Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Rob Kok
15 mei 2019 2 minuten leestijd
Federatienieuws

De panacee voor het verzekeringsartsentekort?

3 reacties

Taakdelegatie is al een paar jaar gaande in de verzekeringsgeneeskunde. Het is ingegeven door het tekort aan artsencapaciteit in ons domein. Taakherschikking is (potentieel) de volgende loot aan de boom.

Vanuit het beoordelen van arbeidsongeschiktheid als gevolg van ziekte of gebrek, weet ik dat collega’s taakdelegatie (veelal) als een verrijking van hun vak ervaren. Toch komt het minder snel van de grond in Nederland. Mogelijk speelt het feit dat het management vasthoudt aan kostenneutraliteit hierbij soms ook een rol.

Echt wetenschappelijk onderzoek naar de effecten van taakdelegatie voor het beoordelen van arbeidsongeschiktheid heb ik tot recent niet langs zien komen. Maar daar is nu verandering in gekomen met een onderzoeksrapport van onze Europese beroepsvereniging EUMASS. Zeer lezenswaardig voor collega’s en mogelijk ook andere geneeskundig specialisten. Onder andere middels een vragenlijst heeft men in twintig landen de stand van zaken en de ervaringen met taakverschuiving (taakondersteuning, -delegatie en/of -herschikking) geïnventariseerd. Tevens vond een review van de literatuur plaats en zijn in vijf landen casestudies gedaan.

Een blessing in disguise of een wolf in schaapskleren

Een aantal highlights en prikkelend commentaar van mijn kant wil ik u niet onthouden.

Van de vijftien landen die meededen waren er zeven waar ook taakverschuiving plaatsvond, waarbij alleen in Finland, Noorwegen, België, Frankrijk en UK tot op heden ook taakherschikking. Meer dan de helft van de landen heeft dus geen taakverschuiving, wat de vraag oproept waarom niet? Was daar geen tekort aan artsen of werd taakverschuiving niet gezien als een goede oplossing vanuit oogpunt van kwaliteit, kosten of toegankelijkheid van de diensten? De auteurs concluderen dat respondenten tevreden waren en dat kwaliteit geborgd was, waarbij dit laatste niet gespecificeerd werd (en self-report is). Maar interessanter is dat zij opwerpen dat niet is onderzocht hoe cliënten het contact met een niet-arts ervaren en – the devil is in the details – of zulke taakverschuiving niet leidt tot toegenomen uitkeringen. Elders in het rapport (p. 31) wordt die suggestie wel gewekt onder het kopje ‘verzekeringsartsen zijn meer restrictief’.

Hierbij dan ook een oproep aan beleidsmakers en politici om vooraleer taakherschikking binnen ons domein te introduceren eerst goed wetenschappelijk onderzoek te laten uitvoeren naar de effecten op outcome zoals bovengenoemd. We willen voor de arbeidsongeschiktheidsverzekeringen in Nederland toch niet de kant op van het CIZ en de AWBZ-indicatiestelling, waar een vervanging van (verzekerings)artsen leidde tot meer en hogere uitkeringen waarmee het systeem niet meer betaalbaar werd en de sociaal-medische advisering (onder meer de WMO) een paar jaar geleden is overgegaan naar de gemeente?

Blijft de vraag dus of taakverschuiving een blessing in disguise of een wolf in schaapskleren is, dan wel wordt. Ik hoop het eerste.

Rob Kok, voorzitter NVVG

Federatienieuws 20 - 2019 (pdf)

print dit artikel
Federatienieuws
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Marcel G.A. de Krosse, p.t. medisch adviseur CIZ, Nieuwegein 16-05-2019 19:14

    "De oproep van collega Kok aan beleidsmakers en politici om introductie van taakherschikking vooraf te laten gaan door degelijk wetenschappelijk onderzoek kan ik niet anders dan onderschrijven. En wat mij betreft geldt dat voor elk beleidsvoornemen in het sociale domein. Helaas verliest die oproep dan weer aan kracht door zijn niet onderbouwde beweringen ten aanzien van het CIZ en de AWBZ indicatiestelling. Sinds ik werkzaam ben bij het CIZ – en dat is vanaf de start op 1 januari 2005 – is er nimmer sprake van geweest dat taken behorend tot het domein van de arts zijn overgedragen aan niet-medici, ook niet onder druk van schaarste. Gevolg hiervan was en is dat aanvragen soms langere tijd vragen dan gewenst. Wel hebben we steeds scherp gekeken of de medische beoordeling van meerwaarde was; het simpele feit ”dat de dokter het heeft gezegd”, heeft geen betekenis als het niet om medische zaken gaat. Ook wij zijn gehouden aan de eis van de tuchtspraak, nl. binnen de grenzen van onze eigen deskundigheid blijven.
    De stelling dat door deze vermeende taakherschikking het systeem niet meer betaalbaar werd, gaat daarnaast voorbij aan de schijnbaar ongebreidelde uitbreiding van het verzekerd pakket sinds 1968, ook met verstrekkingen die wel verzekerbaar waren, maar kennelijk om andere redenen opgenomen werden in de AWBZ.
    Sociaal medisch advisering (invalidenparkeerkaarten, bijzondere bijstand) behoort al sinds jaar en dag tot het gemeentelijk domein. De reden voor overheveling van de indicatiestelling voor de Wmo naar de gemeente was gelegen in de overtuiging van het kabinet dat de gemeente – rekening houdend met lokaal aanwezige voorzieningen – beter kon inspelen op de zorg- en ondersteuningsbehoefte van burgers dan een landelijk orgaan. Bij het CIZ werken zeer betrokken medisch adviseurs, zich terdege bewust van de consequenties van een indicatiebesluit voor de cliënt. Artsen die op deze wijze van betekenis willen zijn, zijn altijd van harte welkom."

  • Dr. Willibrord Beemsterboer, Basisarts, Lanaken 16-05-2019 16:18

    "De perceptie al zouden bij het CIZ (verzekerings)artsen vervangen zijn en dit tot meer en hogere uitkeringen heeft geleid is wel wat kort door de bocht, al was het alleen maar omdat daar geen evidence voor is. In zorg en welzijn (AWBZ en Wmo) werden altijd al beoordelingen door paramedici gedaan, dat is met de komst van het CIZ in 2005 niet veranderd. Iets anders is dat de degelijke infrastructuur van deskundigheid, zoals die tot nu toe in werk en inkomen (Arbowet en WIA) vigeert, in zorg en welzijn bij lange na niet wordt gehaald. Vandaar een van de stellingen bij mijn proefschrift (Beemsterboer, 2009): "De kwaliteit van de inhoudelijke beoordeling in het domein 'zorg en welzijn' (AWBZ en Wmo) dient op dezelfde manier wettelijk geregeld te worden als in het domein 'werk en inkomen (Arbowet en WIA)." Gemeenten, de uitvoerders van de Wmo, zijn - anders dan het UWV - niet altijd verplicht van de client/patiënt onafhankelijke artsen in te schakelen voor de beoordeling van aanvragen van zorg of voorzieningen. Dat de Wmo is weggehaald bij het CIZ kwam omdat de gemeenten het vertikten loyaal mee te werken bij het overdragen van taken aan de Regionale Indicatie Organen
    (later het CIZ). Dat had niets met (verzekerings)artsen van doen. Nee, het intrieste van de 'deskundigheids-gap' die je in de Wmo ziet, is dat volstrekt onduidelijk is wie nu onafhankelijk (!) beoordeelt of het klopt dat de kosten in de jeugdzorg en de psychische hulpverlening (Wmo), waar nu zoveel discussie over is, zo hoog (moeten) zijn. Het lijkt erop dat opnieuw zorgaanbieders de druk op de gemeenten verhogen om meer geld (terecht?) en gemeenten nu eenmaal de deskundigheid ontberen om uit te maken of die eis billijk is. Ik zeg opnieuw, omdat we in de negentiger jaren iets vergelijkbaars zagen toen de wachtlijsten in de AWBZ-zorg ook tot een roep om meer geld leidden. Deskundige onafhankelijke beoordeling, los van zorgaanbieders, is dan aangewezen, in lijn met hoe het UWV (tot nu toe) werkt. "

  • Dolf Algra, commentator, opiniemaker zorg en sociale zekerheid - oud bedrijfsarts, Rotterdam 15-05-2019 21:56

    "Het UWV is al jaren niet in staat haar capaciteit verzekeringsartsen op orde te krijgen. Oa doordat de jonge aanwas, die wordt aangetrokken, reeds binnen paar jaar het UWV pand al weer verlaat. Dat geldt ook voor stevig aantal jonge vg's die al in opleiding zijn, want die stoppen tussentijds ermee.

    Het tekort aan verzekeringsartsen zal binnen afzienbare tijd zo hoog oplopen dat uitoefening van het vak 'in den vollen breedte' niet meer mogelijk is. 25 % van de oude garde vertrekt binnenkort.

    Er zullen dus fundamentele keuzes gemaakt moeten worden, prioriteiten gesteld, bepaalde taken zullen niet meer gedaan kunnen worden. Doorgaan op deze weg van pappen en nathouden is niet meer mogelijk. Dat is de olifant in de kamer in dit debat.

    Minister Koolmees heeft aangekondigd rond de zomer een besluit te gaan nemen over hoe verder te handelen. Men leze de laatste Kamerbrief daarover

    Wat is het voorstel van de NVVG ? Hoe moet dit verder ?

    De laatste up date
    1. jaarverslag UWV 2018 - bekijk pagina 23
    https://jaarverslag.uwv.nl/FbContent.ashx/pub_1001/downloads/v190415122534/UWV-Jaarverslag-2018.pdf

    gemiddeld aantal fte 2018 - daarachter in persoon
    aantal geregistreerde vg's zonder taak delegatie: 223 - 257
    aantal geregistreerde vg's met taakdelegatie: 180 - 203
    aantal aio's: 132 - 150
    aantal anio's: 127 - 145
    externe inhuur vg: 92 - 120

    totaal: 754 fte - 875 in persona
    netto capaciteit: 715- met aftrek van allerlei sleutels

    2. enquete onder verzekeringsartsen - erg interessant
    door Regioplan in opdracht van Capaciteitsorgaan

    https://capaciteitsorgaan.nl/app/uploads/2017/10/17040-Eindrapport-Enqu%C3%AAteGeregistreerdeVerzekeringsartsen-Regioplan-13juli2017.pdf

    3. cijfers van Capaciteitsorgaan
    https://capaciteitsorgaan.nl/app/uploads/2017/05/2017_05_29-Jaarlijkse-monitoring-RGS-gegevens-sociale-geneeskunde.pdf

    4. aller laatste up date: februari 2019 - zie pag
    https://capaciteitsorgaan.nl/app/uploads/2019/04/2019_03_13-AB-gegevens-RGS-1-januari-2019.pdf

    "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.