‘Artsen moeten rol pakken in verpleeghuisdebat’ | medischcontact

Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

naar overzicht
Achter het nieuws

‘Artsen moeten rol pakken in verpleeghuisdebat’

5 reacties
Werd Crone, Hollandse Hoogte. De discussie over de kwaliteit van verpleeghuiszorg steeg naar nieuwe hoogten door de open brief van voetbaljournalist Hugo Borst.
Werd Crone, Hollandse Hoogte. De discussie over de kwaliteit van verpleeghuiszorg steeg naar nieuwe hoogten door de open brief van voetbaljournalist Hugo Borst.

Er zijn specialisten ouderengeneeskunde die het bijltje er inmiddels bij neergooien. Dat zijn vooral de artsen die klem zitten tussen een verpleeghuisbestuur dat hen nergens bij betrekt en een tekort aan verpleegkundig personeel, is de ervaring van Verenso-voorzitter Nienke Nieuwenhuizen.

Bij sommige verpleeghuizen ‘lopen dokters massaal weg, of is het moeilijk nieuwe artsen te vinden’, weet Nienke Nieuwenhuizen, specialist ouderengeneeskunde en voorzitter van beroepsvereniging Verenso. Het zijn de instellingen waar specialisten ouderengeneeskunde volgens haar moeten dealen met een ‘grote splitsing tussen bestuur en werkvloer’.

Wie wil focussen op wat er goed gaat in de verpleeghuiszorg, zoals Nieuwenhuizen eigenlijk het liefste wil, heeft het lastig dezer dagen. De discussie over de kwaliteit van verpleeghuiszorg steeg naar nieuwe hoogten toen voetbaljournalist Hugo Borst, die deze zomer al voor reuring zorgde met een open brief over ouderenzorg aan VWS-staatssecretaris Martin van Rijn, met bondgenoot Carin Gaemers het manifest ‘Scherp op Ouderenzorg’ de wereld in bracht. In het manifest breken ze een lans voor meer aandacht voor kwetsbare ouderen in verpleeghuizen.

Angstcultuur

Ja, het gaat in sommige instellingen goed, aldus Borst en Gaemers. Maar er zijn ‘te veel kwetsbare ouderen in verpleeghuizen die structureel niet de zorg krijgen die zij zo hard nodig hebben’, schreven ze bij het stuk. Ze formuleerden tien punten hoe en waar het volgens hen beter kan: van een halt toeroepen aan registratiedruk tot een opgelegd maximum voor overheadkosten, van meer zorgpersoneel tot een ballotageplicht voor bestuurders. Geen van de punten is rechtstreeks gericht op het werk van specialisten ouderengeneeskunde, maar ze raken wel de context waarbinnen deze artsen werken. Borst en Gaemers willen bijvoorbeeld dat ‘zorgverleners en behandelaars weer invloed krijgen op hun eigen werk’, door het aanpakken van de angstcultuur die volgens hen bij te veel instellingen heerst.

Artsen kunnen alleen goed werken als er voldoende zorgpersoneel is

De artsen zouden ‘een rol kunnen pakken in het kwaliteitsdebat dat op dit moment wordt gevoerd’, vindt vicevoorzitter Jacqueline Joppe van brancheorganisatie ActiZ, tevens bestuurder van de Brabantse Zorggroep Elde. ‘De artsen spelen een belangrijke rol bij het ondersteunen en borgen van de kwaliteit van de zorg in verpleeghuizen.’ Door die rol in het debat te pakken, kunnen zij ‘leidend worden en zijn in de kwaliteitsverbetering in de ouderenzorg’, aldus Joppe.

Explosief mengsel

Borst en Gaemers sloegen hun vuist op tafel in een week waarin de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) binnen een paar dagen vier instellingen voor ouderenzorg onder verscherpt toezicht stelde. Terwijl net een rel tussen IGZ en ActiZ was gesust over het al dan niet aanleveren van gegevens over verpleeghuiszorg. Tegelijk vlamde het debat op over euthanasie bij voltooid leven, waarbij – tot afgrijzen van sommigen – een link werd gelegd naar de kwaliteit van verpleeghuiszorg. Ondertussen meldde Zorgvisie dat vijf van de honderdvijftig instellingen die op de gewraakte zwarte lijst van verpleeginstellingen stonden die Van Rijn publiceerde, nog altijd onvoldoende zorg bieden.

Alles bij elkaar een explosief mengsel voor het beeld van verpleeghuiszorg. Nieuwenhuizen van Verenso wil dat plaatje bijsturen. ‘In veel verpleeghuizen gaat het goed, en in sommige niet goed. Dat is een omgekeerd beeld van wat er naar buiten komt. De zorg is ook al stukken beter dan zo’n twintig jaar geleden. Dat moet ook worden gezien. Het is niet zo’n zwart-witprobleem als soms wordt geschetst. Voor iemand die een moeder in een verpleeghuis heeft, is het anders dan wanneer je er werkt en bezig bent met verbeteringen.’

Dat neemt volgens haar niet weg dat jaren van bezuinigingen en nieuwe beleidskoersen hun sporen hebben achtergelaten. In hoeverre het dagelijks werk van een specialist ouderengeneeskunde daardoor inmiddels onder druk staat ‘is afhankelijk van de plek waar je zit’, aldus Nieuwenhuizen.

Onvoldoende personeel

‘Het grootste probleem is dat er onvoldoende goed en gekwalificeerd personeel is’, beaamt zij. ‘Het belangrijkste is dat daar meer in wordt geïnvesteerd. We snappen de bezuinigingen, maar we merken dat het moeilijker wordt.’ Ook ActiZ noemt het tijd om meer te investeren in voldoende en goed opgeleid personeel.

Nieuwenhuizen: ‘Artsen kunnen alleen goed werken als er voldoende zorgpersoneel is. Anders moeten we taken uitvoeren die de zorg had moeten uitvoeren, of wordt er onvoldoende gesignaleerd. Daardoor kan de situatie ontstaan dat pas na drie dagen wordt gezien dat iemand een longontsteking heeft en er behandeling volgt.’ Voor betere kwaliteit van zorg is voor artsen ‘een goede samenwerking met zorgteams cruciaal’, benadrukt ook Joppe.

Daarnaast kampen sommige verpleeghuisartsen met zorgbestuurders die hen niet betrekken bij het beleid van de instelling, is Nieuwenhuizens ervaring. ‘Adviezen worden bijvoorbeeld niet overgenomen. Een verpleeghuis is een zorgbedrijf. Artsen hebben een over-stijgende blik op de geleverde zorg. Als een bestuur bijvoorbeeld bedenkt dat personeel uniformen aan moet, heeft die beslissing invloed op mensen met dementie. Een arts moet mee kunnen denken. Doe je dat niet, dan mis je een belangrijke groep in je instelling. Waar het goed gaat, is waar partijen elkaar op waarde weten te schatten.’

Beeldvorming

Waar Joppe hamert op artsen die hun rol nu moeten pakken, vindt Nieuwenhuizen dat vooral beroepsvereniging V&VN (Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland) ‘harder moet zijn’. ‘Die moet zeggen: dit is wat wij nodig hebben om ons werk te leveren.’ De voorzitter vindt dat Verenso zelf ‘voor en achter de schermen stevig haar geluid laat horen’. ‘Wij geven al langer aan dat er onvoldoende gekwalificeerd personeel is. De vraag is: wordt er goed geluisterd?’

Ze constateert dat de negatieve beeldvorming zich nog niet vertaalt in een tekort aan specialisten ouderengeneeskunde. Ook de opleidingsplaatsen stromen volgens haar nog altijd goed vol. De Verenso-voorzitter ziet de beeldvorming wel met lede ogen aan. ‘Het is niet goed voor de sector. Mensen worden er murw van.’

Bij ActiZ wordt er zorgelijker tegen de arbeidsmarkt aangekeken. De branche-organisatie stelt juist wel dat er een tekort aan specialisten ouderengeneeskunde bestaat. ‘De negatieve toon die in de pers en het publieke debat overheerst, maken het imago van de branche op de arbeidsmarkt jammer genoeg minder goed’, aldus Joppe. ‘Het lijkt op dit moment niet aantrekkelijk om voor de ouderenzorg te kiezen. Terwijl het fascinerend is om te zien welke ontwikkelingen er in verpleeghuizen zijn. De zorg wordt complexer, en een goede specialist kan daarbij het verschil maken. De dilemma’s zijn scherp, juist op het snijvlak van keuzes maken in kwaliteit van leven, en mogelijkheden die de geneeskunde biedt.’

lees ook

download (pdf)

Achter het nieuws ouderengeneeskunde verpleeghuizen
  • Ilse Kleijne

    Ilse Kleijne-Thoonsen is journalist bij Medisch Contact, met een focus op politiek en financiën.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Eric van der Geer, Samenwerkende Opleidingen Ouderengeneeskunde Nederland (SOON) 02-12-2016 10:36

    "De maatschappij volgt de ouderenzorg kritisch. In de media is er uitgebreid aandacht voor de tekorten in de verpleeghuizen. ‘Specialisten ouderengeneeskunde zitten klem tussen het verpleeghuisbestuur dat hen nergens bij betrekt, en het tekort aan verpleegkundig personeel’. Petra de Vos zag hierin een aanleiding om te reageren. Zij pleit er voor dat er in de opleiding en in nascholingen aandacht voor management voor specialisten ouderengeneeskunde (in opleiding) komt.
    De behoefte aan meer aandacht voor beleid, management en medisch leiderschap in de beroepsopleiding leeft al langere tijd. In Amsterdam en Leiden zijn dit jaar kaderopleidingen op dit gebied opgezet. In de vernieuwde opleiding tot specialist ouderengeneeskunde komt er een landelijke module beleid en management vanaf najaar 2017. Of met een dergelijke module op zak de specialist ouderengeneeskunde anders gaat acteren, veel hangt af van de persoonlijke attitude van dokters en managers. Zijn zij bereid om met elkaar het gesprek aan te gaan? Heeft dit gesprek prioriteit bij de vakgroep? Klopt de vakgroep bij herhaling op de deur van de raad van bestuur voor een afspraak? Staat die deur open? Zijn beide partijen bereid om naar elkaar te luisteren?
    De attitude, de bereidheid om op te staan, is van groot belang om situaties in de zorg bespreekbaar te maken en daarmee een proces van verandering in gang te zetten. Deze persoonlijke ontwikkeling komt in de opleiding aan de orde. Wij zien nu al aios positie innemen, aan tafel gaan zitten bij regionale en landelijke commissies, artikelen in de krant of in Medisch Contact schrijven, resultaten van onderzoek publiceren, het debat aangaan, met een uitgever de opzet van een boek over het verpleeghuis bespreken. Dat biedt hoop en perspectief op verandering in de komende jaren.
    "

  • C.E. van Gool-Polak, GZ-psycholoog, Amsterdam 11-11-2016 09:44

    "In de verpleeghuiswereld woedt een stammenstrijd. ‘Artsen moeten rol pakken in verpleeghuisdebat’ (MC 44,3 november 2016), is illustratief voor de strijd tussen de verschillende ‘disciplines’ om zeggenschap, invloed en uren.
    De specialist ouderengeneeskunde en GZ-psycholoog staan in deze strijd vaak tegenover elkaar, maar ook kunnen zij niet zonder elkaar. Al was het alleen maar omdat de IGZ, bijvoorbeeld in de zorg voor mensen met dementie, een belangrijke rol voor de GZ-psycholoog ziet weggelegd en bovendien eist dat deze inbreng zichtbaar is. Om enkele thema’s te noemen: wie neemt de besluiten over vrijheidbeperkende maatregelen (volgens de IGZ de arts óf gedragsdeskundige), wie denkt mee over geschikte activiteiten en het betrekken van de mantelzorgers hierbij, wie bepaalt samen met de teammanager zorg of een bewoner beter naar een andere woning of afdeling kan verhuizen?
    GZ-psychologen leveren op verschillende niveaus een bijdrage aan de kwaliteit van verpleeghuiszorg en steeds vaker worden GZ-psychologen door zorgbestuurders betrokken bij het beleid van de instelling omdat blijkt dat deze betrokkenheid leidt tot betere zorg en vaak tot grotere klanttevredenheid. Goede samenwerking binnen het multidisciplinaire team, is een basisvoorwaarde voor kwaliteit van zorg. Met een GZ-psycholoog in de rol van regiebehandelaar komen de verschillende disciplines goed tot hun recht. De psycholoog heeft oog voor de processen die binnen een team spelen, en in de eerste plaats voor de behoeften van de cliënt en zijn naasten. “Hun rol pakken in het kwaliteitsdebat” betekent voor specialisten ouderengeneeskunde een stapje terug met een bescheiden, maar betrokken en dienstbare opstelling, als een ‘huisarts plus’. Dat sommigen dit stapje terug als groot en lastig ervaren, is begrijpelijk. Toch is het een noodzakelijke stap om ruimte te scheppen voor andere behandelaars met als doel de kwaliteit van zorg in verpleeghuizen verder te verbeteren.
    "

  • Petra de Vos-van der Valk, Specialist Ouderengeneeskunde i.o., Delft 05-11-2016 12:12

    "Ik ben blij dat er in het Medisch contact aandacht wordt besteed aan dit probleem! Het gebeurt te vaak dat het management van een verpleeghuisorganisatie, overigens meestal met zeer goede bedoelingen, besluiten neemt die de kwaliteit van zorg niet ten goede komen. Als arts heb je vaak het nakijken omdat we pas achteraf worden geïnformeerd. Het is dus van groot belang dat het behandelteam, waaronder de Specialist Ouderengeneeskunde, meer invloed neemt/krijgt op de besluitvorming. Ik zie veel AIOS die zich hiervan bewust zijn, maar worstelen met hoe ze dit kunnen doen. Als arts, en ook tijdens de specialisatiefase, wordt je opgeleid voor het leveren van individuele patiëntenzorg. Een organisatie managen is nu eenmaal een andere tak van sport dan patiëntenzorg leveren. Niet iedere arts heeft uit zichzelf feeling met management, maar iedere arts heeft er wel mee te maken. Helaas is er in de opleiding nauwelijks tot geen onderwijs over hoe om te gaan met de organisatie waar je werkt en hoe management processen werken. Voor zover mij bekend is er ook voor S.O.'s weinig mogelijkheid tot nascholing op dit vlak. Mijn voorstel zou dan ook zijn om dit onderwerp te borgen in de opleidingen en nascholing te creeeren voor S.O.'s, en ik zou de opleidingsinstituten, SOON en Verenso dan ook op willen roepen hiermee aan de slag te gaan. Uw beroepsgroep staat erom te springen! Ik verwacht dat meer vaardigheden op dit terrein artsen oplevert die meer plezier in hun werk hebben en tevredener zijn over de organisaties waarin ze werken. Bovendien, ook ik denk dat als S.O.'s meedenken over beleid, dit de patiëntenzorg ten goede zal komen. En goede patiëntenzorg leveren, dat is wat we uiteindelijk als Specialisten Ouderengeneeskunde en als beroepsvereniging voor staan! "

  • Robert Kreis, chirurg n.p./zorgonderzoeker, Beverwijk 05-11-2016 11:43

    "De kloof die wordt ervaren tussen overheid en burger, bestaat kennelijk ook in meer gespecialiseerde otganisaties zoals zorginstellingen en onderwijs. De enige oplossing hiervoor is om de meest betrokken (uitvoerende) beroepsgroepen zoals dokters, verpleegkundigen en leraren een structurele positie te geven in de top van de bestuursorganen van de betrokken instellingen. Dit voorkomt dat de aandacht van "beroepsbestuurders" alleen maar uitgaat naar winst en onroerend goed beheer."

  • Jeannine Jaski, Specialist Ouderengeneeskunde, Amersfoort 04-11-2016 08:51

    "Een betere communicatie tussen mensen op de werkvloer (of het nu verzorgenden zijn of artsen) is inderdaad een belangrijke eerste stap. De tweede stap is echter net zo belangrijk: tijd en dus geld. Het deelnemen aan ontwikkel- en verbeterprojecten kan niet zomaar tussen alle, inmiddels intensieve verpleeghuiszorg, worden gedaan. Helaas is door alle bezuinigingen vrijwel nergens ruimte om dit structureel te financieren. "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.