Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
05 januari 2006 3 minuten leestijd

Aletta Jacobs

Plaats een reactie

Aletta Jacobs, de eerste vrouwelijke arts in Nederland, was een arts van de daad, die weinig diepgaand heeft gepubliceerd over hoe zij tegen de toenmalige, theoretische dan wel praktische geneeskunde aankeek. De biografie Een onwrikbaar geloof in rechtvaardigheid, die Mineke Bosch over haar schreef, fixeert zich volledig op Jacobs als vrouw en niet op Jacobs als arts. Of beter: op Jacobs als voorbeeld en niet op Jacobs als onderwerp. In feite is het medische verhaal voorbij op pagina 250. Er volgen dan nog 450 pagina’s strijd over vrouwenkiesrecht (en enkele over ‘oorlog tegen den oorlog’).


Typerend is dat Bosch afsluit met de opmerking ‘een bijdrage te hebben willen leveren aan de kennis over een belangrijke episode in de Nederlandse geschiedenis, namelijk de emancipatie van vrouwen of de integratie van vrouwen in de Nederlandse samenleving, in de hoop de parameters van de vaderlandse geschiedenis (of ons collectief geheugen) enigszins bij te stellen’ (wat dit ook moge betekenen). Maar daardoor blijft het allemaal wat vaag en duister hoe Jacobs was als persoon, behalve dan, zo concludeert Bosch, niet van blanke superioriteitsgevoelens vrij, en behalve dan, zo concludeer ik, een verwend nest, gezien haar vele negatieve opmerkingen als zij weer eens ergens te eten was uitgenodigd. Afgezien van enkele passages waarin sprake is van een conflict tussen haar beroep en haar feministische overtuigingen, zou het boek er in feite nauwelijks anders hebben uitgezien als Jacobs niet de eerste vrouwelijke arts, maar de eerste vrouwelijke docent wiskunde was geweest.


Een dergelijke keuze is natuurlijk het goed recht van Bosch. Een biografie is niet alleen ‘het’ verhaal van de beschreven persoon, maar ook dat van de auteur, zoals Bosch veel te omstandig aangeeft, in een borstklopperig en van jargon en veelvuldig gebruik van het vreselijke woordje ‘ik’ uitpuilend voorwoord. Maar een biografie moet toch wel duidelijk maken waarom de hoofdpersoon bepaalde zaken deed of naliet. Daarbij mag best eens iets worden aangenomen, zoals Bosch met regelmaat ook doet. Maar als zij schrijft: ‘Wellicht was het zo dat’ Jacobs iets deed of zei vanwege die reden, dan moet de lezer wel denken: ‘Ja, dat kon inderdaad best wel eens zo zijn’, en niet: ‘Maar het kan ook een andere reden hebben gehad’. Ik althans heb dat laatste met regelmaat gedacht.


Bosch zegt zich het meest thuis te voelen ‘bij cultuurhistorische benaderingen, waarin het licht niet op de persoonlijkheid of individualiteit van de auteur valt, maar op de autobiografische tekst in relatie tot de historische ontwikkeling van het genre en de eigentijdse context waarin hij werd geschreven’. Dan is het toch vreemd - en ergerlijk - dat zij desondanks constant aanwezig is. Persoonlijke interrupties van (ver)oordelende aard zijn door het gebruik van uitroeptekens en woorden als ‘roerend’, ‘curieus’, ‘amusant’, ‘bot’, ‘weinig fraai’ en ‘terecht’, allesbehalve afwezig. Behalve dat zij ons leert dat de praktijken der nazi’s ‘verbijsterend’ waren, houdt Bosch ons voor dat ook heden ten dage vrouwenonderdrukking nog niet is verdwenen. Maar met ‘een onwrikbaar geloof in rechtvaardigheid’ zou alles goed komen. Die titelwoorden vormen de afsluiting van haar boek en zijn niet afkomstig van Jacobs, maar van Bosch zelf.


Hierbij voegt zich een vaak moeizaam lezende tekst, ook vanwege een afkeer van komma’s, en enkele makkelijk vermijdbare fouten. Op p. 60 bijvoorbeeld zitten er veertig jaar tussen 1873 en 1898 en op p. 619 is de Vrouwenbond niet voor Vrede en Vrijheid, maar voor Vrede en Veiligheid. Grappig is dat Bosch op p. 381 op vivisectie wijst als een voorbeeld van vrouwenonderdrukking. Ik wist dat het soms bar en boos was, maar dit was toch nieuw voor me.


Heeft Jacobs dan niets memorabels op medisch terrein gedaan of geschreven? Natuurlijk wel, en dat kwam met name voort uit haar aandacht voor geboortebeperking, betere arbeidsomstandigheden voor winkelmeisjes, en prostitutie. Mede vanwege de medische problemen, maakte zij zich bijvoorbeeld sterk voor een algeheel prostitutieverbod, een standpunt dat hoegenaamd niet meer door alle hedendaagse Amsterdamse artsen wordt onderschreven. Maar veel om het medische lijf heeft het, althans in dit boek, allemaal niet.


Kortom: Aletta Jacobs heeft haar verdiende biografie. Het is een boek boordevol informatie, dat niemand die enigszins is geïnteresseerd in Jacobs en de vrouwenbeweging van rond de vorige eeuwwisseling ongelezen kan laten. Voor medici is het echter jammer dat zij weinig wijzer worden van Jacobs als arts. Maar wellicht moet worden geconcludeerd dat die kant van haar leven helemaal niet zo interessant is. << Leo van Bergen, medisch historicus


Mineke Bosch, Een onwrikbaar geloof in rechtvaardigheid. Aletta Jacobs 1854-1929, Balans, ISBN 90 5018 6572, 819 blz., 37,50 euro.


Media en cultuur
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.