Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Elise Buiting
11 september 2019 2 minuten leestijd
Federatienieuws

Belangen in de spreekkamer

1 reactie

Lang, lang geleden was ik jeugdarts op een consultatiebureau in de binnenlanden van Noord-Brabant en Limburg. Leuke tijd gehad. Ik herinner me nog een wat oudere Marokkaanse man die samen met zijn jonge vrouw trots zijn achtste kind aan me toonde. Hij vroeg of ik ook kinderen had. Niet minder trots vertelde ik over mijn drie prachtige dochters, terwijl ik zijn zoon nakeek. Hij viel stil, keek me enigszins meewarig aan, klopte op mijn hand en zei bemoedigend: ‘geeft niks meisje, gewoon doorgaan’. Op zo’n dag kon niks meer stuk.

Ingewikkelder vond ik ouders die iets van je wilden. Een briefje voor de woningbouw of, erger nog, een verklaring van ongeschiktheid van vader of moeder. Voor de advocaat, in de echtscheiding. Vaak waren de verhalen schrijnend en de betrokkenen aandoenlijk in hun zoektocht naar hulp en steun. Hoewel je weet dat het niet handig is om in dit soort zaken mee te gaan, vond ik het niet eenvoudig om zo’n appèl te negeren. Ik maak het mensen soms iets te graag naar de zin.

Wat was ik in die tijd blij met de richtlijnen van de KNMG, waarmee ik mijn beleid goed kon onderbouwen. De KNMG heeft als standpunt dat een behandelend arts geen verklaringen afgeeft over een eigen patiënt. Alleen een onafhankelijke arts mag dergelijke verklaringen afgegeven. Een helder standpunt, dat me in de spreekkamer veel steun heeft gegeven. Zodat ik me niet met de beste bedoelingen in gevaarlijke wespennesten kon steken.

Inmiddels werk ik als vertrouwensarts en vervul ik de rol van onafhankelijk arts. Ik oordeel over zaken rondom kindermishandeling en huiselijk geweld. Het feit dat ik geen behandelrelatie heb met de mensen met wie ik werk, maakt het makkelijker om objectief te blijven. Mijn belang is om zo goed mogelijk onderzoek te doen. Soms maak ik mensen boos, anderen maak ik blij of opgelucht. Mijn doel is om eerlijk en rechtvaardig te oordelen. En dat is in mijn werk als vertrouwensarts belangrijker dan aardig gevonden te worden.

Torn niet aan de scheiding tussen behandelen en beoordelen

Maar of ik nu werk als jeugdarts of als vertrouwensarts, de strikte scheiding tussen behandelen/begeleiden enerzijds en oordelen anderzijds, is een noodzakelijke voorwaarde om mijn werk goed te kunnen doen. Toch staat deze scheiding onder druk. Door jarenlange verwaarlozing van het werkveld en de opleidingen is er een groot tekort aan sociaal geneeskundigen en dus ook aan verzekeringsartsen. Hierdoor is er een enorme achterstand bij de (her)keuringen voor het UWV.

De reflex van de minister is bijzonder. Hij gaat niet als de wiedeweerga eindelijk investeren in sociaal-geneeskundige opleidingen. Nee, hij overweegt om de beoordelingstaak van de verzekeringsarts over de re-integratieve inspanningen en het al dan niet verkrijgen van een uitkering voortaan over te laten aan de bedrijfsarts, die de zieke werknemer gedurende twee jaar begeleidt en een vertrouwensrelatie met hem heeft.

Collega’s, we moeten niet tornen aan de scheiding tussen behandelen/begeleiden en beoordelen. De verzekeringsartsen voeren de strijd tegen de plannen van de minister nu nog in hun eentje. De gevolgen kunnen echter groot zijn voor ons allemaal. Laten we samen in het verweer komen, want er staat veel op het spel. De scheiding tussen behandelen en beoordelen is een groot goed. Laten we dat niet verkwanselen.

Auteur

Elise Buiting arts M&G, voorzitter KAMG

Federatienieuws Elise Buiting
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Jan Vsters, arts maatschappij en gezondheid, niet praktiserend, Amsterdam 16-09-2019 10:39

    "In haar voorzitterscolumn in MC van 12 2019 september bepleit Elise Buiting voor het opleiden van meer sociaal geneeskundigen in het bijzonder meer verzekeringsartsen. Ze hekelt het voornemen van de minister om meer bedrijfsartsen de arbeidsgeschiktheid te laten beoordelen. De bedrijfsartsen zouden door hun begeleidingstaak een vertrouwensrelatie hebben opgebouwd zodat zij niet meer objectief kunnen oordelen. Enkele kanttekeningen:
    - een arts is een hoog opgeleide professional, waarvan verwacht mag worden dat die objectief kan oordelen. Het probleem ligt in de mogelijkheden/ tijd die hij/ zij ter beschikking krijgt om de patiënt soms moeilijke situaties uit te leggen en te adviseren. Ja, een enkele keer zal dat een steen door de ruit betekenen.
    - de KNMG handreiking over de scheiding tussen behandeling en beoordeling geeft een wat laffe uitweg om moeilijke gesprekken in de spreekkamer te ontlopen. Vroeger was een verklaring van een arts nog een boterbriefje, beoordelingen over bv arbeidsgeschiktheid worden vaak multidisciplinair genomen. Als de behandelend arts zich beperkt tot het eigen deskundigheidsterrein zal de handreiking overbodig worden.
    - bedrijfsartsen hebben zich geleidelijk aan meer een behandel- en begeleidingstaak toegeëigend waardoor de vertrouwensrelatie een objectieve beoordeling in de weg zou staan. Door de uitbreiding van hun takenpakket is de aandacht voor de gezondheidsaspecten van de arbeidsomstandigheden onder druk komen te staan. Werknemers zijn meer gediend met verbetering van die omstandigheden dan met individuele beoordelingen van arbeidsgeschiktheid.
    - Wellicht zijn er minder verzekeringsartsen nodig als ze (nog) minder zelf onderzoek hoeven te doen en zich kunnen baseren op objectieve informatie én beoordelingen van de behandelend arts.
    "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.