermoeden van psychische problematiek wordt contact opgenomen met het MAPP.



Een aan het MAPP verbonden psycholoog of psychiater verricht vervolgens (onbetaald) zo snel mogelijk onderzoek op het centrum waar de asielzoeker verblijft en rapporteert daarover. In verreweg de meeste gevallen leidt MAPP-onderzoek tot de conclusie dat de asielzoeker op het moment van onderzoek niet in staat is consistent over zijn asielmotieven te verklaren. Het is opmerkelijk dat de IND rekening houdt met de MAPP-rapportages. Tussen juni 2006 en februari 2008 zijn 220 asielzoekers onderzocht. Van de onderzoeken vond 60 procent plaats vóór de aanvang van de versnelde procedure. Op een enkele uitzondering na liet de IND de onderzochte asielzoekers opnemen in de normale procedure.15



Het tweede initiatief is dat van de Medische Onderzoeksgroep (MOG) van Amnesty International. Artsen van de MOG verrichten al dertig jaar medisch onderzoek bij asielzoekers om de relatie te beoordelen tussen medische bevindingen en de gestelde martelingen/mishandelingen. Dit gebeurt op aanvraag van de asieladvocaat en na selectie op het secretariaat van Amnesty International.16 De advocaat kan de rapportage indienen in de asielprocedure. In de praktijk blijkt zo’n onderzoeksrapportage van invloed te zijn. In ruim 50 procent van de zaken waarin de MOG na afwijzing van het asielverzoek een medisch onderzoek verricht, wordt het asielverzoek alsnog ingewilligd.



Gezondheidscheck


Uit deze initiatieven blijkt dat de IND in de praktijk toch meer rekening houdt met medisch en psychologisch onderzoek dan uit officieel beleid valt op te maken. De MAPP-diagnostici en de MOG-artsen zien echter maar een klein percentage van de asielzoekers. Maar de tijd lijkt rijp voor nieuw beleid. Staatssecretaris Albayrak overweegt om de procedure in de aanmeldcentra te verbeteren.17 Het uitvoeren van de door de ACVZ geadviseerde gezondheidscheck bij alle binnenkomende asielzoekers is een manier om medische en psychische problemen in een vroeg stadium te onderkennen. Volgens de ACVZ moet zo’n check worden uitgevoerd door een gespecialiseerde sociaal-verpleegkundige met eventueel een vervolgonderzoek door een arts.18 Met zo’n gezondheidscheck kan worden bekeken of een medische behandeling nodig is en of er medische beperkingen zijn voor het horen. Ook kunnen medische gegevens worden opgespoord die relevant zijn voor het asielverzoek.19



Albayrak lijkt wel iets in de gezondheidscheck te zien. Zij heeft de ACVZ om nader advies gevraagd. Dit stemt voorzichtig hoopvol. Tot op heden staat medische inbreng in de asiel­procedure vaak buitenspel. De door de ACVZ voorgestelde gezondheidscheck en vervolgmogelijkheden voor medisch onderzoek kunnen hierin verandering brengen. De overheid kan dan niet langer volhouden dat medische aspecten in beginsel geen rol spelen bij de beoordeling van een asielverzoek. Als het advies wordt overgenomen, komt er meer aandacht voor de medische en psychische situatie van de asielzoeker. Dit komt niet alleen de gezondheid van asielzoekers ten goede, maar leidt ook tot een eerlijker en zorgvuldiger asielprocedure. 


mr. H. Tiemersma, jurist bij Amnesty International Amsterdam


drs. S.F. Steenhuisen,lid van de Medische Onderzoeksgroep van Amnesty International



Correspondentieadres:


h.tiemersma@amnesty.nl

,

sfsteenhuisen@planet.nl

;


cc:

redactie@medischcontact.nl

 



Geen belangenverstrengeling gemeld



MC artikelen:



COA stopt samenwerking met medische opvang asielzoekers

(Nieuwsreflex). MC 2 - 12 januari 2008



'Reguliere basiszorg ook voor illegalen'

(Nieuwsreflex). MC 1 - 4 januari 2008




Medische zorg aan asielzoekers en vreemdelingen

(Federatienieuws).MC 50 -  14 december 2007


6  Start van de Commissie Medische standpunten rond medische zorg aan (dreigend) uitgeprocedeerde asielzoekers en ongedocumenteerde vluchtelingen (illegalen) (Federatienieuws).MC 2 - 12 januari 2008


 

'Verblijfsstatus bepaalt noodzaak medische zorg' (Nieuwsreflex). MC 46 - 17 november 2006
 

Gelijke rechten op gezondheidszorg: aan uitgeprocedeerde asielzoekers mag geen zorg worden onthouden (Opinie). JJ. den Otter en D. Tavenier MC 33/34 - 18 augustus 2006
  Details 


Tuchtrechter: Inspectie moest artsen óók vervolgen (Nieuwsreflex). MC 28 - 14 juli 2006


 


Gedragscode kinderartsen voor patiënten zonder papieren (Nieuwsreflex). MC 21 - 26 mei 2006

Baby met cerebrale bloeding: uitspraak Centraal Tuchtcollege te 's-Gravenhage d.d. 9 februari 2006 (Uitspraak tuchtcollege). MC 11 - 17 maart 2006


 


Hoe diep moet je graven als adviserend arts?: uitspraak Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg d.d. 19 januari 2006 (Uitspraak Tuchtcollege). MC 10 - 10 maart 2006


 


Voor meer artikelen over gezondheidszorg voor asielzoekers:

http://medischcontact.artsennet.nl/adlib/&type=mc

. Trefwoord asielzoekers


Referenties


1. Secuur en snel, voorstel voor een nieuwe asielprocedure. ACVZ, februari 2007,

www.acvz.com

. De ACVZ zegt over de huidige procedure: ‘In de bestaande procedure wordt de medische situatie van de asielzoekers nauwelijks in beschouwing genomen, afgezien van een controle op acute aandoeningen. Er is op aanvraag van de asielzoeker wel curatieve zorg, maar van een systematische screening is geen sprake.’ (pag. 10).


2. Huidige EU-regels verplichten EU-lidstaten om rekening te houden met de speciale behoeften van kwetsbare asielzoekers. De Europese Commissie vindt dat lidstaten hierin niet ver genoeg gaan: ´However, it appears that serious inadequacies exist with regard to the definition and procedures applied by Member States for the identification of more vulnerable asylum seekers and the Member States lack the necessary resources, capacities and expertise to provide an appropriate response to such needs.’ Green Paper on the future Common European Asylum System, juni 2007, European Commission.


3. ‘The Committee notes with concern that medical reports are not taken into account on a regular basis in the Dutch asylum procedure and that the application of the Istanbul Protocol is not encouraged.’ Conclusions and recommendations on the Netherlands, UN Committee against Torture, mei 2007.


4. Zie o.a. Gerritsen, AAM et al. Psychische en lichamelijke gezondheidsproblemen van en gebruik van zorg door Afghaanse, Iraanse en Somalische asielzoekers en vluchtelingen. NTvG 2006; 150 (36): 1983-8


5. Daarmee zou de overheid ook ingaan op de wens van de KNMG dat de toegankelijkheid en kwaliteit van de gezondheidszorg voor vreemdelingen door de overheid gewaarborgd dient te worden. Dit schreef de KNMG bij brief van 17 juni 2004 aan de leden van de Vaste Kamercommissie van Justitie.


6. Van een asielzoeker wordt minimaal verwacht dat hij alle vragen zo volledig mogelijk beantwoordt en dat zijn verklaringen consistent zijn, zie Vreemdelingencirculaire 2000 C14/3.3 en C14/4.2.


7. Ongeveer de helft van de asielverzoeken wordt binnen de aanmeldcentrumprocedure afgedaan. Zie rapportage Vreemdelingenketen (mei-augustus 2006),

www.ind.nl

.


8. Manual on the Effective Investigation and Documentation of Torture and other Cruel, Inhuman or Degrading Treatment or Punishment (1999),

www.unhchr.ch/html/menu6/2/training.htm

.


9. ‘This report should include at least the following: (...) (d) An opinion. An interpretation as to the probable relationship of physical and psychological findings to possible torture or ill-treatment.’ IP par. 82, ook Annex 1, Principles.


10. ‘The broad purpose of the investigation is to establish the facts related to alleged incidents of torture. (...) Medical evaluations of torture may be useful evidence in legal contexts such as: (...) (b) Support of political asylum applications.’ IP par. 120.


11. Vreemdelingencirculaire 2000 , C14/4.4.2.


12. Zie Vreemdelingenwet 2000, artikel 29, eerste lid: ‘Een verblijfsvergunning [...] kan worden verleend aan de vreemdeling: [...] (b) die aannemelijk heeft gemaakt dat hij gegronde redenen heeft om aan te nemen dat hij bij uitzetting een reëel risico loopt om te worden onderworpen aan folteringen, aan onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen.’ Zie ook Vreemdelingencirculaire 2000 C14/3.2: ‘Bij de beoordeling van het asielrelaas gaat het meestal niet om de vraag, of en in hoeverre de verklaringen over de feiten die de vreemdeling aan zijn aanvraag ten grondslag heeft gelegd als vaststaand moeten worden aangenomen. De vreemdeling is immers veelal niet in staat, en van hem kan ook redelijkerwijs niet worden gevergd, zijn relaas met overtuigend bewijsmateriaal te staven.’


13. ‘Medische aspecten van het Vreemdelingenbeleid’, maart 2004, aanbeveling 6, Landelijke Commissie Medische Aspecten van het Vreemdelingenbeleid (Commissie Smeets).


14. Het MAPP is sinds juni 2006 operationeel. Onderzoeken worden uitgevoerd in de aanmeldcentra, de tijdelijke noodvoorzieningen en het grenshospitium. Het ASKV/Steunpunt Vluchtelingen werkt bij dit project samen met Stichting Rechtsbijstand Asiel, Amnesty International, Vluchtelingenwerk Nederland, Pharos, Stichting Medisch Advies Kollektief, De Bascule en De Geestgronden. Zie: ‘Verwarde Staat’, MAPP, maart 2007,

www.askv.dds.nl

.


15. Cijfers en informatie van het MAPP.


16. MOG-artsen volgen de ‘Richtlijn voor medisch onderzoek en rapportage’, gebaseerd op het Istanbul Protocol.


17. Mede naar aanleiding van het rapport van de Commissie Evaluatie Vreemdelingenwet 2000,

www.wodc.nl

. Volgens deze commissie bevat de 48-uursprocedure zorgvuldigheidsrisico’s.


18. Volgens de ACVZ moet het gaan op verpleegkundigen en artsen die getraind zijn in het signaleren van lichamelijke en geestelijke gevolgen van geweld en andere acute lichamelijke en geestelijke aandoeningen, Secuur en snel, voorstel voor een nieuwe asielprocedure, pag. 32.


19. Secuur en snel, voorstel voor een nieuwe asielprocedure, pag. 31.


20. De MOG-arts verwijst hierbij naar de volgende literatuur: Laban CJ et al, ‘Postmigration living problems and common psychiatric disorders in Iraqi asylum seekers in the Netherlands’, J. Nerv. Disease 2005, 193 (12): 825-31; Silove D. et al, ‘Anxiety, depression and PTSD in asylum seekers: association with premigration trauma and postmigration stressors’, Brit. J Psychiatry 1997, 170: 351-7; Steel Z. et al., ‘Impact of immigration detention and temporary protection on the mental health of refugees’, Brit J Psychiatry 2006, 188: 58-64.


21. De arts wijst hierbij naar een uitspraak van het Centraal Tuchtcollege (nr 2004/254) dat een arts de maatregel van ‘waarschuwing’ oplegt voor diens verklaring dat een asielzoeker met PTSS in zijn geboorteland kan worden behandeld. Medisch Contact 61, 408-10.

gevangenschap
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.