Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Achter het nieuws

Aantal opleidingsplekken daalt opnieuw

'Je wilt niet opleiden voor werkloosheid'

1 reactie
Getty Images
Getty Images

Het aantal opleidingsplaatsen voor medisch specialisten daalt sinds enkele jaren. Bij de jaarlijkse toekenning van plekken moeten sommige specialismen in 2018 flink inleveren. ‘Het voelt gek te krimpen terwijl er vacatures zijn.’

Een kwart minder opleidingsplekken. Je zou je kunnen voorstellen dat voorzitter Ties Eikendal van de Nederlandse Vereniging van Spoedeisende Hulp Artsen (NVSHA) zich van afgrijzen de haren uit het hoofd trok toen hij zag hoeveel plekken zijn specialisme komend jaar kreeg toebedeeld: dertig, in plaats van de veertig die in 2017 nog mochten. Maar nee. ‘Integendeel’, merkt Eikendal monter op. ‘Wij hebben zelf aangestuurd op een drastische verlaging.’

Jaarlijks adviseert het Capaciteitsorgaan hoeveel artsen er binnen welk specialisme opgeleid moeten worden. Met dat advies in de hand bepaalt het ministerie van VWS, dat de opleidingen betaalt, het definitieve aantal. Stichting Bols (een samenwerking van de Federatie Medisch Specialisten, umc’s en zorgverzekeraars) stelt vervolgens op basis van die cijfers in juli een verdeelplan op voor de medisch-specialistische vervolgopleidingen. Daarin worden die vastgestelde plekken verdeeld over de acht opleidingsregio’s, en binnen die regio’s weer over ziekenhuizen.

Bols had de afgelopen jaren telkens minder plekken te vergeven. In 2011 waren er nog 1446 plekken voor medisch-specialistische vervolgopleidingen, maar basisartsen beconcurreren elkaar in 2018 om 1175 plaatsen. Dat zijn er 53 minder dan in 2017.

Spoedeisende geneeskunde

Voor enkele specialismen lijken de druiven van dit traject extra zuur in 2018. Artsen voor verstandelijk gehandicapten zien hun opleidingsruimte krimpen van 24 naar 18. Voor anesthesiologie zakte het aantal van 88 naar 80, voor interne geneeskunde van 117 naar 96 en voor spoedeisende geneeskunde (een profielopleiding) van 40 naar 30.

Op zich zijn er nog de nodige vacatures voor SEH-artsen te vervullen, weet Eikendal. ‘Er zijn nu zo’n 500 SEH-artsen in Nederland. Om tot een verzadiging van de markt te komen, moeten we groeien naar zo’n 750 tot 800 SEH-artsen.’ En het relatief jonge profiel was en is populair; volgens de NVSHA-voorzitter komen er op elke opleidingsplek al snel vijf sollicitanten af.

Dat lijkt misschien reden om het aantal opleidingsplekken vrolijk door te laten groeien, in plaats van de bijl erin te zetten. Maar de wereld van medische opleidingsplaatsen is een precaire balanceringsact. Blijf je te scheutig met het toekennen van het aantal opleidingsplekken, dan vechten over een paar jaar de jonge klaren elkaar de tent uit voor een aanstelling. Ben je te zuinig, dan tobben ziekenhuizen hoe al die vacatures te vullen.

Als we zo doorgaan met opleiden, dan treedt er vanaf 2021 een enorme verzadiging op

Lastig evenwicht

Dat eerste scenario dreigt bij ongebreidelde groei voor de SEH-artsen, licht Eikendal toe. ‘Het merendeel van de SEH-artsenpopulatie, zo’n 65 procent, is nu tussen de 30 en 40 jaar oud. Dat maakt dat er voorlopig nauwelijks uitstroom zal zijn. Dus moeten we op zoek naar een gezonde groei die enerzijds voldoet aan de enorme vraag naar SEH-artsen, maar waarbij we ook zorgen voor een gestage groei, zodat we een evenwicht tussen in- en uitstroom krijgen.’

De afgelopen jaren kreeg spoedeisende hulp al beetje bij beetje minder plekken toegekend, maar in 2018 dus flink minder. Op dit moment zijn er volgens Eikendal zo’n 150 mensen in opleiding, die drie jaar vergt. ‘Ik hoor de vraag naar SEH-artsen, met name uit de perifere ziekenhuizen waar veel vacatures zijn. Daar willen we graag aan voldoen. Maar als we doorgaan op hetzelfde niveau met opleiden, dan treedt er vanaf 2021 een enorme verzadiging op. Het is een lastig evenwicht.’ En dat maakt dat de voorzitter zich prima kan vinden in de beperking.

Anesthesiologie

Het specialisme anesthesiologie zag jaar na jaar het aantal opleidingsplekken groeien. Er zijn dan ook veel anesthesiologen nodig: het is een van drie grootste specialismen. Een tijd lang werden er zelfs anesthesiologen uit het buitenland aangetrokken om de gaten te vullen, weet voorzitter Elise Sarton van de Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie (NVA). ‘Bijna iedereen heeft wel een anesthesioloog uit het buitenland in zijn buurt.’

In 2017 was het voor het eerst afgelopen met die traditionele groei, en in 2018 zet de daling verder in. Ook Sarton kan daarmee leven. ‘De raming van het Capaciteitsorgaan was fors lager dan de vorige raming uit 2013, namelijk dertig plekken minder. Toen is aangegeven dat zo’n grote stap voor een te grote schommeling zou zorgen.’ De keuze om in stapjes naar beneden bij te stellen, maakt deze afname van acht ‘beheersbaar’, aldus Sarton.

Toch ‘voelt het gek om nu te krimpen, terwijl er vacatures zijn’, vindt ze. ‘Maar je moet vooruitlopen. Je moet kijken naar de arbeidsmarkt over vijf, zes jaar. Dat maakt het moeilijk om te ramen.’ Er zijn op dit moment zo’n 1900 anesthesiologen, en zo’n 500 in opleiding. Van die laatste komen er jaarlijks ongeveer 80 ‘op de markt’, aldus Sarton. ‘En je wilt niet opleiden voor werkloosheid.’

Verstandelijk gehandicapten

Wat zorgelijker klinkt Wim Kok, docent en plaatsvervangend hoofd bij het opleidingsinstituut Geneeskunde voor Verstandelijk Gehandicapten van Erasmus MC. Vanwege ‘een groot tekort’ aan artsen voor verstandelijk gehandicapten (AVG’s) was de opleidingscapaciteit de afgelopen jaren volgens hem ‘tijdelijk fors opgehoogd’, iets waar per 2018 weer een einde aan komt. Kok benadrukt vertrouwen te hebben in het rekenmodel waarop het Capaciteitsorgaan zijn adviezen op baseert. Maar volgens hem bestaan er binnen de NVAVG (Vereniging van Artsen voor Verstandelijk Gehandicapten) wel zorgen ‘om een mogelijke toename van het tekort aan AVG’s op termijn’.

‘Het tekort is deels ingelopen, maar nog lang niet weg’, aldus Kok. ‘Bekend is dat vacatures minder gemeld worden waar het langdurig niet is gelukt ze vervuld te krijgen.’ Volgens hem is dan ook ‘niet precies in te schatten in hoeverre het aantal aiossen toereikend is’. Eigenlijk had het Capaciteitsorgaan zestien plekken becijferd. Kok telt zijn zegeningen dat het er, na overleg, toch uiteindelijk achttien zijn geworden. ‘Met deze twee extra plaatsen is een deel van de onzekerheid afgedekt.’

Regeerakkoord

In het regeerakkoord van het inmiddels demissionaire kabinet stond dat er bezuinigd moest worden op het aantal opleidingsplekken. Maar de feitelijke krimp is daar uiteindelijk geen gevolg van: het adviserende Capaciteitsorgaan kwam de afgelopen jaren op basis van de arbeidsmarkt al tot de conclusie dat beperking gewenst was. ‘De afname is dus geen gevolg van een financiële afweging’, aldus VWS-woordvoerder Ole Heil. ‘De minister zit juist steevast aan de bovenkant van de ramingen van het Capaciteitsorgaan.’

lees ook

download dit artikel (pdf)

print dit artikel
werk Achter het nieuws SEH opleiding
  • Ilse Kleijne

    Ilse Kleijne-Thoonsen is journalist bij Medisch Contact, met een focus op politiek en financiën.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Karin Harrewijn, van, kinderarts, Zoetermeer 03-08-2017 15:12

    "LS, jaren her was er forse arbeidsdruk. Vaal wilde de Raad van bestuur geen geld voor extra specialisten vrij maken. Om de druk toch te verminderen werden goedkopere nursepractitioners, physisian-assistents, praktijkondersteuners etc. etc. opgeleid. Wat we ons toen niet hebben gerealiseerd is dat zij de medisch specialisten zouden gaan verdringen op de huidige arbeids- en opleidingsmarkt.
    MVG, Karin van Harrewijn"