Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
A.C. Nieuwenhuijzen Kruseman G. van Dijk
27 mei 2010 12 minuten leestijd

Jongensbesnijdenis krachtig ontmoedigen

10 reacties

Documenten:
KNMG-standpunt: Niet-therapeutische circumcisie bij minderjarige jongens
KNMG: Onderzoeksresultaten KNMG ledenpeiling over jongensbesnijdenis
KNMG: Dossier jongensbesnijdenis


KNMG: Circumcisie tast integriteit van het lichaam aan


Vrouwelijke genitale verminking is bij wet verboden, maar jongens worden nog steeds massaal besneden. Als er geen therapeutische redenen zijn, druist dit in tegen de rechten van het kind.

Op 27 mei publiceert de KNMG het standpunt ‘Niet-therapeutische circumcisie (NTC) bij minderjarige jongens’. Dit standpunt is geformuleerd na consultatie van relevante wetenschappelijke verenigingen, en wordt ook door deze verenigingen ondersteund.1 Aanleiding voor het standpunt is de toenemende aandacht voor de rechten van kinderen. Ook weten we inmiddels dat circumcisie bij kinderen soms ernstige complicaties kan hebben. Een derde reden is de discrepantie tussen het strikte standpunt van de KNMG over vrouwelijke genitale verminking en het ontbreken van een standpunt over NTC bij minderjarige jongens – een vergelijkbare ingreep.

Doel van dit standpunt is in eerste instantie om een maatschappelijke discussie over dit onderwerp op gang te brengen. Het uiteindelijke doel is om NTC bij minderjarigen zoveel mogelijk te beperken.



Omstreden
Circumcisie bij minderjarige jongens is een ingreep die al eeuwen oud is, bij vele volken voorkomt en om vele redenen werd en wordt uitgevoerd. Wereldwijd worden jaarlijks naar schatting 13 miljoen jongens besneden, in Nederland naar schatting 10 tot 15 duizend. In het verleden is circumcisie uitgevoerd ter preventie en behandeling van een groot aantal aandoeningen zoals jicht, syfilis, epilepsie, hoofdpijn, artrose, alcoholisme, liesbreuk, astma, slechte spijsvertering, eczeem, hoofdpijn en overmatige masturbatie.2

De laatste decennia zijn er aanwijzingen dat circumcisie het risico op hiv/aids kan reduceren.3 Dit wordt in een aantal andere studies echter niet bevestigd.4 Dat de relatie tussen circumcisie en hiv op zijn minst onduidelijk is, blijkt bijvoorbeeld uit het feit dat de VS een hoge prevalentie van soa’s en hiv-infecties combineert met een hoog percentage routinematige circumcisies.5 De Nederlandse situatie is precies omgekeerd: een lage prevalentie van hiv/aids, in combinatie met een relatief laag aantal circumcisies. Gedragsfactoren lijken dan ook een veel belangrijker rol te spelen dan het al of niet hebben van een voorhuid.

Verder zijn er aanwijzingen dat circumcisie kan beschermen tegen aandoeningen als HPV-infectie, urineweginfecties en peniskanker. Ook deze studies zijn echter omstreden.6 Kinderen met aangeboren afwijkingen aan de urinewegen kunnen doorgaans goed worden geholpen met een voorhuidsverwijdende operatie, waardoor de voorhuid eenvoudiger te reinigen is. Ook urineweginfecties zijn doorgaans goed te behandelen.


Circumcisie veroorzaakt veel
complicaties, en ook sterfgevallen komen voor



Complicaties
Tegenover de mogelijke medische voordelen staat een groot aantal complicaties van circumcisie: infecties, bloedingen, sepsis, necrose, verbindweefseling van de huid, urineweginfecties, meningitis, herpesinfecties, meatitis, meatale stenose, necrose en necrotiserende complicaties die tot volledige amputatie van de penis hebben geleid.7 Ook sterfgevallen komen voor.8 Naast deze directe medische complicaties zijn ook psychologische problemen en complicaties op het gebied van seksualiteit gerapporteerd.9 10

Bij pasgeborenen die onverdoofd worden besneden, kunnen door de extreme pijnervaring jaren later nog gedragsveranderingen optreden.11

Zelfs als er medische voordelen zouden zijn van circumcisie om medisch-preventieve redenen, is het de vraag of deze mogelijke medische voordelen opwegen tegen het risico op complicaties. Zeker wanneer het gaat om kinderen, die niet zelf deze afweging kunnen maken, dienen de mogelijke medische voordelen groot, en het risico op complicaties klein te zijn om de ingreep te kunnen rechtvaardigen.

Zelf beslissen
Circumcisie uit oogpunt van preventie tegen urineweginfecties of hiv/aids moet qua kosten en baten worden afgewogen tegen andere, minder ingrijpende vormen van preventie zoals hygiëne, antibiotica, condoomgebruik, seksuele voorlichting of gedragsverandering. Daarnaast is het de vraag of het bij een dergelijke indicatie noodzakelijk is om de circumcisie in de kinder- of babytijd uit te voeren. Waarom niet wachten tot de jongen op een leeftijd is waarbij het risico relevant is? Dan kan hij, als het bijvoorbeeld gaat om hiv-preventie, zelf beslissen of hij kiest voor circumcisie of voor alternatieven als condoomgebruik, afzien van drugsgebruik of abstinentie.

De KNMG beschouwt de mogelijke medische voordelen, afgewogen tegen alternatieven en de kans op complicaties van circumcisie, onvoldoende groot om circumcisie om medisch-preventieve redenen te kunnen rechtvaardigen. Zij beschouwt circumcisie, anders dan om therapeutische redenen, dan ook als een medisch niet-noodzakelijke ingreep. De KNMG roept (verwijzende) artsen daarom op om ouders en verzorgers die niet-therapeutische circumcisie voor minderjarige jongens overwegen, nadrukkelijk op de hoogte te brengen van de kans op complicaties en het ontbreken van overtuigende medische voordelen.

Omstreden
Circumcisie bij minderjarige jongens is een ingreep die al eeuwen oud is, bij vele volken voorkomt en om vele redenen werd en wordt uitgevoerd. Wereldwijd worden jaarlijks naar schatting 13 miljoen jongens besneden, in Nederland naar schatting 10 tot 15 duizend. In het verleden is circumcisie uitgevoerd ter preventie en behandeling van een groot aantal aandoeningen zoals jicht, syfilis, epilepsie, hoofdpijn, artrose, alcoholisme, liesbreuk, astma, slechte spijsvertering, eczeem, hoofdpijn en overmatige masturbatie.2

De laatste decennia zijn er aanwijzingen dat circumcisie het risico op hiv/aids kan reduceren.3 Dit wordt in een aantal andere studies echter niet bevestigd.4 Dat de relatie tussen circumcisie en hiv op zijn minst onduidelijk is, blijkt bijvoorbeeld uit het feit dat de VS een hoge prevalentie van soa’s en hiv-infecties combineert met een hoog percentage routinematige circumcisies.5 De Nederlandse situatie is precies omgekeerd: een lage prevalentie van hiv/aids, in combinatie met een relatief laag aantal circumcisies. Gedragsfactoren lijken dan ook een veel belangrijker rol te spelen dan het al of niet hebben van een voorhuid.

Verder zijn er aanwijzingen dat circumcisie kan beschermen tegen aandoeningen als HPV-infectie, urineweginfecties en peniskanker. Ook deze studies zijn echter omstreden.6 Kinderen met aangeboren afwijkingen aan de urinewegen kunnen doorgaans goed worden geholpen met een voorhuidsverwijdende operatie, waardoor de voorhuid eenvoudiger te reinigen is. Ook urineweginfecties zijn doorgaans goed te behandelen.

Complicaties
Tegenover de mogelijke medische voordelen staat een groot aantal complicaties van circumcisie: infecties, bloedingen, sepsis, necrose, verbindweefseling van de huid, urineweginfecties, meningitis, herpesinfecties, meatitis, meatale stenose, necrose en necrotiserende complicaties die tot volledige amputatie van de penis hebben geleid.7 Ook sterfgevallen komen voor.8 Naast deze directe medische complicaties zijn ook psychologische problemen en complicaties op het gebied van seksualiteit gerapporteerd.9 10

Bij pasgeborenen die onverdoofd worden besneden, kunnen door de extreme pijnervaring jaren later nog gedragsveranderingen optreden.11

Zelfs als er medische voordelen zouden zijn van circumcisie om medisch-preventieve redenen, is het de vraag of deze mogelijke medische voordelen opwegen tegen het risico op complicaties. Zeker wanneer het gaat om kinderen, die niet zelf deze afweging kunnen maken, dienen de mogelijke medische voordelen groot, en het risico op complicaties klein te zijn om de ingreep te kunnen rechtvaardigen.

Zelf beslissen
Circumcisie uit oogpunt van preventie tegen urineweginfecties of hiv/aids moet qua kosten en baten worden afgewogen tegen andere, minder ingrijpende vormen van preventie zoals hygiëne, antibiotica, condoomgebruik, seksuele voorlichting of gedragsverandering. Daarnaast is het de vraag of het bij een dergelijke indicatie noodzakelijk is om de circumcisie in de kinder- of babytijd uit te voeren. Waarom niet wachten tot de jongen op een leeftijd is waarbij het risico relevant is? Dan kan hij, als het bijvoorbeeld gaat om hiv-preventie, zelf beslissen of hij kiest voor circumcisie of voor alternatieven als condoomgebruik, afzien van drugsgebruik of abstinentie.

De KNMG beschouwt de mogelijke medische voordelen, afgewogen tegen alternatieven en de kans op complicaties van circumcisie, onvoldoende groot om circumcisie om medisch-preventieve redenen te kunnen rechtvaardigen. Zij beschouwt circumcisie, anders dan om therapeutische redenen, dan ook als een medisch niet-noodzakelijke ingreep. De KNMG roept (verwijzende) artsen daarom op om ouders en verzorgers die niet-therapeutische circumcisie voor minderjarige jongens overwegen, nadrukkelijk op de hoogte te brengen van de kans op complicaties en het ontbreken van overtuigende medische voordelen.

Mensenrecht
NTC bij minderjarige jongens is in strijd met de regel dat minderjarigen alleen mogen worden blootgesteld aan medische handelingen als er sprake is van ziekte of afwijkingen, of als duidelijk aantoonbaar is dat de ingreep in het belang is van het kind, zoals bij vaccinaties. Daarnaast is het een schending van de lichamelijke integriteit van het kind. Dit recht, vastgelegd in artikel 11 van de Grondwet en artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), is een van de belangrijkste grondrechten. Het beschermt mensen tegen ongewilde ingrepen in of aan het lichaam, en kan alleen worden opgeheven door toestemming van de betrokkene of diens vertegenwoordiger, een verondersteld belang (bijvoorbeeld vaccinatie bij kinderen) of door een wettelijke plicht (zoals het verplicht afstaan van DNA na vermoedens van een misdrijf).

Dit recht op lichamelijke integriteit is een onvervreemdbaar mensenrecht, evenals het recht op leven en het recht op persoonlijke vrijheid. Dat wil zeggen dat toestemming van de patiënt (of diens naasten) niet voldoende rechtvaardiging biedt om de ingreep uit te mogen voeren. Naast de toestemming moet er ook altijd nog een aanvullende reden zijn, zoals een medisch belang.


Toestemming van de patiënt of zijn
naasten biedt niet voldoende rechtvaardiging

Religie
Sommige religieuze groeperingen zien NTC als een noodzakelijke ingreep om een jongen volwaardig toe te kunnen laten tot de religieuze gemeenschap. Zo bezien zou het in het belang van het kind zijn om NTC te ondergaan; vanwege de belangrijke culturele en religieuze voordelen. Een kind dat NTC niet ondergaat, zou moeite kunnen hebben met het ontwikkelen van een eigen identiteit en het gevoel ‘anders’ te zijn en ‘nergens’ bij te horen. Dergelijke gevoelens kunnen voor artsen een overweging zijn om NTC toch uit te voeren.

Eventuele gevoelens van schaamte, problemen met het ontwikkelen van identiteit, of ‘er niet bij horen’ van het kind zijn echter niet zozeer een gevolg van het niet uitvoeren van NTC, maar van het feit dat anderen het kind erop aankijken dat hij geen NTC heeft ondergaan. Naarmate NTC een minder gangbare praktijk wordt, zoals thans het geval is in Australië, de VS en Canada, zal het steeds meer ‘gewoon’ worden dat jongens niet besneden zijn. In de literatuur zijn ook geen aanwijzingen te vinden dat niet-besneden jongens moeite zouden hebben met het ontwikkelen van hun identiteit. Dat heeft er mogelijk mee te maken dat ouders die ervoor kiezen hun kinderen niet te laten besnijden dat waarschijnlijk uit volle overtuiging doen, en hun kinderen ook in die overtuiging grootbrengen.

NTC bij minderjarige jongens wordt vaak verdedigd met het recht op religieuze vrijheid: ouders zijn vrij hun kinderen groot te brengen in een door henzelf te kiezen religie of levensbeschouwing. Dit recht geldt echter niet alleen voor ouders, maar ook voor kinderen. Die moeten op latere leeftijd zelf de vrijheid hebben een eigen levensbeschouwing te kiezen, of af te zien van de levensbeschouwing waarin ze zijn grootgebracht. Dit betekent geen irreversibele, religieus gemotiveerde ingrepen aan het lichaam van het kind. Zo houdt het immers de vrijheid om op latere leeftijd zelf de keus te maken voor een bepaald geloof.

Wettelijk verbod
Er bestaan goede redenen voor een wettelijk verbod op NTC bij minderjarige jongens, zoals dat ook bestaat voor vrouwelijke genitale verminking. Het gevaar van een verbod is echter dat medisch niet-gekwalificeerde personen de ingreep gaan uitvoeren, in omstandigheden die de kwaliteit van de ingreep onvoldoende garanderen. Daardoor kunnen veel meer ernstige complicaties optreden dan nu het geval is.

De KNMG realiseert zich dat de praktijk van NTC bij minderjarige jongens is omgeven met diepe religieuze, symbolische en culturele gevoelens. Het is dan ook onrealistisch te verwachten dat deze praktijk op korte termijn valt uit te bannen, ook niet met een wettelijk verbod. Het is echter wel tijd voor een krachtig ontmoedigingsbeleid. De komende jaren zal de KNMG, in samenwerking met relevante wetenschappelijke verenigingen, dit ontmoedigingsbeleid nader vormgeven.

Arie Nieuwenhuijzen Kruseman, internist en voorzitter van de KNMG
Gert van Dijk, beleidsmedewerker ethiek bij de KNMG
Correspondentieadres: info@fed.knmg.nl;
c.c.: redactie@medischcontact.nl

Geen belangenverstrengeling vermeld.

Samenvatting

  • Circumcisie, anders dan om therapeutische redenen, is een medisch niet noodzakelijke ingreep.
  • Niet-therapeutische circumcisie bij minderjarigen is een aantasting van het recht op lichamelijke integriteit en het recht op religieuze vrijheid van het kind.
  • Er zijn goede redenen voor een wettelijk verbod op niet-therapeutische circumcisie bij minderjarigen.
  • De KNMG pleit voor een krachtig ontmoedigingsbeleid.

PDF van dit artikel


Lees ook:

Literatuur

1. - De Nederlandse Vereniging voor Plastische Chirurgie;

- De Nederlandse Vereniging voor Urologie;

- Het Nederlands Huisartsen Genootschap;

- Artsen Jeugdgezondheidszorg Nederland;

- De Nederlandse Vereniging voor Kinderchirurgie;

- De Nederlandse Vereniging voor Heelkunde;

- De Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde.

2. Miller GP. Circumcision: cultural-legal analysis. Virginia Journal of Social Policy and the Law 2002; 9: 497-585.

3. O’Farrell RS, Egger M (March 2000). International Journal of STD’s and AIDS 11 (3): 137-142. Circumcision in men and the prevention of HIV infection: a ‘meta-analysis’ revisited; WHO/UNAIDS Technical Consultation on Male Circumcision and HIV Prevention: Research Implications for Policy and Programming Montreux, 6-8 March 2007.

4. Van Howe RS. Circumcision and HIV infection: review of the literature and meta-analysis. International Journal of STD’s and AIDS 10: 8-16; Thomas AG, Bakhireva LN, Brodine SK, Shaffer RA Prevalence of male circumcision and its association with HIV and sexually transmitted infections in a U.S. navy population. Abstract no. TuPeC4861. Presented at the XV International AIDS Conference, Bangkok, Thailand, July 11-16, 2004. Chao A, Bulterys M, Musanganire F et al. Risk factors associated with prevalent HIV-1 infection among pregnant women in Rwanda. National University of Rwanda-Johns Hopkins University AIDS Research Team. Int J Epidemiol 1994; 23 (2): 371-80. Grosskurth H, Mosha F, Todd J et al. A community trial of the impact of improved sexually transmitted disease treatment on the HIV epidemic in rural Tanzania: Baseline survey results. AIDS 1995; 9 (8): 927-34.

Barongo LR, Borgdorff MW, Mosha FF et al. The epidemiology of HIV-1 infection in urban areas, roadside settlements and rural villages in Mwanza Region, Tanzania. AIDS 1992; 6 (12): 1521-8.

Changedia SM, Gilada IS. Role of male circumcision in HIV transmission insignificant in conjugal relationship (abstract no. ThPeC7420). Presented at the Fourteenth International AIDS Conference, Barcelona, Spain, July 7-12, 2002. Connolly CA, Shishana O, Simbayi L, Colvin M. HIV and circumcision in South Africa (Abstract No. MoPeC3491). Presented at the 15th International AIDS Conference, Bangkok, Thailand, July 11-16, 2004. Thomas AG, Bakhireva LN, Brodine SK, Shaffer RA. Prevalence of male circumcision and its association with HIV and sexually transmitted infections in a U.S. navy population (Abstract no. TuPeC4861). Presented at the 15th International AIDS Conference, Bangkok, Thailand, July 11-16, 2004.

5. Van Howe RS. Circumcision and infectious diseases revisited. Pediatr Infect Dis J 1998; 17: 1-6.

6. Aynaud O, Piron D, Bijaoui G, Casanova JM. Developmental factors of urethral human papillomavirus lesions: correlation with circumcision. BJU Int 1999; 84 (1): 57-60. Frisch M, Friis S, Kjaer SK, Melbye M. Falling incidence of penis cancer in an uncircumcised population (Denmark 1943-90) BMJ 1995; 311 (7018): 1471.

7. Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg. Beslissing in de zaak onder nummer 2003/061. Gee WF, Ansell JS. Neonatal circumcision: a ten-year overview: with comparison of the Gomco clamp and the Plastibell device. Pediatrics 1976; 58: 824-7. Harkavy KL. The circumcision debate.  Pediatrics 1987; 79: 649-50. Williams N, Kapila L. Complications of circumcision. Br J Surg. 1993; 80: 1231-6. Griffiths DM, Atwell JD, Freeman NY. A prospective study of the indications and morbidity of circumcision in children. Eur Urol 1985; 11: 184-7. Kaplan GW. Complications of circumcision. Urol Clin North Am 1983; 10: 543-9. Williams N, Kapila L. Complications of circumcision. Br J Surg 1993; 80: 1231-6. Gerharz EW, Haarmann C. The first cut is the deepest? Medicolegal aspects of male circumcision. BJU Int 2000; 86: 332-8. Hodges FM, Svoboda JS, Van Howe RS. Prophylactic interventions on children: balancing human rights with public health. J Med Ethics 2002; 28: 10-6. Niku SD et al. Neonatal circumcision. Urol Clin North Am 1995; 22: 57-65. King LR. Neonatal circumcision in the United States in 1982. J Urol 1982; 128: 1135-6.

8. Paediatr Child Health Vol 12 No 4 April 2007: Circumcised three-year-old died from anaesthesia Aftonbladet February 9, 2001.

9. Boyle, G., Male Circumcision: Pain, Trauma and Psychosexual Sequelae, Journal of Health Psychology, Vol. 7, No. 3, 329-43 (2002).

10. O’Hara K, O’Hara J. The effect of male circumcision on the sexual enjoyment of the female partner. BJU Int 1999; 83; Richardson D, Goldmeier D. Premature ejaculation – does country of origin tell us anything about etiology? J Sex Med 2005; 2: 508-12 (Suppl. 1): 79-84.

11. Amand KJS, Hickey PR: Pain and its effects in the human neonate and fetus. N Engl J Med 1986; 317: 1321-6. Cynthia R, Howard MD, Fred M, Michael L, Weitzman MD. Acetaminophen analgesia in neonatal circumcision: the effect on pain. Pediatrics, April 1994. Janice Lander, PhD; Barbara Brady-Freyer, MN; James B. Metcalfe, MD, FRCSC; Shermin Nazerali, MPharm; Sarah Muttit, MD, FRCPC Comparison of Ring Block, Dorsal PenileNerve Block, and Topical Anesthesiafor Neonatal Circumcision, J Med Assoc., Volume 278 No. 24, Pages 2157-62, December 24/31, 1997. A Randomized Controlled Trial Procedural Pain in Newborn Infants: The Influence of Intensity and Development, Fran Lang Porter, PhD*, Cynthia M. Wolf, PhD*, and J. Philip Miller, AB Pediatrics, Vol. 104 No. 1 July 1999, p. e13.

Wereldwijd worden ieder jaar naar schatting 13 miljoen jongens besneden. beeld: Reporters/Fresh Images
Wereldwijd worden ieder jaar naar schatting 13 miljoen jongens besneden. beeld: Reporters/Fresh Images
Niet-therapeutische circumcisie bij minderjarige jongens is in strijd met de regel dat minderjarigen alleen mogen worden blootgesteld aan medische handelingen als er sprake is van ziekte of afwijkingen. beeld: Reporters/Fresh Images
Niet-therapeutische circumcisie bij minderjarige jongens is in strijd met de regel dat minderjarigen alleen mogen worden blootgesteld aan medische handelingen als er sprake is van ziekte of afwijkingen. beeld: Reporters/Fresh Images
print dit artikel
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • , 28-07-2010 00:00

    "Sinds ik in 2004 (MC 14:536) naar aanleiding van het verbod op meisjesbesnijdenis de besnijdenis van jongens aan de orde stelde is er op dat gebied veel gebeurd. Hoogervorst schrapte de vergoeding uit het pakket en inmiddels heeft de KNMG een “ontmoedigings-advies” gegeven. Vele weldenkende bestuurders en collega’s hebben zich over de medische, morele en wettelijke aspecten gebogen. Ik vind het daarom onbegrijpelijk, dat collega Ganani-Allis deze uitgebreide en zorgvuldige procedure van tafel veegt met als enige argument de “diepreligieuze verplichting”. Dat de mohel het netter doet dan zijn collega’s in andere religies is niet relevant.

    Het blijkt helaas voor sommigen nog steeds onmogelijk om religieus gevoel los te zien van de regels, voorschriften en wetten, die vervolgens door een kerkelijk instituut worden bedacht : heeft immers ooit een gelovige een voorschrift gezien, direct afkomstig van de veronderstelde godheid?

    In de loop der eeuwen is door voortschrijdend inzicht een eind gekomen aan vele inhumane godsdienstige gebruiken. De KNMG heeft er goed aan gedaan een standpunt in te nemen tegen de besnijdenis, zij het minder krachtig dan tegen de gelijksoortige mishandeling van meisjes.

    Assen, juli 2010
    HAM Heikens, chirurg n.p."

  • P.L. Ganani-Allis, ROTTERDAM 15-06-2010 00:00

    "Als Joodse moeder van een uiteraard besneden zoon, tevens arts, voel ik mij in de kou staan bij "mijn" vereniging de KNMG. Zoals al eerder in de reacties opgemerkt, is de besnijdenis een diep religieuze verplichting, waar hygiënische voordelen geen rol in spelen, slechts de religieuze verplichting. Ieder voedt zijn kinderen naar beste weten op, en heeft daarmee een grote invloed op zijn kind. Ook fysiek. En ten overvloede, want in andere reacties al genoemd: joodse besnijdenis op leeftijd van 8 dagen traumatiseert niet, heeft een extreem laag complicatiepercentage, en wordt overigens alleen uitgevoerd als het kind volkomen gezond is. De eisen die aan de Mohel (besnijder) gesteld worden zijn zeer streng, en niet te vergelijken met andere religies. Het artikel is zeer slecht onderbouwd en als zodanig de KNMG onwaardig. Ik kan het slechts eens zijn met één ding: de besnijdenis hoort niet in een ziekenhuis thuis. Dat kunnen we zelf veel beter. Hebben de hoogstwaarschijnlijk niet-besneden leden van de commissie wel eens een joodse besnijdenis bijgewoond?"

  • , 15-06-2010 00:00

    "Ik vind de weigering van sommige gelovige ouders om hun kinderen te laten inenten ernstiger dan de onschuldige rituele besnijdenis. Ik vraag me af in hoeverre het actuele politieke debat rondom de islam aanleiding is tot het aanzwengelen van deze discussie. Laten we wel wezen: ook in de orthodox-joodse gemeenschap is de rituele besnijdenis gangbaar, doch nooit ter discussie gesteld.
    Dordrecht,
    H.R. Scholsberg, huisarts n.p.
    "

  • , 15-06-2010 00:00

    "Het KNMG-standpunt over jongensbesnijdenis is een voorbeeld van emotionele besluitvorming, waarbij onwaarachtige ‘medische’ beweringen worden gebruikt om de juistheid van het standpunt te ondersteunen. Als besnijdenis door bekwame operateurs bij zuigelingen van acht dagen oud wordt uitgevoerd, zijn de risico’s en complicaties vrijwel nihil.
    Jongensbesnijdenis roept zeer vaak bij niet-besneden mannen (en ook bij vrouwen) een reactie van afkeer op, nog sterker dan de ‘gewone’, en begrijpelijke afwijzing van de schending van lichamelijke integriteit bij het kind, dat zélf niet kan kiezen.
    Dit standpunt van de KNMG is op grond van een ‘democratische’ procedure tot stand gekomen, met behulp van verontrustende, onzuivere en onjuiste informatie over de veiligheid. In het proces van besluitvorming heeft wetenschappelijk onderzoek geen rol gespeeld; verwijzingen naar de situatie in andere landen zijn zodanig geselecteerd dat alleen de nadelen, of ten minste de afwezigheid van voordelen worden benadrukt. Er is geen gedifferentieerd onderzoek gedaan naar de gevolgen – ook de psychische – , bijvoorbeeld volgens een indeling naar de leeftijd waarop de procedure wordt uitgevoerd. Geen onderzoek naar mogelijke verschillen in seksuele gewoontes tussen wel en niet besneden mannen. En er is bij besneden mannen niet geënquêteerd hoe zij zich ten opzichte van hun besneden-zijn voelen: uitermate belangrijk, gezien de bezwaren van vooral niet-besnedenen die de gewoonte als onethisch en onwenselijk afkeuren.
    Gezien de belangrijke culturele en religieuze betekenissen die verbonden zijn met besnijdenis bij de man, acht ik dit besluit van de KNMG een onwaardige knieval voor emotioneel bepaalde stemmingmakerij, ons als artsen onwaardig.
    Amsterdam,
    Michael F. Chayes, psychiater en psychoanalyticus
    "

  • , 15-06-2010 00:00

    "Zo de besnijdenis agenderen wijst op domheid of verhuld antisemitisme. Vrouwenbesnijdenis is misdadig. Daar kan niet fel genoeg tegen worden opgetreden. Mannenbesnijdenis wordt in de islam op te late leeftijd toegepast en vaak met te weinig precisie en hygiëne, maar is in beginsel een goede zaak die hygiëne en baarmoederhalskankerrisico’s vermindert. Daar zou meer toezicht welkom zijn.
    Binnen het jodendom is er een duizenden jaren oude traditie en regelgeving die zeer accuraat en hygiënisch wordt uitgevoerd; bij gezonde jongetjes acht dagen na de geboorte. Deze besnijdenis heeft vrijwel nooit nadelige gevolgen, integendeel. Wat onwetenschappelijk om van deze dingen één issue te maken!
    Ede,
    Gert F. Dekker, ziekenhuispastor
    "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.