Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
J.R. Mellema
17 augustus 2011 2 minuten leestijd

Een militair spoedgeval

Plaats een reactie
beeld: Thinkstock
beeld: Thinkstock

Tijdens een chirurgische opleiding (1956/1957) in het militaire hospitaal ‘Oog in Al’ te Utrecht – ik had de rang van reserve eerste luitenant arts – werd ik op een nacht opgeroepen voor een spoedgeval. Er werd een gewonde militair binnengebracht met een ongecompliceerde femurfractuur. Ik belde meteen mijn directe chef, majoor N., die thuis lag te slapen.

De majoor vond het niet nodig om zelf te komen. ‘Dat wordt een draadextensie’, zei hij, ‘daarvoor kom ik niet uit mijn bed, doe jij het maar.’

‘Maar ik heb zoiets nog nooit gedaan.’, antwoordde ik.

‘Jij kunt dat wel’, zei mijn opleider, ‘jij bent handig genoeg.’

Mede dankzij de fantastische hulp van een ervaren operatie zuster, heb ik deze operatie toen met goed gevolg verricht. Eind goed, al goed.

De volgende morgen, moest ik om 09.00 uur met spoed aantreden bij DE kolonel, de ziekenhuisdirecteur. Ik verwachtte een compliment, maar ik kreeg een uitbrander. Waarom had ik hem die nacht niet gebeld omdat ‘majoor K’ in zijn ziekenhuis was opgenomen?

Als jonge arts in opleiding was ik stomverbaasd. Majoor K, so what? Het was toch gewoon een patiënt voor wie een spoedbehandeling nodig was en had ik dat dan niet goed gedaan? Had ik midden in de nacht meneer DE kolonel dan uit bed moeten bellen. Ik had mijn directe meerdere toch al gebeld…
Wat bleek? De kolonel had ‘gezichtsverlies’ geleden omdat hij ’s ochtends vroeg gebeld was door DE generaal uit Den Haag die naar bijzonderheden had gevraagd over het ongeval van majoor ‘K’. De generaal had erover gelezen in De Telegraaf.

De pers dacht aan een expres veroorzaakt auto-ongeval, aangezien deze majoor ‘K’ betrokken was bij de z.g. ‘helmenaffaire’ (zie kader).

Voor mij was het echter gewoon ‘een patiënt’ en ik had naar eer en geweten goed mijn best gedaan. Nadat ik had uitgelegd dat ik mijn directe chef had gebeld en het nooit in me was opgekomen om zo’n hoge militair als de kolonel zelf ’s nachts te bellen, werd hij wat rustiger en kon ik weer ‘afmarcheren’.

Wat er verder binnenkamers is gezegd, weet ik niet. De patiënt heeft later het hospitaal ‘in goed toestand’ verlaten.

J.R. Mellema, huisarts n.p.

««Alle bijdragen Baas en assistent

De ‘helmenaffaire’
Aan het begin van de jaren ‘50 liet de landmacht in eigen land nieuwe helmen fabriceren. Door tal van fouten, zowel binnen de landmacht als bij de producent, lukte het niet een deugdelijke helm te maken. De helmenvervanging was hierdoor veel duurder dan begroot, terwijl de gebreken vaak pas aan het licht kwamen nadat de helmen al in gebruik waren genomen.

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.