Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Dossiers

Opvallende uitspraken

Elke week selecteren KNMG-juristen opvallende uitspraken in het gezondheidsrecht. Tegen uitspraken van regionale tuchtcolleges kan tot zes weken na de uitspraak nog hoger beroep worden aangetekend.

  • Multiproblematiek: Wvggz of Wzd?

    De officier van justitie heeft ten behoeve van een cliënt met een verstandelijke beperking en schizofrenie bij de Rechtbank Midden-Nederland een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte ggz (Wvggz) verzocht.

  • Arts niet aansprakelijk voor schade door Bio-Alcamid

    Patiënte heeft in 2003 en 2004 injecties met Bio-Alcamid (een permanente vuller) gekregen. Hierna zijn bij haar infecties ontstaan die tot misvormingen aan haar gezicht hebben geleid. Patiënte stelt haar arts aansprakelijk voor de schade die zij heeft geleden en nog zal lijden.

  • Kno-arts heeft juiste operatie juist uitgevoerd

    Klager is door beklaagde (kno-arts) geopereerd vanwege een chronische middenoorontsteking. Voorafgaand is de ingreep met klager besproken. Tijdens de operatie bleek sprake van een niet-functionerende gehoorbeenketen en is een reconstructie uitgevoerd waarbij een prothese is geplaatst.

  • Orthopedisch chirurg had geen heupprothese mogen plaatsen

    Klager werd vanwege verdenking op een pathologische heupfractuur opgenomen op de afdeling Orthopedie waar beklaagde (orthopedisch chirurg) zijn hoofdbehandelaar was. Bij klager werd, zonder voorafgaand onderzoek om een botmaligniteit uit te sluiten, een totale heupprothese geplaatst door de chirurg. Twee weken na de operatie werd alsnog een CT-scan gemaakt. Uit verdere diagnostiek blijkt klager een primaire bottumor te hebben.

  • Huisarts volgt richtlijn niet en legt beleid onvoldoende vast

    Klaagster is patiënt in de huisartsenpraktijk van beklaagde (huisarts). De huisarts zag haar vanwege ernstige hoofdpijnklachten. Uit onvrede over het gevoerde beleid is klaagster uiteindelijk overgestapt naar een andere huisarts. Die heeft aanvullend onderzoek gedaan en klaagster doorgestuurd naar een mdl-arts en een neuroloog. Uit onderzoek bleek dat sprake was van een hersentumor.

  • Uitstel operatie valt cardiothoracaal chirurg niet te verwijten

    De echtgenote (patiënte) van klager is op consult geweest bij beklaagde (cardiothoracaal chirurg) om behandeling voor een asymptomatisch aneurysma te bespreken. De geplande operatie werd acht dagen uitgesteld vanwege een spoedoperatie, en werd nogmaals uitgesteld omdat de bloeddruk van patiënte bij opname te hoog was.

  • Arts mocht patiënt overdragen na overlijden behandelaar

    Klager was onder behandeling bij een psychiater. Toen deze plotseling overleed, is de behandeling voortgezet bij een andere psychiater. De arts die betrokken was bij het verdelen van de patiënten van de overleden psychiater is aangeklaagd.

  • Fysiotherapeut had advies specialist moeten volgen

    laagster is door een pijnspecialist naar beklaagde (fysiotherapeut) verwezen voor een bandage wegens een sternumfissuur. De fysiotherapeut heeft bij klaagster een geluxeerde rib ontdekt en is deze vervolgens gaan behandelen.

  • Kinderarts niet verantwoordelijk voor informeren patiënt

    Klaagster is gezien door een collega (aios) van beklaagde (kinderarts) vanwege moeheid en buikpijn. Klaagster is onder supervisie van een andere collega van de kinderarts onderzocht. In het medisch dossier staat dat de aios de uitslagen van het onderzoek en de vervolgstappen telefonisch heeft teruggekoppeld aan de moeder van klaagster.

  • Huisarts hoefde niet te verwijzen voor second opinion

    Klaagster is patiënte van beklaagde (huisarts). Bij lichamelijk onderzoek is een nodus in de schildklier geconstateerd. Klaagster is in vier umc’s onderzocht, waarbij klaagster steeds afzag van een noodzakelijk geachte schildklierpunctie. De huisarts kreeg klaagster met deze voorgeschiedenis als patiënte. Zij is dan onder behandeling van een neuroloog. Tijdens een mdo wordt het beleid afgestemd.

  • Psychiater mocht antipsychoticum offlabel voorschrijven

    Klager is in ambulante zorg geweest bij een ggz-instelling. Beklaagde (psychiater) was zijn regiebehandelaar. Omdat klager aangaf met name ’s nachts suïcidaal te zijn en slecht te slapen, heeft de psychiater quetiapine in een zeer lage dosis offlabel voorgeschreven. Klager verwijt de psychiater dat zij hem offlabel quetiapine heeft voorgeschreven, waardoor hij suïcidaal is geworden.

  • Huisarts niet nalatig in afhandelen calamiteitenmelding

    De echtgenote van klager heeft rond 6.45 uur gebeld met de hap, omdat klager zich niet goed voelde. De dienstdoende huisarts adviseerde klager na 8.00 uur contact op te nemen met de eigen huisarts. Dit heeft klager gedaan waarop hij naar het ziekenhuis is gebracht voor cardiologisch onderzoek.

  • Cosmetisch arts kon resultaten behandeling niet garanderen

    Klaagster, een influencer, had een afspraak met de kliniek waar beklaagde (arts) werkzaam is, wat inhield dat ze kosteloos behandeld werd en hierover op Instagram vlogs en foto’s deelt. De arts heeft klaagster behandeld met CO2-laser voor oneffenheden in haar gezicht. Daarna is klaagster op vakantie naar Thailand geweest en bleek sprake van hyperpigmentatie.

  • Verzekeringsarts gaf geen waardeoordeel

    Klager is door beklaagde (verzekeringsarts) gezien vanwege het einde van de wachttijd in het kader van de WIA. Hij verwijt de verzekeringsarts dat zij ten onrechte in het verslag van het beoordelingsgesprek heeft genoteerd dat hij is weggelopen uit de mediation met zijn werkgever.

  • Oogarts geeft geen duidelijke instructies bij alarmsignalen

    Klager is door beklaagde (oogarts) gezien vanwege klachten aan zijn linkeroog. De oogarts heeft de diagnose ‘achterste glasvochtloslating’ gesteld en een controleafspraak na zes weken gemaakt. Twee weken later heeft klager gebeld met de assistente vanwege een nieuw symptoom en werd een controleafspraak over een week gemaakt.

  • Bedrijfsarts houdt geen rekening met arbeidsconflict

    Klager is eigenaar van een notariskantoor. Beklaagde (bedrijfsarts) verzorgt de re-integratiebegeleiding van drie medewerksters van klager die zich na een bijeenkomst over de onderlinge samenwerking hebben ziekgemeld. Klager verwijt de bedrijfsarts dat hij geen of niet tijdig probleemanalyses heeft opgesteld en ten onrechte bij de beoordeling geen rekening heeft gehouden met een arbeidsconflict.

  • Huisarts hoefde niet te vragen naar anticonceptie

    Klaagster werd door beklaagde (huisarts) gezien met een branderige, rode huiduitslag. Omdat de klachten wezen op een allergische reactie, heeft de huisarts gevraagd of er veranderingen waren in dieet of gebruik van producten als make-up, en cetirizine voorgeschreven.

  • Arts mocht overgaan tot afzonderen van patiënt

    Klager is door de politie naar een ouderenafdeling psychiatrie gebracht. Beklaagde (arts) heeft klager beoordeeld en beslist dat aan klager medicatie werd verstrekt en dat hij voor de duur van maximaal zeven dagen gesepareerd zou worden. In een brief, die aan klager is uitgereikt, staat waarop deze beslissingen gebaseerd zijn. Na beoordeling door de crisisdienst is een inbewaringstelling afgegeven.

  • Arts had zorgvuldiger onderzoek moeten doen

    Klager (patiënt) is door beklaagde (basisarts) gezien vanwege koortsklachten, pijn in de omgeving van de anus en brandende pijn bij het perineum. De dag erna verergerden de klachten en is bij klager fourniergangreen geconstateerd.

  • SEH-arts hoefde patiënt niet te reanimeren

    De echtgenoot van klaagster was COPD-patiënt. Hij is meermaals opgenomen geweest in het ziekenhuis waar beklaagde (SEH-arts) werkzaam is. Tijdens de laatste opname heeft de SEH-arts in overleg met patiënt afgesproken geen reanimatie uit te voeren. Hij heeft dit vastgelegd en dit is nadien nog tweemaal door andere behandelaars in het patiëntendossier genoteerd.

  • Huisarts had met ex-partner in gesprek moeten gaan

    Klager was patiënt bij beklaagde (huisarts). Hij is met zijn ex-partner verwikkeld in juridische procedures over de omgangsregeling voor hun dochter. Hierbij zijn ook Veilig Thuis, het Centrum voor Jeugd en Gezin en de Raad voor de Kinderbescherming betrokken.

  • Chirurg hoefde patiënt niet te informeren over nieuwe behandelmethode

    Klagers zijn patiënte en haar echtgenoot. Bij patiënte zijn darmpoliepen verwijderd. Uit pathologisch onderzoek blijkt dat niet goed te bepalen is of sprake is van een maligne poliep. Klagers hebben een gesprek gehad met beklaagde (chirurg) over het vervolgbeleid. Daarbij heeft de chirurg twee mogelijkheden met ze besproken: opereren of afwachtend beleid.

  • Neuroloog gaf geneeskundige verklaring zonder toestemming

    Klager is vanwege niet-aangeboren hersenletsel onder behandeling geweest bij beklaagde (neuroloog). In een door de neuroloog ondertekende brief staat dat klager door het hersenletsel de gevolgen van gemaakte acties niet kan overzien. De brief is naar de echtgenote van klager verstuurd.

Dit artikel delen

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.