Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Louis Wagner
18 februari 2019 7 minuten leestijd
communicatie

De botsende werelden van televisie en geneeskunde

Op tv is geen ruimte voor nuanceringen over een medische behandeling

3 reacties
getty images
getty images

Ondanks een gedegen voorbereiding – inclusief mediatraining – krijgt een arts in het tv-programma Radar niet voor het voetlicht wat hij wil zeggen over zijn specialiteit: de nervus vagus stimulator voor epilepsiepatiënten.

In november besteedde het tv-programma Radar aandacht aan ‘The implant files’, een onderzoeksdossier van het International Consortium of Investigative Journalists (ICIJ). Op initiatief van Radar en het dagblad Trouw onderzochten 252 journalisten uit 36 landen de veiligheid van door de zorgautoriteiten goedgekeurde medische implantaten.

Radar beoogt misstanden te signaleren en consumentenzaken te onderzoeken in de breedste zin van het woord. Op 26 november waren de medische implantaten aan de beurt, waaronder de nervus vagus stimulator (NVS), een behandeling die al ruim twintig jaar wordt toegepast bij patiënten met moeilijk behandelbare epilepsie. De berichtgeving op de website van Radar over deze behandeling is weinig genuanceerd en nogal tendentieus:

‘Het beeld dat telkens terugkeert: de controle op medische hulpmiddelen en implantaten is wereldwijd zo gebrekkig dat ernstige bijwerkingen lang onopgemerkt blijven en levens in gevaar komen. En dat dus door gebrekkig toezicht van overheden.

We kwamen implantaten tegen die lekken, apparaatjes die stroomstoten geven als het niet nodig is of juist uitvallen, en hulpmiddelen die organen perforeren waardoor patiënten zwaar letsel oplopen of zelfs overlijden.’

Scepsis

Toen ik me in 2004 ging bezighouden met de NVS-behandeling, was ik sceptisch. Hoe zou ik met een stroompje door een perifere hersenzenuw epileptische aanvallen kunnen tegenhouden of doen stoppen? Ik kende weliswaar de resultaten van enkele randomized controlled trials (RCT’s), maar was daar niet erg van onder de indruk. Naarmate ik echter meer positieve resultaten van patiënten terugzag, en helemaal na publicaties van enkele internationale studies naar langetermijneffecten, veranderde mijn scepsis in vertrouwen.1 2

We besloten dat het zinvol was om aan de uitzending mee te werken

Als voorzitter van de landelijke werkgroep NVS werd ik in de lente van 2018 door Radar benaderd om meer informatie te geven over de NVS-behandeling. De redactie van het programma was benieuwd naar de bijwerkingen en hoe deze worden gemeld.

In november werd ik uitgenodigd om in de uitzending iets over NVS te komen vertellen; voor mij was dat reden voor intern beraad. Als ik zou ingaan op de uitnodiging, wat zou er dan allemaal moeten gebeuren om beslagen ten ijs te komen? Zonder gedegen voorbereiding zou het imago van Kempenhaeghe, dat van de NVS-behandeling en dat van mezelf geschaad kunnen worden.

Uiteindelijk besloten we dat het zinvol was om aan de uitzending mee te werken zodat ik een reëel beeld over NVS zou kunnen schetsen. Wegblijven zou juist meer schade berokkenen.

In de week voor de uitzending hebben we verschillende scenario’s doorgenomen. Ik bereidde me intensief voor en volgde een mediatraining waarin ik werd geconfronteerd met lastige vragen en waarbij ik me geregeld in een hoek gedrukt voelde. Tijdens de mediatraining lag de nadruk op enkele kernboodschappen over NVS.

Kwalijk daglicht

Enkele dagen voor de uitzending ontving ik de vragen die gesteld konden worden. Die hadden vooral te maken met meldingen van bijwerkingen, calamiteiten en incidenten, en gingen verder over het ontbreken van veiligheidswaarschuwingen van de NVS-fabrikant op Nederlandse websites. Ik vond het een prima initiatief om kritisch te kijken naar de onduidelijkheid rondom meldingen en de controles van medische implantaten, zoals NVS.

Wat ik niet wist, was dat door enkele interviews de NVS-behandeling in een zeer kwalijk daglicht werd geplaatst. Deze video’s kreeg ik pas een uur voor de uitzending te zien; ze gingen over bijwerkingen bij een Nederlandse patiënte en het uitblijven van effect bij haar, over asystolie door de NVS bij een Amerikaanse patiënt en over veel doden onder NVS-patiënten – zoals de Amerikaanse journaliste Jeanne Lenzer met veel vertoon van drama vertelde. Bij de voorbespreking met een redactielid meldde ik dat ik inhoudelijk op deze video’s wilde reageren. Kort voor de uitzending kreeg ik echter te verstaan dat hier door de grote hoeveelheid onderwerpen geen ruimte voor was. En zo geschiedde: na de genoemde video’s was er geen gelegenheid om mijn reactie te geven – dat kon pas later toen het meldingssysteem werd besproken.

Hoewel het laatste aspect in de uitzending goed uit de verf kwam, voelde ik me achteraf toch gefrustreerd. De nuances over de NVS-behandeling waar in de voorbereiding zo veel nadruk op lag, had ik niet kunnen overbrengen.

De volgende ochtend belegden we meteen een spoedberaad

Spoedberaad

Na afloop verwachtte ik een hoop onrust bij patiënten en hun omgeving. Dat gebeurde ook. Naar aanleiding van e-mails en telefoontjes van bezorgde ouders van patiënten met een NVS belegden we de volgende ochtend meteen een spoedberaad.

Dezelfde dag hebben we op de websites van de epilepsiecentra en van de Epilepsie Vereniging Nederland (EVN) een bericht geplaatst om de Radar-informatie te nuanceren. Ook kondigden we een bijeenkomst aan om de inhoud van de uitzending te bespreken. Deze bijeenkomst, georganiseerd door de EVN, collega’s van Kempenhaeghe, SEIN en UMC Utrecht, vond plaats op 3 december in Utrecht. Ongeveer 150 personen hadden zich aangemeld, waaruit bleek dat er veel onrust was na de uitzending. In Nederland worden momenteel ongeveer 1000 patiënten met een refractaire epilepsie behandeld met NVS.

Ik ging bij deze bijeenkomst allereerst in op het effect van NVS: volgens de RCT’s was er slechts bij een derde van de patiënten sprake van een significante aanvalsreductie (definitie: meer dan 50% reductie van het aantal aanvallen). Verder werd in de Radar-uitzending verteld dat bij 20 tot 30 procent van de patiënten het aantal aanvallen toeneemt. Op de bijeenkomst heb ik duidelijk gemaakt dat de aangehaalde RCT’s een follow-uptijd van maximaal zes maanden hanteren. Meerdere langetermijnstudies laten zien dat na vijf jaar bij ongeveer 65 procent van de patiënten het aantal aanvallen significant afneemt. Een belangrijk aspect van de behandeling van een patiënt met epilepsie – iets wat tijdens de uitzending totaal niet aan bod kwam – is dat niet alleen moet worden gekeken naar het aantal aanvallen, maar ook naar de ernst en de duur van de aanvallen, het herstel na een aanval en de kwaliteit van leven. De NVS-behandeling zorgt bij een groot percentage van de patiënten voor een duidelijke verbetering op al deze aspecten.

De uitzending van Radar op 26 november leidde tot veel onrust bij patiënten en hun omgeving. (rechts Louis Wagner)
De uitzending van Radar op 26 november leidde tot veel onrust bij patiënten en hun omgeving. (rechts Louis Wagner)

Ernstige bijwerking

In de uitzending vertelde een patiënte dat haar stem was veranderd en dat ze het gevoel had dat haar keel wordt dichtgeknepen. Deze bijwerkingen zijn heftig, maar ook bekend. In het begin van een behandeling komen ze bij ongeveer 50 procent van de patiënten voor, zij het doorgaans milder dan bij deze vrouw en meestal nemen ze in het verloop van de behandeling af. Gebeurt dit niet, dan worden de instelparameters aangepast of stoppen we de behandeling.

De cardiale asystolie als gevolg van de NVS-behandeling is een ernstige bijwerking. We zouden dit melden bij het registratiesysteem van de Landelijke Werkgroep NVS, en bij het meldpunt van het RIVM. Als er geen blijvende schade optreedt hoeft dit niet bij de inspectie te worden gemeld. Overigens is dit een bijwerking die we vrijwel nooit zien bij een patiënt die al langer met NVS wordt behandeld. In Nederland is dit nog niet voorgekomen. Als iemand een NVS krijgt, wordt eerst gescreend op hartritmestoornissen. Tijdens de implantatie wordt een proefstimulatie gegeven; als hierbij een asystolie optreedt, wordt het instellen onder voortdurende ecg-monitoring gedaan.

Sinds 1999 is wereldwijd bij 22 patiënten een effect op het hartritme gerapporteerd tijdens het instellen van de NVS. Bij de helft van deze patiënten is de instelling aangepast, waarna de klachten verdwenen. Bij de andere helft is de NVS-behandeling gestopt.3 Afgesproken is dat we bij de voorlichting over NVS de kleine kans op hartritmestoornissen nadrukkelijker gaan noemen.

Als we ten slotte kijken naar het ‘grote’ aantal doden onder patiënten met een NVS, dan zien we hierbij veel ‘sudden unexpected death in epilepsy’ (SUDEP).

SUDEP, plotse, onverwachte dood bij epilepsie, is de belangrijkste direct aan epilepsie gerelateerde doodsoorzaak. Vooral patiënten met therapieresistente epilepsie lopen een hoog risico op SUDEP. Patiënten die voor een NVS in aanmerking komen, hebben allemaal een therapieresistente vorm van epilepsie en lopen dus het hoogste risico op SUDEP. Behandeling met NVS gaf geen toename in het aantal overlijdens in deze moeilijk te behandelen patiëntenpopulatie. Er was zelfs een trend dat op langere termijn het percentage SUDEP bij patiënten met een NVS afnam.

De alarmerende bevindingen in de Radar-uitzending hebben we kunnen nuanceren

Waardevol

De bijeenkomst is goed ontvangen. De kernboodschap was dat NVS bij veel mensen met een moeilijk behandelbare, complexe vorm van epilepsie, na uitgebreide screening, een goede behandeling is die over het algemeen goed wordt verdragen. De alarmerende bevindingen in de Radar-uitzending hebben we kunnen nuanceren.

Hopelijk is de rust wat teruggekeerd en hebben de berichten van ‘the Implant Files’ er niet voor gezorgd dat veel mensen willen stoppen met NVS of dit niet willen ondergaan. Daarvoor is deze behandeling voor veel mensen te waardevol.

Reactie radar

Het kritische consumentenprogramma Radar van AVROTROS heeft, samen met 250 onderzoeksjournalisten wereldwijd de werking van en de regelgeving over implantaten onder de loep genomen, onder de titel ‘The Implant Files’.

Het was in het onderzoeksproces en in de productie naar de uitzending toe erg lastig om mensen, onder wie artsen, te vinden die bereid waren hun zienswijze te delen in onze uitzending. Radar wil elke kant van het verhaal horen. Daarom waren we verheugd dat dr. Louis Wagner wel wilde meewerken en wilde deelnemen aan de live-uitzending. Het is niet niks om in de uitzending als arts plaats te nemen naast je patiënt en daar je verhaal te doen. We begrijpen dat hij de beschikbare tijd kort vond en vinden het jammer dat hij naar zijn gevoel niet heeft kunnen overbrengen wat hij graag wilde, maar hebben zijn bijdrage enorm gewaardeerd.

Elise van Bork
eindredacteur Radar

Contact

wagnerl@kempenhaeghe.nl
cc: redactie@medischcontact.nl


Voetnoten

  1. Ryvlin P, Gilliam FG e.a. The long-term effect of vagus nerve stimulation on quality of life in patients with pharmacoresistant focal epilepsy: The PuLsE (Open Prospective Randomized Long-term Effectiveness) trial. Epilepsia 2014; 55(6): 893-900.
  2. Boon P, Vonck K. e.a. A prospective, multicenter study of cardiac-based seizure detection to activate vagus nerve stimulation. Seizure 2015; 32: 52-61.
  3. Kato H, Fujimoto A. e.a. New onset syncopal events following vagus nerve stimulator implantation might be key to preventing vagus nerve stimulation-induced symptomatic bradycardia – A case report and review. Epilepsy & Behavior Case Reports 2018; 10: 57-60.

print dit artikel
communicatie implantaten
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Aliëtte Jonkers, wetenschapsjournalist 19-02-2019 11:30

    "Graag nodig ik Jan Keppel Hesselink uit voor een telefonisch gesprek, waarin ik hem met veel plezier zal uitleggen dat er wel degelijk journalisten zijn die grondig research doen, gewetensvol te werk gaan, júist de nuance zoeken en elke dag reflecteren op het vak. Ik vermoed echter dat hij geen gesprek zal willen met een dergelijk lage levensvorm als mijzelve. Mocht hij zich bedenken: welkom!"

  • Jan Keppel Hesselink, arts-pijnbehandelaar, Bosch en Duin 18-02-2019 18:57

    "Journalisten zijn nooit genuanceerd, en medisch nieuws is altijd smullen, want die vieze veel-verdienden dokters en de farma giganten die hen sponsoren zitten immers overal op de eerste rij. Die basis gedachte stuurt journalisten die zoeken naar sensatie en sensationele koppen. Het is altijd hetzelfde en ik heb het ongeveer 10 jaar geleden afgeleerd om ooit nog met een journalist te spreken.

    Er is maar een oplossing hier: spreek nooit met journalisten, laat je ego nooit de keuze bepalen ('leuk op de TV'), kom nooit in de media en laat alle journalisten in de kou staan. Dan is het snel gedaan met de ongenuanceerde berichtgeving.

    Journalisten kennen geen ethiek en zijn alleen uit op onrust stoken en angst en wantrouwen in de maatschappij vergroten. Onder het zogenaamde kopje van objectieve informatie verstrekken en de waarheid blootleggen. Het wordt tijd dat dit 'Journalistieke Wezen' stopt met het angst zaaien, twijfel en wantrouwen aanwakkeren en haat verspreiden (o.a. tegen de medische wereld).

    Journalsten: bah, de laagste menselijke levensvorm!"

  • Jos Kraus, oud-senior inspecteur voor de medische technologie bij de IGZ, 14-02-2019 16:45

    "Radar belicht vooral de risico’s van medische technologie. En veroorzaakt daarmee onrust.
    Strengere controle door de overheid zou de oplossing zijn.
    Maar is dat terecht?
    In Nederland sterven er jaarlijks ong. 200 mensen aan een ziekte die ontstaan is ten gevolge van een CT-onderzoek. Maar Ieder jaar wordt vele patiënten vaak succesvol behandeld aan ziekten omdat deze op tijd opgespoord zijn. Moeten we daarom stoppen met CT-onderzoek, met het risico dat er honderdduizenden mensen onnodig te vroeg sterven? Volgens Radar blijkbaar wel, want die zou wel de 200 mensen die doodgaan noemen, maar niet de honderdduizenden die bijtijds behandeld zijn.
    Bij de lead-loze pacemaker meldt Radar alleen dat bij 70 patiënten het onderzoek gestaakt was wegens batterijproblemen. Hoe zit het met die andere 1330 patiënten die aan dit onderzoek meededen?
    Radar suggereert vervolgens dat uitgebreide, door de overheid gecontroleerde tests, de oplossing zijn. Dat is nog maar de vraag.
    De suggestie dat de FDA (USA) het beter regelt, is een vorm van onkunde over het Amerikaanse systeem. In de USA wordt 90% van alle hoog risico medische hulpmiddelen toegelaten zonder enige vorm van overheidstoetsing (de 510 k regel). In Europa is dat niet mogelijk en wordt ieder product opnieuw beoordeeld tegen zijn “risk/benefit”.
    Het feit dat Radar na jaren van onderzoek, duizenden gesprekken, opnamen en ongeveer 10.000 WOB verzoeken niets substantieels gevonden heeft, spreekt boekdelen. In de uitzending werd voornamelijk de oude ‘succesverhalen’, zoals borstimplantaten en het mandarijnen-netje opgedist. Voor dit mandarijnennetje zou op eenvoudige wijze een toezegging voor een CE-certificaat zijn verkregen. Correct, de toezegging heeft men gekregen, maar waarom is er nog steeds geen certificaat?
    Hiermee geeft Radar impliciet toe dat het systeem goed functioneert. Want een slecht systeem zonder goed toezicht zou toch genoeg voorbeelden opleveren met vele duizenden dodelijke slachtoffers.
    "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.