Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Martin Buijsen
25 maart 2015 5 minuten leestijd
recht

Beroepsverbod hoort niet in tuchtrecht

1 reactie

RECHT

Sommige voorstellen om de Wet BIG te hervormen gaan te ver

Een beoogde wetswijziging maakt het mogelijk dat de tuchtrechter zich ook uitspreekt over handelingen van BIG-geregistreerden in de privésfeer. Daarmee treedt het tuchtrecht buiten zijn oevers. Dergelijke zaken horen in het strafrecht.

Minister Schippers (VWS) wil de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) aanpassen.1 Vanuit het oogpunt van bescherming en kwaliteitsbevordering zijn de meeste maatregelen die de minister voorstelt te verwelkomen.
Zo wil ze dat iemand die zich schriftelijk (ook digitaal) bekendmaakt als beroepsbeoefenaar, zijn BIG-nummer vermeldt. Ook wil ze de eisen voor herregistratie uitbreiden en per vakgebied de deskundigheidseisen beter omschrijven. Verder zal het verbod op het verrichten van voorbehouden handelingen in meer situaties gaan gelden en zal de lijst van voorbehouden handelingen worden aangepast en geflexibiliseerd. Zo wordt laseren een voorbehouden handeling. De bevoegdheid om voorbehouden handelingen te verrichten zal voortaan bij Algemene Maatregel van Bestuur in plaats van in de wet aangewezen worden. Op deze manier kan sneller worden ingespeeld op nieuwe ontwikkelingen. Het wijzigen van de wet – altijd een bewerkelijk proces – is dan niet langer nodig.
Er komt een griffierecht, een soort leges, om een klacht in te dienen. Dit werpt een drempel op voor klachten van geringe betekenis. Wordt de klacht geheel of gedeeltelijk gegrond verklaard, dan zijn deze kosten voor de aangeklaagde beroepsbeoefenaar.
Voorts wil de minister dat het tuchtrecht ook van toepassing kan zijn op gedragingen die BIG-geregistreerden verrichten in de privésfeer. Het gaat om handelingen of het nalaten ervan waarbij een relatie kan worden gelegd met de beroepsuitoefening dan wel de beroepsnormen. Gedacht kan worden aan zedendelicten die buiten de hoedanigheid van beroepsbeoefenaar worden verricht. In aanvulling op de zwaarste tuchtmaatregel wil de minister dat de tuchtrechter ook kan verbieden dat iemand patiënten of een categorie van patiënten mag behandelen en in opdracht en onder toezicht van een BIG-geregistreerde mag werken.
Een algeheel beroepsverbod voor de beroepsbeoefenaar, opgelegd door de tuchtrechter, voor een delict begaan in de privésfeer, gaat hiermee tot de mogelijkheden behoren. Dat is geen goed idee.

Doorhaling
De zwaarste maatregel die het tuchtrecht nu kent, is verwijdering uit het BIG-register. Een zorgverlener mag dan zijn beroepstitel niet meer voeren en niet langer zelfstandig voorbehouden handelingen verrichten. Maar dit betekent niet dat een van ernstig disfunctioneren verdachte hulpverlener, zoals neuroloog Ernst Jansen Steur of Haagse ‘horrortandarts’ Mark van Nierop, zijn beroep niet meer kan uitoefenen. Hij mag – in opdracht en onder toezicht van een wél geregistreerde zorgverlener – nog altijd voorbehouden handelingen verrichten. Ook andere handelingen mogen zelfstandig worden verricht, zolang ze maar niet op de lijst van voorbehouden handelingen voorkomen. Deze ‘artsen’ mogen bijvoorbeeld nog steeds consulten geven. En na doorhaling mogen ze nog steeds een ander, niet wettelijk gereguleerd beroep in de gezondheidszorg uitoefenen. Ze kunnen zo nog steeds een gevaar voor patiënten zijn. Dat hulpvragers hierdoor ernstige schade wordt berokkend, kan de tuchtrechter op basis van de huidige Wet BIG niet geheel voorkomen.

Delicten in de privésfeer
Artsenfederatie KNMG en patiëntenfederatie NPCF hebben instemmend gereageerd op de plannen van de minister.2
Als de minister haar toezeggingen nakomt, worden de grootste gaten in de huidige wetgeving gedicht. Maar de voorgestelde verduidelijking van de tuchtnormen in combinatie met de verruiming van de verbodsmogelijkheden van de tuchtrechter is beslist een brug te ver. De tuchtrechter krijgt immers de mogelijkheid verboden op te leggen na delicten begaan door beroepsbeoefenaars in de privésfeer. Met een algeheel beroepsverbod voor de zorg als uiterste maatregel. Dit roept vragen op.
Om wat voor delicten in de privésfeer gaat het? Wanneer is zo’n delict voldoende ernstig? De minister denkt aan zedendelicten. Duidelijk is dat een arts die zich in zijn vrije tijd als begeleider van de F-jeugd aan jonge voetballertjes vergrepen heeft, als jeugdarts een onaanvaardbaar risico vormt. Maar wanneer is een zedendelict voldoende ernstig?
En het hoeft niet alleen te gaan om zedendelicten. Hoe zit het met de arts-assistent die zich in het uitgaansleven bezondigd heeft aan geweldpleging? En mogen we niet aannemen dat een tandarts die belastingfraude heeft begaan, ook in zijn declaratiegedrag steken laat vallen?

Tuchtrechter of strafrechter?
Principiëler is de vraag of het de tuchtrechter moet zijn die beoordeelt of een delict in de privésfeer tot een (beroeps)-verbod voor een zorgverlener moet leiden. De patiënt die bij deze rechter gehoor vindt over seksueel misbruik in de behandelrelatie, kan verwachten dat de allerzwaarste tuchtmaatregel wordt opgelegd. De patiënt mag zelfs een maatregel verwachten als de seks met de behandelaar vrijwillig is geweest. Maar mag van de tuchtrechter ook worden gevraagd de implicaties voor de kwaliteit van de beroepsuitoefening te doorgronden van gedrag dat geheel en al is vertoond buiten de behandelrelatie met de patiënt? Zou het tuchtcollege dat kunnen? En is het juist dat het college dat doet?
De strafrechter kan al bij wijze van bijkomende straf daders uit bepaalde rechten ontzetten. Deze rechter is bovendien al bereid gebleken – in de strafzaak tegen afkickgoeroe Keith Bakker – een algeheel beroepsverbod voor de zorg op te leggen.3 Niet alleen is er dus al een juridische mogelijkheid om het gevaar voor patiënten te ecarteren, het is ook principieel juist dat de strafrechter dit doet, en niet de tuchtrechter.
Strafprocedures zijn nu eenmaal met meer waarborgen omgeven dan tuchtprocedures. De rechtsbescherming die het straf(proces)recht biedt, is vele malen beter. En een strafrechter kan zich prima laten adviseren over nut en noodzaak van bijkomende straffen in de professionele sfeer. Tuchtrecht is additioneel. Zorgverleners met een beroepstitel kunnen met de tuchtrechter te maken krijgen, andere zorgverleners niet. Dat zij wel (en anderen niet) tuchtrechtelijk ter verantwoording worden geroepen als zij beroepsmatig de fout in gaan, is juist. Maar dat zij zich ook tuchtrechtelijk zouden moeten verantwoorden voor feiten begaan in het privéleven, riekt naar rechtsongelijkheid. Waarom het voor hen de tuchtrechter zou moeten zijn die al dan niet beroepsbeperkingen oplegt, en niet gewoon de strafrechter, valt niet goed in te zien.

Spierballenpolitiek
Een voorstel als dit krijgt al snel de handen op elkaar. Maar het is vooral voor de bühne. Laten we, als het om beroepsverboden gaat, toch vooral de zorgvuldigheid niet uit het oog verliezen.


prof. mr. dr. Martin Buijsen
hoogleraar gezondheidsrecht, Erasmus Universiteit Rotterdam

contact: buijsen@bmg.eur.nl; cc: redactie@medischcontact.nl

Geen belangenverstrengeling gemeld



Voetnoten

1. Zie Kamerbrief met beleidsreactie Wet BIG.
2. Zie Totaal beroepsverbod soms nodig (3 dec 2014, knmg.nl). En zie Patiënten blij met sneller beroepsverbod foute artsen (3 dec 2014, bnr.nl).
3. Rechtbank Amsterdam, 20 april 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BW3465.


Lees ook

De rechtsbescherming die het strafrecht biedt, is vele malen beter. © ANP
De rechtsbescherming die het strafrecht biedt, is vele malen beter. © ANP
<b>Download dit artikel (PDF)</b>
recht tuchtrecht disfunctioneren privacy strafrecht
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • W.J. Duits, Bedrijfsarts, HOUTEN Nederland 27-03-2015 01:00

    "Het klinkt inderdaad meer als spierballenpolitiek en eigenlijk een vorm van werkvoorziening voor Ministerie en Tweedekamer. Wat ik me wel eens afvraag is of er wel voldoende wordt gekeken naar al bestaande wetgeving. Waarom is dit nodig om dit Tuchtrechtelijk op te lossen? Er is toch voldoende wetgeving om dit af te schermen. Iedere Nederlander mag gevraagd worden om een bewijs van goed gedrag, zeker in functies waarbij kwetsbare medemensen betrokken zijn.
    We moeten toch zuinig zijn met ons geld? Waarom het dan besteden aan symbool politiek?

    "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.