Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
interview

‘Artsen krijgen ook ongelooflijke zeurpieten op hun spreekuur’

Peter De Wit en Hanco Kolk over ‘hun’ Sigmund, Bernard en Van Swieten

Plaats een reactie
Erik van ‘t Woud
Erik van ‘t Woud

Een cynische patiëntenhater, een macho met ferme kaaklijn en een iele, bebrilde loser sieren al zo’n twee decennia dagelijks de strippagina’s van de Volkskrant en regionale dagbladen. De karakters van psychiater Sigmund, plastisch chirurg Bernard en alleskunner dokter Van Swieten zijn voor striptekenaars Hanco Kolk en Peter de Wit een onuitputtelijke inspiratiebron. ‘Een arts is voor iedereen herkenbaar.’

Peter de Wit: ‘Het aloude beeld van de dokter die een prima opleiding heeft genoten, maar in het contact met zijn patiënten nog wel een slag te maken heeft. Daar kan ik me wel in vinden. Als arts ben je toch vooral een prater. Patiënten met psychische klachten zijn in de meerderheid. Je moet communiceren, de patiënt op zijn gemak stellen.’

Hanco Kolk: ‘Maar artsen krijgen ook vaak ongelooflijke zeurpieten op hun spreekuur. Dat gezeik van patiënten moet je aanhoren. Je kunt ze niet de deur wijzen. Patiënten hebben met internet hun eigen diagnose al gesteld. Ik kan me voorstellen dat je daar superchagrijnig van wordt.’

De Wit: ‘Daar moet je als arts mee omgaan.’

Kolk: ‘Daar zit wederzijdse frustratie, wrijving. Dat is voer voor een strip.’

De Wit: ‘We kunnen Bernard en Van Swieten een soort cursus hiervoor laten ondergaan?’

Kolk: ‘Oeh ja. Iets met een trainingsacteur of zo.’

Zet Hanco Kolk en Peter de Wit naast elkaar en het duurt niet lang of ze zien ergens een idee in voor hun dagstrip S1ngle, over de drie vrijgezelle verpleegkundigen Fatima, Stella en Nienke. In die strip figureren vanaf het prille begin naast dat drietal ook de dokters Van Swieten en Bernard. De Wit: ‘Dokter Bernard is de cosmetisch chirurg die alles wat mooi is aan vrouwen, nog mooier wil maken. Naar zijn maatstaven, daar doet hij het voor. Van Swieten doet de rest, met hem kun je alles. Daar moet je in een strip niet te moeilijk over doen.’ Via deze sidekicks kunnen de makers ‘mannen-single-dingen’ in de strip kwijt, aldus De Wit.

Sigmund

De Wit is ook bedenker en maker van de strippsychiater Sigmund. Het zelfingenomen, moeiteloos patiënten schofferende karaktertje in de gelijknamige dagstrip werd in zijn begintijd vanwege zijn cynische gehalte al spoedig afgeserveerd door de Belgische krant die hem voor het eerst publiceerde. Inmiddels is de Volkskrant al bijna een kwart eeuw Sigmunds podium. Behalve die dagstrips maakte De Wit rond zijn psychiater ook de DSM - De Sigmund Methode, ‘definitief diagnostisch naslagwerk om iedereen gek te verklaren’, en de dit najaar verschenen Sigmund Almanak, over psychologie van de koude grond als methode om de ggz-kosten te drukken.

‘Omdat we elkaar al lang kennen, hebben we aan een half woord genoeg’

S1ngle, dat dagelijks in vijftien regionale kranten verschijnt, maken Kolk en De Wit al een kleine twintig jaar samen. Kolk tekent, en de verhaallijnen bedenken ze met zijn tweeën. Daarvoor treffen de cartoonisten elkaar elke woensdag, roulerend tussen hun woonplaatsen Rotterdam en Amsterdam. Thuis of in een horecagelegenheid zetten ze zich aan het ‘plotten’, zoals ze dat noemen. Kolk: ‘Dat gaat heel organisch. We hebben aan een half woord genoeg, omdat we elkaar al lang kennen. We lunchen lekker, praten over de kinderen, over wat we in kranten hebben gelezen. Dan komen de grappen automatisch.’ De Wit: ‘We schrijven los van elkaar, rouleren onze blaadjes, laten die aan de ander zien die er met een frisse blik naar kijkt. Door zo samen te werken staat er minder druk op.’

Erik van ‘t Woud
Erik van ‘t Woud

De vader van Kolk was bedrijfsarts. Maar daarmee houdt elke bovengemiddelde fascinatie voor of betrokkenheid met artsen ook wel zo’n beetje op. Dat er dokters van diverse pluimage voorkomen in hun werk is deels toeval, deels context. Kolk: ‘De karakters van S1ngle moesten werk hebben, het liefst in een omgeving waar je veel verschillende mensen tegenkomt, een flexibele wereld.’ De Wit: ‘Een ziekenhuis is een dramatisch gegeven, met leven en dood. Het gaat dag en nacht door, dat biedt meer dynamiek.’

Sigmund is echt van De Wit, zegt Kolk. ‘Die strip is bijna autobiografisch. Sigmund is zo verweven met Peters persoon.’ De Wit: ‘Ik ben deels Sigmund, deels zijn patiënt. Soms rolt er uit de S1ngle-plotsessies een kant-en-klare Sigmund-grap. Als een grap zich op het geestelijke vlak afspeelt, is het automatisch meer een Sigmund-grap.’

De Wit: ‘Ik kreeg het idee voor Sigmund tijdens een dip aan mijn tekentafel. Vroeger noemde ik dat een depressie; inmiddels weet ik beter, hè. Ik zocht een levensvatbaar thema voor een dagstrip. Het figuurtje verscheen aan me. Het was meteen een klein mannetje, zag er al zo uit. Het bleek een psychiater, daar kun je eindeloos mee variëren. Het bleek een goed thema. Iedereen zit met dingen, van opvoeding tot burn-out, dat kun je erin kwijt.’ Sigmund is ‘ontworpen als de klassieke psychiater, met vest, pak, baardje’. ‘In een strip moet je snel kunnen onderscheiden. Clichés helpen. Daarom heeft hij een klassiek Freud-uniform.’ Kolk: ‘Hij is ook in grafisch opzicht een icoontje, bijna op z’n Dick Bruna’s.’

‘Een ziekenhuis is een dramatisch gegeven, met leven en dood’

De Wit: ‘In het begin gaf hij direct lik op stuk, had hij altijd het laatste woord, was de patiënt meteen de pineut.’ Kolk: ‘Dat was niet voldoende, dan weet je als lezer op een gegeven moment wel hoe elk stripje afloopt.’ De Wit: ‘Sigmund kreeg gaandeweg een luisterend oor en laat nu ook patiënten de grap maken.’ Grijnzend: ‘En als troost is hij er slechter aan toe dan de ander.’ Kolk: ‘Een dagstrip heeft drie jaar nodig om te rijpen. Dan zie je meer ingangen in de karakters en maak je geen verzameling grappen, maar een wereld.’

Met de tijd mee

Dokters Bernard en Van Swieten begonnen als ‘kartonnen figuren’, zegt Kolk. Plastisch chirurg Bernard is ‘de ouderwetse macho’, aldus Kolk, opspringend van zijn caféstoel. ‘Ik was laatst in het ziekenhuis, en daar stond een dokter Bernard.’ Hij zakt licht door zijn benen: ‘Met puntlaarzen, wijdbeens, intimiderend. Een waar theater.’ Van Swieten, de alleskunner die opereert, maar net zo makkelijk patiënten aanhoort met nierproblemen, oogkwalen, liesklachten en slechte adem, begon zijn bestaan als ‘de lelijke’. ‘Bernard is de alfa, Van Swieten de omega’, schatert Kolk. In de loop der jaren kreeg het duo iets meer gelaagdheid, vindt hij. ‘Op een gegeven moment werden ze vrienden, gingen ze samen dingen doen.’ Beide karakters zijn volgens De Wit een beetje ‘van vroeger’. ‘De man in de witte jas die liever niet heeft dat de patiënt te veel zegt, want de arts weet toch al wat hij ziet.’

Van Swieten schittert binnen de strip jaarlijks in december met zijn eigen oudejaarsconference, waarin hij met tenenkrommende grappen zijn publiek tot het uiterste tergt. Maar het #MeToo-debat steekt daar dit jaar een stokje voor. De Wit: ‘Verpleegkundige Nienke gaat het dit jaar doen. Zeer tegen de zin van Van Swieten in.’ De karakters bewegen met de tijd mee, constateren de makers. Zo hadden Van Swieten en Bernard als gezamenlijke hobby ‘chickies spotten’ op een terrasje – goed voor de nodige verhaallijntjes. Kolk: ‘Dat kan niet meer. Daar hebben we wel eerst een grap over gemaakt. Lieten we ze op een terras tegen elkaar zeggen: “Weet je dat je er goed uitziet?” Gingen ze elkaar cijfers geven.’

De Burka Babes verdwenen uit Sigmund nadat De Wit erop uitgekeken raakte. ‘Sommige dingen zijn nu te hard. De smaak van humor verandert, dat is normaal.’ De Wit heeft een promotie-ansichtkaart, met een afbeelding waarop Sigmund op een brede divan ligt met een patiënte naast zich, en zegt: ‘Dat die Freud hier nooit aan heeft gedacht!’ Besmuikt: ‘Die kaart deel ik maar niet meer uit op congressen, waar allemaal vrouwelijke therapeuten zijn.’

Herkenbaar

Zowel bij S1ngle als bij Sigmund houdt het tweetal een ritme binnen de week in acht. De Wit: ‘Op maandag begin je rustig, dat kan met de werksituatie. Strips over het daten zijn meer geschikt voor achter in de week. Sigmund probeer ik op woensdag buiten te laten zijn. Geeft hij bijvoorbeeld wandeltherapie. Grappen over seks of het café zijn meer geschikt voor vrijdag. Zo bouw je de week op en zit je niet elke dag in dezelfde grid.’

Kolk: ‘Soms heb je een heel thema te pakken. Een paar jaar geleden ging het over de privatisering van ziekenhuizen, rond Loek Winter. Dat is een groter ding, dan moet het een week zijn. Die grappen kun je niet los brengen, want de ene grap versterkt de andere.’ Het recente faillissement van het Slotervaart en de IJsselmeerziekenhuizen was geen aanleiding om opnieuw los te gaan op het onderwerp. Kolk: ‘Alle grappen die er te maken waren, hebben we toen wel gemaakt.’ De Wit: ‘Het is ook geen hyperactuele strip. Voordat de strips zijn getekend, ingekleurd en bekeken, ben je zo een week verder.’

Kolk: ‘S1ngle gaat meer over de tijdgeest dan de actualiteit. Ons soort strips hebben doorwrochte karakters die je emoties kunt meegeven.’ De Wit: ‘Vroeger moest een cartoon slapstick zijn. Nu mag het ook filosofisch of gevoelig zijn. Het is rijker geworden. Omdat Sigmund met de geest te maken heeft, is het daar makkelijker om filosofisch te worden.’

Psychiaters gebruiken Sigmund in hun powerpointpresentatie

De krantenlezers willen niet te veel met de dood te maken hebben, valt De Wit op. ‘Grappen over euthanasie of palliatieve sedatie vinden ze snel respectloos, van weinig gevoel getuigen.’ Sigmund valt prima binnen de beroepsgroep, is zijn ervaring. ‘Psychiaters gebruiken hem in hun powerpointpresentatie, in de wachtkamer. Ter verluchtiging en relativering.’ Hij signeert op de nodige ggz-congressen zijn Sigmund-boeken. ‘Ik kan er elke keer weer op wachten dat iemand naar me toe komt en zegt: “Het kan niet anders of u moet psychiater zijn, uw strips zijn zo treffend.” Ik ben er blij mee. Blijkbaar ben ik door de jaren heen toch thuisgeraakt in de materie.’

Kolk: ‘S1ngle is een character-driven strip. De artsen erin zijn karakters die ook nog dokter zijn, het is niet de bedoeling dé dokter neer te zetten.’ Het voordeel van artsen als typetjes is dat ze voor alle lezers herkenbaar zijn, stelt De Wit. ‘Iedereen is met artsen in de weer. Via hen kun je een maatschappelijke kant over gezondheidszorg in strips kwijt.’

Kolk: ‘Het zou wel interessant zijn om eens een andere dokter de strip in te schrijven.’

De Wit: ‘Ja, een jonge, hippe arts.’

Kolk: ‘Een vrouw.’

Win een PAKKET van Kolk en De Wit

Verzin een pakkende tekst bij een van de door ons geselecteerde cartoons van Hanco Kolk en Peter de Wit. Ga hiervoor naar medischcontact.nl/acties

De tien grappigste inzendingen worden beloond met een pakket van drie boeken: een van de S1ngle-boeken, De Sigmund Almanak en Handjes thuis, dokter Van Swieten.

download dit artikel in pdf

lees ook

  • U snapt de hele grap niet

    Tot op de dag van vandaag zijn medici het object van spotzucht in cartoons die variëren van zachtaardig tot zwartgallig. Een tour d’horizon.

interview humor
  • Ilse Kleijne

    Ilse Kleijne-Thoonsen is journalist bij Medisch Contact, met een focus op politiek en financiën.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.